Kent u ze nog... de Hoornsen

Kent u ze nog... de Hoornsen

Auteur
:   J.M. Ridderikhof
Gemeente
:   Hoorn
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-1468-4
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Hoornsen'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

De stad Hoorn ontstond in de middeleeuwen en verkreeg in 1357 stadsreehten. Ze moest zich verdedigen tegen de Geldersen, was eerst Hoeksgezind, later Kabeljauws en stelde zich in 1572 aehter de prins van Oranje. Hoorn heeft een groot aandeel gehad in het verslaan van de Spaanse vloot: Bossu werd gevangengenomen en opgesloten in het vroegere weeshuis in de Aehterstraat. In de Gouden Eeuw was Hoorn een handelsstad van betekenis: de V.O.C. en de Noordereompagnie hadden hier hun zetel. Daarna ging het bergafwaarts. In de Gouden Eeuw telde de stad 15.000 inwoners, in 18529.321 en in 1920 11.492.

Wij bekijken nu de stad van 1890-1940, de stad waar je geboren bent, waar ie je kinderjaren hebt doorgebraeht, waar je "verlospaal en haasje over" hebt gespeeld op het plein om de Grote Kerk en waar het Klooster zo'n praehtige gelegenheid bood om je te verstoppen. Waar je luilak met de vriendjes hield; waar je 's avonds ging kijken naar de aankomst van de Hoornse boot - ie kon de liehten al zien als hij voorbij Marken was - en waar je, totdat de boot in het Grote Gat was gekomen, je alvast vennaakt met op de viskarren te springen, die tegenover de Werkinrichting (Krententuin) lagen en te proberen je er op in evenwieht te houden. Waar je met je grootvader op St.-Nieolaasavond naar de Roode Steen ging om smakavond te vieren. Dan stond de markt vol kraampjes, een rad van avontuur werd verlieht door vlammende lampen en er werd van alles verloot: speeulaas, taaipoppen, worsten, hammen en andere Iekkernijen. Het trok bijzonder veel belangstelling. De Loterijwet van 1905 maakte een einde aan de Hoornse smakavonden. Waar je met je ouders uit wandelen ging op de Derde-boomlaan of Nieuwe Weg en, als je dieht bij de Nadorst was gekomen, je hart begon te kloppen van verwaehting of zij er ook even zouden verpozen. Waar ie uit vissen ging naar de Hulk of kersen in de boomgaard in Blokker ging eten en er heerlijk kon sehommelen, waar je dansles kreeg in de "Witte Engel" (eigenaar H.J. Kroon) en in 't Park danste op de bals van versehillende verenigingen of zondags naar het "Roomhuis" om daar te dansen en waar je eerste zware verliefdheden hebt beleefd. Waar je met een vriendinnetje iets ging drinken in de prieeltjes van de "Nieuwe Aanleg" aan de Berkhouterweg. Die stad is, om met Speenhoff te spreken, "Een meisje dat je nooit vergeet".

Wij rich ten nu onze lens op het Hoorn in de jaren 1890-1940. Van deze vijftig jaren heb ik er

bijna veertig bewust beleefd. Natuurlijk zijn er hiaten en had den wij gaarne meer foto's gehad, bijvoorbeeld van Jan Volten, de stadsomroeper, van de straatwieders, de vuilniswagens van Heyblom, de lantaarnopstekers, Maar deze foto's waren niet te vinden. Ook waren van diverse verenigingen geen foto's beschikbaar. Wij hebben een keus gemaakt, omdat we ons ook moeten beperken. Als je ouder bent geworden, blijkt hoe vast het beeld van je geboortestad in je herinnering is gegrift, hoe allerlei dingen, waar ie als kind nooit op lette, zich toch voorgoed in je geest hebben ingeprent. Wij zijn deze mensen nog niet vergeten.

1. Wanner men over het Hoorn van de laatste twintig jaar van de negentiende eeuw gaat vertellen, komt men beslist bij de familie De Vicq terecht. Mr. W.c.J. de Vicq was van 1862 tot 1875 burgemeester van Hoorn. Het waren zeer invloedrijke mensen en vermoedelijk van Franse afkomst. Zij bewoonden het huis Rode Steen 15, nu de leesbibliotheek. Ze waren kinderloos. Na het overlijden van de heer De Vicq bewoonde mevrouw H.M. de Vicq-Carbasius alleen het huis. Bij haar overlijden legateerde ze haar porselein, glaswerk en vele andere antiquiteiten, zoals schilderijen enzovoort aan het West Fries Museum. Vele instellingen, onder andere de bewaarschool, ontvingen legaten. Lieden die de familie trouw gediend hadden, zoals dienstboden, werden met een gift verrast. Haar huis schonk ze aan de gemeente. Jarenlang heeft het als burgemeesterswoning gediend, onder anderen voor de burgemeesters H.W. de Joncheere, A.A. de Jongh, mr. G.J. Bisschop en tot 1941 mr. H.C. Leemhorst. Tijdens de onderduiktijd van mr. Leemhorst is het in beslaggenomen door de Duitsers en werd toen beschikbaar gesteld aan de Landwacht. Het werd toen danig uitgewoond.

Wij meenden dat de beeltenis van mevrouw De Vicq-Carbasius in dit overzicht niet mag ontbreken.

2. Als men de periode van 1880 tot 1940 voor u 1evendig probeert te maken, dan mag de diligence niet overgeslagen worden. Kunt u zich voorstellen, wat het betekende een reis naar Amsterdam te maken met een dergelijk vervoermiddel? Men moest wel erg vee1 gedu1d hebben. Toen de spoorweg Amsterdam-Enkhuizen werd aange1egd en de paardetram door de Streek ging, was het lot van de diligence spoedig beslist. Tot 1906, toen de spoorlijn Hoorn- V enhuizen werd aangelegd, reed er nog wel een diligence naar Schellinkhout, Wijdenes, Hem en Venhuizen. We denken dan aan koetsier Hinke, die jarenlang deze dienst gereden heeft. Deze wagen reed af van het Kerkplein voor het Hooms Koffiehuis, nu Maxim. De foto toont u de dienst PurrnerendAmsterdam bij de afrit op het Breed bij cafe "Het Onvo1maakte Schip",

3. Brand, Brand! ! ! Deze roep klonk altijd zeer onheilspellend. De klokken begonnen te 1uiden, de spuitgasten en pompers renden naar de spuithuisjes, die verspreid stonden in de stad en de schutterij trad aan om voor afzetting te zorgen. Waterleiding was niet aanwezig, dus moest het water uit de rio1en gepompt worden, tenminste a1s de brand een percee1 betrof dat niet aan een gracht stond. Meesta1 brandde het percee1 gehee1 uit. De vo1gende dag werden de natte slangen aan de toren van de Grote Kerk gehangen om te drogen. Deze foto dateert van 1890.

4. Kent u ze nog?

Links: Piet Schermer en zijn vrouw Mina de Dop. Ze liepen zingend langs de huizen en daarbij kraste hij op zijn viool. Het verhaal gaat dat de vader van Mina de Dop, genaamd Dirk de Dop, de laatste onverlaat is geweest, die op de Rode Steen het schavot beklom, niet voor de voltrekking van de doodstraf, maar om een dag te schand te staan. (Voor de waarheid staan we niet in.) Rechts: natuurlijk leeft de figuur van Kees Hoogland, bijgenaamd "de rijmelaar" nog in onze herinnering voort. Was hij het niet die voor fees ten, bruiloften en partijen machtige rijrnen bijelkaar schreef? J a, hij keek niet op een strofe.

5. Wat een waardigheid straalt van deze foto uit 18921 Dit is de toneelvereniging "Hofdijk" bij de viering van haar dertigjarig bestaan. Dit "Hofdijk" heeft niets te maken met het "Hofdijk" van ongeveer 1912-1924 met Schollee, Dell, Jan de Boer en de dames Lans en Schone. Hier ziet men de leden in volle glorie, allen met het insigne opgespeld, onder het fraaie vaandel. En wie zijn dit allemaal? Zittend van links naar rechts: de dames L.G. Heiligers-Wennegers, H. van Eyk (later getrouwd met P.M. van Wijk) en M. Dik, voorzitter G.J. Wonder, sekretaris Jb. Stins met notulenboek en inktpot, penningmeester L. Bos met geldkist en kasboek en bureaulist P. Blaauw. Staande, op de eerste rij: souffleur J. Neuteboom met boek, W. van Ree, decorateur W. Zwagerman met palet en penselen, J. Heiligers, toneelmeester J. Visser met hamer en nijptang, orkestdirecteur J. Kloek met viool en C, Bos. Tweede rij: F. Zwagerman, kapper-grimeur B.R. Jongbloed (de kam en de schminkstift ontbreken), M.L. van Es, G. de Vries en J. Bakker. Stukken als "Het was maar een loods", "Het paarlsnoer", "De overwintering op Nova Zembla" en de "Oude Kassier" stonden op het repertoire.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek