Doesburg in oude ansichten deel 1

Doesburg in oude ansichten deel 1

Auteur
:   W. Zondervan
Gemeente
:   Doesburg
Provincie
:   Gelderland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3297-8
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Doesburg in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

IN LEIDING

Plaatjes kijken uit voorbije dagen geeft nagenoeg iedereen plezierige ogenblikken, zoals de vele verschenen delen in de reeks, waartoe dit boekje behoort, kunnen bewijzen. Het oude stadje Doesburg aan de Gelderse IJ ssel zal daarop wel geen uitzondering maken, te meer omdat daar, v66r de jongste wereldoorlog, een gamizoen was gelegerd, zodat ieder jaar een nieuw deel der inwoners met het plaatsje kon kennismaken en er in de kwart eeuw van 1900-1925, de tijd waarin de afbeeldingen zijn gemaakt, veel meer Nederlanders de Doesburgse lucht hebben ingeademd dan de tota1e bevolking bedroeg.

Wij krijgen dan als mensen van 1971 steeds weer dezelfde indruk van een definitief voorbije tijd van rust en ka1me bedaardheid: een hollend paard had al een grote snelheid en de enkele automobielen reden ook niet veel harder dan 50 km per uur, een moderne bromfiets haalde ze makkelijk in. En we zijn geneigd te denken dat de mensen heel wat gelukkiger en tevredener leefden dan het huidige geslacht.

Toch is ook dat schone schijn: lawaai was er in die dagen ook, een ratelende kar op ijzeren velgen, op een drafje door een paard met vier hoefijzers op de kinderhoofdjes voortgetrokken, vervulde een gehele straat met geluid en ook de stoomtram kon, wanneer de stoomdruk te hoog was opgelopen en de veiligheidsklep ging werken, een doordringend geluid afgeven. Onvergetelijk blijven het schrille fluitsignaal en de straten ver klinkende, doordringende trillingen die de

metalen velgen tegen de buitenbocht maakten, wanneer de bochten in de rails wat droog waren.

Maar aan de andere kant gebeurde het ook dat voor huizen waar een ernstig zieke lag de keien bedekt werden met een dikke laag turfmolm om de straatgeluiden zoveel mogelijk te dempen. Kom daar tegenwoordig eens om, tegen het gierende geluid van straaljagers valt niets te doen en daarom moeten de doktoren kalmeringsmiddelen geven om geschokte zenuwen enige rust te verschaffen ...

Ook schijnt het ons in de hedendaagse tijd, gewend als we zijn aan grote afvalhopen, toe dat de straten toen zo zindelijk waren: hoogstens nu en dan wat uitwerpselen van paarden zijn op de afbeeldingen te onderkennen. Maar een ondergrondse riolering was er niet, de open en bloot liggende straatriolen, waarover miniatuurbrugjes van plank en voerden, kabbelden als evenzovele kleine beekjes op aile uren van dag langs de rijweg en het trottoir, onderweg hun onfrisse inhoud aan vuil water vertonende en hun geuren afgevende. Zo heeft de schrijver van oudere familieleden en van anderen, die de mobilisatiejaren van 1914-1918 in Doesburg beleefd hadden meer dan eens horen vertellen dat Doesburg de bijnaam "Smeerenburg" had. Zo'n heel schone indruk moet het stadje op de buitenstaander dan niet gemaakt hebben. Toch was het een fijn gamizoen, naar iedereen me verzekerde, en de sprekers zullen wel dezelfde vertedering gevoeld hebben voor Doesburg als James Joyce verwoordde

voor zijn "dear dirty Dublin"

Moge iets van deze gevoelens door het bekijken van dit boekje overgaan op de lezer.

Bij het samenstellen van de onderschriften is het de bewerker gebleken, dat in dejaren van 1900-1914 een geest van vooruitgang de Doesburgse gemeenschap beheerste. Door de middenstand werd het ene pand na het andere verbouwd, wat misschien eerder een reden vond in de handelingen van de concurrentie dan dat het een bewijs van grote welvaart was, maar de aannemers in Doesburg kregen volop werk. Dit werk kwam voor het jaar 1910 meestal uit de handen van een geboren Ellecommer, de aannemerszoon Bloemendaal, wiens vader zich al kort na de geboorte van zijn zoon in Doesburg had gevestigd en die zelf het architectenberoep uitoefende. Bloemendaal werd raadslid, wethouder en trad later op als rentmeester van het Doesburgse Gasthuis, dus hij was iemand die zich voor de stad bijzonder verdienstelijk heeft gemaakt. Zijn bureau werd door zijn jongere compagnon, de Amsterdammer De Wolf, in dezelfde geest voortgezet, ook hij werd raadslid en wethouder en de restauratie van belangrijke panden staat op zijn naam. Dit gebeurde echter na 1940, en valt dus buiten het bestek van dit boekje.

Omstreeks 1905 begon het typisch Nederlandse verschijnsel, de verzuiling, ook in de Doesburgse bouwwereld ingang te vinden. Van de toen optredende bouwkundigen heeft de architect Hogenkamp, die zich in die

jaren te Doesburg vestigde, voor zijn katholieke geloofsgenoten vele grote objecten gebouwd, onder andere het Elizabethsgesticht en enkele scholen, terwijl tevens zijn aandeel in nieuwe of verbouwde bedrijfspanden en woonhuizen, het straatbeeld heeft help en vormen. Het leek me goed juist in een boekje als dit deze namen te vermelden, die trouwens met een aantal andere te vermeerderen zijn.

Naar analogie van eerder verschenen deeltjes in deze serie is de volgorde van de afbeeldingen bepaald muir een verbeelde wandeling door de straten van Doesburg. De bewerker zal zich beloond achten wanneer sommige lezers door de tegenwoordige binnenstad zouden willen wandelen en zien of het straatbeeld van een halve eeuw geleden zich verbeterd of verslechterd heeft.

De afbeeldingen op de pagina's 14, 15, 33, 34, 43, 65 en 76 zijn uit de collectie van mevrouw E. Kalsbeekbarones Schimmelpenninck van der Oye te AmsterdamlDoesburg, die op de pagina's 7, 17, 24, 28, 36, 52, 54, 59, 61, 67 en 69 uit de Topografische Verzameling der Provincie Gelderland in de Gelderse Bibliotheek te Arnhem, de rest grotendeels uit de verzameling der gemeente Doesburg met enkele van de schrijver.

t ...

-

DOESBURG

Sctupbrug

I1Hlr H. G J Becking

Eeuwenlang is de bezoeker Doesburg binnengekomen over de sehipbrug, die sedert 1722 op deze plaats lag en eerst in 1952 overbodig is geworden door de bouw van een vaste brug. Deze brug ligt iets meer stroomafwaarts, op de afbeelding naar reehts. We kijken in de richting Dieren; de mooie bomenlaan is in de laatste oorlog verdwenen, maar er zijn nieuwe ingeplant langs het doodlopende weggetje, dat vroeger zoveel verkeer zag passeren.

5

6

De brug van de andere zijde bezien bij laag water, omstreeks betjaar 1905. Het brugdek was zover mogelijk opgevijzeld boven de brugschepen, om de weg borizontaal te houden, Werd het water nog lager, dan stond de brug hol, bij heel hoog water, als de brugschepen nagenoeg gelijk met de vaste wal lagen, enigszins bol: met alle narigheid daaraan verbonden voor het wegverkeer.

Dcesburg.

Scheepstimrnerwerj en Scnipbruq

Nog een gezicht op de brug, ditmaal genomen vanaf het terrein van de seheepswerf, die er al twee eeuwen ligt en nog steeds in vol bedrijf is. Houten sehepen als op de voorgrond worden er niet meer gernaakt, dit was een typisch "IJsselseheepje", zoals de soortnaam luidt. Men vond het omstreeks de eeuwwisseling .Jieilzaarn" om in koud rivierwater een bad te nemen. Het drijvende huisje was het badhuis met vier "eellen". Onder iedere eel hing een soort kooi van houten latwerk, waar men zieh als in een badkuip kon laten zakken. Het water stroomde door de spijlen, badgoed was niet nodig, want men was onziehtbaar, het rivierwater was to en ook al niet kristalhelder meer.

7

-~

.

8

Moest er een sleep passeren dan werden een paar boten met hun eindje brugdek .aiitgevaren". We zien hier, omstreeks 1925 een sleepboot met passagiersaccommodatie en met een of meer op sleeptouw genomen schepen stroomopwaarts varen. Het wegverkeer kon zolang wachten. De stad hieftol, de brugknecht moest het aantal passerende schepen en hun tonnage noteren. Ook van het wegverkeer werd tol geheven, de tolboom stond aan de stadskant.

Olel'toeht pel' Veel'OlOlk bij lusgOlng·

Wanneer er drijfijs in de rivier was werd de hele brug weggenomen. De overgang voor voetgangers en fietsers ging per vlet, de rest van het wegverkeer moest omrijden over Westervoort of Zutphen. En de tram, die sedert 1884 over de brug mocht, Iiep slechts door tot de oever, de passagiers gingen dan per vIet naar de andere kant waar ze in een daar gereedstaande tram moesten stappen. Daartoe was aan beide zijden een wissel, om de Iocomotief te rangeren. Deze kaart is van omstreeks 1903 en pas in 1952 behoorden dergelijke toestanden tot het verleden.

".'.~" ?.???? !O ?????? : ( ,.:.. .»

9

10

In 1~20 was er hoog water, in 1926 was het nag hoger. We zien hier de uiterwaarden overstroomd, de brug stond boI en de tram doet moeite om de helling te overwinnen. Soms moesten de passagiers over de brug Iopen om de last voor de Iocomotief enigszins te verlichten. De fotograaf stond op de gashouder, die omstreeks 1914 was opgericht.

Kocpoortdijk - Docsburg.

Over de schipbrug kwamen we op de Koepoortdijk. Geheel links het oude veerhuis, met .Jmitensocieteit en kegelbaan", dat na de Eerste Wereldoorlog is afgebroken. De herenhuizen op de foto zijn tussen 1860 en 1870, toen men zich langzamerhand buiten de oude stadswallen waagde om te wonen, verrezen en herbergden steeds leden der maatschappelijke bovenlaag. In de linkerhelft van het middenblok woonde de graanimporteur Reijers, de andere helft was vele jaren bewoond door burgemeester Cats. In 1914 kocht diens opvolger jonkheer Nahuys het rechtse huis van de heer Van Barneveld van Mathena en bleef er meer dan 25 jaar wonen. Ret koetshuis is thans ook tot woning verbouwd.

11

~~ lJue8lurg.

12

Voor men van de Koepoortdijk de "stad" bereikte moest men langs een wegje van 300 meter met aan weerszijden de stadsgracht. Aan beide zijden stonden kastanjebomen, de weg heette dus Kastanjelaan. Thans, nu aile kastanjes zijn verdwenen is de weg Kastanjelaan-Koepoortdijk vernoemd naar de enkele jaren geleden vee! te vroeg weggenomen burgemeester jonkheer Flugi van Aspermont, die in de linkerhelft van het dubbele huis van de vorige afbee!ding woonde.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek