Arkel in oude ansichten

Arkel in oude ansichten

Auteur
:   A. Horden
Gemeente
:   Giessenlanden
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4022-5
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Arkel in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Alvorens wij met onze tocht door Arkel een aanvang gaan nemen, willen wij u iets vertellen over het ontstaan van deze plaats. De geschiedschrijver Hofdijk vertelt ons, dat op de grens van het Over-Testrebanti en het Over-Holtland, nabij de rustige Linge, het dorp Arelo ligt: "Misschien vindt ge er nog de bouwvallen der romeinse sterkte, die zo sommigen menen, de aanleiding tot het ontstaan der plaats gegeven heeft." De schrijver Van 't Sant vertelt ons, dat deze plaats vroeger Beerenwaard, Beerendam of ook wel Beerenswarande heette, omdat zich hier vroeger veel beren hadden opgehouden.

Het staat dus niet vast wanneer Arkel is ontstaan. Allerlei verhalen hieromtrent doen de ronde. Een van de meer bekende is het verhaal van de Zwaan. In Frankrijk woonde ene Jan van Arkel, die om bepaalde redenen het land moest verlaten. Tijdens zijn vlucht, die grotendeels per schip plaatsvond, kwam een zwaan hem vergezellen. Toen de zwaan aan land ging, was dit voor heer Jan van Arkel het teken om ook aan land te gaan en op deze plek zou dan Arkel zijn ontstaan. Voorwaar een schoon verhaal!

Meer vastigheid krijgen wij als wij lezen over de keizerlijke burcht, die Jan de Sterke, overleden op 15 mei 1272, deed bouwen even buiten Gorinchem. Wij vinden hierbij aangetekend, dat de benodigde stenen afkomstig waren van de Arkelsburg, die heeft gestaan in de Vrouwenwaard, tegenover de tegenwoordige kerk, aan de buitenzijde van de dijk.

De kerk. Hiervan vinden wij, dat zij in 641 zou zijn gesticht, later door de Noormannen verwoest en in 694 zou zijn her-

bouwd. Zij werd door de evangelieprediker Zwitbert in 698 ingewijd.

Folpert van Arkel, heer van Leerdam, een zeer goddeloos mens, probeerde op een gruwelijke wijze heer Jan van Arkel in de kerk om te brengen, door de kerk in brand te steken. Allen die in de kerk waren, kwamen deerlijk in de vlammen om. Heer Jan van Arkel had, wegens "roering in de darmen", de kerk voortijdig verlaten! De overlevering zegt nu, dat de tegenwoordige kerk van Arkel een getrouwe kopie is van deze afgebrande kerk.

In 1732 had de kerk de vorm van een kruiskerk met een klein spitsje op het midden, zonder uurwerk of slagklok. De eerste predikant na de reformatie was Henricus Spudeus, Hij werd in 1589 beroepen.

Franciscanenklooster "Marienhage" werd in 1449 vanuit Gorinchem te Arkel gesticht. Onder leiding van pater Aarndt Jansz trokken vijfentwintig zusters naar hun nieuwe convent "Marienhage" of "Onze Lieve Vrouw in den Hage", Onder de zusters bevond zich ook Machteld Smeeds Dirksdochter. Jonker Jacob van Gaasbeek, drossaard van Gorinchem en het Land van Arkel, had, bij brief van 28 januari 1444, uit naam van Philips van Bourgondie, Graaf van Holland, aan de zusters van het St.-Agnietenklooster een te Arkel gelegen hofstede, in eeuwigdurende erfpacht gegeven. Op verzoek van de zusters werd op 27 november 1444 bij brief deze erfpachtsuitgifte bevestigd door Isabella van Portugal, gemalin van Philips van Bourgondie, bij absentie van deze.Hetgeen in erfpacht werd

gegeven, omvatte een hofstede in het Land van Arkel geheten de "Ouden Hage", met "allen haren toebehoren, met zes en een halve "Mergen" lands daarachter Ieggende". In 1558 werd het convent naar Utrecht overgeplaatst. Onder de naam van "St.-Annaklooster Marienhage" werd het overgebracht naar de zuidwesthoek van de kleine Eligensteeg in Utrecht. Hetgeen nu nog in Arkel is te zien van het oude klooster is een oude boerderij met een gevelsteen met de aanduiding OVDEN HAGE RIG 1851.

"SCHOONZIGT".

Op 13 juni 1764 koopt Jan Jacob van Hoey, in leven viceadmiraal, in dienst van Holland en West-Friesland te Gorinchem voor schepenen aldaar van de erven van de heer Justus en mejuffrouw Johanna van den Burghgraaf een hofstede met schuur, berg, boomgaard en bouwland. Dit alles groot zestien bunders en gelegen op de Hooge Donk te Arkel, met de daarvoor gelegen landerijen genaamd de "Mangelkampen". Hij bouwde daar een jachthuis en verbouwde dit later tot de tegenwoordig nog bestaande behuizing.

Jan Jacob werd geboren te Gorinchem op 7 september 1729 als zoon van mr. A. van Hoey, drossaard van Gorinchem en het Land van Arkel, en vrouwe C.G. Schilthouwer. Hij trouwde te Arkel op 13 juni 1769 met vrouwe Catharine Maria van der Cruysse, van het landgoed "Ouden Hage". Dit landgoed was reeds in 1578 in het bezit van haar familie. 's Zomers woonden zij er. Jan Jacob van Hoey nam bij het vertrek van prins Willem V ontslag als vice-adrniraal, omdat hij zijn eed

aan de Prins niet wilde breken. Hij overleed op "Schoonzigt" op 20 mei 1797. Mevrouw Van Hoey-van der Cruysse overleed op 14 april 1814 in haar huis op de Groenmarkt te Gorinchem.

Het landgoed kwam daarna aan haar oudste zoon mr. A. van Hoey, burgemeester van Gorinchem. Hij was gehuwd met Anna Pompe, die reeds op 4 juli 1807 overleed. Mr. A. van Hoey overleed op 3 november 1850 te Gorinchem, alwaar hij was geboren op 10 oktober 1771. Vervolgens kwam het landgoed aan zijn oudste dochter jonkvrouwe CM. van Hoey, geboren op 12 december 1804 en overleden op 22 november 1885. Zij vermaakte het landgoed weer aan haar neef H.J. van Eeten, grondeigenaar en destijds heemraad van de polder Arkel.

In december 1885 betrok Hendrik Jan van Eeten het landgoed "Schoonzigt" sam en met zijn zuster Geertruida van Eeten en zijn moeder jonkvrouwe M.A. van Hoey-van Eeten. Tot zover onze inleiding. Wanneer u bij bepaalde foto's een onjuiste benaming mocht tegenkomen, dan vraag ik u nu reeds enige c1ementie, omdat de verzamelde gegevens niet alle konden worden getoetst op hun waarheid.

Ten slotte wil ik nog een paar mensen no em en, die mij behulpzaam zijn geweest bij het verstrekken van materiaal. Dit zijn Gerrit den Besten, Jan Goes, Jan Kruis, Joost Molendijk en Joost van IJzeren, alsmede de familie Van Daalen en mevrouw De Groot van huize "Beemdzate".

1. De trein is zojuist bij het station van Arkel aangekomen. De locomotief staat nog te hijgen en te puffen van het zware karwei dat achter haar Jigt. De portieren van de eerste-, tweede- en derdeklascoupes worden opengeworpen. Het is een en al bedrijvigheid. Uitstappen en instappen. De personen die met de trein meegaan, zoeken in de voor hen bestemde klasse een goed plaatsje. Werkvolk in de derde klasse. De voorname burgers zitten eerste klas. Op de voorgrond zien wij schoenmaker Advocaat uit Hoogblokland, die nog een plaatsje zoekt. Ais iedereen is ingestapt, loopt de conducteur langs de trein en controleert of aile portieren goed zijn gesloten. Daarna geeft de stations chef het teken tot vertrek. De locomotief zet zich langzaam in beweging met het bekende getjoek. Voort gaat het weer, op weg naar de volgende stopplaats.

2. Door het verdwijnen van het bos dat toebehoorde aan het landgoed "Schoonzigt", is de gemeente Arkel een heel stuk armer geworden aan natuurschoon. Het bos moest plaats maken voor een fabriek, die zich toelegde op het maken van buizen. Het bos was nogal uitgestrekt, hetgeen wij kunnen afleiden uit de hier afgebeelde laan. Aan de linkerzijde staat mejuffrouw Geertrui van Eeten en achter haar staat Hendrik Jan van Eeten. Zij waren de bewoners van "Schoonzigt". De andere personen die op deze prent staan afgebeeld, zijn tuinlieden en leden van het huishoudelijk personeel. Menig oud inwoner van Arkel zal nog wei herinneringen hebben aan het bos, waarheen men op zondagen kuierde, wei of niet vergezeld van pa en moe. Het person eel is hier bezig bladeren op te ruimen.

3. Tijdens de viering van het Onafhankelijkheidsfeest in 1913 werd de Prins van Oranje, gespeeld door Marinus de Jong, ontvangen door het co mite dat dit feest had georganiseerd. Aan de linkerzijde staat Kees van IJzeren, vervolgens de Prins van Oranje en naast hem staat burgemeester Folkerts. Verder zien wij Jan Hoogland, Herman Kruit, achter hem Bart Boot, verder de gebroeders Faan en Luik van Yperen. Alvorens de Prins van Oranje voet aan wal zette met zijn gevolg, was hij het kanaal bij de Arkelse sluis overgestoken. Ook was er die dag nog een prachtige optocht, waaraan veel bewoners meededen.

4. Wij bevinden ons hier ter hoogte van de Schotdeurensebrug. Men viert hier het Onafhankelijkheidsfeest in het jaar 1913. De Prins van Oranje heeft in Arkel voet aan wal gezet, nadat hij eerst het kanaal bij de sluis is overgestoken. Als eerste herkennen wij aan de linkerkant Dirk Goes, vervolgens Willem Verhaar en de derde persoon is Joost van IJzeren. Na hem voIgt de Prins van Oranje ofte weI Marinus de Jong en als laatste herkennen we Cor Lugtenburg. Het gezelschap, gezeten op vier prachtige paarden, maakt zich op om te worden ontvangen door het gemeentebestuur van Arkel, dat reeds tijdig van zijn komst is verwittigd.

5. Hier zien wij de Rijksstraatwegbrug vanaf de kant van de korenmolen "Jan van Arkel". Men had voor de fotograaf zeker zoveel aandacht als voor de twee wielrijders die Arkel even aandeden. Wie to en een fiets bezat, behoorde tot een zeer vooruitstrevende groep van de bevolking. Men ziet op de foto duidelijk de twee hoge lantaarnpalen op de brug en op de landhoofden. Om ze aan te steken moest men een ladder gebruiken. Bij storm weer hing men een stuk dekkleed om het hoofd om bij het aansteken geen do os lucifers te verknoeien. Aan de linkerkant zien we nog de ijzerschuur van de srnederij van de familie Jacobie.

Groet uit Arkel.

6. In 1819 werd een uitwateringssluis gebouwd, waardoor het Zederikkanaal zich ontlast in de Linge, hetzij door natuurlijke uitvloeiing, hetzij met behulp van de stoommachine. Het stoomgemaal werd gebouwd in 1825. Het deed het werk van drieentwintig windwatermolens. Dit gemaal, waarin drie stoommachines stonden, voorzien van drie raderen, had een vermogen van negentig paardekrachten. Thans doet het gemaal geen dienst meer. De stoommachines zijn verwijderd en overgebracht naar een museum in Haarlem. Momenteel is in het gebouw een bedrijf ondergebracht dat koudhardende en gewapende kunststoffen vervaardigt.

C-Zrlicl

G.zlclzt oj Arbel vall af de Kanaatsiuis

7. De firma T. van Andel te Gorinchem had twee van deze boten varen. De "Kleine Jeanette" met kapitein Vink, machinist H. v.d. Giessen, machinist K. Wijnen en dekknecht A. Dijksman en de "Grote Jeanette" met kapitein Wijnen, machinist H. van Nooij en machinist M. van Anrooij. De "Kleine Jeanette" maakte tweemaal per dag met passagiers en vrachtgoed een reis van Gorcum naar Vianen en terug. 's Maandags voer ook de "Grote Jeanette" mee voor assistentie naar de markt in Gorcum. 's Zaterdags werd er een speciale reis gemaakt naar Utrecht. In de vroege morgen - het was bijna nog nacht, namelijk om half vier - vertrok de boot uit Gorinchem. Na aanleggen en schutten in diverse sluizen kwam men dan ornstreeks acht uur in Utrecht aan. 's Middags om een uur ging de "Jeanette" terug naar Gorcum met veel passagiers en een grote lading vee.

8. Wanneer er in de Waard werd feestgevierd, ontbrak het ringrijden zelden. Of men het met fietsen deed of met tilbury's, altijd was er voldoende belangstelling. Zoals deze foto laat zien, ging het hier per fiets. Links zien wij Floor Zaanen, vervolgens, met zijn versierde fiets, Kees Slagboom, naast hem Jenneke van lperen, verder Marie Dirks en Job Advocaat. Johan de Jong en Aai Kortenhoeven liggen lekker lui in het gras op de voorgrond. De heer met de bolhoed, midden achter, is J. Goethart. lets verder naar rechts, met het papier in de hand, staat meester Verhoef.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek