Ferwerderadeel in oude ansichten deel 1

Ferwerderadeel in oude ansichten deel 1

Auteur
:   D. Yska
Gemeente
:   Ferwerderadeel
Provincie
:   Fryslân / Friesland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3662-4
Pagina's
:   88
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Ferwerderadeel in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

VOORWOORD

Graag wil ik allen dankzeggen die aan de totstandkoming van dit boekwerkje hebben meegewerkt.

Toen de Europese Bibliotheek te Zaltbommel begin 1977 het gemeentebestuur attendeerde op de mogelijkheid tot samenstelling van dit prentenboek, was de tijd rijp om zoiets te doen. Immers, aan de dorpen in onze gemeente is veel gesleuteld. Ve1e oude panden zijn afgebroken, nieuwbouwwijken zijn verrezen. Toch kunnen velen zich nog herinneren hoe het vroeger was. Hier de haven, daar een modderreedtsje en verderop weer iets anders. De moderne tijden hebben het beeld van de dorpen ingrijpend doen veranderen. Het is daarom een hele belevenis weer eens plaatjes te zien die een beeld geven van onze dorpen in het begin van deze eeuw.

Het gemeentebestuur is zeer veel dank verschuldigd aan de heer D. Yska te Hallum, leraar aan de scholen-

gemeenschap te Ferwerd, die dit boeksken heeft samengesteld. Uit reeds van zijn hand verschenen publikaties blijkt, dat hij bekend is met de geschiedenis van Ferwerderadeel. Toen hem werd gevraagd de samenstelling op zich te nemen, zegde hij mij toe dat hij een poging zou wagen. Nu het resultaat er is, meen ik te mogen zeggen dat de heer Yska hierin meer dan geslaagd is. Als je het boekje hebt doorgenomen, wordt je er even stil van, zo goed geeft het een indruk van Ferwerderadeel in die jaren.

Ik spreek de wens uit dat dit boekje het historische besef van velen za1 versterken, opdat de herinnering aan onze ouders en voorouders, die zoveel voor ons hebben betekend, moge blijven bestaan.

Voorjaar 1978

drs. T.J. Bouwers burgemeester

IN LEIDING

"Ferwerderadeel, ja, waar ligt dat eigenlijk? " Een begrijpelijke vraag uit de mond van velen die wonen in het westen en zuiden van ons land. Een chauvinistisch geinfecteerde inwoner van deze gemeente zal dan zeggen: "Mijnheer, Ferwerderadeel wordt de groene woonoase nabij de graotste stad van Friesland genoemd." Dit antwoord moet eigenlijk duidelijk genoeg zijn, maar voor alle zekerheid: Ferwerderadee1 ligt ten noordoosten van de stad Leeuwarden en is een typische plattelandsgemeente, grenzend aan de Waddenzee. Zij bestaat uit de dorpen Ferwerd, Blija, Hogebeintum, Marrum, Hallum, Genum, Reitsum, Lichtaard, Jislum, Wanswerd, Birdaard en Oude Leije. Staande op de zeedijk kan men deze dorpjes zien liggen, random hun stoere kerktorens die getuigen van een grate ouderdom en schoonheid.

Aan de andere kant van de zeedijk zien we het nieuw gewonnen land dat met veel moeite op de zee is veraverd en daarachter de Waddenzee, die bij mooi weer als een glinsterende streep aan de horizon ligt. Bij slecht weer kan zij veranderen in een monster dat al het nieuwe land overspoelt en tot de kruin van de zeedijk kan stijgen.

Aan de overkant van de Waddenzee ligt dan nog het eiland Ameland, dat nu een zelfstandige gemeente is maar in het verleden heeft geressorteerd onder de gemeente (grietenij) Ferwerderadeel.

De naam "Ferwerderadeel" is ontleend aan de plaats

Ferwerd, die nu nog de hoofdp1aats is. Dat deze gemeente zeer oud is, bewijzen wel de terpen die nog vee1vu1dig voorkomen. Bijna alle dorpen van de gemeente Ferwerderadeel zijn terpdorpen, die toch moe ten zijn ontstaan v66r of omstreeks het jaar duizend.

Ferwerderadeel moet een van de zes grietenijen van Oostergo zijn geweest die samen een rechtsgebied uitmaakten. Deze rechtspraak werd gevoerd te Wininghe (Wijns), een dorpje slechts enkele kilometers verwijderd van Birdaard. De eerste grietman van Ferwerderadeel wordt genoemd in oorkonden van 1418.

Het wapen der gemeente, bestaande uit een veld van azuur, beladen met zeven sterren van goud, werd door de grietenij reeds gevoerd in 1393. Deze gemeente kan dan ook ongetwijfeld worden gerangschikt onder de oudste plattelandsgemeenten van Friesland.

In dit boekje vindt u een korte beschrijving van de dorpen en hun verleden, vervolgens een aantal foto's dat is gemaakt omstreeks 1900. De grate moeilijkheid bij de samenstelling van dit boekje was de keuze die moest worden gemaakt uit de ve1e ansichten die nog bewaard zijn gebleven. Onze gemeente telt vele dorpen en ieder dorp moest aan de orde komen, hetgeen de keuze nog moeilijker maakte. Toch hoop ik dat ve1en bij het lezen en doorb1aderen van dit boekje menig prettig uur mogen beleven.

FERWERD

Dit is de hoofdpIaats van de gemeente Ferwerderadeel. De naam Ferwerd wordt weI verschillend uitgeIegd. De meest voor de hand liggende verkIaring is,dat Ferwerd afgeleid wordt van het woord feer of ferah. Dat kan dan de aanduiding zijn van een oude begraafplaats.

Begrijpelijk dat een plaats als Ferwerd een rijke historie heeft. Centraal in het dorp staat ook nu nog de kerk, die moet zijn gebouwd in de vijftiende eeuw en vergroot in de zestiende eeuw. Volgens overlevering moeten de stenen die hierbij werden gebruikt, afkomstig zijn van Oosterbeintum, een dorp dat door de pest werd uitgeroeid. Tevens is een der klokken afkomstig uit dit dorp.

Na de restauratie van het dak van de toren heeft men de zo karakteristieke hoek- en toppinakels weggeIaten. De praktische reden, dat hierdoor het inwateren kon worden voorkomen, heeft de levendigheid van de stijl geweld aangedaan. Het betreden van het terrein der kerk is kortgeIeden enorm verbeterd door het verfraaien van de Vrijhof met zijn oude huisjes en prebendehuis (voormalige grietenijhuis).

Natuurlijk heeft ook Ferwerd zijn states gekend. De bekendste zijn Herjuwsma-state en Carnmingha-state geweest. Een van de bewoners van Herjuwsrna-state moet Gemme van Burmania geweest zijn, bekend geworden onder de naam "de Stanfries". De legendarische woorden: "Wij Friezen knibbelje allinne foar God" moet hij hebben gesproken bij het afleggen van de eed van trouw aan Filips II.

Daarnaast was Ferwerd in het bezit van het klooster Foswert, dat vanaf het eiland Ameland naar de vaste waI was verplaatst, maar dat verloren is gegaan bij de omwenteling van 1580 to en de "nije leere" de plaats ging innemen van de rooms-katholieke eredienst.

Hoewel veel van het oude verloren is gegaan, is het toch zeker de moeite waard om dit oude dorp met een bezoek te vereren.

1. Het arnbtelijk centrum van de gemeente zag er in het verieden weI iets anders uit dan nu. Toch is nog wel duidelijk het gemeentehuis met zijn trappen te herkennen. Er is wel het een en ander veranderd bij verbouwingen, maar het zijn toch hoofdzakelijk de bomen die een bepaa1de sfeer geven aan dit gebouw, dat dateert van 1841.

Naast het gemeentehuis zien we de oude StaatsschooL Duidelijk is op deze foto nog de ingang van de school te zien, die we aan de voorkant vinden. Later is dit gedeeite afgebroken en is de ingang verplaatst naar de achterkant.

2s69.~.

~ .

. ,

2. De "Poarte" te Ferwerd omstreeks 1912. Links op de foto staat mevrouw G. de Walle Nicolay, reehts mejuffrouw T. Jensma. Dit poortje is karakteristiek voor Ferwerd en voora1 na de laatste restauratie is het poortje weer een juweeltje geworden. Reehts van het poortje staan de weer in oude stijl teruggebraehte huisjes waarin voorheen de geestelijken woonden. Links van het poortje staat het oude prebendehuis, waar in het verre verleden de huurders van het kerkelijke land de huur moesten betalen.

FERW E RD.

VOORSTRAAT.

3. De Voorstraat zoals die er uitzag omstreeks 1917. Deze foto is genom en voor de woning van timmerman Hiemstra. We zien onder anderen, van links naar rechts: Anna van Dirk Burmania, Rients Agema, Jelly v.d. Wal (achter), Jaap v.d. Wal (met pet), Klaas v.d. Wal (kind), Anne Papma, Trijntje Boonstra (witte muts), Sietske Pap rna, Foekje Westerbaan (witte jurk) en achter haar (nog net te zien) staat Ymkje Bosma (van bakker Bosma), die er altijd erg op lette of er ook modderschippers aankwamen. Ze liep hen dan tegemoet tot bij de "koubrege" om brood te verkopen. Als dan later de andere bakkers kwamen, was de schippersfamilie reeds van brood voorzien. Je moest er wat voor over hebben om de andere acht concurrenten voor te zijn.

4. Foto van Achter Brouwers, met het gezicht op de Nijbuorren. Links woonde voorheen kapper J. v.d. Meer, die volgens de jeugd meer haar uit je hoofd trok dan dat hij afknipte. Voor de woning zien we vrouw Vlaskamp met naast haar vrouw Hansma met kind. Achter hen het poortje dat toe gang gaf tot de woning van slager Nauta. Het huis dat daarnaast stond, werd het armenhuis genoemd. Niet omdat daarin arme ouden van dagen werden ondergebracht, maar omdat de armen van Ferwerd op geregelde tijden daar iets konden krijgen, zoals boter, een stuk spek, een paar klompen en meer van dergelijke zaken.



I

t

5. Op de voorgaande foto konden we iets zien van het oude dat bewaard is gebleven. Op bovenstaande foto zien we dat er ook veel verloren is gegaan. We zien hier de laadplaats van de Burmaniaterp, zoals die er uitzag in 1908. Vele schippers kwamen met hun "skutsjes" om de vruchtbare modder, die per kipkarretje werd aangevoerd, te vervoeren naar de plaatsen waar de grond niet zo vruchtbaar was. Deze Burmaniaterp was drieenveertig pondemaat groot en de gemiddelde hoogte was drie-en-een-half tot vier meter. Op sommige plaatsen was hij zelfs acht meter hoog. Hieruit blijkt wel dat dat een enorme hoeveelheid modder was en dan te bedenken dat die modder met de schop moest worden verwerkt.

6. Het oude station zoaIs dat er uitzag in het begin van deze eeuw. Wat een feest toen de opening van de spoorlijn plaatsvond! Het muziekkorps van Ferwerd moest ook mee, ter verhoging van de feestvreugde. In hoeverre dit is geIukt, is niet bekend, weI weten we dat op de terugweg niemand meer een fatsoenlijke mars kon blazen, aUeen de grate tram kon men boven aUes uit horen.

Wat een belevenis voor de Ferwerders om een reisje naar de stad te maken. Ook ais kind kon je je daar wekeniang op verheugen. AUeen moest je voor die conducteur oppassen, want die wilde altijd een gaatje in je oar knippen.

7. Het bewerken van vlas gaf aan vele handen werk. In de jaren voor de Tweede Wereldoorlog werd het vrij veel verbouwd in deze omgeving. Als het vlas zover was dat het van het land kon, kwamen de arb eiders om het te trekken en dan werd het in schoven op het land gezet. Daarna kwam het "rupeIjen", wat we op bijgaande foto zien. Vervolgens moest men het laten roten, hetgeen ongeveer acht dagen kostte. Dit was afhankelijk van het weer. Hoe warmer het was, des te sneller ging het roten. Daarna werd het vlas gedroogd en opnieuw bewerkt. Dan kwam het in bundels, die keurig werden verzorgd en die een gewicht moesten hebben van zes pond en twee ons. In de jaren dertig mocht een arbeider twaalf bundels per week verwerken plus een bundel per kind. Voor iedere bundel kreeg hij dan een gulden.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek