Bierum in oude ansichten deel 1

Bierum in oude ansichten deel 1

Auteur
:   Jakob B. Bronsema
Gemeente
:   Delfzijl
Provincie
:   Groningen
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4233-5
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Bierum in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Opgedragen aan de nagedachtenis van Haiko Winje Zuidhoff 1888-1963

van 1918-1951 arts te Spijk.

Dokter Zuidhoff was mede door zijn veelzijdige en markante persoonlijkheid in verre omtrek bekend en genoot in de gemeente Bierum een grote populariteit. Hij was een zeer kundig arts en een sociaal warmvoelend mens.

INLEIDING

De gemeente Bierum, omvattende de dorpen Godlinze, Losdorp, Spijk, Bierum, Holwierde en Krewerd, bestaat grotendeels nit een oud-allnviaal gebied, dat door de zee gevormd werd in een lange afwisseling van opbouw en afbraak. Het is doorsneden met eeuwenoude maren, tochten, rieten en sloten, overblijfselen van oude getijdewaters, die in oorsprong soms teruggaan tot in voorhis torische tijden. Aile dorpen, de oudste zullen dateren van enige eeuwen voor Christus, zijn gebouwd op wierden. Hun groei hield aan tot circa het jaar 1000, toen men met de aanleg van de dijken begon. Bij de consolidering van het dijkwezen hebben de kloosters een belangrijke rol gespeeld. Het benedictijner Feldwerd of Oldenklooster bij Holwierde werd in 1183 door de later heilig verklaarde Hathabrandus gesticht. Tussen Krewerd en Jukwerd stond Rozenkamp of Nijenklooster, de fameuze kloosterdobbe is er nog aanwezig.

Tussen 1000 en 1200 zal het dijkrecht der Vierburen: Godlinze, Losdorp, Spijk en Bierum, gevorrnd zijn. De dijkvergaderingen werden oorspronkelijk in het klooster Feldwerd gehouden. In het verleden is het gebied doorvele watervloeden geteisterd. Voor de eerste keer wordt daarvan melding gemaakt in de kronieken van de abten van WitteWierum. Tijdens een buitengewone watervloed op 18 november 1246 strandde er een groot schip uit Leeuwarden bij de dijk te Spijk. In de nacht van 12 op 13 november 1686 werd Groningerland geteisterd door de bekende St. -Maar-

tensvloed. Spijk werd voor een groot deel verwoest en betreurde 104 doden. Te Bierum verdronken eenenzestig, te Losdorp zes, te Godlinze drieenvijftig, en te Holwierde zevenendertig mensen. De vreselijke Kerstvloed van 1717 was een van de grootste die ooit onze gewesten heeft gekend. Bij Spijk werd de "olde dijck" bijna geheel verwoest. Er verdronken daar drieenvijftig mensen, te Godlinze achttien, te Bierum zevenenzestig, te Holwierde dertig en te Krewerd dertien mensen. In totaal werden er 113 huizen verwoest en er kwamen 3676 dieren om. Na deze geweldige ramp ging men ertoe over om de eeuwenoude kweldergronden definitief in te polderen. In 1718 werd met de werkzaamheden een begin gemaakt en zo ontstond onder andere de Vierburenpolder. De Oostpolder werd in 1840 ingedijkt.

De rechtspraak berustte oorspronkelijk bij de "edele heerden", waarvan er vierenzestig waren in het .Redgerrecht der Vierbuiren". Van Holwierde, dat met Marsum een rechtstoel vormde, en Krewerd, dat met Jukwerd tot Oosterwijd behoorde, zijn de heerden slechts gedeeltelijk bekend. De Naam .Koakshom" ten zuiden van Losdorp herinnert nog aan de kaak, de schandpaal van het gerecht. Door middel van verkoop, vererving, huwelijk en schenking kwamen de .Jieerlijke rechten", waaronder ook het collatierecht, soms in hand en van een persoon, die zich vaak .Jreer" van het dorp noemde. Uit zijn heerd ontstond dan een .Borgh ... mit rechte ended herlichheit". Zo zien

we dan ontstaan: de Luingaborg te Bierum, de twee Ubbenaborgen te Spijk, de Fraylemaborg te Losdorp, De Ubbena- en Rengerdaborg te Godlinze , de borg te Nansum en Eissingeheem te Holwierde. Al deze borgen vielen onder slopershanden. Zijn de borgen en kloosters dan verdwenen, in onze oude dorpskerken bezitten we een niet genoeg te waarderen cultuurschat. Wanneer we op onze tocht langs de dorpen, met hier en daar in het fraaie landschap de grote, statige boerderijen , omgroeid door beschuttende boomgroepen, in Krewerd komen , worden we geconfronteerd met een kerkje van een ontroerende schoonheid. Het geheel ademt een aparte steer, vooral door de immense stilte der weidse omgeving, waardoor men zich als aan de tijd onttrokken voelt en zich waant aan de poort van de eeuwigheid. Wanneer de klanken van zeldzame schoonheid van het van 1531 daterende orgel het oude godshuis vullen en onze blikken glijden door dit kunstwerk en langs de oude grafzerken, die geslachten van zovele eeuwen bedekken, overdenken we de diepe waarheid van het middeleeuwse stervenslied: "Meda vita in morte sumus" (Midden in het leven staan wij in de dood) en wij peinzen over de broosheid van het leven ...

Toen in 1594 de Hervorming officieel haar intrede deed gingen de pastoors Cornelius Reneman van Krewerd, Joannes Meerwyck de Grafia van Holwierde en Rudolphus Hemse van Spijk over tot de hervormde leer. In 1609 was er echter te Spijk nog een "roomse" schoolmeester en

in 1696 moesten op het kerkhof te Bierum nog kruishouten worden verwijderd.

De dorpen werden niet aileen het slachtoffer van watervloeden, ook door oorlogshandelingen hadden ze te lijden. Zo werden in 1589 Godlinze, Losdorp, Spijk en Bierum door de Staatse troepen geteisterd. Op 16 november 1813 werden Holwierde, Bierum, Spijk en Losdorp door de Franse troepen uit Delfzijl geplunderd, waarbij te Losdorp een molenaarsknecht werd doodgeschoten.

Ook de Tweede Wereldoorlog bracht vee I ellende. In het boek .Bierum in de branding" wordt dit uitvoerig beschreYen. Mede door de gevolgen van de oorlog werd vooral het karakter van Holwierde nogal gewijzigd. De ruilverkavelingen, aanleg van wegen, verschillende moderniseringen en het verdwijnen van aile molens, op die te Spijk na, hebben ook vee! van het schilderachtige verI oren doen gaan. Verder zal de aanleg van de Eemshaven achter Spijk nog menige verandering brengen. Het is daarom verheugend dat dit boekje een aantal oude dorpsbeelden wil bewaren. We hopen dat velen vreugde zullen beleven aan .Jtou 't vrouger was", terwijl ook zij die naar elders vertrokken gaarne nog eens in gedachten in hun oude geboortestreek zullen willen toeven, immers:

Hou wieder weg van 't olle stee, hou wensteger ze ben'n!"

GODLINZE, vroeger Godlevingi: de afstarnmelingen van Godlef, liefde tot God.

2. Op het hoogste punt van de oude wierde staat de dertiende-eeuwse hervormde kerk. Het dorp had in de loop der eeuwen veel te lijden van watervloeden. Predikant Jacobus Schickhardt, 1682-1716, schreef over de bekende Sint-Maartensvloed van 1686 in z'n Statenbijbel o.a. " .. .ick sagh van de tooren alles blanck als de bare see random haer. .. Godlinse was als een barghjen of steenklip rond in 't water, de kercke en huiisen waren door de wint seer ontrampeneert. .. "

3. De pittoreske Peperstraat. In het witte huis rechts, waar de weduwe Star woonde, was destijds een winkel met een "stille" drankvergunning. Van hier liep er een pad door de landerijen naar de boerderijen aan de oude dijk, dat des zondags door het kerkvolk werd gebruikt. Links is het bruggetje naar de hervormde kerk.

4. In de Godlinzer haven ligt op de voorgrond het turfs chip van Eliza Groenewold. Het gebouwtje links van de mast was de turfschuur. 's Winters mochten de armen van het dorp daar op zaterdagmorgen tegen een gesubsidieerde prijs honderd turven halen. Langs de haven de aloude Stelterweg. Deze liep vanaf het Oldenklooster via een til over het Spijkstermaar naar Godlinze.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek