Berkhout in oude ansichten

Berkhout in oude ansichten

Auteur
:   J. Blokker
Gemeente
:   Wester-Koggenland
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2519-2
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Berkhout in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

IN LEIDING

"Berrickhout" heette ons dorp in vroegere, rustigere tijden. Later heeft men er een lettergreep uitgehaald en er het nu bekende Berkhout van gemaakt. Berrickhout zou in de dertiende eeuw zijn ontstaan. We moeten dan echter niet denken aan een dorp met regelmatige bebouwing, maar eerder aan een aantal uit het hout van de nabije berken(berrick)bossen opgetrokken hutten. De bewoners voorzagen in hun levensonderhoud door het vellen van bomen en het afgraven van de ongeveer vijftig centimeter dikke laag veen.

Deze toch al sombere levensomstandigheden werden nog menigmaal aangetast door talrijke overstromingen. 1375, 1391, 1464, 1502, 1508 en 1509 zijn jaartallen die we in de historische kronieken vinden; in die jaren hebben stormen gewoed die doorbraken in de dijken van het Flevomeer (nu Llsselmeer) veroorzaakten. In 1514 ontstond tijdens zo'n doorbraak de Groote of Berkhouter Waal, een meertje dat in 1628 weer werd omdijkt en drooggelegd, De dijken van de destijds in de naaste omgeving nog aanwezige meren, zoals Wogmeer, Baarsdorpermeer, Hugomeer, Berkmeer, Beemster en Schermer braken tijdens deze stormen ook meestal door, hetgeen vaak leidde tot zeer grote schade aan bebouwingen en verlies van vee en mensenlevens. Het is dan ook niet

verwonderlijk dat groepen boeren, vooralom hun eigendommen tegen die binnenmeren te beschermen, overgingen tot het aanleggen van binnendijken. Op deze wijze ontstonden bijvoorbeeld de Spierdijk, de Zomerdijk en de Bobeldijk.

Behalve van de vernielingen die de overstromingen aanrichtten ondervond men ook regelmatig "hinder" van de legers van deze of gene. We lezen hierover in de Noord Hollandsche Arkadia van Bruins: In het jaar 1517 werd het dorp door de hier doortrekkende Gelderse Vriezen deerlijk mishandeld en weder in het jaar 1572 door inlegering van het volk van de overste Ruichaver, die hier alles kaal maakte.

Na afloop van de Tachtigjarige Oorlog en de indijking van de omliggende meren wordt het wat rustiger en er komt groei in Berkhout. In 1632 zijn er 136 huizen, in 1749 is dit aantal opgelopen tot 177. Ook ziet men een duidelijke veranderende tendens in het soort beroepen dat de Berkhouters uitoefenen. Waar de houthakkers verdwenen, zijn de boeren verschenen. Ook doen later de tuinders hun intrede van wie velen ook de bloembollencultuur beoefenen. Sinds de jaren vijftig is het aantal tuinders echter weer drastisch teruggelopen. Moeilijkheden in de bedrijfsvoering waren er de oorzaak van. De zuigkracht van de industrie in de Zaanstreek en niet te verge ten die van

de Hoogovens was erg groot en menigeen ging pendelen. Van het vrije veld naar de holle hal was voor velen een moeilijke, maar onontkoombare gang en omscholing was toen nog een vrij onbekend woord.

Zoals dat door het hele land waarneembaar is, zien we ook in Berkhout nieuwbouwwijken, waarin zich mensen vestigen die de grotere wooncentra ontvluchten. Overwegingen zijn daarbij dat de voordelen die het wonen in een kleinere gemeenschap heeft, groter zijn dan de nadelen. Ret is de kunst dat zo te houden en aanpassing van de welwillende nieuwkomers aan de autochtone bevolking is daarbij een voorwaarde. In Berkhout is dat een gelukkige vanzelfsprekendheid. Ret zou een onvergeeflijke zonde zijn als sfeer en humor, zoals die in West-Friesland en dus ook in Berkhout bestaan, zouden verdwijnen. Mensen die West-Friesland hebben verlaten voelen dat gemis, want waar ze zich ook vestigen, zij vergelijken hun nieuwe omgeving in gedachten met hun West-Friesland en moe ten tot de slotsom komen dat West-Friesland uniek is.

Ter illustratie van die eerlijke en nuchtere humor graag twee voorbeelden.

Ret is tijdens de Tweede Wereldoorlog. Plaats en handeling: "Cafe de Ridder St. Joris" tijdens een verloting na afloop van een uitvoering. Op het toneel

worden de prijswinnende lootjes getrokken en de bijbehorende prijs wordt getoond, waarbij men roept:

"Nummer ien-en-veertug" en een pond boter omhoog houdt. Uit de zaal roep Jan Bregman sr.: "Ja! "Maar zien ik 't goed, is 't een pond butter? Ja? Verloot 't den nog maar es." Er wordt opnieuw een lot getrokken: "Nummer twee-en-zeuventug". Uit de zaal antwoordt Klaas Smit: "Ja! Maar hoor ik 't goed, is 't een pond butter? Ja? Den neem ik 't mee naar huis."

Wat hier in een spontane reactie ontstond, vindt men ook in staande uitdrukkingen. Wat te denken van het volgende: Een Berkhouter ziet een, duidelijk zichtbaar, zwangere vrouw lopen en zegt: "Die heb zeker ok yolk had."

Inleiden wil zeggen: de deur van Berkhout voor u opendoen en u, lezeressen en lezers, daarna noden in het Berkhout van toen. Op dat punt zijn we nu wel aangekomen, dus: "Komt u binnen." We zullen u verder begeleiden als een soort tolk, hoewel de meesten van u het misschien zelf nog wel weten. Alvorens u vrij baan te geven, danken we allen die ons behulpzaam zijn geweest bij de samenstelling van dit boekje, in het bijzonder de heer V. Blokker, door wiens ijver de hier afgebeelde nostalgische plaatjes konden worden verzameld.

1. Onze rondgang begint in het Oosteinde. Ret beeld dateert van 1924. Aan de linkerzijde zietu het huis van de familie Koppes, meer naar achteren ligt de woning van Albert Vormer, rechts daarvan is nog net de boerderij van Frans Peetoom zichtbaar. De 1 pk-tankwagen, voor de kenners de "weiwagen" van de zuivelfabriek "Wilhelmina", bemand en gemend door niemand minder dan Willem Naber, staat bij de boerderij van Lodder.

2. Het witte uithangbord in het midden van deze foto wenst te kennen te geven dat u hier bij cafe "De Hoop" bent, en wel in hetjaar 1924. Het pilsje werd getapt door Dirk van der Pijl. Ook Kees Peetoom en zijn vrouw Geert de Reus deden dat eerder met vaardige hand. Tegenover het cafe werd tijdens de Katjeskermis nog lang het zogenoemde "katknuppelen" beoefend. In het huis aan de rechterzijde kwamen uw schoenen weer als nieuw bij schoenmaker Sas vandaan, die dit niet te grote huis nog moest delen met Kees Peetoom, de slager. Links de huizen van Piet de Hart en Arie Langereis. Onder de mensen die op grote afstand de fotograaf gadeslaan zijn: vrouw Peetoom (Jantje Jordes) en haar kinderen Trien, Wit en Wim. Ook de vrouw van Dirk van der Pijl is ervoor naar buiten gekomen.

3. Wij gunnen ons nu een blik op een veel gekiekt stukje van het Oosteinde, met name de bekende kruidenierswinkel van Klaas Schagen (rechts vooraan), in latere jaren gedreven door achtereenvolgens de families Dekker, Slikker en Bruin. De drie puntdaken daarnaast staan op de woningen van Paulus Groot, Smak en slager Peetoom. De foto toont ons verder Jantje Jordes, staande voor het huis van haar schoonouders, waar ze zaterdags de slagerij schoonmaakte. Later woonde ze er, met haar man Kees Peetoom, zelf. Achter haar zien we nog een huis waarin ook al een Peetoom woonde namelijk Arie Peetoom, overigens geen familie. Zo was de situatie in 1913.

~rGeten uit Berl{hGlit

Uit, . .A. BaJcker, lJooru

4. Wij zijn nu ter hoogte van de Hulkerweg en schrijven 1904. De boerderij links is de oude "Ridderhoeve" van de familie Stapel. De fraaie rentenierswoning links daarvan is van dezelfde familie. Beide panden liggen aan het idyllische water, de Noordertocht, dat Berkhout aan de noordzijde geheel begeleidt. Rechts zien we nog een deel van de boerderij van Jan Som; op deze plek bouwde later Klaas Smit zijn woning.

5. Het wit gepleisterde woonhuis naast de "Ridderhoeve" komt wat dichterbij en daarmee ook de famiIie Stapel. Van de famiIie, die hier van een welverdiende zondagsrust geniet, noemen we Hannes Stapel en zijn vrouw Geertje Stapel-Weeder; Krelis Stapel zit voor hen. In het schuitje zit ten behalve Geer Stapel ook Marietje Stapel en Piet Schuytemaker. De twee laatstgenoemden beheerden in later jaren de "Ridderhoeve".

6. Als u deze foto ziet zijn we in het jaar 1907. De "De Ruyter-herdenking" in datjaar ging ook aan Berkhout niet ongemerkt voorbij. Piet Kistemaker en Jan Klok, twee uitermate vaardige ambachtslieden, waren de geestelijke vaders van dit schip "De Zeven Provincien", dat, met als onderbouw een zestal grintbakken, aan deze herdenking op grootse wijze luister bijzette. U herkent natuurlijk de ligplaats, 't Wijd, het breedste gedeelte in de Noordertocht.

'T WAiD, BERKHO T

7. iller is 't Wijd nogmaals, maar dan in 1920. Van oudsher is dit het schaatscentrum van Berkhout geweest. De in 1902 opgerichte plaatselijke ijsvereniging organiseerde hier dan ook regehnatig schaatswedstrijden, zowel voor hardrijden als voor schoonrijden, al dan niet voor paren. Op deze zomerse foto poseren Dirk Spaans en zijn dochter Geertje. Achter de bomen links verschuilt zich de boerderij van Jaap en Ybe Liets.

8. Deze foto toont u hetzelfde stukje Berkhout een tiental jaren later. De boerderij over de brug is die van Delemarre. Later verrees hier een woonhuis waarin Cor Machielse, postbode en huisbezoekend barbier, woonde. Gelijk rechts van de boerderij huisde Jaap Koomen en diens buurrnan was weer Kees Groot. Piet Liets woonde in dat, enigszins van de weg af gebouwde, huis. De melkbussen in het bootje dragen de letters "P D", welke staan voor Piet Donker, wiens boerderij, de "Annahoeve", daar recht tegenover ligt. Aan de wallekant zitten onder anderen Evert Beuling en Cor Edam.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek