Groesbeek in oude ansichten deel 1

Groesbeek in oude ansichten deel 1

Auteur
:   G.G. Driessen
Gemeente
:   Groesbeek
Provincie
:   Gelderland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-5812-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Groesbeek in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLElDTNG

Groesbeek is sinds het begin van deze eeuw onherkenbaar veranderd, doordat er veel gebouwen gesloopt of in de oorlog verwoest zijn. Op oude ansichtkaarten is echter nog vee! bewaard gehleven. Het in dit boek gebruikte materiaal is in hoofdzaak afkomstig uit de verzameling van de heren J. van Bernebeek jr. en G. G. Driessen jr. Verder zijn er nog enkele foto's welwillend afgestaan door oudere d orpsgenoten, en hebben vele gesprekken tot de tekst bijgedragen. Voorts hebben wii kunnen putten uit de publikaties van pastoor H. Hoek en de heer C. Luijben. Ook zijn enkele uren doorgebracht in het archief van de gemeente Groesheek en van het kadaster in Nijmegen. Wij danken aile personen en instanties die medegewerkt hebben deze uitgave vorm te geYen. Vandekerkdorpen Bredeweg en de Horst warenjammer genoeg geen oude ansichtkaarten voorhanden. Mogelijk kan in de toekomst een aanvullende uitgave gemaakt worden met oude foro's uit deze buurtschappen. Van de Stekkenberg zijn vroeger veel ansichtkaarten uitgebracht vanwege zijn schilderachtige ligging.

Het was ook hier, als elders in het land bij kleine besloten gemeenschappen, gebruike!ijk om de roepnaam te verlengen met de naam van de vader en (of) moeder en zelfs met de namen van de grootouders.

Bovendien kregen veel mensen een bijnaam, die zii o.a. te danken had den aan persoonlij ke eigenschappen of aan het beroep dat zij uitoefenden. Daar deze mensen door iedereen zo gekend en genoemd wer den, zijn de samenstellers van de tekst zo vrij geweest deze namen soms in de beschrijving te verwerken. En weI om de duidelijkheid te bevorderen en tevens om de plaatselijke volkscultuur zo levendig mogelijk te beschrijven.

De tekst is noodzakelijkerwijs beknopt gehouden, niettegenstaande hopen wij, dat deze de lezers een beeld zal geven van de "goede oude tijd" in Groesbeek; met zijn tradities, volkscultuur, gemeenschapszin en vooral de gemoedelijke leefwijze.

De gegevens, feiten en jaartallen zij n verzameld en verwerkt door de heer G. G. Driessen met medewerking van de heer B. Thissen. Voorde redactie heeft mej. F. Klijnstra zorg gedragen.

Geschiedenis

In deze inleiding z ullen wij oris beperken tot die feiten, die van werkelijk helang zijn geweest voor de o ntwikkeling van Groesheek.

Reeds in de tiende eeuw beheerde een geslacht van waldgraven des keizers, dat later hct geslacht van Groesbeek zou vormen, het zgn. Reichswald, een woud ten oosten van de gemeente Groesbeek. Wanneer dan keizer Hendrik III op de landdag te Nijmegen Groesheek schenkt aan een van de leden van dit geslacht op 26 mei 1040, zet zich eigenlijk de geschiedenis van deze gemeenschap in. De eerste heer van Groesbeek die wij tegenkomen is J 0han van Groesbeeck, wiens naam men gevonden heeft in brieven, geschreven tussen 1258 en 1268. Een vooornamer heer was echter de.J ohan van Groesbeeck die in J 329 op de hoeve te Groesbeeck beedigde hescheiden ontving en die tevens heer van Heumen en richter in Duffelt was.

Opgemerkt dient te worden, dat de ridders van Groesbeek zich slechts .Jreer" konden noemen op grond van het feit dat zij heer van Heumen waren. Pas in 1527, wanneer zij ook het hoge gericht van de hertog hebben ontvangen, komt hen deze titel toe met hetrekki ng tot Groes beek.

Ongcveer ter zelfder tijd (ongeveer tweede helft dertiende eeuw) wordt Groesbeek voor het eerst als kerspel (parochie) genoemd. Kerkpatroons van de kapel waren de H.H. Cosmas en Darnianus, zoalsook nu nog het geval is met de huidige hoofdkerk.

Steeds waren tot nu toe de beleggingen geschied door keizer Hendrik III en ook door keizer Carel IV vanaf 1359, maar dit verandert. Hertog Reinald van Gelre beleent in J402 Zeger van

Groesbeeck; evenzo wordtJ ohan van Groesbeeck in 1424 door de Gelderse hertog beleend. De laatste nam het dagelijks gericht over het dorp en het kerspel op zich, terwijl de hertog zelf het hoge gericht behield als plaatsvervanger van de keizer. Buiten de normaal voortgang vindende beleningen (1465 en 1487) kent deze vijftiende eeuw weinig vermeldenswaardigs, beha1ve het feit da teen Groesbekenaar burggraaf van N ijmegen is geweest, namelijk Johan van Groesbeeck, van 1444 tot 1465. In] 527 ontvangt Johan van Groesbeeck van de hertog ook het hoge rechtsgebied van Groesbeck. dat echter op elk moment inlosbaar blijft door deze, voor achthonderd gouden RijnJandse guldens. Deze Johan verdeelt zijn gebied: zijn tweede z oon Zeger krijgt Groesbeek in 1549; zij n oudste telgJohan de dorpen Heumen en Malden; zijn derde zoon Gerard was reeds prins-bisschop van Luik. Na de dood van Zeger van Groesbeeck (burggraaf van Nijmegen van 1554 tot 1558) in 1572, voIgt zij n zoon Zeger hem op. Deze was evenals zijn voorvaderen nog steeds waldgraaf over het Reichswald. Deze waardigheid verliezen zij nu in 1679, als er drie waldschepenen worden benoemd, waardoor het Reichswald een van Groesbeek onafhankelijke heerliikheid wordt. In feite was dit reeds geschied in 1331, toen de graaf van Cleve dit woud aan de hertog van Gelre had verkocht, maar steeds hadden de heren van Groesbeek samen met hun forsters dit ambt namens de hertog uitgeoefend.

De kleinzoon van Zeger, Ernst van Groesbeeck, verkoopt zijn rechten in 1610aan zijn oom J ohan van Groesbeeck, die door de keizer in de grafelijke stand verheven zou worden. In 1639 verkrijgt J ohan Constant van Merode, kieinzoon van J ohan - deze had slechts een kind, een dochter - de belening van zijn greetvader, evenals later, in 1652, zijn broer Ferdinand Maxirniliaan van Mer ode. Johan Constant had zijn recht moeten delen met Jacob Junius, raad van de prins van Oranje en wei in dier voege: hii het civiele, Junius het crirninele recht. Ferdinand Maxi-

miliaan bezat in 1652 weer het volle pandschap. Diens beide oudste kinderen stierven kinderloos en dus kwam Groesbeek bij erfenis aan diens jongste dochter Wilhelmina van Merode (1696), die er niet zo op gesteld bleek te zijn, want wii zien hoe Herman Adriaan, vrijheer van Wachtendonk in 1699 de heerlijkheid G rnesbeek verkrijgt door koop. Zijn beide zonen J ohan Wilhelm en Herman Arnold zijn achtereenvolgens met Groesbeek beJeend. Hun erfgenaam Frans Karel verkoopt de heerlijkheid aan de Staten van Gelderland voorf 98.000,-- enf 16.600,-- tot lossing van het pandschap (1769). Niettemin besluit men in 1769 dat Groesbeek als een heerlijkheid op zich zelf zal blijven bestaan, maar dat de rekenkamer het hoge en lage rechtsgebied zal beheren. De ingrijpende staatkundige veranderingen die Nederland onderging in de jaren 1769 tot ongeveer 1850 hadden weinig invloed op de plaats van Groesbeck in het Iandsbestel, Steeds hoorde het onder het Rijk van Nijmegen, of dat nu "kwartier", "arrondissement", "hoofdschoutambt" of "distrikt" heette. N a 1850 spreken de hier navolgende ansichtkaarten boekdelen. Met dank aan de publikaties (of studies) van de heren dr. H. van Rooy en A bbenhuis.

Red. Theo Giesbers

[on op 7.35 - onder 3.57.

Huize .Groesbeek" te Groesbeek (gel<t)

1. Op de foto hierboven zien wij van het kasteel "Groesbeek" niet veel meer dan de plaats waar het gestaan heeft met een klein gedeelte der grachten. Het huis dat wij zien, werd tot in de oorlog bewoond door de rijksontvanger Van Dijk. De paarden en koeien op de weide voor het huis behoren toe aan de zusters van Mariendaal. Zij bezaten toentertijd ook de boerderij rechts op de foto. Het huis en hof is na de oorlog gekocht door de Groesbeekse Tehuizen, die er thans hun hoofdkantoor gevestigd hebben.

Xcorderrnolen - Groesoeek

2. De verdedigingstoren van het kasteel "Groesbeek" is in de loop der tijden omgebouwd tot molen. Deze was gelegen tegenover cafe "De Oude Molen" en had de naam Witte- of N oordermolen. Vermoedelijk is de molen gebouwd in opdracht van de eerste waJdgraaf om de boeren in de gelegenheid te stellen hun graan te malen. Bovendien was dit voor de graaf een belangrijke bron van inkomsten; de boeren waren nl. gedwongen daar h LIn graan te laten malen. Zo werd hij ook wel "Dwangmolen" genoemd. Op de foto uit 1900 ziet men de molen en de molenaarsfamilie P. Fleuren, die de moJen tot 1924 liet draaien.

vt'oesbeek, Eikenlaan.

3. De bezichtigingvan Groesbeek omstreeks 1900 tijdens een rondwandeling aan de hand van oude ansichtkaarten. Deze begint inde Hof1aan waar vroeger het kasteel heeft gestaan. Van het kasteel kwam men via een prachtige eikenlaan in het dorp. In het huis rechts, waarvan het hek nog te zien is, woonde de familie Sengers, later Kobus Celie, een schoen maker. en daarna J. Hock, een smid.

4. In deze mooie laan werden in de dertiger jaren de eikebomen gekapt en vervangen door populieren, die inmiddels ook al weer verdwenen zijn. Rechts ziet u de zeer oude boerderij van "Den Hofse Piet". Uit de naam kan men afleiden dat deze hofstede aan het hof van de waldgraaf heeft behoord. Deze historische boerderij werd in de oorlog ([944) verwoest en op haar akkers staan nu de huizen van de Hoflaan, de Jhr. Van Nispenstraat en de Molenweg. Op het einde van de laan zien we hotel "Gelria".

Groesbeek Hotel Gelria

5. We zijn nu op het Wilhelminaplein en zien aan de overzijde hotel "Gelria". Reeds in 1760 stond hier een gebouw. Einde 1800 was het in bezit van de familie Van Weeren, later is het gekoeht door Th. Braarn, die er begin I 900 een zaal aanbouwde. Tevens kon men er toen rijtuigen met paarden en koetsier huren. In 1936 kwam het in bezit van de familie Peerenboom. Het gebouw is door oorlogsgeweld in 1944 verwoest en een tiental jaren later weer opgebouwd. De weg riehting Stekkenberg (op de afbeelding reehtsaf) heette de Nijmeegseweg, nu Ottenhoffstraat. Naar het dorp lopende zien we reehts een huisje, toen de sehoenwinkel en drogisterij van de familie Coolen. In het huis daaraehter was de stationsrestauratie en sigarenwinkel van Van Haperen (nu familie Claassen).

6. Wij zijn aangekomen in de Dorpsstraat, die grotendeels beplant is met lindebomen, Rechts zien we nog een klein stuk van een pand, gebouwd voor 1760, eerst bewoond door de farnilie Cillessen en in 1881 verk oeht aan de familie Hock, die er' in 1886 een srnederij in vestigde, The Hoek is er later zijn fietsenmakerij in begonnen. Aan de linkerzijde van het huis woonde eerst Jan Weijers, zoon van de gernecntesecretaris "de Sik", die later tegenover de kerk zijn cafe met winkel bouwde. Daarop opende H. Kramer hier in 1912 de eerste plaatselijke scheersalon; scheren vijf cent, knippen tien cent. In 1919 verliet Kramer het pand en het werd in 1932 verhuurd aan de Iamilie Rikken, die er een groentewinkel in vestigde. Het huis werd gesloopt in 1965.

7. In 1930 Iezen wij: "Aan den overweg het postkantoor, dat nag van jongen datum is en dus gebouwd in den bekenden trant van aile postkantoren". Het kwam gereed in 1912. Reeds langvoor die tijd stand hier een huis (1760) dat later afgebroken is. Ornstreeks 1900 was hier een tuin met waterput. In 1943 werd het postkantoor verbouwd tot gemeentehuis. Vanaf 1966 zetelt hier burgemeester A. J. A. Baltussen. Voordien werd Groesbeek bestuurd door: jhr, R. M. J. van Gr otenhuis (1941), jhr. H. H. J. v.d. Poll (1934), jhr. O. J. M. van Nispen tot Pannerden (1910), R. M. Ottenhoff (1881), G. L. Dommer van Poldersveldt (1874), mr. F. 1. Vredenrijk-Engetenburg (1868), J. J. M. Kolfschoten (1861), J. H. B. Dericks (1858), A. E. baron van Goldstein (1854), baron Van Hugepoth tot Aerdt (1851) en daarvoar nag A. Zweers, die burgemeester en secretaris was.

.-:

~

.,

tLii: No. "323

!Y .

Postkantoor - Groesbeek.

8. Wi] staan op de overweg en kijken terug; links het postkantoor, daarachter het huis van de familie Hock; rechts de veranda van pension "Groesbeek". Op de achtergrond zien we de weide, behorende bij het kasteel ,.Groesbeek". Duidelijk ziet men nog de ronding van de gracht, die daar vroeger was. De gracht stond in verbinding met het beekje ,,'t Groeske", dat ontsprong achter de oude kerk en via "duikers" onder de Dorpsstraat door liep en verder langs de Hof1aan naar Kranenburg. Het beekje en de "duikers" waren de grote attracties van de schoolgaandcjeugd.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek