Hellendoorn-Nijverdal in oude ansichten deel 1

Hellendoorn-Nijverdal in oude ansichten deel 1

Auteur
:   Stichting 'Oald Heldern'
Gemeente
:   Hellendoorn
Provincie
:   Overijssel
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4174-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Hellendoorn-Nijverdal in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

HeIlendoorn heeft veel van een Drents dorp: het heeft ook aan de ene kant de bouwlanden en aan de kant van een riviertje, in dit geval de Regge, de groengronden. Wei ontbreekt een voor een Drents dorp zo typerende grote, met bomen beplante brink, maar waarschijnlijk is die er in vroeger tijden ook geweest. Er is reden om aan te nemen, dat de "Geurn" deel heeft uitgemaakt van de brink. Door latere bebouwing aan de Dorpsstraat werd ze van de open ruimte bij de kerk afgesneden.

Hoewel HeIlendoorn, behalve de prachtige oude kerk, geen historische monumenten heeft, b.v. in de vorm van oude gevels, heeft het toch zijn vriendelijk, harmonisch karakter van een oud welvarend dorp grotendeels behouden, ondanks de aanslagen die er hier en daar in de vorm van moderne bebouwing op zijn gepleegd,

Oeroud is HeIlendoorn. Niemand kan zeggen, hoe oud precies. We kunnen dus nooit een feest vieren van "zoveeleeuwen-bestaan". Oeroud, kijkt u maar naar de zware oerblokken, waarvan het romaanse deel van de kerk (de "I age kerk") is opgetrokken. Dat materiaal, met erboven een twintigtal lagen van tufsteen van Andernach, wijst er op dat de bouw plaats had omstreeks 1150 of nog eerder. Sporen van paalgaten in de bodem bewijzen, dat deze kerk is voorafgegaan door een nog ouder houten kerkje of kapel.

Er zijn geen schriftelijke bewijzen, maar het is m.i. niet te gewaagd te veronderstellen, dat HeIlendoorn zeker duizend jaaroud is.

Over de betekenis van de naam HeIlendoorn hebben vel en zich het hoofd gebroken. In het gemeentewapen, dat in 1898 aangenomen werd, komt een vlierboom voor met een springend hert. Er is nl. een verklaring, dat de naam is afgeleid van het woord "holunder", d.i. vlierboom. Tegenwoordig wordt niet meer aangenornen, dat ditjuist is. Helemaal van de hand wordt gewezen, de simpele verklaring: Hellendoorn is .witte doom", Het laatste woord over de betekenis van de naam is echter nog niet gesproken.

Bij HeIlendoorn lag tot midden van de vorige eeuw het kasteel Den Dam. Bij de uitbreiding van het sportpark in 1969 werd een gedeelte van de fundamenten opgegraven. Den Dam trof het lot van al onze kastelen in de omgeving (Egede, Rhaan, Schuilenburg, Katenhorst, Eversberg) ze werden in de vorige eeuw afgebroken. 't Puin diende voor wegverharding. Hellendoorn heeft het in de loop van de eeuwen vaak zwaar te verduren gehad en het is aIleen maar een wonder, dat de kerk ondanks al de perikelen, waardoor het dorp getroffen werd, staande is gebleven.

Over het veri eden van HeIlendoorn v66r de hervorming (hier ± 1600) is weinig bekend; aileen dat het dorp in de periode 1580-1600 zwaar geleden heeft onder oorlogsgeweld en bijna geheel verwoest werd. De ligging van het dorp bij het sterke slot Schuilenburg was funest. Bij de strijd om deze burcht werd de omgeving door Spaanse- en Staatse troepen beurtelings afgestroopt.

Ook na de verdrijving van de Spanjaarden uit het grootste

deel van de provincie werd Hellendoorn nog vaak in het oorlogsgebeuren betrokken. In 1640 kon enige keren geen kerk worden gehouden om de Hessische troepen, die in de kerk gelegerd waren.

In 1665 en 1672 kreeg Hellendoorn zijn aandeel in de ellende, die de invallen van de bisschop van Munster ("Berendjen den Koodeef") over het oosten van ons land brachten. En als we in de oude papieren lezen van pest-epidemieen en wolvenplagen, dan zien we dat het dorp ruimschoots zijn deel had aan de tegenslagen, eigen aan de voorbijgegane eeuwen.

We krijgen de indruk, dat Hellendoorn wel erg in 't hoekje lag waar de slagen vielen. Een tijdlang (in de jaren na 1600) heeft het dubbele grondbelasting .vcrponding'' geheten moeten opbrengen: aan eigen overheid en aan de Spanjaarden omdat het net lag op de grens van de invloedssferen van beide partijen, Op 12 december 1747 werd het dorp getroffen dooreen orkaan, die zware schade aanrichtte en het koor van de kerk verwoestte.

In 1821 werden door een grote brand 9 panden in de as gelegd en in 1836 werd het dorp door eenzelfde ramp getroffen in de omgeving van de schapenmarkt, waarbij ook de katholieke kerk in vlammen opging. Of het nog niet erg genoeg was verwoestte in datzelfde jaar opnieuw een orkaan vele boerderijen, schuren en schapenhokken.

En dan was er de eeuwendurende strijd tegen de grote zandverstuivingen achter de berg, waarvan die bij het Entmeer de grootste was. Die strijd moest het dorp alleen strijden, de

andere marken als Haarle en Noetsele hieipen aileen als ze door de schout ertoe werden gedwongen. Men kon geen weide- en plaggengrond rnissen en moest dus wel al 't mogelijke doen de verstuivingen te bedwingen. Dat gelukte pas een eeuw geleden door beplanting met dennen.

Ook het onderhoud en soms vernieuwing van de Helderbrugge kwam aIleen voor rekening van het kerkdorp en bracht telkens grote kosten rnee.

Dat alles met elkaar was er rnisschien de oorzaak van, dat het dorp altijd gebrek aan geld had, zoals het oude rijmpje zegt:

"Grote buidel, weinig geld

zo is het in Hellendoorn gesteld"

Toen in 1831 de straatweg Zwolle-Almelo tot stand kwam, bleef deze 3 km van het dorp verwijderd.

De bewering, dat Hellendoorn dat zelf gewild heeft, om gevrijwaard te zijn van doortrekkend soldatenvolk en vagebonden enz., yond ik nergens bevestigd. Al gauw na 1831 klaagt het gemeentebestuur er telkens over, dat het hierdoor van eike communicatie verstoken is en doet het aIle moeite verbinding met deze weg te krijgen. Dat lukt dan pas in 1855 door de aanleg van de .Jcunstweg" Ornmen-Rijssen-Goor. Wie thans Hellendoorn bezoekt (en dat zijn er in de vakantietijd velen) kan zich moeilijk voorstellen dat dit riante, weIvarende dorp in het verI eden met zoveel tegenslagen te kampen heeft gehad.

Waar nu cafe De Tonne staat stond vroeger dit pand van de familie Hissink. Het was in de eerste decennia van deze eeuw cafe- en kruideniersbedrijf. De uitbouw aan de achterkant op de foto is de kruidenierswinkel. In de nok ziet u duidelijk de balk voor de katrol waarmee goederen werden opgetakeld naar de zolderruimte. De wagen met twee "zondagse" boeren, in gesprek met Hissink, geeft een aardig beeld van de "verkeersdrukte" in de dorpsstraat omstreeks 1905. Cafe Hissink stond op een kruispunt van wegen aan de noordelijke ingang van het dorp. Opgeschoten dorpsjongens (de nozems van toen?) dronken zich hier wat moed in, voor zij af en toe hun rivalen uit de buurtschappen hardhandig trachtten te beletten om met onze dorpsschonen te komen vrijen.

5

6

De "Fiene karke". I n de dertiger en veertiger jaren van de vorige eeuw gistte er nog al wat op godsdienstig gebied. De "afgescheidenen" van de grote kerk moesten een tijdlang in het verborgene hun bijeenkomsten houden. In 1841 werd de verstrooide Gereformeerde gemeente van Hellendoorn erkend als Christelijk Afgescheiden gemeente. In die tijd werd het hier afgebeelde gebouw gesticht. U kunt nog duidelijk de dichtgemetselde gotische ramen en de steunberen zien, die de vroegere be stemming van het gebouw verraden. De afgescheiden gemeente telde in 1844 ongeveer 300 leden. In 1847 emigreerde bijna de hele gemeente met haar voorganger ds. Seine Bolks naar Amerika. De kerk werd gekocht door Evert ter Horst, de toenmalige molenaar van de molen die nu door de familie Fakkert beheerd wordt. Hij maakte er een boerderij van. In 1965 werd het pand, dat aan het begin van de Ommerweg stond, afgebroken.

Hoofdstraat me Hotel n Reimert,"

HeHendoorn.

Hotel "Het Wapen van Overijssel". Het eerste en vele jaren het enige hotel van het dorp, waaraan tevens een winkelbedrijf verbonden was. Het hotel is al lang verdwenen, maar het kruideniersbedrijf wordt nog steeds door de familie Reimert gevoerd. De laatste Reimert die het hotelvak uitoefende, was Hein Reimer. Daar Hellendoorn niet zonder hotel kwam te zitten (hotel Bergzicht was ondertijssen ontstaan) hiefhij daarom het hotel op. Wat die slagerij betreft: Er was in het begin dezer eeuw weinig behoefte aan een slagerij in het dorp. Iedereen slachtte zelf en trachtte met dit "geslacht" zover mogelijk hetjaar rond te komen. Af en toe kwam echter een slager uit Rijssen (De Preens) lopend, met de vleesmand op de rug, het dorp rond om vlees of soepbotten te verkopen. Later kwam ook "De Preens" uit Nijverdal, (Samuel Prins) vlees venten. Deze Joodse slagers verkochten geen varkensvlees. Daarom begon Reimert met eenmaal per week een varken te slachten en in een loods aan de schapenmarkt te verkopen. 7

Brinkje met Koningslindc - Hellcndoorn.

8

De Brink met de kroningslinde. In het linkse huis is de bekende Sallandse dichteres Johanna F. van Buren geboren. Zij kende de mensen van Hellendoorn en de buurtschappen als geen ander; zij waren menigmaal het onderwerp van haar gedichten "in de rnoodersproake". "Vassies" of .Jeedties" noemde zij deze gedichten, die jarenlang op zaterdagavond in het .Dagblad van het Oosten" gepubliceerd werden. De beste ervan zijn in enige bundels uitgegeven. Zij leefde van 1881 tot 1962.

Deze woning aan de Dorpsstraat, waarin nu de familie Holtslag woont, werd in 1896 gesticht door W. Stokkers. Jarenlang heeft dit huis dienst gedaan als postkantoor van Hellendoorn. Kantoorhouder was in die jaren J. S. Klein Roseboom. De Hellendoorners kenden hem beter onder de naam "Boden Jan". U ziet hier Boden Jan voor zijn postkantoor.

9

De oude dorpsbakkerij van Flim aan de dorpsstraat, gebouwd in 1815 en afgebroken in 1930. Op deze plaats is thans de winkel van Dekkers gevestigd. De laatste bakkers FErn die hier bakten, waren twee ongetrouwde broers. Hun moeder, "Flims' Dieke" verzorgde tot op zeer hoge leeftijd de winkel. Oude Hellendoomers zullen met enige vertedering terugdenken aan de wijze waarop zij haar klanten bediende en te woord stand. Het slot van haar zinnen bestond meestal uit een vragend en wat lang uitgerekt "izznnt?". (nietwaar?)

Hier het winkelgedeelte van de bakkerij van Flim, toenjuist overgenomen door bakker Dekkers (op de foto met moeder en knecht). Later is het pand overgenomen door zijn broer, die er een heel ander soort zaak van maakte. De "Flimskeals" waren in hun jonge jaren zeer geziene personen in het gezelligheidsleven van het oude dorp.

11

12

Broodbakkerij met winkel (middelste raam en deur in voorgevel) van Janssen aan de Schapenmarkt. De tegenwoordige eigenaar heeft het pand geheel verbouwd. De voorgevel met winkel en lunchroom is nu naar de Dorpsstraat gericht. Op de foto links Dina Nijkamp, dochter van de weduwe Nijkamp, die een aan de overkant gelegen kruidenierswinkel exploiteerde (veel vroeger was daaraan ook een cafe verbonden). Dina Nijkamp werd later religieuze. Verder op de foto kinderen van Janssen. Aileen Gerrit (op het paard) woont thans nog in Hellendoorn. De man met hond is Filart, knecht van Janssen, een bekende figuur uit de toenmalige dorpsgemeenschap.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek