Anna Paulowna in oude ansichten deel 2

Anna Paulowna in oude ansichten deel 2

Auteur
:   A.A. Schouten
Gemeente
:   Anna Paulowna
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3523-8
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Anna Paulowna in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Jaren lang heeft onze familie in de Anna Paulownapolder gewoond en gewerkt. Dirk Schouten kwam hier met zijn gezin in 1862, in het huis staande bij de molens, waarmee bedoeld werd de Drie Molens te Wieringerwaard. Hij kwam uit Aalsmeer en was boomkweker-tuinman. In de polders van de noordkop van Noord-Holland was nog bijna niets aan beplanting gedaan.

Jhr. mr. Johan Hendrik van Foreest van der Palm had zieh op 20 juni 1856 juist gevestigd in het gezichtsveld van Dirk Schouten. Aan de Lotweg was de mooie villa "Oosterwijk" gebouwd, genoemd naar het familielandgoed Oosterwijk te Beverwijk, dat daar vanaf de middeleeuwen heeft gestaan, maar door de oorlogen is verwoest. De vader van Foreest was gehuwd met de dochter van Loopuyt, die de Koegraspolder had gekocht. Jhr. mr. Dirk van Foreest kreeg van zijn schoonvader 300 ha bouwland in de Anna Paulownapolder die hij aan zijn zoons Dirk en Joh. Hendrik in beheer gaf; Dirk bouwde een houten villa aan de Veerweg die door de tijd verloren ging.

In navolging van mr. Van Amersfoort, die in de nieuwe Haarlemmermeer een modelboerderij stichtte , "De Badhoeve" , werd er naast de villa Oosterwijk een boerderij gebouwd en daarachter werden een bos en boomkwekerij van 2V2 ha aangelegd, met een voor die tijd unieke glazen broeikas voor het kweken van zaden , born en en planten. In Aalsmeer plantte Dirk Schouten voor Van Amersfoort en zo deed hij her in de Anna Paulownapolder en in de Wieringerwaard voor Van Foreest, bomen langs de wegen en rond de boerderijen. Er kwam een stoomlocomobiel voor landbewerking - dorsen en karnen - en het land werd gedraineerd met aarden buizen, wat voor het eerst in deze noordkop werd toegepast.

Doch Dirk Schouten was te oud toen hij verhuisde , 55 jaar, en toen de tijd slechter werd, is hij in 1886 arm gestorven.

Zijn zoon Aart heeft als metselaar gewerkt aan de mooie boerderijen in de Wieringerwaard en aan de bouw van het stoomgemaal, waardoor twee molens konden worden afgebroken. Er was een tijd dat de boeren veel geld kregen voor hun stamboekvee, een nieuwe ontwikkeling in deze streek. Zij lieten mooie boerderijen bouwen met spiegelglazen en versieringen in het woonhuis of kochten een stuk bouwland voor hun zoons in de nieuwe polders. De zoons van Aart Schouten, Leendert Joh. en Aart A. Schouten, zijn hier gebleven en hebben veel gebouwd wat in dit boekje is afgebeeld.

Als samensteller van dit boekje, zoon van Aart A. Schouten, heb ik een grote fotoverzameling aangelegd tijdens mijn werk voor de Anna Paulownapolder. Hiervan konden de zes boekjes, die reeds zijn verschenen, van foto's worden voorzien. Tijdens de veertig jaren, de laatste twintig jaar als hoofd van de technische dienst, heb ik veel werk van mijn voorouders vergroot, verbeterd en soms ook moeten slopen(!), als nieuwe werken dat eisten.

Van de overstroming van de Anna Paulownapolder zijn vele toto's bewaard gebleven. Het water kon door de spoordijk worden gekeerd, zodat aileen het land ten oosten van deze lijn enkele maanden onder water stond. In Breezand kwam het water bij vloed maar enkele voeten hoog en bij eb lagen de meeste gronden droog, zo bleven de mannen zoveel mogelijk op het boerderijtje om te redden wat te redden viel. In het dorp Breezand was de school tot een verblijfplaats ingericht voor vrouwen en kinderen. Voor het vee waren plaatsen gevonden bij behulpzame boeren waar het droog was. Toen het land weer boven water kwam, waren de boeren verplicht te telen wat de regering eiste, het was oorlogstijd en de handel met het

buitenland was bijna tot stilstand gekomen.

In 1920 lcefden de polderbewoners weer wat vrijcr en in drie dorpen werden nieuwe woningen gebouwd. Door het steeds uitbreiden van de bloembollenteelt, waren er veel meer werkers nodig. Op de boerderijen werden de werkers voor een jaar ingehuurd en woonden in de arbeiderswoning naast de boerderij. In de bloembollenteelt kwamen de "vrije" arbeiders, die men een veel hoger loon betaalde dan in de landbouw. Voor het omschakelen van de kleine grasboerdcrijen in Breezand naar de bloembollenbedrijYen, werden vee I kleine stolpboerderijen gesloopt waarvoor in de plaats de vierkante bollenschuren met mooie huizen kwamen. In die tijd waren er twaalf aannernersbouwbedrijven in Anna Paulowna, die vecl werk hadden. Ook bouwers van buiten de polder hadden het druk met het bouwen van huizen, schuren, kerken, cafes, winkels en garages.

In die tijd waren de Zuiderzeewerken in volle gang. Daarbij werkten rneer "polderjongens", door dc aannerners meegenomen personeel, dan arbeiders uit de regio. Leveranciers en handelaars hadden voordeel van de Zuiderzeewerken en de lonen bleven hoog. In die tijd maakten veel arbeiders gebruik van het door de regering ingestelde renteloze krediet voor het bouwen van een landarbeiderswoning. Er zijn er zo'n veertig in de polder gebouwd doch er zijn niet zo heel veel mensen die er levenslang plezier van gehad hebben. De crisis van 1928 veroorzaakte een grote daling van het loon en bij velen kwamen de aflossingen in gevaar, waardoor zij hun bezit, meestal met verlies, moesten verkopen. Velen raakten werkloos, gemeentediensten bestonden nog niet en als werkverschaffing liet de Anna Paulownapolder in die tijd grote werken uitvoeren. De vaarten werden uitgediept, waar men sinds de droogmaking nog niet aan toe gekomen was en de wegen werden

verbreed, vlakgemaakt en van een teerlaag voorzien. De Molenkolk te Kleinesluis werd van een rietput veranderd in een plantsoen.

Na het gereedkomen van het Waardkanaal, het randkanaal langs de Wieringermeer, kon de polder Wieringerwaard daarop uitmalen. Een vijf kilometer lange en brede Boezem van de Wieringerwaard in de Anna Paulownapolder, die binnen de Oostdijk lag, kon worden gemist. De kade kon worden geslecht, het land geegaliseerd en gedraineerd en van goede sloten voorzien kon hct aan de bestaande landbouwgronden worden toegevoegd. Toen de Wieringermeer in cultuur werd gebracht kwam daar ook wel vrij werk voor de arbeiders uit Anna Paulowna, doch het was zwaar werk voor lage lonen en ver van huis!

In het midden van de jaren dertig leefde de toestand in Breezand weer een beetje op, bloemisten hadden een vrijwillige teeltbeperking ingesteld, hetgeen de prijs beheersteo De woningbouwvereniging kocht het bloembollenbedrijf "Ceres" en bouwde er zesendertig woningen. Lange tijd was het voor degenen die er woonden een schrale boterham, vanwege de hoge huurprijzen. De landbouwers in de oostpolder hadden zich zander veel kleerscheuren en met uiterste inspanning in de slechte tijd kunnen handhaYen. Voor beiden, de bloembollentelers en de landbouwers, is er pas een betere waardering van de produkten gekomen na het beeindigen van de Tweede Wereldoorlog. Voor velen is het .Jandarbcidcn" opgeheven, in de jaren dertig waren er niet meer dan tien jonge mensen die onderwijs buiten de polder genoten. In Anna Paulowna zijn nog tachtig landbouwers en driehonderd bloembollenkwekers en er zijn honderden jongelui die onderwijs buiten de polder ontvangen.

1. Na de droogmaking was dit gebouw de school, doch toen de gemeente Anna Paulowna werd ingesteld, heeft men het verbouwd en als raadhuis met een woning voor de burgemeester of secretaris ingericht. Aan het einde van de Eerste Wereldoorlog werden aile handelaren in levensmiddelen biieen geroepen voor instructie bij een voorgenomen levensmiddelendistributie. Rechts met bolhoed staat gemeentesecretaris C. Keyzer, links van hem op stoelen de ambtenaressen Lies Visser, nu mevrouw Pape-Visser, en Ant. Wissekerke, nu mevrouw Karsen-Wissekerke. Een tiental ketten en wagens met een dertigtal bakkers en winkeliers!

2. De Molenvaart ten oosten van de spoorlijn. Bij eb stond de weg droog, doch bij vloed stond er wel een meter water! Er waren militairen voor het be waken van het gebied, de gemeenteveldwachter was maar aileen. Ret gemeentehuis was tijdelijk in het station gevestigd ; men moest een speciale pas hebben om het gebied te betreden.

3. De boerderij van de familie Kaan, nu Korteweg, hoeve "Neelland" langs de Veerweg, heeft het zwaar te verduren gehad. De constructie van een boerderijgebouw bestaat uit een frame van zware balken in vierkanten, over de lengte van het gebouw aan elkaar gekoppeld en geschoord. De muren werden door de golfslag weggeslagen doch de kap bleef meestal intact. Arbeiderswoningen hadden geen frame en als er een muur omviel, ging het gehele gebouw.

4. Bollenschuur met woning aan de Zandvaart van Dames, thans Teeuwen. Een grote investering voar vijf hectare bollenland; nog maar net begonnen met bollen telen of het zoute water maakte een einde aan de bollenkraam. Doordat het water niet hoog kwam was er geen schade aan de gebouwen. De meesten konden bij tijd en wijle in hun woningen blijven. Hier moest het eten worden opgehaald.

5. Het meeste vee was buiten het overstroomde gebied gebracht doch voor een paard was er soms nog plaats en ook weI werk. De weg was soms nog weI te zien doch de sioot niet meer en daar was dit paard in terecht gekomen. Door de wind of de spingvloed kwam het water soms hoger en bracht de mensen dan in paniek. Twee vrouwen, eerder gevlucht en daarna in de woning teruggekeerd, zijn verdronken doordat de weg en de dam niet meer te zien waren. Op de brug staat Leendert Johannes Schouten, metselaar.

6. Het "Wapen van Holland", cafe, hotel en uitspanning. De vloed kwam op en men had zojuist een begrafenis achter de rug, zie de persoon rechts. De brandende kachel had men naar buiten op een veilige plaats gebracht en men warmde zich nu maar met vuurwater!

7. Cafe "De Vias en Korenbeurs", tegenover het station, deed in zijn enthousiasme niet minder en had het biljart op biervaten geplaatst. De mannen met laarzen hadden er een verzetje bij door de vrouwen te verplaatsen! Comelis Schuit, de herbergier, zien we met laarzen aan en zijn vrouw Guurtje Slikker stond op de stoel!

8. Pastoor Piepers en de koster Jozef zien de overstraming nag niet als een straf. Voor een wandeling rand de kerk en de begraafplaats moet er niet te veel golfslag zijn, zodat de laarzen en voeten droog kunnen worden gehouden.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek