Dalfsen in oude ansichten deel 1

Dalfsen in oude ansichten deel 1

Auteur
:   J. de Vries
Gemeente
:   Dalfsen
Provincie
:   Overijssel
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4097-3
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Dalfsen in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

IN LEIDING

De opdracht van de uitgever was: in afbeelding en tekst een overzicht van Dalfsen in de periode van ca. 1880 tot ca. 1925 te geven.

Bij de uitvoering van die opdracht bleek mij al spoedig, dat het verre van eenvoudig is zich een juiste voorstelling te vormen, zowel van de topografische situatie, als van het maatschappe!ijk leven in die periode.

.Iuist als men zich in gedachten tracht te verplaatsen naar een tijd, nu ongeveer zeventig jaar geleden, realiseert men zich hoe ongelootlijk veel in die periode veranderde.

Ik heb dan ook niet de illusie, dat ik u - lezers - op de vier bladzijden, die mij voor dit voorwoord ter beschikking staan, een kompleet beeld zal kunnen schetsen van de omstandigheden, waaronder men in die tijd in Dalfsen leefde. Niettemin wil ik een bescheiden poging in die richting doen.

Voor de kennis van de topografie van een stad of dorp in het begin van deze eeuw zijn wij voor een groot dee! aangewezen op prentbriefkaarten.

Het is een gelukkige ornstandigheid, dat omstreeks 1890 het zenden van fotokaarten aan vrienden en familieleden in zwang kwam. Ontstaan in DuitsIand - vandaar het woord "ansicht" - was deze gewoonte rond de eeuwwisseling ook in ons land al geheel ingeburgerd. Zonder de ansichten zauden we nu aanmerkelijk mindel' weten van de verschijningsvorm van onze steden en dorpen rond 1900.

Omstreeks dat jaar liep de grens van de dorpsbebouwing in Dalfsen ongeveer als voigt: van de brug in

westelijke richting over het plein door de tegenwoordige Beltestraat naar de molen. Vandaar in noordelijke richting naar de Ruitenborghstraat. Langs deze straat had de oude dorpskern een uitloper in westelijke richting ongeveer tot het punt, waar nu de landbouwhuishoudschool staat, Vanaf de Ruitenborghstraat is de begrenzing van de oude dorpskern zonder veel moeite te volgen langs Schoolstraat, Ernrnastraat, Wilhelminastraat, Oosterstraat, Molendijk en Vechtdijk terug naar het uitgangspunt,

Het dorp Dalfsen telde in 1900 ongeveer 960 inwoners. De bevolking bestond, naast enkele onderwijzers en ambtenaren, voor het merendeel uit ambachtslieden en winke!iers. In die tijd vinden we in Dalfsen nog een scala van ambachten. Ik no em daarvan de volgende beroepen, die nu al niet meer of nauwelijks voorkornen: molenaar, molenmaker, klornpenrnaker, vroedvrouw, turfschipper, rnarskramer, kuiper, stoelenmatter, scharenslijper, koperslager, de combinatie slager/barbier, beurtschipper, logementhouder, petroleurnventer, wagenrnaker; nachtwacht en de combinatie tapper/visser.

Een betrekkelijk klein aantal mensen was werkzaam in de plaatselijke industrie. De industriele bedrijvigheid had in 1900 niet veel te betekenen. Het enige in het dorp aanwezige bedrijf van betekenis was de cichoreifabriek van B. H. Egberts. In dit bedrijf werkten toen ongeveer dertig mensen. Daarnaast waren enkele mensen werkzaam in de sigarenfabriek van J. H. van Ankum, sinds 1880 gevestigd in een pand aan de

Vechtdijk.

Dalfsen had in 1900 een burgemeester met bestuurservaring. F. H. baron Mulert had namelijk al in 1894 zijn vijftigjarig ambtsjubileum als burgemeester van Dalfsen gevierd! Tot 1903 heeft hij zijn ambt nog vervuld, de laatste jaren voor een salaris vanfS3,33! per maand. Zijn opvolger was mr. A. baron Van Dedem. De raad bestond uit negen leden. De burgemeester was lid van de raad en - tot 1903 - tegelijkertijd gemeentesecretaris. In dat jaar stelde de raad een secretaris aan en bespaarde daardoor de gemeente een uitgave van vierhonderdtwintig gulden per jaar. Wat was namelijk het geval? In die tijd kwamen de salarissen van burgemeester en secretaris nog ten laste van het rijk. Door nu de enige ambtenaar tel' secretarie tot secretaris te benoernen, kon het salaris van die ambtenaar worden uitgespaard,

Behalve die ene ambtenaar tel' secretarie had de gemeente in 1900 in dienst: een ontvanger, twee veldwachters, een geneesheer en een vroedvrouw, een nachtwacht, een brugwachter, een klokluider, een klokkenist, een doodgraver, een tolgaarder, zeven hoofden van scholen en dertien onderwijzers en onderwijzeressen.

Het is algemeen bekend en uit bovenstaande opsomming blijkt dat ook weer duidelijk, dat de taak van het gemeentebestuur in die tijd nog niet bijzonder omvangrijk was.

Bij het nagaan van de faits et gestes van een willekeurig plattelandsbestuur uit die dagen stuit men tel-

kens opnieuw op het aJles doordringende streven naar zuinigheid. Het lijkt er soms op dat een bestuurshandeling in die tijd aileen verantwoord werd geacht, indien door die handeling een be sparing kon worden bereikt.

Het nagaan van de oorzaken van die streng doorgevoerde zuinigheid valt buiten het bestek van dit boekje. Het gevolg van dit gebrek aan middelen was echter dat nieuwe taken slechts schoorvoetend werden aangevat. Van een actief verenigingsleven kon omstreeks 1900 mijns inziens moeilijk worden gesproken. Naast de kerkelijke verenigingen (jongelings- en jongedochtersverenigingen) bestond de zangvereniging "Looft den Heer", de gemengde zangvereniging "Eendracht", de landbouwvereniging, de toneelvereniging "Concordia", de rederijkerskamer .Advendo" en de ijsclub .Dalfsen". De nu nog bestaande muziekvereniging "Excelsior" werd in 1900 opgericht.

Zo op het oog weliswaar een respectabel aantal verenigingen voor een kleine gemeenschap, maar herhaaldelijk valt dan van deze, dan van gene vereniging te lezen: "In het afgeloopenjaar vonden door gebrek aan leden geene bijeenkomsten plaats" of "De vereeniging is na eene rust van circa drie jaren wederom in 't leven geroepen",

Mijn indruk is, dat ook voor andere activiteiten op de avond, in het algemeen gesproken, weinig belangstelling bestond. De redacteur van de Oprechte Dalfser Courant klaagt, ook in die dagen al, regelmatig over de geringe belangstelling van de bevolking voor lezingen,

waarin een onderwerp van algemeen belang aan de orde was. Zo geeft de krant van 20 april 1900 het bericht dat de aangekondigde lezing over algemeen kiesrecht zo slecht was bezocht, dat de spreker .Jiet niet de moeite waard achtte zijne voordracht te houden". Ook de zgn. landbouwlezingen, die ten doel hadden de boeren op de hoogte te brengen van nieuwe ontwikkelingen in landbouw en veeteelt, zoals bijvoorbeeld het gebruik van kunstmest, de bestrijding van veeziekten, e.d. trokken meestal zeer weinig belangstelling. De erg lange werkdagen zullen aan dit verschijnsel wei niet vreemd geweest zijn.

Tekenend voor de positie van de vrouw in die dagen is de medede!ing: "Ook voor Dames toegankelijk", voorkomende in een uitnodiging tot bijwoning van een lezing over Amerika. De vergaderingen werden in het algemeen veel vroeger op de avond gehouden dan tegenwoordig. Een aanvangsuur van half zeven is niet ongewoon. Op dat uur brandden in de donkere maanden op de hoeken van de straten de petroleumlantaarns, ontstoken door de gemeentelijke lantaarnopsteker. Later op de avond werden deze lantaarns door de nachtwacht gedoofd.

Geen elektriciteit dus, geen gas, geen waterleiding, geen riolering, dat is Dalfsen anna 1900.

In 1908 verleende de raad aan H. Versloot, architect te Zeist een concessie voor de oprichting van een aerogeengasfabriek. Het bedrijfsgebouw stond aan de Ruitenborghstraat, tegenover het tegenwoordige Groene-Kruisgebouw. In dat jaar werden de straatlan-

taarns voor gasverlichting geschikt gemaakt.

Tien jaar later werd het gas al weer door de eIektriciteit verdrongen. In 1918 besloot de raad, nadat een voldoend aantal inwoners had toegezegd een lichtpunt te zullen nernen, tot oprichting van een elektriciteitsbedrijf, omdat de IJ sselcentrale wegens de tijdsomstandigheden niet in staat was Dalfsen van stroom te voorzien. De gemeente nam zelf tweeenrwintig lichtpunten voor de straatverlichting en twee lampen voor de secretarie. Op de loskade op de Belt werd een gebouwtie voor de "electriciteitsmachine" geplaatst. In die tijd was Dalfsen nog de thuishaven voor een tiental schepen. De scheepvaart op de Vecht onderyond veel moeilijkheden van de Iage waterstand gedurende de zomer en van een te hoge stand in de wintermaanden. Indien we daarbij bedenken, dat de schippers geheel op de wind en hun eigen kracht waren aangewezen, dan kunnen we ons voorstellen, dat een beurtvaart van Dalfsen naar Zwolle en terug voor de schipper bepaald niet altijd gemakkelijk zal zijn geweest. N iettemin voeren er elke dinsdag en elke vrijdag - indien de waterstand dat toeliet - twee marktschuiten van Dalfsen naar Zwolle en terug. De los- en laadplaats aan de Vecht (de Kaai) was vaak het tonee! van moeilijkheden en geharrewar tussen de belanghebbenden, In de raadsvergadering van 21 maart 1903 constateerde de voorzitter zelfs, dat aan de losplaats .zo ongeveer eene volslagen anarchie heerscht", De verbinding met Zwolle en Ommen over de weg werd onderhouden door een dagelijkse diligence.

Het vrachtvervoer geschiedde met vier vrachtwagens, die enkele malen per week van en naar Zwolle reden. Tenslotte was er dan nog de postkar, die op zijn nachtelijke tocht van Zwolle naar Ommen omstreeks half twee Dalfsen aandeed.

In het verkeer en vervoer over de weg nam het paard in 1900 nog een overheersende plaats in. Een automobiel werd bij hoge uitzondering in het dorp gesignaleerd. Ook de fiets - de Dalfser Courant schrijft het woord in die tijd soms nog tussen aanhalingstekens was nog geen gemeengoed. Motorrijtuigen mochten in die dagen overigens maar met een maximum snelheid van 20 km per uur rijden, een snelheid, die in bochten en in bebouwde kommen nog tot 8 km per uur moest worden teruggebracht!

Kortom er heerste, ondanks de vele op hoI slaande paarden, rust op de wegen.

De aansluiting van Dalfsen op het toen bestaande spoorwegnet was niet best.

Er was weliswaar een station Dalfsen. am dat station te bereiken moesten de inwoners van Dalfsen zich echter een wandeling van een uur getroosten. Dit station lag namelijk aan de in 1867 aangelegde lijn van Zwolle naar Meppel, op de plaats waar deze lijn de Hessenweg kruist.

Over de aanleg van de lijn Zwolle-Ernmen, de zgn. Noord Oost Locaal Spoorweg, was in 1900 al tientallen jaren gedelibereerd. In 1898 werd definitief tot de aanleg van de lijn besloten. Het tegenwoordige station Dalfsen werd in 1902 gebouwd. De verbinding

met Ommen kwam in 1903 en die met Coevorden in 1905 tot stand.

Tot zover deze korte schets van Dalfsen voor zeventig jaar.

Bij het samenstellen van dit boekje kon ik niet uit eigen herinnering putten. Tal van wetenswaardigheden, voor de buitenstaander van geen betekenis, maar voor de belangstellende dorpsgenoot van belang, konden dan ook aileen worden vermeld dank zij de hulp van enkele oude en zeer oude Dalfsenaren.

Hen allen en ook het gemeentebestuur en de uitgever van de Oprechte Dalfser Courant, die mij vrij toegang verleenden resp. tot het gemeentearchief en het krantenarchief, betuig ik voor hun hulp mijn hartelijke dank. Erkentelijk ben ik ook hen, die foto's ter beschikking stelden. Het merendeel van de foro's is echter afkornstig uit het gerneentelijk fotoarchief. De beheerder van dat archief houdt zich bij voortduring "minzaam aanbevolen' voor oude foro's van mensen of dingen uit Dalfsen en orngeving,

Tenslotte: ik hoop dat veel Dalfsenaren aan kennisneming van dit boekje evenveel plezier zullen beleven, als ik heb gehad aan de samenstelling ervan,

DE OMGEVING VAN DALFSEN TEN NOORDEN VAN DE VECHT

In de omgeving van Dalfsen vinden we rond 1900 diverse herbergen en uitspanningen. Van Ommen naar Dalfsen rijdend over de Hessenweg, kon men halverwege uitrusten in de herberg "De Landskroon" in Oudleusen. Langs diezelfde weg, tussen Dalfsen en Zwolle.Iag de vanouds bekende herberg "Het Roode Hert". Het oude pand is kort geteden door een nieuw gebouw vervangen. Bovenstaande foto is omstreeks 1908 genornen. Op het bordje in het bovenraam van de deur is te lezen: "Verlof L. Massier". V66r 1900 werd de zaak gevoerd doorG. J. Schutte. Opde voorgrond een fraaie hondekar.

7

8

Ongeveer twee km voorbij "Het Roode Hert", gaande in de riehting Zwolle, lag ten noorden van de Hessenweg het landgoed "De Bese". Blijkens bovenstaande prent, waarvan de afdrukken blijkbaar voor zakelijke doeleinden werden gebruikt, stond ongeveer in het midden van het landgoed een herenhuis, Op de voorgrond een in 1749 gebouwde boerderij. Het landgoed werd v66r 1890 bewoond door Jhr. J, E, van Heemskerek van Beest. In 1893 kwarn de bezitting in andere handen. Het herenhuis werd in 1894 afgebroken.

Huize .De Leemcule" bij Dalfsen.

Het huis "De Leerncule omstreeks 1910. Het huis is in 1820 gebouwd op de plaats van het oude kasteel van die naam. Het landgoed is eeuwenlang in het bezit van de fami1ie Mulert geweest.

9

DE OMGEVING VAN DALFSEN TEN ZUlDEN VAN DE VECHT

10

Aan de zuidzijde van de Vecht kon men, gaande over de "Mac-Adamweg" van Ommen naar Dalfsen, zijn dorst lessen bij de uitspanning in Vilsteren. Rond de eeuwwisseling werd deze zaak al beheerd door de farnilie Klomp. Enkele kilometers verder, tegenover de school te Hessurn, was een wegtol. Op bovenstaande foro het in 1966 afgebroken tolhuis. Rechts op de foto de tolbaas, de heer Mulder. Op dit punt is van 1839 tot 1946, dus langer dan honderd jaar, tol geheven.

Verdergaande in de richting Dalfsen verschijnt rechts het kasteel Rechteren. Bovenstaande opname dateert van omstreeks 1910.

11

12

Recht tegenover het kasteel Rechteren, aan de andere kant van de weg Ommen-Dalfsen, lag de uitspanning "Madrid". In de Dalfser Courant van 3 juni 1892 maakt J. L. Westerhuis bekend, dat zijn uitspanning "Madrid" uitstekend gelegenheid biedt voor het geven van partijen en dat hij zich "door eene nette bediening het vertrouwen van een ieder hoopt waardig te maken". Enkele jaren later is de zaak in handen van F. Schuurrnan. De uitspanning is omstreeks 1916 afgebroken en daarna op de tegenwoordige plaats herbouwd.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek