Kent u ze nog... de Ouderkerkers

Kent u ze nog... de Ouderkerkers

Auteur
:   H.P. Compier
Gemeente
:   Amstelveen
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4337-0
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Ouderkerkers'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Voor het samensteilen van dit boekje werd spontane medewerking verleend door verschillende dorpsgenoten. Zonder die medewerking was het niet mogelijk geweest deze uitgave te doen verschijnen. Wij zeggen allen hartelijk dank voor de bereidwilligheid. Uit het materiaal dat ons ter hand werd gesteld hebben wij een keus gedaan. Het was namelijk niet mogelijk om aile voorradige foto's in dit boekje te laten afdrukken.

De uitgever verzocht een fotoboekje samen te stellen over de jaren 1890-1940. Wij hebben getracht de inhoud zo gevarieerd mogelijk te houden. Enkele bijschriften zijn voorzien van een anekdote, door oudere dorpsbewoners medegedeeld.

AIle namen van de afgebeelde personen konden wij niet achterhalen; wellicht kunt u deze zelf aanvullen. Het aanzien van ons dorp is in de loop der jaren ingrijpend veranderd. Vee 1 van het "oude" is verdwenen, veel .mieuws" is er voor in de plaats gekomen.

De inhoud van dit boekje wil u iets van dat "oude" laten zien. Het wekt herinneringen op aan activiteiten van de bewoners van toen. Herinneringen aan mensen met hun goede en minder goede eigenschappen, omdat het mensen zijn. U zult ook zeker bij het zien en lezen van de inhoud van dit boekje zeggen: "Dat is ... " of: "Weetje nog wel ... ! "

Wij wensen u een aangename terugblik.

I. In tegenstelling met de huidige gemeehaniseerde wijze van heien, ziet men op deze foto heiwerkzaamheden, zoals die in het begin van deze eeuw werden uitgevoerd. Net als nu trok dit werk altijd veel bekijks. Dit heiwerk betrof de fundering voor een dubbel woonhuis aan de Achterdijk. De heistelling stond in een kuil, omdat er een kelder onder het huis kwam. Het werk geschiedde in opdracht van scheepmaker C. Baas Sf. De houten wand op de achtergrond was de zijgevel van de scheepmakerswerkplaats.

De heistelling bestond uit drie benen, twee voor, waarvan het ene met de schuine klossen, het klampenbeen genaamd, werd gebruikt om erin te klimmen. Het schuin naar achteren geplaatste been werd aehterbeen genoemd. De stelling werd overeind gehouden door vier touwen, de tuien, die bij het verplaatsen van de stelling werden gehaald of gevierd. De mannen onder de stelling hebben een lui-touw in de hand, dat was bevestigd aan een ander touw, de heireep, die boven over een groot wiel, de rammelschijf', liep en waaraan ook het heiblok hing. In ieder van de beide voorbenen bevond zich bovenin een leier-oog, waarin de beide leiers staken. Tussen deze leiers hing het heiblok.

De heibaas, op de foto de man met de twee stokken, die men spaken nocrnde, stuurde de heipaal. Op zijn commando "een, twee, drie, haal op en hei" moesten de mannen zich aehterover werpen. Dit ging dan in een regelmatige eadans zo voort. Het geroep van de heibaas was doorspekt met humor, maar door zijn gekruide taal beslist geen litanie. Na iedere dertig slagen was er een rustpauze om op adem te komen. Als de eerste paal op diepte was, werd het werk gestopt om de opdraehtgever geluk te wensen, waarna meestal een borrel werd geschonken en dit herhaalde zich bij de laatste paal. Betrof het echter een groot werk, bijvoorbeeld een kerk of een raadhuis, dan maakte men een feestelijke omgang met de versierde paal, waarop de heibaas zat, door het dorp. Het heien was vaak een kwestie van burendienst, reden te meer dus om feest te vieren.

We herkennen op de foto: de man met de spaken in de hand, heibaas Jan Compier, de kleine jongen met het hoedje en met de linkerhand aan de mond H.P. Compier (de senior van de tegenwoordige firma H.P. Compier en Zonen). De vrouw die over de heibaas heen kijkt was de weduwe Van Mourik. Zij ging in die tijd met twee emmers aan een juk langs de huizen om melk te slijten, Er zullen zeker dochters van haar op de foto staan en andere kinderen uit de buurt. In de kuil, van links naar rechts: een onbekende, Jan Steen, een zoon van Hein Krak, Hendrik Baas (de latere pater Baas), Rinus Steen, Jan van Dijk, Jan Kraan, Krijn Wagenaar, Cornelis van der Horst, de naehtwaker, en Hein Krak.

2. Hier zien we het voormalige huis met schildersbedrijf van de familie Otto, zoals velen het nog hebben gekend. In het huis links was de groentezaak van J. v.d. Neut gevestigd en in het huis rechts de manufacturenzaak van Citroen. Later is dat het begin van de bekende zaak van H. v.d. Wal geworden, Er hing een sierlijke Iantaarn aan de gevel, Zo waren er vele in het dorp.

Voor u poseren, van links naar rechts: L. Otto, de vader van de ons bekende Louis Herman de Hartog, Gerrit van Elst, grootvader Otto, vader van de eerstgenoemde; de leerling Anton van Berkel en ten slotte Hendrik Otto, die met zijn twee zusters op Hogereinde woonde. Vandaag de dag woont daar L. Otto. Hij was tot voor enkele jaren de vertegenwoordiger van de Middenstandsbank.

3. De foto van deze fraaie groep is genomen achter het pand van Jacob van de Velden, waar tot voor kort de kruidenierszaak werd gedreven en waar thans de Algemene Bank Nederland is gevestigd. Achter het winkelpand beyond zich een lange aanbouw van een verdieping, niet zo breed als het voorgebouw. Volgens de overlevering was daarin vroeger een cafe gevestigd. Achter in de tuin was een warande. De stijlen ervan waren in die tijd met klimplanten begroeid. Voor deze achtergrond is de foto genom en. Bij welke gelegenheid is helaas niet meer te achterhalen, maar het moet in de eerste jaren van deze eeuw zijn geweest. De hoofdpersoon is meester v.d. Hoeven, het hoofd van de openbare lagere school in Ouderkerk, de enige school in het dorp in die tijd, Vandaar ook dat hij er als een Napoleon bij staat. Verder herkennen we, op de bovenste rij, van links naar rechts: Bertus de Groot (van Drievliet), H. van de Velden, de bewoner van het pand, en Jan Klein, die boer was. Hij woonde in de boerderij naast de roorns-katholieke kerk. Zijn melk ventte hij uit langs de huizen. Hij gebruikte het juk, waaraan twee melkketels hingen. Dan volgt C. de Graaf, wiens zonen en hun zonen nog in Ouderkerk of omgeving wonen. Naast De Graaf staan H. van Beek, meester v.d. Hoeven, Dieter Otto, Gerrit Lichtenberg, metselaar en tevens voorlezer in de hervormde kerk, H.K. van Beek en meester Wesler. Op de tweede rij: de dames Van Tol, Welle, Machteld de Graaf, Welle en Saartje Mol; dan mevrouw Wesler, mevrouw v.d. Hoeven, mevrouw Citroen, Jannetje van Beek, A. van de Velden-Hogenhout en Sofie van Beek. Op de derde rij: onbekend, Jetje Otto, mejuffrouw Raphael, Jaantje v.d. Hoeven, De Groot van Drievliet, Dirk v.d. Hoeven, Jacob Polanus (kaashandelaar), Egbert Heijbroek, Louis Otto en C. de Groot. Op de vierde rij: T. v.d. Hoeven, Lo Heijbroek, rneisje Welle, lac. van de Velden, twee meisjes Van Leeuwen, Corrie Otto, Raphael jr. en Moosje Citroen.

4. Het gezin "dokter Kinderman" woonde in hetzelfde huis waarin nu dokter Iken nog woont. Het huis is steeds doktershuis geweest. Dokter Kinderman was een echte ouderwetse dorpsdokter. Hij had een koetsier in dienst en bezat verschillende rijtuigen, open en gesloten, naar gelang het jaargetijde. Buiten de koetsier had hij ook nog een jongen in dienst, die de drankjes en de pillen rondbracht. Deze jongen werd in de volksmond "de pillendraaier" genoemd. Dokter Kinderman was een zware niet al te grote man, die buitenshuis altijd een grote flam bard op het hoofd had. Zijn vrouw stond bekend om haar goedheid. Patienten die extra voeding nodig hadden en die dit niet konden betalen hielp zij langs allerlei wegen aan het juiste voedsel.

Uiterst links op de foto staat dokter Kindermans enige dochter, Jet. Van zijn zoons kan ik mij niets meer herinneren. Typerend voor dokter Kinderman was zijn wijze van visite afleggen. Voor het stellen van de diagnose stelde hij een aantal stereotype vragen: "Wie is de patient, laat je pols eens voelen, steek je tong eens uit, kun je goed schijten, ik zal je wat sturen" en weg was de dokter om dezelfde vragen te stellen aan de volgende patient.

5. Een bestuursvergadering van de poldermeesters van de Rondehoeperpolder in het achterzaaltje van cafe "De Vrije Handel". We zien van links naar rechts: Jan de Vries, die je in verschillende besturen kon tegenkomen. Hij was een markant figuur in Ouderkerk. Dan Hendrik Richter die tirnrnerman en tevens molenmaker was en daarnaast ook nog opzichter van de polder. Vervolgens Jan Snel, eveneens van een oud Ouderkerks geslacht. Hij was een kundig organist in de roomskatholieke kerk, waar hij tevens armenmeester was. Ret ereteken op zijn revers is het lint behorend bij het gouden erekruis "Pro Ecclesia et Pontifice", dat hem door de paus werd verleend voor zijn langdurig werk in dienst van de kerk. Naast de heer Snel staat L. Otto, de schilder. Zijn nageslacht woont nog in het dorp. Hij was penningmeester van het polderbestuur. De man met de voorzittershamer voor zich is de heer Schoenmaker. Naast hem staat de heer Straver met zijn flink postuur en dan volgt de heer Ruis. Ik vermoed dat deze man secretaris van het bestuur was, omdat hij ook secretaris en ontvanger van de gemeente Ouder-Amstel was. Uiterst rechts zit Cors van Tol, medeoprichter van de Boerenleenbank. Hij was vele jaren directeur van deze bank. Het was een man met een groot hart. Iemand die in moeilijkheden zat, klopte nooit tevergeefs bij hem aan. Hij heeft er echter ook de keerzijde van ondervonden. Zijn nageslacht woont nu nog op de boerderij.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek