Eemnes in oude ansichten deel 2

Eemnes in oude ansichten deel 2

Auteur
:   J.V.M. Out
Gemeente
:   Eemnes
Provincie
:   Utrecht
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4130-7
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Eemnes in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Iedere stad of ieder dorp heeft zo haar uit de "volksmond" opgetekende verhalen. Ook Eemnes maakt hierop geen uitzondering. Een zo'n verhaal verklaart het voorkomen van drie bisschoppen in het gemeentewapen. Eemnes-Buiten, zo vertelt men, was tot driemaal toe zijn heer, de bisschop van Utrecht, ontrouw. De bewoners zagen meer hell in aansluiting bij Holland (hoe actueel in deze periode van nieuwe gewestvorming! ) en besloten de graaf van Holland als onderdanen te gaan dienen. In 1346 en 1348 moest bisschop Jan van Arkel "met groot volck van wapenen" en "met ontwonden banieren" tegen de Oost-Hollanders, zoals de Eemnessers zich al noemden, ten strijde trekken. En zelfs na 1352, toen Buitendijk tot zelfstandige stad (zonder recht van poorterij overigens) was verheven, vielen de "dankbare" burgers hun heer nogmaals af en moesten zij zich in 1357 opnieuw met de bisschop verzoenen. Sindsdien zou het wapen drie bisschoppen tonen als herinnering aan de misstappen! De bron van dit verhaal: een gemeentesecretaris die voor een plaatjesalbum van een koekfabriek een verklaring van het gemeentewapen moest geven!

Toch kan men uit de "volksmond" historie optekenen. Als men urenlang met oudere mensen praat komt heel wat weer naar boven. Een vijfenzeventigjarige vertelde het volgende rijmpje:

Jan van Wijk bij 't kerkho] heeft een zaakje met verlof, maar Riggeling die nare vent

is voor hem een grote concurrent!

Jan van Wijk, die een stil cafeetje had, woonde op Laarderweg 84. Riggeling opende zijn cafe op Laarderweg 128, beter bekend als (het inmiddels gesloten) cafe Tak. Ook oude benamingen als "de Zuidwend", "het Schoolpad" of "de Armakker" en "het Armhuisje" en boerderijnamen als "De Suikerkist", "Branderf" en "Stadwijk" zijn duidelijke aanknopingspunten voor het bestuderen van de tijd die achter ons ligt. Veel hiervan is nooit uitgezocht hoeweI dit zeker de moeite waard zou zijn, De "bronnen" die men bij het navorsen gebruikt dienen echter voorzichtig te worden gehanteerd. Zou men biivoorbeeld afgaan op de "monumentenlijst" van Eemnes, dan zou men de hervormde Nicolaaskerk moeten dateren als een vijftiende-eeuws bouwwerk. In 1525

schreef de Naarder stadssecretaris Pieter Aelmansz dat het dodenregister van de kerk begon met (vertaald):

"Anno 1363 gestorven Pieter Pieterse, zijn ziel ruste in vrede." De pastoor vertelde Aelmansz bij zijn onderzoek dat de kerk zo'n tweehonderd jaar oud moest zijn, terwijl Pieter zelf schatte dat ze even oud als die van Naarden moest zijn (gebouwd rond 1380). Men kan dus rustig stellen dat de kerk een eeuw ouder is dan de "monumentenlijst" aangeeft!

Maar ook eigen waarneming kan fouten opleveren. Boven de toreningang van de genoemde kerk zit een sluitsteen tje dat het jaartal 1352 vermeld t. Dat steentje is echter waarschijnlijk bij latere restauratie aangebracht! Ook een jaartal op het huisje van Kerkstraat 6 vermeldt 1869 als bouwjaar, maar ongetwijfeld is dit pand ouder en zal dit steentje het jaar van een restauratie aangeven, Van de andere kant zal men achteloos voorbijgaan aan het schuurtje naast de katholieke kerk. De muurankers vormen hier echter 1637 als bouwjaar en de originele bedstee is hierin nog steeds aanwezig!

Over de geschiedenis van Eemnes is al het een en ander geschreven. Het boek "Eemnes" van A.

Johanna Maris en de scrip tie "Een streekdorp" van A.P. de Klerk doen dat op een wetenschappelijke wijze. Wat populairder gebeurde dit in boekjes als "De Eembrug" van A.C.J. de Vrankrijker en in het eerste deeltje van deze serie of in tijdschriftjes als "De Drost" en recenter in "Tussen Vecht en Eem". Allerlei aspecten moeten echter nog nader worden bestudeerd: de verbouwing van de toren van de Nicolaaskerk (tweede geleding), de kerkgeschiedenis, de molens, de invloed van de ambachtsheren, de heerlijke rechten van het koningshuis (bijvoorbeeld visrecht op de Vaart) en het gotische graf in het portaal van de Pieterskerk zijn enkele hiervan. Om iets van de recente historie in woord en beeld vast te leggen heb ik nogmaals aan het verzoek van de uitgever voldaan om in deze serie een boekje sam en te stellen. Dank aan vele personen die hierbij hielpen, van wie de heren J.A. v.d. VIis en G.A. van Stoutenburg zeker moeten worden genoemd. Ook dank aan het Rijksarchief te Utrecht voor het afstaan van enige kaarten. Hopelijk wordt dit boekje net zo gunstig ontvangen als het eerste deeltje en zullen velen er erg veel genoegen aan beleven.

t:1T'J ~"UT". VELeZI'.

1831.

1. Deze boerderij, die op de grens van Baarn en Eemnes lag, stond het verkeer op de smalle dijk danig in de weg. Moest in het verleden de voorgevel het al eens door het verkeer ontgelden, in later jaren moest de boerderij voor grondverslindende wegenaanleg helemaal wijken. In het verleden werd v66r deze boerderij de burgemeester bij officiele gelegenheden verwelkomd. Dit gebeurde bij zijn installatie of bij een feestelijke optocht, waarbij de koets van de burgervader zich in de stoet voegde om mee te rijden naar Buitendijk. Wie de man met de zeis en het vrouwtje in de deuropening zijn was niet te achterhalen.

2. Vlak voor de tegenwoordige Eikenlaan had men vroeger de eeuwenoude herberg ,,'t Zwaantje" (Wakkerendijk 258), hier herkenbaar aan het uithangbord. De deur lag wat lager dan de weg en men moest dan ook een trapje af om naar binnen te gaan. De leuning langs dat trapje was voor menigeen bij het naar buiten gaan een noodzaak! Op het huis hiernaast staat tegenwoordig een zwaan. Deze zwaan herinnert aan het feit dat het cafe in 1925 een deurtje werd verplaatst. In 1954 werd het bedrijf beeindigd. De oude herberg werd in 1948 grondig gerestaureerd.

3. Bij het zilveren regeringsjubileum van koningin Wilhelmina, in 1923, zond de Oranjevereniging een in klederdraeht gestoken groep Eemnessers naar de hoofdstad om daar de festiviteiten op te luisteren. Voor het station te Baarn ging men nog even op de kiek. Van links naar reehts zien we: mejuffrouw Hogenhout, mevrouw Van Loosen-Hoepen, Dien Seldenrijk, gemeenteseeretaris D. van Hoepen, Marie Koelewijn, mevrouw Jonker-van Hoepen, mevrouw K. Koelewijn en mejuffrouw M. Post. Vooraan: mejuffrouw Wortel en mejuffrouw Seldenrijk. De mannen dragen de hoge pet als hoofddeksel, de vrouwen de oorijzermuts.

Kerk, EDI~ES-BIN~E~.

4. Dit achter de dijk gelegen huisie naast ,,'t Dikke Torentje", zoals de Pieterskerk wordt genoemd, heeft vele bewoners gekend. Klompenmaker Bijvank, Willem Hoed (Hilhorst), huisslaehter Pureveen, Van Isselt en Teus Blom woonden er. In de jaren twintig werd er een andere woning gebouwd. Reehts ziet men nog juist een "mennegat" (toegang tot de weilanden) in de dijk, die in verband met de najaarsoverstromingen (de Zuiderzee was niet dicht) op 1 oktober half en op 16 oktober helemaal dieht moest zijn. Gebruikers van het "mennegat" moesten dit dichten gezamenlijk doen. Men gooide het vol zand en 1egde er aan de polderkant plaggen tegen.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek