Geleen in oude ansichten deel 3

Geleen in oude ansichten deel 3

Auteur
:   prof. dr. M.J.H.A. Schrijnemakers
Gemeente
:   Geleen
Provincie
:   Limburg
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-1506-3
Pagina's
:   112
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Geleen in oude ansichten deel 3'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  >  |  >>

Dorpsiraat, eutterade.

19. De Lutterader Dorpstraat vanaf het spoor naar het westen circa 1906. Rechts staat Maria Keulen (1899-1910) voor haar ouderlijk huis. Sjang Feron van Krawinkel staat bij zijn paard, dat een eg op een sleep trekt. Daarachter ziet men de ronde kar van de mulder. Bij het wegkruis aan "de Linde" (rechts) komt de Geenstraat in de Dorpstraat uit. Geheel links staat Maria (van Ida) op den Acker, echtgenote van Win and Kosters, voor de winkel van Antrinke Baggen, d.w.z. de weduwe Anna Catharina Baggen-Meeuwissen (1835-1917). Aan deze zijde van de tweede poort is het cafe en daarachter (op het erf) de schoenmakerij van haar zonen Michiel (Gee!) en Sjang Baggen. Dan volgen het lage bakstenen huis van Giclen, de smederij van Geurts, het lage witte huis van Spelthaan en het hoge huis van de smid Lei Smeijsters. Aan de gevel van dit laatste gebouw hangt de metalen krularm van een petroleum-straatlantaarn. Het voorste stuk van deze straat werd bij de aanleg van de tunnel (1929-1931) en van het station (1931-1932) bij het spoorwegemplacement getrokken.

20. Deze foto werd in 1912 iets verder aehteruit, d. w.z. diehter bij het spoor, dan de vorige genom en. In het eerste huis links woonde Graad Remers. Dan voIgt de gemoderniseerde winkel van het eehtpaar (Siang) Baggen-Vogelers; die zaak zou in 1919 door het eehtpaar Van Aubel-Coenen worden overgenomen. Op de plaats van de vroegere smederij Geurts staat een nieuw huis, waarin het eehtpaar M. Baggen-Dohmen een winkel lOU vestigen. De drie spoorlui zijn: Martin Ronden (links), Jeup Ramaekers en Pie Ronden (reehts). Geheel rechts op de voorgrond staat Sjeng Ronekaerts voor zijn huis, terwijl zijn doehters uit het bovenraam hangen. De kinderen op de voorgrond zijn, van links naar rechts: Anna Eummelen, Mien Ramaekers, haar broer Paul (met hoed) en Fien en Marie Smeijsters, doehters van de smid. Aehter hen staat mevrouw Anna Ram aekers-Borm ans, eehtgenote van Jeup Ramaekers en moeder van Mien, Paul en Bertha Rarnaekers; laatstgenoemde staat naast haar moeder.

21. Het oostelijke einde van de Lutterader Dorpstraat ten westen van het spoor, gezien in de richting Groenstraat, rond 1920. Links liggen de woningen van Lena (= Helena) Sassen (1866-1941) en rechts van de poort, achter vier in een speciale vorm gesnoeide lindebomen - de winkel van het echtpaar Math. Keulen (1854-1911) en J.S. Sassen (1856-1943). Deze laatsten werden de ouders van de priesters Jan Keulen S.J. (1892-1969) en Joseph Keulen (1896-1973). Rond 1930 moesten deze huizen wijken voor de aanleg van de tunnel en de uitbreiding van het spoorwegemplacement bij het tweede station. V66r de haag staat notaris F.M.H. Haan (1868-1954) van Urmond bij zijn auto. Achter het geboomte rechts komt heel even het huis van Sjeng Ronckaerts uit. Verderop is de overweg met de beide afsluitbomen te zien. Daarachter ziet men de huizen aan weerszijden van de Groenstraat.

22. Inkijk in het zuid-westelijke einde van de Geenstraat, vanaf "de Linde" (Dorpstraat) in noordelijke richting, omstreeks 1918. Hier kwam de Geenstraat achter het station om in de Dorpstraat (later Tunnelstraat) uit. Thans begint hier de Borrekuilstraat bij de Houtmanstraat. Rechts ligt de woning van de familie J. Geurts-Sassen. In de poortopening zit oma Hubertina Geurts-Vernaus (1846-1920). Vlak bij haar staan haar kleinkinderen, de zusjes Virginie (1902-1962) en Tineke Geurts (1905-1974), en de buurjongen Chris Eummelen. Verderop staan de jongelui Zef Hennekens, Sjeng Smeijsters en Hub. Vleugels. Het paard, waarop twee kinderen zitten, staat voor het huis van de gebroeders Gerard en Lambert Geurts (links). Helemaal achteraan ligt de boerderij Catsberg. Daar draaide de Geenstraat naar reehts (oost) in de riehting van het "Drossaardhuis". Links van die hoeve begon toen de Borrekuilsweg.

23. De schuur van Zefus (= Joseph) Sassen (1821-1899) aan "de Linde", die in 1862-1863 als noodkerk had gefungeerd, bij gelegenheid van het gouden parochiejubileum in juni 1912. Uit het raam hangt de bel, waarmee in 1862-1863 werd "ge1uid"; deze is bewaard gebleven. Op het schild, onder het kruis van palmen, staat: ,,1n dees nederige wone heeft de Heer ons zelf verbeid, Waarom zij voor geen paleizen onderdoet in waardigheid." Op een kleiner schild stond:

"Dit is des Heeren Huis." De eigenlijke feestdag was 25 juni 1912; daarover schreef men toen: "Dit is een dag door God gernaakt, dit is een dag des Heeren. Nu allen arbeid blij gestaakt, en feest gevierd met eere."ยท Langs de straatkant van de schuur staan, van links naar rechts: 1. Petronella Sassen (geb. 1891); 2. Helena Sassen (1866-1941); 3. Anna Josepha Sassen-Caldenberg (1833-1917); 4. Sybilla Sasson (geb, 1896); 5. Pie Sassen (1899-1967); 6. Maria Sassen (geb. 1898); 7. Liebeke (= Elisabeth) Sassen-Sassen (1855-1937) en 8. Helena Hendriks. No.3 was de weduwe van bovengenoemde Zefus Sassen, de moeder van no. 2, de schoonmoeder van no. 7, en de grootmoeder van de nos. 1, 4, 5, 6 en 8. De opening rechts gaf toegang tot een gemetselde put met een diepte van 21 m. Op de plaats , van de schuurkerk werd het "Graalhuis" gebouwd; dit is thans de huishoudvakschool op de hoek Hou tmans traa t - B orrekuilstraa t.

Dorpstraat Lutterade

24. De oostelijke helft van de Lutterader Dorpstraat van west naar oost, d.w.z. in de riehting van het spoor, om en nabij 1915. Het eerste gebouw links (noordzijde) lag halfweg tussen de Putstraat en het spoor. In het huis met de petroleumlantaarn en een leiboom tegen de gevel woonde W. Henssen. Dan volgen de woningen van J. Kubben, H. Pro osten en P. Alders (genoemd "Makkesj Pierke") en de winkel van Beth Ramaekers-Crerners (1848-1934). Naast deze winkel stond een haag en dan volgde de witte sehuur van Sassen. Even verder is het silhouet van een boom te zien; dit was mogelijk "de Linde", waarnaar die buurt genoemd werd. Reehts (zuidzijde) ziet men de poort van de woning van de weduwe M.E. Schols-Sassen. Daarnaast (naar het spoor toe) lag de herberg van Graad Vleugels met een beugelbaan en een handboog-sehietbaan.

25. Ongeveer hetzelfde stuk van de Lutterader Dorpstraat als op de vorige ansicht omstreeks 1925. De meest opvallende veranderingen zijn de elektriciteitspalen en de elektrische straatverlichting. De petroleumlantaarn is verdwenen, maar de metalen krularm hangt nog aan het vierde huis links. In het eerste huis aan de linkerkant was de zogenaamde "foetsj", d.w.z. een centrifuge voor het scheiden van room en ondermelk. In het tweede huis links woonde Frits de la Rue. Achter de winkel van Beth RamaekersCrerners, waar een voertuig nadert, is een open plaats; daar had de schuur van Sassen gelegen. De laatste huizen links zijn die van de familie Keulen-Sassen, De slagbomen bij de overweg zijn duidelijk te zien, evenals het huis Baggen-Swilden verderop in de Groenstraat. De twee jongens staan voor het huis van de weduwe Schols-Sassen,

26. Deze foto van de Lutterader Dorpstraat in oostelijke richting werd ongeveer 1925 iets verder terug, d.w.z. verder naar het westen, dan de vorige genom en. Kesperke (= Caspar) Mickina (1866-1939), met een zeis en een hooireek over zijn schouder, poseert met twee koeien voor zijn woning (rechts). In een gevelsteen van dit huis stonden de initialen van Laurens Mickina en Elisabeth Corten, die in 1749 huwden. De bekende pater Elisaeus Q.e.D., nl. Jan Gerard Mickina, die later zijn achternaam tot de zuivere Ierse vorm McKenna veranderde (1863-1941), was een broer van Kesperke. Laatstgenoemde was medeoprichter en 26 jaren lang directeur van de Boerenleenbank Lutterade-Krawinkel. Hij bleef ongehuwd en deelde de voorvaderlijke woning met zijn zuster Sibilla en haar man Francois Sassen. In het volgende huis (rechts) woonde Sjang Glaesmakers. Dan volgde het huis van de weduwe ScholsSassen. De autobus van de firma Kreijen is een voorbode van de nieuwe tijd, die veel veranderingen zou brengen.

27. Ongeveer hetzelfde straatbeeld als op de vorige foto in 1927. Rechts, d.w.z. ten zuiden van deze straat, lag het nieuwe mijncomplex. In het najaar van 1927 begon men langs de zuidzijde (rechts) van de Lutterader Dorpstraat huizen af te breken, omdat men een tunnel onder het spoor door gepland had. flier is men bezig het vakwerkhuis van Sjang Glaesmakers te vernielen. Dit was weI enigszins voorbarig, want die tunnel zou pas in 1929-1931 worden aangelegd. Daarna zou het resterende deel van de oude Dorpstraat, die tot "Tunnelstraat' werd omgedoopt, verb reed worden. Van het op deze foto afgebeelde gedeelte van die straat zou geen enkel huis, schuur of stal blijven staan. Daarmee werd het oude Lutterade van zijn historische centrum beroofd.

28. Het westelijke einde van de Lutterader Dorpstraat (Tunnelstraat) van oost naar west gezien omstreeks 1930. In het eerste huis rechts hield Truuke Cantelberg (1862-1938) winkel. Toen deze weduwe in 1905 hertrouwde, maakte de jeugd traditiegetrouw "ketelmuziek". Aan het einde ziet men bomen rond een wegkruis. De vroegere Dorpstraat Iiep niet verder dan de huizen op de achtergrond (Ringovenstraat), die op een middeleeuwse landweer werden gebouwd. De huizen aan de rechterkant (noordzijde) van deze straat werden in de jaren dertig afgebroken om het verkeer rechtstreeks naar de Burgemeester Lemmensstraat te leiden. Het eerste huis links staat er nog en is thans Tunnelstraat no. 22; het ligt tegenover het gebouw van " Limagas". Daar woonde eertijds het echtpaar M. NijstenPaas en daarna hun zoon Pier Nijsten.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek