Emmen in oude ansichten

Emmen in oude ansichten

Auteur
:   J.J. Brands en H. Visser
Gemeente
:   Emmen
Provincie
:   Drenthe
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3650-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Emmen in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Laat schoner oorden spreken Van kracht en majesteit.

Miin uitverkoren streken, Gij adem t lieflijkheid.

"Drenthe, de oide Lantschap, is door natuurlijke oorzaken altijd een afgezonderd gelegen gewest geweest" Met deze regel beginnen diverse gidsen voor Emmen. Maar tijden veranderen ... Schreef dr. Johan Picardt niet van "Drenthina en was de Bruyd niet, om welke men danste ... "? En dan denken we onwillekeurig al gauw aan Emmen, de plaats die na de tweede wereldoorlog een explosieve ontwikkeling doormaakxe.

Over de stichting van Emmen valt weinig te zeggen, maar zeker is dat we wei heel ver in de geschiedenis terug moeten gaan. De hunebedden en de resultaten van de opgravingen wijzen hier wel op.

Emmen zal niet altijd deze naam gehad hebben. De oudste naamsvermelding vinden we in een oorkonde van v66r 1139. Men schreef Emmen toen a1s Emne en Empne. Over de betekenis van deze naam is al veel geschreven.

Het jachtrecht van het gebied waarin Emmen lag, was in 944 door Otto I geschonken aan de bisschop van Utrecht. Daardoor werden de bisschoppen graven van Drenthe. In naam van de bisschop trad op de slotvoogd of kastelein van Coevorden. Deze bestuurswaarnemers begonnen zichzelf ook al een beetje "heer" te voelen en deden wei eens iets waardoor zij

zich het ongenoegen van de bisschop op de hals haalden. Een uitbarsting van dit ongenoegen vinden we in de zogenaamde "Drentsche Guldensporenslag" bij Ane in het jaar 1227. De bisschop kwam hierbij om het leven.

Zijn opvolger, bisschop Wille brand, zon op wraak en trok met een leger op, om Drenthe op zes plaatsen aan te vallen. Een deel trok voorbij Coevorden naar Emmen om dit geheel platgebrand achter te laten. De gebroeders Theodoor en Gerlach van Empne sneuvelden in deze strijd. De Utrechtse bisschop bezat ook een uitgestrekt landgoed in deze streken. De hoofdhof daarvan bevond zich in Emmen, het zogenaamde "Hof" of "Heerenhof". Het was de plaats waar de precario's, pachten enzovoort moesten worden opgebracht. Het "Hof" was tevens als bisschoppelijk verblijf ingericht. De oorkonde van v66r 1139 verhaalt ons reeds van dit goed (curtis Emne).

Op 7 augustus 1313 verklaren de gebroeders Henricus en Albertus, zonen van Gerardus, de "Hof te Emne" van de bisschop in erfpacht te hebben genomen. Zij verplichten zich evenwel de bisschop van Utrecht met een metgezel en twee paarden viermaal per jaar onderdak te zullen geven. Met zekerheid is niet te zeggen waar deze "Hof" gelegen heeft, maar aangenomen wordt, dat het was tussen de huidige Hoofdstraat en de spoorlijn ter hoogte van waar nu de villa's staan van de heer Zegering Hadders en mevrouw Hospers, de zogenaamde Willinge's Kampen.

Rustige en woelige tijden wisselden elkaar af. Ook de

gewone man had toen al zijn geschillen met anderen. Pastoor Bartoldus van Emmen doet met nog vier collega's in 1327 uitspraak in een geschil tussen ingezetenen van Weerdinge en het klooster te Schildwolde. Karel van Gelre kreeg in 1522 de heerschappij over Drenthe, maar moest die in 1536 weer afstaan aan keizer Karel V; een stadhouder werd aangesteld. 1593 was het jaar dat graaf Willem Lodewijk van Nassau vanuit Emmen zijn vermaarde tocht over het veen maakte naar Roswinkel om daarna het fort Bourtange te verschansen. De tachtigjarige oorlog ging niet aan Emmen voorbij. Regelmatig vonden strooptochten en p1underingen plaats door rondtrekkende troepen so1daten, onder andere in 1665 door een troep Munstersen. Op de avond van 29 december 1672 kreeg Emmen bezoek van een legertje soldaten onder bevel van kolonel Eibergen. Zij waren op doortocht naar Coevorden.

Emmen heeft weinig rust gekend, omdat het juist op een zuidelijke uitloper van de Hondsrug ligt en de grote heirweg van Coevorden naar Groningen hier langs voerde. Emmen werd bestuurd door een schulte. Velen van hen bewoonden het oude Schultehuis, dat helaas in 1936 is afgebroken. De laatste bewoners waren de dames Willinge; Pothoff was de laatste schulte van Emmen.

In 1795 telde Emmen niet meer dan honderdvijfendertig mannelijke en honderdvierenveertig vrouwelijke inwoners. Er zullen ongeveer een vijftig huizen

hebben gestaan. Het dorp zelf was geheel agrarisch georienteerd, vrijwel voor twee-derde omsloten door venen. In de jaren na 1850 begon men met de ontginning van de uitgestrekte veengebieden. Na 1900 kon er van een merkbare ontwikkeling worden gesproken door de toenemende vervening. Emmen scheen een grote kans te krijgen zich snel te ontwikkelen, maar de economische wereldcrisis stak hier een stokje voor. Toch kwam die ontwikkeling, zij het dan na de tweede wereldoorlog.

Emmen trok industrieen aan: grote, maar ook kleinereo Aan de zuidzijde van het dorp ontstond een gebied waar vele industrieen geconcentreerd zijn. De bevolking groeide snel. Er moesten huizen gebouwd worden. Veel van het oude werd afgebroken, bouwterreinen werden onts1oten en landbouwgronden moesten worden opgeofferd. De alom geroemde "Emmer Dennen" is reeds geheel door de bebouwing omslot en. De eerste aanleg van dit fraaie bos werd reeds verricht door de markegenoten van Emmen en.Westenesch'[ ter beteugeling van de zandverstuivingen. In 1907 werd de n.v. Emmer Dennen opgericht, die het inmiddels uitgebreide bos in 1918 overdroeg aan het staatsbosbeheer. Deze hebben de Emmer Dennen in niet geringe mate vergroot. Het is nu een prachtig wandelbos tussen Emmens nieuwbouwwijken.

En zo is Emmen uitgegroeid van een dorp naar een wonderlijk conglomeraat van nieuwbouwwijken am een au de kern.

Panorama Emmen

1. Aan de hand van een aantal oude ansichtkaarten gaan we met u een toehtje door het Emmen van weleer maken. We beginnen op het oude brinkje, hier vanuit de lucht gezien. Nog geen hoge flats; reehts zien we het oude Schultehuis, waarvan de dames Willinge de laatste bewoners waren. Ret lange huis links is het destijds bekende cafe Boesjes, Ret stukje huis helemaal links onder is dat van de boerderij van Hadders Haasken. De foto werd genomen vanaf de toren van de oude kerk.

cmmen

Marktplein

Uhe.av~ van W. ten Kate, Emmen.

2. Als we terug zijn op de begane grand en am ons heen zien, hebben we aan de linkerkant de boerderij van Hinderikus Hadders Haasken, gebouwd in 1864 en thans ingericht als oudheidkamer. In het kamertje, waarvan nag juist het raam zichtbaar is, zetelde de eerste gemeenteontvanger van Emmen. Omstreeks de eeuwwisseling verrees het moderne hotel-cafe van de heer Groothuis naast de boerderij van Egbert Kroeze. Fraaie, oude linden overschaduwden eens deze brink. In 1893 werd de laatste linde hier gekapt am plaats te maken voor de nieuwe aanplant van kastanjebomen. Ook deze zijn aan het verkeer opgeofferd.

3. Enige jaren later ademt alles nog rust. De kastanjebomen zijn gegroeid en geven al schaduw in het vroege voorjaar. Boer Kroeze heeft een vracht mest klaar staan om naar de es te brengen, maar drinkt eerst nog een kop koffie bij zijn vrouw.

4. lets verder naar achteren hebben we de "Witt'ndiek". Ret watergat was ontstaan door het afvloeiende water van de hoger gelegen es. 's Winters was het een plek van vermaak voar de schaatsende dorpsjeugd. Rond deze plek werd ook de markt gehouden. Eens verkoos een big de vrijheid. Ret dier ontglipte steeds weer aan de grijpende hand en en wist de waterkant te bereiken. Na veel spartelen kwam het diertje terecht op het eilandje en was voor de omstanders onbereikbaar, althans wanneer zij droog wilden blijven. In de jaren 1917/18, onder het bestuur van burgemeester Kootstra, werd deze vijver gedempt. Thans is het een betegeld parkeerterrein.

5. Nogrnaals de "Witt'ndiek", nu van de andere kant gezien. Tussen de bornen door zien we de oude pastorie van de hervorrnde kerk. De turfschuur, links, staat achter het oude gerneentehuis en werd afgebroken in het jaar 1930 toen de afdeling "bevolking" uitgebreid werd.

6. Ret fraaie, oude huis van de predikant gaan we eens een beetje dichterbij bezien. Ret gebouw kreeg daar een plaats in 1821. In 1924 werd het vervangen door de nieuwe Weerne. Ook deze woning is alweer verleden tijd. Zij rnoest plaats rna ken voor het nieuwe gerneentehuis. In de oude pastorie hebben onder anderen gewoond dorninee Goossen van 1867 tot 1869, dr. Roessingh van 1869 tot 1892, dorninee Rienstra van 1892 tot 1908 en dorninee De Groot van 1910 tot 1928.

7. Terug over de markt. Al sinc1s mensenheugenis komt iedere vrijdag de bevolking uit verre omgeving hier ter markt, de een om te verkopen, de ander om te kopen. Ret vervoer ging natuurIijk per .Jinne-wagen". Ook de biggen werden hierin vervoerd. Twee keer per jaar was er de "groot Emmer Mark". De gewone markt werd dan uitgebreid met een paardenmarkt en natuurlijk waren er de kermis en andere vermakelijkheden. Een hele drukte in het anders zo rustige Emmen!

8. Voor hotel-cafe Groothuis langs zien we cafe Boesjes met, nog juist daarboven zichtbaar, het pand van de heer Koster. Zoals reeds gezegd, werden in 1893 de oude linden op het marktplein vervangen door kastanjebomen. Dit marktplein was markegrond. De farnilie Willinge bezat hiervan het zogenaamde "pootrecht". Links, op de kaart niet zichtbaar, bouwde de heer Groothuis in 1932 een concertzaal.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek