De Vlaardingse Visserij in oude ansichten deel 1

De Vlaardingse Visserij in oude ansichten deel 1

Auteur
:   J. Sluimer en M.P. Zuydgeest
Gemeente
:   Vlaardingen
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2444-7
Pagina's
:   128
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'De Vlaardingse Visserij in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

INLEIDING

Wie in deze tijd een wandeling 1angs de havens maakt, treft daar nauweliiks nog iets aan dat aan de eens zo belangrijke haringvisserij herinnert. Bij het aanzien van de havenkade - bezaaid met auto's - en de oude Haven - vol met jachten - kan men zich niet voorstellen dat hier vroeger vrijwe1 de gehele Nederlandse haringhandel geconcentreerd was. Honderd jaar ge1eden was de haringvisserij met haar nevenbedrijven bet hoofdmidde1 van bestaan in Vlaardingen.

Industrie was er in die dagen nauwelijks. Men voer op de v100t of men werkte in de kuiperijen, mandemakerijen, of op de werven, taanderijen en in al die andere bedrijven die van de visserij afhankelijk waren. Voor de haringvisserij werden loggers en sloepen gebruikt, terwijl in de winter de sloepen ook de beugvisserii beoefenden. De zeillogger was in 1866 door de Scheveningse reder A.E. Maas in Nederland ge introduceerd en bleef in aangepaste vorm ongeveer honderd jaar in gebruik. Eind mei, begin juni werd er ter haringvisserij uitgevaren en begin december werd deze visserij beeindigd. Men gebruikte voor de haringvisserij de "vleet", dit is een samenstel van netten en touwwerk, dat v66r de logger als een gordijn in zee stond.

In 1878 yond in Vlaardingen de eerste poging tot mechanisatie van het visserijbedrijf p1aats. De rederij van Hoogerwerff & Co. bracht toen een "ijzeren schroefstoomlogger" in de vaart, waarbij echter het zeiltuig gehandhaafd bleef. Het werd geen succes en na enke1e jaren werd de stoommachine uit het schip verwijderd en nam het vaartuig weer als zeillogger aan de visserii deel. De werf ,,'s Lands We1varen" van 1.8. Figee bouwde in 1890 de eerste sta1en logger en ging na 1894 gehee1 op de stalen scheepsbouw over. Toch werden er in Vlaardingen tot in de Eerste Wereldoorlog neg houten loggers gebouwd. Zeker in de eerste jaren na het verschijnen van het eerste sta1en schip stond men in Vlaardingen nogal sceptisch tegenover het gebruik van dit soort vaartuigen. De behoudende Vlaardingers vonden het gebruik ervan maar gevaarlijk: ijzer en staal konden immers niet op het water drijven, was hun standpunt.

De reder A. Hoogendijk Jzn. bracht in 1897 de eerste stoomlogger in de vaart. Dit type schip hield het uit tot en met 1962. In dat jaar voer de VL. 172 "Clara" van de "Visserij Maatschappij Vlaardingen", onder schipper Goedknegt, voor het laatst uit. In Vlaardingen sprak men echter niet van stoomloggers, maar van

"stoomfietsen". De stoomfietsen werden uiteindelijk hier ter stede zeer populair en werden in een vrij groot aantal voor de visserij gebezigd. Dit in tegenstelling tot de motorlogger, een scheepstype dat in Scheveningen en Katwijk in veel grotere aantallen ingezet werd dan in Vlaardingen. De werf van de gebroeders Van der Windt aan de Korte Dijk bouwde in 1901 de eerste Nederlandse motorlogger, het was de VL. 66 "Frans" van de reder A. Dorsman. Dit schip was voorzien van een 50 pk. petroleummotor. Na de Eerste Wereldoorlog was de bloeitijd van de visserij voorbii. Door de opkomst van de industrie keerden steeds meer Vlaardingers de visserij de rug toe. Immers, de fabriek betaalde een vast weekgeld en men was elke avond thuis. Een vaste kern bleef toch weI de visserij trouw, deze verdween dus niet geheel. Het aantal schepen bijvoorbeeld, daalde van 1925 tot 1940 van 115 tot 54 stuks. Rederij C. van Toor Hzn. heeft van september 1931 tot aprll1934 nog een aanzienlijk deel van haar vloot aan Polen verhuurd. De schepen voeren toen onder Poolse vlag vanuit Vlaardingen ter visserii, De rederiinaam luidde toen "Morze Polnocne - Polskie Towarzystwo DLA Polow6w Sledzi - Sp61a Akcyjna". In gewoon Hollands be-

tekent dit: .Poolse Maatschappij voor Haringvisserij Noordzee" (maatschappij op aandelen).

Na de Tweede Wereldoorlog komt de visserij, ondanks de oorlogsverliezen, weer op gang. Er worden ook nog nieuwe motortrawlloggers gebouwd, die meestal vanuit IJmuiden het bedrijf uitoefenen. In 1964 varen negen motorloggers voor het laatst ter vleetvisserij. Hiermede verdwijnt een eeuwenoude visserijmethode, die zoveel voor Vlaardingen betekend heeft. Door de vlootvernieuwing zijn er in 1967 nog zestien zijtrawlers en een hektrawler in bedrijf. Dit aantalloopt in de latere [aren sterk terug. Door de opkomst van de hektrawler verouderen de zijtrawlers snel, De toekomst ligt in de zeer grote hektrawlers, die met een diepvriesinstallatie zijn uitgerust om de vangst op zee direct in te vriezen. Dit heeft tot gevolg dat heden slechts twee Vlaardingse rederijen, elk met cen moderne hektrawler, aan de visserij deelnemen.

De foto's in dit boekje zijn grotendeels afkomstig uit de archieven van de samenstellers. Enkele foto's zijn beschikbaar gesteld door de familie Pot, waarvoor wij hen bijzonder erkentelijk zijn,

J. Sluimer M.P. Zuydgeest

1. In de Vlaardingse haven liggen omstreeks 1885 de houten sIoepen VL. 83 "Verandering", rederij M. de Niet Azn .? en de VL. 117 "Catharina en Maria", rederij J.P. de Mos. voor de kant. Beide schepen hoorden eigenlijk in Scheveningen thuis, maar door het ontbreken van een haven voeren de schepen vanuit Vlaardingen ter visserij. In 1891 werden de visnummers veranderd, de VL. 83 werd SCH. 244 en de VL. 117 werd SCH. 236. De scheepsnamen werden niet gewijzigd. De Scheveningse haven kwam pas in 1904 gereed. Het houten sloepschip SCH. 244 "Verandering" werd op 25 april 1919 verkocht aan de "Visserij Maatschappij Doggersbank" onder directie van 1. Sterk & Co. Het schip werd de VL. 55 "Adriana" onder schipper Maarten van Teiilingen. In 1922 werd de VL. 55 gesloopt.

2. Langs de Oosthavenkade ligt hier de stalen sloep VL. 168 "Noordster" van de reder A. Hoogendijk Jaczn. Het schip was geschikt voor de hating- en beugvisserij. Met de beug werd hoofdzakelijk in de wintermaanden en in het voorjaar op kabeljauw, schelvis, roggen, fleet en heilbot gevist. In het bun een in het schip geplaatste bak, die direct met de zee in verbinding stond - werd de vis levend gehouden om deze zo vers mogelijk aan te voeren. In 1902 werd de sloep verkocht naar Middelharnis en werd de MD. 3 "Anna". In de storm van 17 op 18 januari 1912 is het schip met man en muis vergaan,

Vlaardingen

Haven.

E 2'001

~. / / .fc;-?- .

3. De Dude Haven van Vlaardingen omstreeks 1902. Links ligt de VL. 166 "Henriette" van de rederij C.P. de long. De logger was afkomstig uit Boulogne en werd in december 1900 aangekocht. Het was toen de grootste zeillogger van de Vlaardingse vissersvloot. In december 1907 werd het schip verkocht aan de rederij De Zeeuw & Van Raalt. Er werd toen een motor in geplaatst en als VL. 38 "ZuidHolland" onder schipper Leen van Beek, nam het schip weer aan de haringvisserij dee!. In januari 1937 werd de logger voor de sloop verkocht. Rechts is nog de houten logger VL. 67 "Martinus Cornelis" van reder Hendrik van der Burg te zien.

00 sihaxenkode. Vlaardinqen . .;n.- ? /' j~ IA/

?

4. Opgelegde loggers aan de Oosthavenkade. De haringvisserij was een seizoenbedrijf, de loggers werden in de winter van de tuigage ontdaan en opgelegd. Men noemde dit .Jret afsnijden", de overgebleven proviand werd dan onder de bemanning verdeeld. Op de oude afbeelding van voor 1897 ligt de houten logger VL. 27 "Vertrouwen" van de "Nederlandse Zeevisserij" onder directie van Adr. IJzermans. Op 25 februari 1891 werd de "Vertrouwen" te water gelaten op de werf van L. van Dam aan de Havenstraat te Vlaardingen. Het schip werd in apri11917 verkocht aan de "Zeevisserij Maatschappij Holland" en kreeg de naam VL. 27 "Annie en Adrie".

I ""

Vlaardingen. // r./:U.t/.. r» j I: t-v

e : .r"-/. rj.'

~ &.-2100;

5. Nu een kijkje aan de Koningin Wilhelminahaven met daarin vele loggers en sloepen. Deze haven werd gegraven tussen 1895 en 1904 en bracht een grote uitbreiding van ligplaatsen met zich mee. Deze uitbreiding was zeer gewenst, daar de oude haven dikwijls overvol met vissersschepen was, die slechts met moeite een plaats konden vinden, Links zien wij nog de sta1en sloep VL. 147 "Voorwaarts" van de "Doggermaatschappij". Op 3 november 1891 yond de tewaterlating plaats op de werf ,,'s Lands Welvaren" te Vlaardingen. Het schip werd nieuw uitgehaald door schipper A. van Papeveld. In 1915 wordt het schip de VL. 159 "Nijverheid" en in 1919 de IJM. 321 "Emma".

Vaardingen.

Uit&'uf A. Vogel.

6. De Oude Haven te Vlaardingen omstreeks 1898. De bemanning van de VL. 15 "De Noordzee" poseert voor de fotograaf. Deze logger was van de rederij IJzermans & Co.; het schip werd door deze rederij in 1895 aangekocht voor f 6500,- van de maatschappij "De Noordzee".

7. Een afbeelding van een oude Vlaardingse zeeman; het is Jacob Sluimer, geboren op 7 september 1832 en overleden op 25 oktober 1900. Jacob Sluimer was in 1883 onder schipper C. van Zwieten kok op de VL. 15 "De . Noordzee" van de rederij maatschappij "De Noordzee". Hij was getrouwd met Kornelia Don en zij woonden in de Paterstraat. Zijn vrouw bakte thuis de echte "Vlaardingse ijzerkoekjes", die zij aan huis verkocht. In 1883 kende men dus ook al "tweeverdieners".

Ult;. A. Vog.l. Vlurding.n.

Haven. Vlaardinqen,

8. Afgesneden loggers in de Oude Haven te Vlaardingen omstreeks 1902. Op de voorgrond ligt de houten logger VL. 107 "Jonge Marie" van de rederij J.H. Warneke. Op 28 april 1884 werd deze logger als VL. 107 "Dina" te water gelaten bij de werf ,,'s Lands Weivaren" te VIaardingen voor rekening van de rederij Schipper & Muller. Rederij Warneke kocht het schip op 3 februari 1894 en veranderde de naam in "Jonge Marie". Achter de VL. 107 ligt de houten sleep SCH. 334 "Visscherswoning" van de rederij Albert Pronk en de VL. 141 "Alpha" van de rederij G. Vriens. Aan de Oosthavenkade liggen nog de VL. 184 "Jonge Jan" van J. Verboon Sf. en de VL. 67 "Martinus Cornelis" van rederij H. van der Burg.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek