Haarlem in oude ansichten

Haarlem in oude ansichten

Auteur
:   C. Wiegel
Gemeente
:   Haarlem
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3718-8
Pagina's
:   176
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Haarlem in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  >  |  >>

IN LEIDING

8 [ebruari 1967

Het Frans Halsplein - waar half Haarlem dagelijks langs trekt verandert van aanzien. De markante reuzenboom. die vele jaren lang het aanzien van het plein bepaalde. wordt geveld.

Van nu af aan geeft elke prentbriefkaart met de fraaie iep een stukje historie weer.

24 [ebruari 1967

Boven een foto in het Haarlems Dagblad staat het opschrift: "Zuiderkapel in Haarlem vanmorgen gesloopt". En daaronder lezen wij, dat een belangrijke fase van de sanering aan de Raaks afgeslcten is. De afbeelding in de krant geeft nu reeds een stukje historie weer.

1 maart 1967

"Hallen gaan voor de bijl." Alweer een opschrift boven een foto in het Haarlems Dagblad. En het bijschrift leert ons, dat er ruimte komt aan de Koudenhom, waar de foeilelijke .Jiallen" van de voormalige groenten- en fruitmarkt onder slopershanden vallen. Vele jaren achtereen werd dit gedeelte van het Spaarne, v66r het monumentale Teylershofje, gekenmerkt door de vroege bedrijvigheid van het marktleven,

Zo'n plaatje uit de krant bepaalt ons bij wat inmiddels verdwenen is: een stukje historie.

21 maart 1967

Aan de Zijlvest is men bezig met het kappen van de tientallen jaren oude bomen. Na enkele dagen is de Zijlvest ontboomd. Aan de overkant op de Zijlsingel is de groenkant in een zandvlakte veranderd. Het verkeer eist ook hier offers, een nieuwe situatie ontstaat.

10 april 1967

Op het Kennemerplein worden de rijbanen gescheiden, Een foto in het Haarlems Dagblad geeft een beeld van de werkzaamheden.

Het Haarlemse stadsbeeld wisselt met de dag: Vaak zijn het ogenschijnlijk geringe veranderingen: de verbouwing aan een pui, de vernieuwing van een dak, de asfaltering van een straat, de verbreding van een weg, het vellen van een boom, het afbreken van een enkel pand,

Maar al die dagelijkse veranderingen bij elkaar geven sorns na een jaar - en zeker na jaren! - een totaal nieuw stadsbeeld. Zelfs zo nieuw, dat het vaak rnoeilijk is op oude foro's en prentbriefkaarten vast te stellen met welke straat of met welke pan den wij te maken hebben. Veranderingen in Haarlem? Het kost u geen moeite mij aan te vullert als ik een paar namen laat vallen van plaatsen in onze stad waar het stadsbeeld de laatste jaren ingrijpend veranderd is:

een vernieuwde Grote Markt met een verplaatste L. J. Coster,

een Parklaan, waar het sfeervolle park werd opgeofferd aan asfaltwegen,

een Kenaupark, waar een door velen bewonderde boom moest vallen ter wille van het verkeer,

een stationsplein dat in de komende jaren nog rneer vergroot zal worden (in april 1977 inmiddels voltooid),

een sloping op grote schaal aan de Raaks, waar het nu een groot parkeerveld is geworden in afwachting van gerneentelijke nieuwbouw.

Tientallen woningen en bedrijfspanden verdwenen hier. Ook het kleine Hofje van Gratie aan de Jacobstraat werd met de grond gelijk gemaakt (thans terrein parkeergarage).

En ten behoeve van een nieuwe stadsbibliotheek zullen nog enkele straatjes en steegjes op toekomstige

plattegronden van Haarlem niet meer aangegeven staan. Een nieuwe brug over de Leidsevaart bij de Brouwersvaart nadert zijn voltooiing, de Spaamdamseweg is een brede snelweg geworden, nu de ophaalbrug bij de oude Conradgebouwen is gesloopt, De Paul Krugerkade werd enkele jaren geleden gedempt. De smalle Vrouwehekbrug werd een brede verkeersbrug. De Prinsenbrug maakte het pontje bij Droste overbodig, Het oude viaduct bij de Friese Varkensmarkt gaat verdwijnen.

Waar eens het gezin van Ds. Boeyinga 'Ian de Wagenweg jarenlang woonde (no. 28) raast nu het verkeer. Kortom: er verandert vee 1, heel vee I in onze stad,

Niet iedereen beschikt over fete's van al die verdwenen plekjes of is zelfs in staat de zich dagelijks wijzigende situaties op een dia vast te leggen. En toch interesseren wij ons voor afbee1dingen die ons tonen "hae het eens geweest is". De prentbriefkaart kan ons behulpzaam zijn. Sedert het 1aatst van de 19de eeuw zijn er van Haarlem duizenden prentbriefkaarten verschenen, die ons vee11eren over vroegere situaties.

Een van de eerste Haar1emmers die het be1ang van een prentbriefkaartenverzameling in zag, was de heer W. P. J. Overmeer (20 jan. 1871-22 jan. 1949). In het jaarboek 1949 van de Vereniging "Haerlem" is een levensbeschrijving van hem opgenomen. Hierin wordt ons Overmeer geschetst als de grote reclasseerder, "de man, wiens leven voor velen een zegen is geweest". Op deze plaats komt het mij wenselijk voor Overmeer te herdenken als pionier-prentbriefkaartenverzamelaar van Haarlem. Zijn liefde vo or de Spaamestad blijkt uit zijn vele artikelen en publikaties.

Zijn verzameling van Haarlem en omliggende dorpen werd geschonken 'Ian de Vereniging "Haerlem". In album I staat voorin geschreven:

"De eerste verzameling verbrandde 26 december 1906, ongeveer 1500 stuks. Opnieuw begonnen met verzamelen in september 1912".

In de Stadseditie Oprechte Haarlemsche Courant van zaterdag 26 ju1i 1913 No. 174 schrijft de heer Overmeer met geestdrift over het verzamelen van kaarten. Hij stelt vast, dat er de laatste 25 jaren in Haarlem en omgeving veel veranderd is. Niet aIleen is Haarlem belangrijk uitgebreid door de aanbouw van volkrijke buitenbuurten en kwartieren, maar ook het interieur der oude stad is ingrijpend gewijzigd, Tal van oude huizen en gebouwen zijn gesloopt.

Ook de spreekwoordelijk bekend geworden hakwoede deed Haarlem en zijn onmiddellijke omgeving van uiterlijk aanzien veranderen, en nu juist niet altijd in het voordeel der stad. "Zijn de verschillende veranderingen te dezer stede gedurende de laatste jaren in beeld gebracht, m.a.w. zal het nages1acht zich een zuiver beeld kunnen vormen van onze stad in het laatst der 1ge en begin der 20e eeuw? " vraagt de heer Overmeer en stelt vast dat het moeilijk is afbeeldingen van vroeger te raadplegen. Van veel veranderingen in de 1aatste jaren zijn geen fotografieen aanwezig, weinig tekeningen gemaakt, maar wel zijn er. .. tijdschriften en gidsen. Bovendien geven enke1e boekwerken aardige kiekjes van Haarlem in onze dagen. Ons vroegere Zondagsblad is weI de rijkst voorziene bron. Maar ... er is een doorlopende uitgave, bestaande uit prentbriefkaarten die in de 1aatste 20 jaar over onze stad zijn verschenen, ald us Overmeer.

Zijn er veel? J a, duizenden. In 1913 was er alleen reeds een verzameling van 3000 stuks over de stad. De heer Overmeer staakt een verzuchting: "Helaas, men voelt weinig voor prentbriefkaarten en geeft zeals speelgoed aan de kinderen."

Maar de versmade kaarten krijgen later geldelijke waarde. Kaarten van 10 it 15 jaar her zijn aardig, omdat er al zovee1 veranderd is. Aan die oude opnamen werd grote zorg besteed.

De Haarlemse uitgever F. J. Frolich bezat een legger. Toen hij stopte met het uitgeven van kaarten stelde

hij de legger ter beschikking van de heer Overmeer. Prentbriefkaarten met stadsgezichten kennen we ±20 jaar, a1dus de schrijver. De oorsprong van de prentbriefkaart ligt in de Frans-Duitse oorlog van 1870 (16 juli) bij de boekhandelaar A. Schwartz uit Oldenburg. Hij zou een cliche van een artillerist (een kanonnier bij een kanon) op een briefkaart gedrukt hebben en naar zijn schoonouders in Maagdenburg hebben gezonden.

In 1875 lOU Schwartz vervolgens de prentbriefkaart a1s industrieartikel hebben ingevoerd. (Series van 20 stuks, voorzien van houtsneden.)

Enkele jaren later voegt de Neurenbergse graveur Franz Rorich stadsgezichten toe aan de in om1oop zijnde kaarten met bloempjes, duifjes enz., die in de handel werden gebracht door J. L. Locher te Zurich. De oudste Haar1emse kaarten komen van buiten de stad: vooral N. J. Boon uit Amsterdam wist voor aardige kiekjes te zorgen.

De voornaamste Haar1emse uitgevers waren tot 1913:

F. J. Frolich, W. H. van Leeuwen, Jos Nuss, Anton Bosse, D. L. Staal, P. Crama. Later ook: J. M. Stap, P. van Cittert Zonen, Gezusters Lindeman, G. C. van Ojen, H. Coebergh, H. Wernik, B. J. Wieringa, enz. Het Haar1emse bedrijf Emrik en Binger vervaardigde jaarlijks mi1joenen kaarten. De heren Frolich en Van Leeuwen zijn zeker a1s de belangrijkste uitgevers te beschouwen. Met Nuss komt een kentering; zijn kaarten von den weinig ingang. De schrijver bes1uit zijn artikel met de opwekking de prentbriefkaarten niet nodeloos te verscheuren.

Veel kaarten kwamen - de naam "Ansichten" zegt het reeds - uit Duits1and. Het zegt wel iets deze mededeling uit 1904 aan te treffen:

"Waarom uw Prentbriefkaarten en Albums met Stadsgezichten uit Duitsland betrekken, wanneer gij in uw eigen land nog beter en billijker terecht kunt?

E1ectr. Ansichtkaartenfabriek Gebr. van

Straaten te Middelburg."

Omstreeks de eeuwwisseling en daarna was de prentbriefkaart een gevraagd artikel. Bij aIle moge1ijke festiviteiten werden series kaarten vervaardigd en door middel van advertenties bij het publiek aangekondigd.

De optochten en feestelijkheden op Koninginnedag, de Frans Halsfeesten (juni 1900), de bezoeken van Z.K.H. prins Hendrik der Nederlanden (7 juni 1902), koningin Wilhelmina (26 mei 1910), de Julianafeesten (1909), het 25-jarig bestaan van de A.N.W.B. (1908), to en er een hele serie herinneringskaarten van de A.N.W.B.-jubileumfeesten verscheen (hij met strohoed, zij met lange rok, damesfiets en carbidlantaarn), de Reclametentoonstelling, die van 10 tot 18 april 1909 in het Brongebouw en zijn tuin gehouden werd en een compleet ingericht "Oudt Haer1em" bevatte, de grote Bloemententoonste1ling in Den Hout (1910), de Onafhankelijkheidsfeesten (1913), het Bloemencorso van 26 april 1919, het waren alle gebeurtenissen die op prentbriefkaarten werden vastge1egd.

In de Stadseditie Oprechte Haar1emsche Courant van 2 augustus 1913 adverteert:

"W. H. van Leeuwen - Magazijn "Wilhelmina", thans "Wilhelmina-bazar", Houtplein 6, 12 prentbriefkaarten van het nieuwe Frans-Hals-Museum in zeer fraaie, bruine uitvoering, Prijs per Serie f 0,30."

De heer Van Leeuwen kon terecht schermen met het nieuwe Frans Ha1s Museum, want in 1913 werden de schilderijen, oudheidkundige en kunstvoorwerpen, die tot dan toe in het Stedelijk Museum op het Raadhuis te bezichtigen waren naar het Klein Heiligland overgebracht. Het oude weeshuis, waar Jacobus van Looy ons van weet te vertellen, was tot museum bestemd geworden. Op 30 september 1913 verschenen deze annonces:

Ansichten

Hist. Ailegor. Optocht

zijn Woensdagmiddag verkrijgbaar bij:

Frolich's Boekhandel Zijlstraat 69.

De prijs van de kaarten was 5 cent per stuk. W. H. van Leeuwen adverteerde met ,,24 Prentbriefkaarten der Onafhankelijkheidsfeesten". Van het Bloemencorso in 1919 verscheen een serie van 20 stuks voor totaal f 1,-.

De prentbriefkaart droeg er op deze manier toe bii, dat aile gebeurtenissen van be lang werden vastgelegd; de verspreiding was ruimer dan het kiekje dat de enkeling maakte en dat veelal bij de familieportretten ten onder ging omdat men verzuimde op de achterzijde van het afdrukje plaats, tijd en personen te vermelden.

Er zouden honderden kaarten te reproduceren zijn die ter gelegenheid van een of andere gebeurtenis werden vervaardigd. Een aparte en totaal andere categorie zijn de z.g, fantasiekaarten. Ook zij zijn een spiegel van de tijd, omdat zij ons afbeeldingen tonen van reizigers en reizigsters in de kleding van weleer, in spoortreinen met echte locomotieven, stoomboten, vliegtuigen (tweedekkers), automobielen en luchtbalIons. Uit het onvermijdelijke koffertje komt dan een serie afbeeldingen van Haarlem te voorschijn. Dat de kaart uit Haarlem kwam was ons al duidelijk uit de opdruk: "Duizend groeten uit Haarlern". Deze "duizend groeten"-serie was bovendien bedrukt met welgemeende wensen. Enke1e voorbeelden: Een lief lachende juffrouw in een japon tot over de enkels zit op een koffer en deelt ons mee:

Mijn koffertje zal U zeggen welke reis ik af ga leggen.

Een spoortrein, gadegeslagen door een zoet engeltje met een klavertje vier in de hand, meldt ons:

De tijd is kort, daarom met spoed

Slechts deze eene korte groet. Zelfs onbeschreven zegt ze stil Wat ik van hier u zenden wit.

Twee schattige kinderen in een ballonmandje brengen de volgende duizend groeten uit Haarlem:

Zoo per schip, per spoor, per [iets, Zelfs per auto, och 't is niets. Lachend zend ik uit de Lucht

U mijn groet in vogelvlucht.

Een ten dele met rozen versierde tweedekker en een witte duif met een brief in de snavel brengen ons de boodschap:

't Vliegen is thans in de mode 't Vliegen is thans een manie

't Loopen is haast niet meer noodig Wacht nog maar een jaar of drie.

Er zijn oak "groeten"-kaarten uit Haarlem, niet met bloempjes, duifjes, engeltjes en zachte kleurtjes, maar realistisch getekend en harder van zeggingskracht.

De afbeelding van de kaart bij deze tekst zal u duidelijk zijn:

In een coupee Hier met hun twee Zij zeer charmant En hij galant,

Roepen zii, het ga u goed

En schenken U hun blijde groet.

Een lieftallige dame schenkt een glas bier in vo or een soldaat die aan een tafel zit, waarop nog een stuk brood ligt:

Kom schenk maar toe, wei pot verdrie Je bent en blijft toch mijn Marie

En ga ik he en, 'k zal nooit vergeten, Ons heerlijk samenzijn en lekker eten.>En dat je steeds aan mij zult denken,

Zal ik je dikwijls mijne groeten schenken.

Deze kaart zal wel stammen uit de mobilisatietijd (1914-1918), toen de volgende maatregel gold: Voor

militairen mogen prentbriefkaarten portvrij worden gebruikt als briefkaarten.

Van het "Hotel de la Station", het latere (doch thans gesloopte) Hotel Royal aan het Stationsplein vinden wij eveneens een serie fantasiekaarten, waarop de afbeelding van het hotel slechts klein voorkomt. De tekening toont ons b.v. een cafeterras met de volgende opbeurende greet:

't Zit hier zoo lekker en zoo goed Dat ik U dubbel vroolijk groet.

Een brief postende juffrouw verklapt ons:

Wat straks mijn brief U zeggen zal Aan U denk ik steeds, overall

Een vrolijk paar op de fiets, kennelijk gelukkig, blijkt toch andere verlangens te koesteren:

Al gaat het de wereld door, nog zoo vlug, Naar U keert steeds mijn verlangen terug.

Dat een met bloemen versierde auto het moet afleggen tegen een van vreugde popelende toerist(e) blijkt uit:

Sneller dan het deez' auto doet Zend ik U blij mijn hartegroet,

Het zou zeker de moeite lonen een aantal van dit soort fantasiekaarten die aIle in de verzameling Overmeer voorkomen ter illustratie af te drukken. De omyang en de aard van dit werk stellen echter andere eisen, zodat ik wil volstaan met het signaleren van deze produkten, die zo'n halve eeuw geleden als communicatiemiddel een niet te onderschatten functie vervulden. De prentbriefkaart was in zwang. Zaken, bedrijven, instellingen, verenigingen en particulieren maakten gebruik van de prentbriefkaart om een zakelijk doel na te streven of een idee te propageren. Voor particulieren was de prentbriefkaart een soort statussymbool, zoals blijkt uit onderstaande advertentie uit 1915 van de heer W. H. van Leeuwen van de "Wilhe1mina-Bazar", Houtplein 6:

"Men vindt het meestal zeer aardig goed uitge-

voerde PRENTBRIEFKAARTEN van eigen buitenplaats of villa te bezitten, Het is nu de beste tijd om ze te bestellen en daarom gelieve u nog heden nadere inlichtingen bij mij in te winnen. Het photograferen kost u niets, terwijl de prijs der kaarten zeer billijk is."

De Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht, afd. Haarlem gaf een kaart uit met de afbee1ding van ons aller Kenau Simons Hasselaer. Naast Kenau staat het volgende vers afgedrukt:

Dit 's Kenau, die in vroeger tijd

Op Haarlem's wallen trok ten strijd, Voor Neerlands burgers te bevechten Hun vriie denk- en sprekensrechten.

De vrouw strijdt hier in dezen Tijd Op nieuw een moeielijken strijd

Voor Neerlands vrouwen te bevechten Haar volle burgeressen-rechten.

Ook gaf de afd. Haarlem van deze vereniging kaarten uit met een vers van 1 couplet in de Engelse en Duitse taal, En hoewel ik deze niet in de verzameling van Overmeer aantref, zou het mij niet verwonderen als er ook zo'n kaart met Franse tekst verschenen is. Ter gelegenheid van de Kamerverkiezingen in 1905 werd een kaart rondgezonden, waarop het Haarlernmerhoutpark met ooievaarsnest voorkomt en het volgende rijmpje:

Kiezers het moet zijn uw streven

Aan Mr. van Lennep uw stem te geven. Dan kunnen wij juichen blij van zin:

"Minister Kuyper bliif': er in. "

In 1913 verscheen er een serie Pad vinderskaarten, opgenomen in de duinen. Wellicht zijn er nog Haarlemmers (zo tegen de 70), die op deze kaarten voorkomen en bijzonderheden kunnen vertellen over de plaats in de duinen waar de opname werden gemaakt. In de Stadseditie van 4 augustus 191 5 word teen

"Album van Haarlem" geadverteerd. Het bevat ,,12 groote zeer fraai uitgevoerde kiekjes" en kost f 1,per stuk.

Een bijzondere categorie kaarten wordt gevormd door de z.g, Kermis-souvenirs. Toen de kermis in 1914 wegens de oorlog werd afgelast gaf men aan deze kaarten de naam "Zomer-souvenirs". Zij werden door de barbiersbedienden aangeboden aan knip- of scheerklan ten vaar en tijdens de Haarlemse kermisweek. Natuurlijk zullen deze kaarten een aardige kermisfooi hebben opgeleverd. In de geraadpleegde verzameling komt een aantal voor met de tekst:

- Aangeboden door den bediende van P. van den Bunt

Salon voor scheren en haarsnijden Oranjestraat 81 - Haarlem. -

Wij zien op een van de kaarten (I906) de kopregel "Nalatigheid der Ouden" en een afbeelding van Absalom, met zijn haren hangende in een boom. De nalatigheid wordt ons duidelijk uit de volgende regels:

Ende Absalom toog ten strijden

Ende vergat ziin haar te laten snijden.

Later - blijkens een op de kaart gestelde aantekening in 1913 - woonde v. d. Bunt in de Oranjestraat 70 en toont de afbeelding ons een scene uit "De barbier van Sevilla, Opera van Rossini."

Een dergelijk Zomer-souvenir uit 1917 "Aangeboden door den bediende van J. Boeree Jr, Salon voor Scheren en Haarsnijden, Leidschestraat 46" laat ons kennis maken met "Een treinbarbier in Amerika".

De bedienden van A. W. van Mourik, kapper aan het Leidscheplein 24, hebben in 1919 als zomersouvenir:

De Leerling (natuurlijk een barbiersleerling). Op andere kaarten treffen wij aan:

Het scheeruurtje van Don Quichotte.

Politieke gesprekken bij den barbier (o.a. betrekking hebbende op gebeurtenissen in de l e Wereldoorlog).

J apansche Coiffeurs.

Het scheren met een steen. Turksche barbier.

Mogelijk zijn er nog kappers of verzamelaars die in het bezit zijn van dergelijke kermis- en zomersouvenirs. Een zo groot mogelijke verzameling van deze categorie kaarten kan ertoe lei den een volle dig inzicht te verkrijgen in deze merkwaardige gewoonte van barbiersbedienden in onze Spaamestad.

In andere steden en dorpen zal wellicht hetzelfde gebruik in zwang zijn geweest.

Er zouden heel wat boekjes te vullen zijn met min of meer interessante kaarten, weliswaar niet aile even kunstzinnig vanuitvoering maar toch uitingen en afspiegelingen van een tijd die achter ons ligt en die wij weer beleven in de oude ansichten die in dit boekje worden afgedrukt: stadsgezichten met paardetrams, elegant geklede dames en heren in Haarlems straten, een verdwenen stadsbeeld en zoveel meer.

Wij dienen de fantasiekaarten, waarop soms ook iets van de "Art Nouveau" of de "Jugendstil" te bespeuren valt, te laten rusten.

Ten slotte wil ik bijzondere aandacht vragen voor de fraaie serie kaarten die in 1902 door de uitgever F. J. Frolich werd uitgegeven. Aile series hebben betrekking op Oud Haarlem en Omstreken en bevatten z.g. heliogravures naar oude tekeningen.

Blijkens de bedrukte kaartenmapjes van de uitgever, die zich in de verzameling Overmeer bevinden, waren de series als volgt samengesteld:

Serie A Dud Haarlem - Harlem Ancien

12 Heliogravures naar teekeningen uit de Stedelijke verzameling.

Voormalige stadspoorten

No. 1 Amsterdamsche Poort 1800 No. 2-3 Schalkwijkerpoort 1860 No. 4 Eendjespoort 1860

No. 5 Kleine Houtpoort 1800

No. 6 Idem 1865

No. 7 Grote Houtpoort 1820 No. 8 Raampoort 1820

No. 9 Raakstorens 1860

No. 10 Zijlpoort met Raakstorens 1800 No. 11 Nieuw of Kennemerpoort 1744 No. 12 Idem 1865

Serie B Oud Haarlem en Omstreken

No. 1 Grote Kerk met Klokhuis 1634 No. 2 Groote Kerk op 29 mei 1578 No. 3 Groote Kerk met Orgel 176~ No. 4 't Stadhuis 1672

No. 5 Groote Markt 1764

No. 6 Witte Heerensteeg en 't Zijlklooster 1817 No. 7 Zijlstraat en 't Zijlklooster 1817

No. 8 Groote Markt en oude Vischmarkt 1750 No. 9 Haarlem van 't Zuider Spaarne gezien

1763

No. 10 Ruine van Brederode in 1812

Serie C Oud Haarlem en Omstreken

12 Heliogravures naar oude teekeningen uit de 18e eeuw

No. 1 Gezigt by Uverveen op de Stad No. 2 Gezigt aan de oude Kruisweg by

't Zieke

No. 3 Gezigt aan 't Zuider-Spaarne na de Runmolen

No. 4 Gezigt aan 't Zuider-Spaarrie na de Stad

No. 5 Gezigt aan het einde der Baan, na den Hout te zien.

No. 6 De ingang van den Hout, by 't Dronkenhuisje

Gezigt aan de Leidse Vaart Overveen aan de Noord Zijde

Gezigt aan de Nieuwe Brouwers-Kolk 't Duin by Kraantjelek

De Hofstede Leeuw-en Hoofd aan het

No.7 No.8 No.9 No. 10 No. 11

Krayenest

No. 12 Gezigt by Heemstede op de Stad Haarlem.

Serie D is een Souvenir de Brederode, bestaande uit 4 afbeeldingen van het kasteel in Welstand, 4 afbeeldingen van de Ruine.

Serie F Oud Haarlem

10 Heliogravures naar oude teekeningen:

No. 1 De Vleeschhal in 1836

No. 2 Amsterdamsche Poort in 1836

No. 3 De voorrnalige Kruispoort Ao 1630 No. 4 Devoormalige St. Janspoort Ao 1630 No. 5 De Deymans Waterpoort Ao 1761

No. 6 De Raamgracht en Doelrnolen Ao 1802 No. 7 De oude Gracht Ao 1858

No. 8 Idem

No. 9 Raampoort - Doe1molen Ao 1800 No.10 De Burgwal Ao 1812

Serie G

No. 1 No.2 No.3 No.4

No. 5
No. 6
No. 7
No. 8
No. 9
No. 10
No. 11 Portret van Laurens Coster Idem Kenau Hasselaer Idem Pieter Kies

Idem Nico1aas van der Laan

(3 en 4 Burgemeesters tijdens 't beleg 1572-73)

De belegering van Haarlem 1572-73 De Groote Markt in 1604

Oproer vJh Kaas- en Broodvo1k 3meil492

De Groote Kerk, Klokhuis en

O. Groenmarkt 1612 (alsrnede afbeelding eener Lijkstatie)

Gezicht op het Zuider-Buitenspaarne 1738

Aan den ingang van den Hout (De Baan) 1802

Poort van het St. Elisabeth's Gasthuis 1780

No. 12 Poort van het Proveniershuis 1780.

De jaartallen die op de kaarten vermeld worden als datering van de afbeeldingen, zullen vermoedelijk niet aIle juist zijn. In de geraadpleegde verzameling zijn heel wat verbeteringen hierin aangebracht. Bij reproduktie van deze afbeeldingen doet men er verst an dig aan op het gemeentearchief de kaarten met de originele tekeningen te verifieren. Van de serie E ontbreekt een opsomming in de verzameling Overmeer. Voor verzamelaars van prentbriefkaarten zullen bovenstaande gegevens mogelijk van belang kunnen zijn ; met elkaar vormen deze kaarten een topografisch atlasje van Haarlem en naaste omgeving.

En nu de stadsgezichten in dit boekje.

Wie uit meer dan 5000 kaarten een keuze moet maken, ziet zich voor een moeilijke taak geplaatst. Zonder bezwaar kan een tweede of derde boekje worden samengesteld met telkens 160 andere afbeeldingen, die zeker even interessant zijn als de door mij gemaakte keuze.

Vooral de tijd om de eeuwwisseling is in deze afbeeldingen fascinerend. Bij het bekijken zuIt u sommige plekjes niet meer herkennen; ze zijn voorgoed verdwenen.

Op andere kaarten komt u bekende pan den tegen, zodat u zich in de situatie van weleer kunt verplaatsen. Bij het verifieren van bepaalde punten is mij opgevallen, dat vooral bovenverdiepingen, daklijsten en daken houvast geven bij het "thuisbrengen" van sornmige panden. Maar ook oude bomen kunnen zekerheid geven, zoals mij in een enkel geval is gebleken.

Voor fotoliefhebbers kan het interessant zijn op een zomerdag in de vroegte de stad in te trekken en gewapend met dit boekje - dezelfde stadsbeelden te fotograferen. Het verschil tussen 1967 en "toen" zal dan opvallend zijn. Bovendien verkrijgt men een

waardevolle documentatie, vooral ook als in bijschriften vermeld wordt welke bewoners en/of zaken thans in de afgebeelde panden zijn gevestigd.

Trams in so orten

Wie 65 jaar geleden met de spoortrein Haarlem binnenkwam en het oude station H.IJ.S.M. (Hollandsche IJ zeren Spoorweg Maatschappij) uitstapte, had over gebrek aan verbindingen niet te klagen. Een aantal aapjeskoetsiers stond op het Stationsplein ter beschikking van de reizigers. De tarieven waren:

Voor open rijtuigen met 1 paard: een half uur of minder 60 ct.

elk kwartier meer 30 ct.

Voor gesloten rijtuigen met 1 paard: een half uur of minder 60 ct.

half uur tot een uur 80 ct.

Tussen 12 uur 's nachts en 7 uur 's morgens moest IS ct. voor elk kwartier meer worden betaald. Voor rijtuigen met twee paarden mocht het dubbele tarief worden berekend. Maar er waren ook trams in soorten:

De Paarde tram

Deze reed van 7.30 uur tot 22.40 uur om de 5 it 6 min. van het Stationsplein, over Kruisweg, Kruisstraat, Barteljorisstraat, Grote Markt, Grote Houtstraat, Plein en Dreef naar de Haarlemmerhout. Het eindpunt was bij het hotel "Wapen van Amsterdam". Het tarief per rit bedroeg 5 cts. Mevr. WeberReijnders hoorde haar tante uit Zwolle zeggen: "een mooi endjien voor 'n stuver". De rit duurde 10 it 12 minuten.

Stoomtram Haarlem-Leiden (sedert 1885)

Voor het "Wapen van Amsterdam" in Den Hout kon men overstappen op de stoomtram van de Noord- en Zuid Holl. Stoomtram Maatschappij Haarlem-Leiden.

Op zondag na 12 uur vertrok de stoomtram van de drie minuten verder gelegen wisselp1aats. De stoomtram stopte overa1 waar de reizigers wens ten in- of uit te stappen.

Stoomtram Haarlem-Alkmaar

Achter het station op het Kennemerplein bij het waehthuisje stond de stoomtram naar Beverwijk (sinds 1896). Langs Sehoterweg en Alkmaarderstraatweg trok de bellende "koffiemo1en" via Oud-Schoten in de riehting van Santpoort.

Ceintuurbaan (E.N.E. T.) (sedert juli 1899)

De trams van de Eerste Nederlandsehe ElectrischeTrammaatschappij reden een afstand van 5,2 km op de Ceintuurbaan. De route was als volgt:

Stationsplein - Rozenstraat - Kenaupark - Kinderhuisvest - Wilhe1minastraat - Koninginneweg - Hazepaters1aan - Paviljoenslaan - Kleine Houtweg - Kampersinge1 - Spaame - Damstraat - Klokhuisp1ein - Jansstraat Jansweg - Stationsplein.

Men kon van 8 uur af elke 7 1/2 minuten de route in beide richtingen rijden: een westeliike ring en een oostelijke ring, verdeeld in 12 secties. Een ringkaart kostte 10 cts; een sectiekaart 5 cts. De maatschappij opende de dienst met 12 kleine en 8 grote motorrijtuigen, 2 kleine en 5 lange vo1grijtuigen en 2 zomerwagens. Totale capaciteit: er was binnen plaats voor 516 personen; op de balcons waren 518 staanp1aatsen en 80 person en konden in de zomerwagens worden vervoerd.

De personenwagens hadden in brons gevatte, zakkende glasramen met jaloezieen, notehouten betimmeringen en latten-zittingen.

Een bepaling was: "Manden met viseh en soortgelijke onwelriekende waar worden tot vervoer niet toegelaten."

Verbinding met Zandvoort en Amsterdam

Bij het Heerenhek vertrok de tram naar Zandvoort (lengte lijn 8,2 km). De tram stopte overal voor het opnemen van reizigers. De reistijd was 26 minuten. Een retour Zandvoort kostte 35 ct; 10 ritten retour f 3,-. Uit de dienstregeling blijkt, dat vertrektijden met een sterretje betekenen, dat "deze treinen alleen bij gunstig weder rijden." Deze tramverbinding werd in juni 1899 in ge bruik gesteld.

Electrische Spoorweg Maatschappij (E.S.M.)

Eveneens vertrokken, sedert oktober 1904, van het Heerenhek de trams in de richting Amsterdam. Deze lijn werd geexploiteerd door de E.S.M. die later ook de lijn Haarlern-Zandvoort ovemam. Reizigers met de tram uit Amsterdam en Zandvoort konden zonder verhoging overstappen op de Ceintuurbaan naar het station.

Haarlem-Bloemendaal (sedert oktober 1900)

Na de Ceintuurbaan werd de E.N.E.T.-lijn naar Bloemendaa1 geopend (lengte lijn 2,5 km). De tram vertrok van het begin van de Kruisweg bij het Kennemerplein. Ret viaduct was er nog niet en men moest de Kippebrug nogal eens over om de aansluiting niet te missen. Later vertrokken ook deze trams van het Stationsplein.

Met de spoortrein

In 1881 was de spoorverbinding met Zandvoort tot stand gekomen. De prijzen van de H.n.S.M. waren billijk. Wie een dagje naar Zandvoort-Bad wilde, betaalde voor een retourtje 3e klasse 30 ct.

De liefhebbers van paardensport namen nogal eens een retourtje Haarlern-Manpad (of Woestduin). Dit kostte een kwartje (3e klasse). Op Woestduin, heerlijk gelegen in de duinbossen, vonden courses p1aats. Van 12 maart-19 november 1905 maar liefst 32 courses, volgens een aankondiging.

Vervoer te water 1910

Het spreekt welhaast vanzelf, dat men in een tijd waarin de auto nog in opkomst was, naast het paard aangewezen was op vervoer te water.

Haarlem, gelegen aan het gekanaliseerde Spaarne, beschikte over uitstekende waterverbindingen. De binnenvaart bracht leven aan de oevers van het Spaarne; in het water lag het vol met stoornboten en op de kaden stapelden de vrachtgoederen in grote verscheidenheid zich op. Iedereen ken de de "boten van Bus".

Het kantoor van W. Bus' Stoomboot-Maatschappij was gevestigd op Spaarne 40. Met de schroefstoomboten "Stad Rotterdam" en "Burgemeester Jordens van Haarlem" voer men dagelijks naar Rotterdam. Om 6.30 uur vertrok men met goederen, vee en passagiers.

Tweemaal per dag kon men naar Amsterdam met de schroefstoomboten "Lijnden", "Spaarne", "HaarlemPacket", "P. v. d. Hoog" en "Stad Haarlem". Vrijdagsmorgens om 3.15 uur vertrok er een boot naar Leiden en dinsdags om 2.15 uur 's nachts kon men in de kajuit een plaatsje vinden voor Purmerend. Eenmaal per week was het mogelijk naar Utrecht te varen.

In de Nieuwe Gracht bij de Jansbrug lag een boot van de Stoombootdienst Alkmaar-Packet, die op Zaandam voer. Een enkele reis 2de klas kostte 35 ct; een retourbiljet (l maand gel dig) kwam op 50 ct. De reis duurde 1 1/2 uur en er was buffet aan boord.

Van de Turfmarkt vertrok in de wintermaanden 3 maa1 per week een boot naar Beverwijk; in de zomermaanden dagelijks behalve vrijdags.

De Schroefstoombootdienst "Stad Bergen-op-Zoom" verzorgde een verbinding naar Bergen op Zoom en tussenliggende plaatsen; vertrek e1ke donderdagmiddag 5 uur. Er was een bootdienst op Lisse en het Kaarselade-Veer (S. en T. B1ei), Spaarne 10,

voer tweemaal daags naar Amsterdam.

De Motorbootdienst "Stad Haarlem" (ligplaats over de Gravinnesteeg) had donderdags en zaterdags een boot op Gouda en vele tussenliggende plaatsen.

Op Spaarne 24 bij de Waag exploiteerde Planije & B1ansert een Schroefstoompakschuitdienst op 's-Gravenhage, Delft en Schiedam. De Gebr. Broekhoff hadden een Pakschuitdienst op Noordwijkerhout. De veerschuit lag aan de Turfmarkt en voer elke maandag. Planije & Blansert waren agenten van de Schroefstoombootdiensten "Concordia" (op Arnhem, Nijmegen, Gorinchem, Zaltbommel, enz.), "Salland I en II" (op Arnhem, Zutphen, Deventer, Kampen, enz.), "Bertha" (Alkmaar, Den Helder, enz.), "Frans Naerebout" (Amersfoort).

Ook andere stoombootdiensten hadden Haarlem in de dienstrege1ing opgenomen.

Vrachtrijders 1910

De vrachtrijders zorgden voor bestellingen van vrachtgoed in de naaste omgeving van de stad tot A1kmaar en Amsterdam toe. De vrachtrijders hadden hun standplaats veela1 op het Begijnhof of de Kaasmarkt, ook weI op de Oude Groenmarkt (G. van der Werff op Zandvoort) of op de Oude Gracht bij het Verwulft (Schreuder op Nieuw-Vennep), Enkele vrachrijders, die in de omstreken van Haarlem bestelden waren:

op Aerdenhout: I. J. van der Walle, dagelijks 6 uur. Begijnhof.

op Alkmaar: K. Visser, di. do. za. v.m, 7 U. - BegijnhoL

op Bloemendaal, Overveen en Santpoort: R. Bonnema, alle dagen (beha1ve wo.) 3.30 u. - Begijnhof. 2.30 u. - Kaasmarkt; J. H. Ceelen, aIle dagen 2.30 U.

op Hoofddorp: Rijlaarsdam, alle dagen (behalve do.) - Kaasmarkt; H. Jansen, rna. en do. 2.30 u. - Kaasmarkt.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek