Barger-Compascuum in grootmoeders tijd

Barger-Compascuum in grootmoeders tijd

Auteur
:   F.A. Dijck
Gemeente
:   Emmen
Provincie
:   Drenthe
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-5227-3
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Barger-Compascuum in grootmoeders tijd'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Het is dit jaar juist 125 jaar geleden dat Barger-Compascuum werd gesticht, hetgeen uitvoerig is herdacht en gevierd.

Het leek mij om die reden een goede gelegenheid aandacht te schenken aan het dagelijkse leven in die 125 jaar. Dit doen wij aan de hand van oude ansichten en foto's, die geselecteerd zijn naar klederdracht, beroepen, gebruiken en tradities van onze ouders, grootouders en overgrootouders.

Ook is er rekening gehouden met twee perioden die kenmerkend zijn voor de geschiedenis van ons dorp. Eerst de tijd van het "Aole Cornpas", De tijd dat het hier me est kleine boeren waren die woonden en werkten op het toen nog onafgegraven bovenveen.

Daarna krijgen wij de periode van het afgraven van het veen, de zogenaamde vervening. Dit is het moment waarop op de vrijgekomen dalgrond een nieuw Compas ontstaat, waar de kleine boeren ook kleine verveners worden. Meestal geholpen door aIle gezinsleden bouwden zij een nieuw bestaan als kleine zelfstandigen op. Door deze kleine schaal van vervening hebben wij, op enkele uitzonderingen na, nooit die socia Ie misstanden gekend die de vervening elders vaak in een kwaad daglicht hebben gesteld. Daarbij hoeven wij aIleen maar aan de gedwongen winkelnering te denken. Door deze levensloop van ons dorp is de echte "Compasker" iemand geworden die gewend is om zelf zijn weg te zoe ken in de samenleving, waarbij hij zich wel bewust is van zijn wortels en zijn afkomst.

Tot slot wil ik iedereen, die in welke vorm dan ook, aan het tot stand komen van dit boekje een bijdrage heeft geleverd, hartelijk bedanken voor de ondervonden medewerking.

De contacten hierover zijn van deze kant altijd als zeer prettig ervaren en verlopen in een gezellige en ontspannen sfeer.

Nogmaals hartelijk dank!

1. Het uiterste noord-westen van ons dorp werd vroeger het Voorste Compascuum genoemd. Hier waren in 1861 de alJereerste bewoners neergestreken op de plaats waar de oude Heerendijk samenkwam met de Rundedijk. Hier, aan de Runde, had Bats Schoemakers dit cafe met logement laten bouwen. Na een lange, barre tocht door het veen kon de vermoeide reiziger hier even uitrusten en iets eten of drinken. Boven de tapkast hing de volgende spreuk:

Ik heb her zoo gesteld, vandaag schenk ik voor geld. Maar komt gij morgen hier, dan schenk ik voor plezier.

Zoals zoveel huizen en keten hier door brand hun einde vonden, zo is ook deze gelegenheid rond de eeuwwisseling afgebrand. Hierbij raakte de eigenaar zwaar gewond.

Op de foto zien we door het lommer van de bomen nog net het pannendak van Geert Mensens huis. De geit op de voorgrond laat alJes koud en zij graast rustig verder langs de slootkant.

2. Deze foto uit 1902 sluit aan bij nummer 4 uit het boekje "Barger-Compascuum in oude ansichten". Hier staat meester Beekhuis opnieuw, maar nu met de tweede graep van zijn school.

Ook nu konden aIle namen niet meer worden achterhaald. Wei bekend zijn, van links naar rechts, eerste rij: het tweede kind is WiIlem Schulte, naast hem zit Johan Tiben, de vierde daarna is Hendrik Linnemann. Voor meester Beekhuis staat Berend Hendrik Schulte, die de hoed van de meester mag vasthouden.

Op de vierde rij is het blijkbaar dringen geweest. De tweede daar heeft schijnbaar nog pret bij de gedachte aan het kattekwaad dat hij heeft uitgehaald. De vijfde is Heinrich Gerdes, beter bekend als "Dik Geert zien Heinrich". Deze had tijdens de Eerste Wereldoorlog, van 1914 tot 1918, een grate landkaart aan een van de wanden van zijn woonkeuken hangen. Daarop hield hij nauwkeurig de oorlogshandelingen bij.

In die angstige tijd, waarin kranten zeldzaam waren en radio en televisie nog moesten worden uitgevonden, was hij een vaak geraadpleegde vraagbaak.

3. Op de foto zien we de vroegere schuur van Jan Berend Wilken. Omstreeks 1865 is hij vanuit het Duitse Lindloh hier naar overgebracht voor de opslag van hooi en stro. In de periode van 1873 tot 1876 werd de schuur als noodkerk gebruikt voor de roorns-katholieke eredienst. Op zondag 20 april 1873 droeg pastoor De Klaver hierin de eerste Heilige Mis op.

De schuur heeft voor vele doeleinden dienst gedaan. Bij volksfeesten werden er op de Ie men vloer planken gelegd, zodat er kon worden gedanst.

Zo vierden de inwoners er op donderdag 8 september 1898 vanaf half twee 's middags het kroningsfeest van H.M. Koningin Wilhelmina.

De krant vermeldde in zijn verslag van dit feest, dat het zonder storende incidenten eindigde.

De foto is na de restauratie in 1960 gemaakt. Het kruis op de voorgrond komt uit het houten rooms-katholieke kerkje dat naast het oude kerkhof stond.

Bij de aanleg van een spoorbaantje werd het kruis naar de achterkant verplaatst en de omgeving van het schuurkerkje van een dichte begroeiing voorzien.

4. De verbouw van boekweit was voor de eerste bewoners hier soms een lucratieve bezigheid. Ten gevolge van de oorlog van 1870 tussen Duitsland en Frankrijk bracht dit gewas op de markt een goede prijs op. Veel van onze keuterboeren boerden goed en kwamen daardoor in goede doen. Een van hen was het hier geportretteerde echtpaar Herman Nieters en Gezina Harmsen. Let vooral eens op de prachtige klederdracht, die uit het over de grens gelegen Eemsland afkomstig was.

Over deze familie deed de volgende anekdote de ronde: Op zekere dag kwam tegen schemerdonker een man de met stro en heideplaggen bedekte woonstede binnen en vroeg aan de vrouw des huizes of hij even mocht rusten na een lange vermoeiende reis. Natuurlijk mocht dat. De gast deed er verder het zwijgen toe. Toen later op de avond Nieters zelf thuis kwam en de petroleumlamp opstak, herkenden beiden pas de bezoeker. En met een uitroep van: "Dat is os Geertja!" zagenze een van hun beider zonen, die vroegernaar Amerika was vertrokken.

5. Omstreeks 1905 deed de fiets hier ook zijn intrede. Volgens de overlevering is Bernhard Wilken, geheel links, de eerste in ons dorp geweest die dit vervoermiddel aanschafte. Daarna volgden er meer, zodat een heuse fietsclub werd opgericht. Deze organiseerde fietstochten.

Met in de verre omtrek aIleen maar veenpaden, mag men aannemen dat deze tochten geen pretje voor de sportievelingen zijn geweest.

Op deze foto uit 1905 hebben enkele trotse leden zich, voorafgaand aan zo'n tocht, met hun flonkerende tweewielers laten vereeuwigen.

Van links naar rechts zijn dit: Bernhard Wilken, Gretha Wilken, Roelf Zwake, Siska Toller, een kommies (douane), een onderwijzer en Geert Kramer.

Zittend: het echtpaar Van der Meer-Wilken.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek