Kent u ze nog... de Snekers deel 2

Kent u ze nog... de Snekers deel 2

Auteur
:   Th.W. Zandstra
Gemeente
:   Sneek
Provincie
:   Fryslân / Friesland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4353-0
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Snekers deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

INLEIDING

De nostalgisehe mode za1 er mede voor verantwoordelijk zijn dat "Kent u ze nog ... de Snekers" uitverkoeht is geraakt en dat ook de herdruk vlot van de hand is gegaan. Dat heeft me moed gegeven een tweede deeltje te maken. Uit de leuke reaeties is duidelijk geworden dat deze boekjes een soort hand1eiding zijn van gesprekken die oude en oud-Snekers voeren.

Nogmaals: u moet bedenken dat ook dit boekje niet is bedoe1d a1s een nauwkeurige besehrijving van a1 hetgeen in Sneek gebeurde tussen 1880 en 1940. Het zijn herinneringen van ve1e Snekers, door rnij verzame1d en gese1eeteerd. He1aas was het niet mogelijk om aile mooie foto's die binnen kwamen op te nemen. Maar, men kan nooit weten: als het kan wil ik nog een derde, afs1uitende serie verzame1en, maar daarvoor is uw medewerking nodig. Hebt u goede foto's uit de periode 1880-1940 of een Ie uk verhaa1 van Snekers, dan hoor ik dat graag!

De namen Van de personen op deze foto's moe ten worden ge1ezen van links naar reehts. Nadat ik ieder die heeft geho1pen heb bedankt, wil ik dominee Wumkes aan het woord laten, a1s hij in 1925 zegt: .Een stad die haar verleden vergeet, is geen toekomst waard." We1nu, Sneek is zijn verleden niet vergeten en daarom een toekomst waard.

1. In het eerste boekje ben ik begonnen met het bestuur van onze goede stad Sneek. Nu wilde ik beginnen met twee groepen mensen die van tijd tot tijd bij ieder "over de vloer kwamen". Velen worden niet genoemd: er is gekozen voor die mensen, die het sterkst in mijn herinnering leven.

links boven en midden boven ziet u dominee H. Dethmers en dominee D. Koopmans, bijna gelijktijdig gekomen en weggegaan. Hun ambtsperiode was van 1899 tot 1931. Zij waren gereformeerd of, zoals de Snekers zeiden, "dolerend". Beiden waren een toonbeeld van "ons volk": degelijkheid, eenvoud een strakheid die ook bij andersdenkenden eerbied afdwong. Vooral Dethmers, met schootjas, zwarte hoed en kromme pijp, steeds dezelfde rustige gang, was een geziene figuur in Sneek. Deze, bijna stereotiep geworden gereformeerde predikanten werden opgevolgd door (rechts boven) dominee H. Veldkamp en later door dominee Steenhuis. Veldkamp, zonder overjas, zonder hoed, een sigaret rokend en altijd haastig, was het type van een nieuwe periode. Daar moesten de lidmaten weI even aan wennen, maar de verandering in uiterlijk werd geaccepteerd, omdat de nieuwe stijl van preken heel goed aansloeg en omdat de nieuwe dominees, evenals hun voorgangers, volle kerken hadden.

links onder zien we dr. Geart Aeilco Wumkes, van 1906 tot 1924 predikant in de hervormde kerk. Wumkes kreeg in 1906 direct te maken met de tegenstelling tussen rechtzinnig en vrijzinnig in de "grote kerk". Met veel tact en wijsheid heeft hij geprobeerd de beide partijen tot elkaar te brengen. Naast zijn werk als predikant heeft Wumkes onschatbare diensten verleend aan de Friese beweging. Hij vertaalde het oude en nieuwe testament in het Fries en hij was ook een van de eerste predikanten die in het Fries preekte. Door zijn werk is destijds een raadsbesluit, over het dempen van grachten, door de minister vernietigd. Dit baanbrekende werk voor de stad en voor Friesland leidde ertoe dat zijn benoeming tot bibliothecaris voor Friesland volgde. In de Leeuwarder Courant van 7 mei 1954 wijdt Jan Piepenga een hoofdartikel aan Wumkes, waarin zijn verdiensten zijn samengevat.

Midden onder ziet u dr. Gerardus Horreiis de Haas. Hij stond in Sneek van 1907 tot 1919 en was gepromoveerd in de faculteit der godgeleerdheid. De Haas was een van de eerste zogenaamde "rode dorninees"; hij was lid van de S.D.A.P., geheelonthouder, vegetarier en een uitermate sociaal bewogen mens. Zijn geliefdheid in Sneek bleek toen hij een beroep kreeg naar een andere gemeente. Er ontstond grate beroering die uitliep op een handtekeningenactie. Uit aIle lagen van de bevolking, zowel recht- als vrijzinnig, werd aan deze actie deelgenomen met het gevolg dat het beroep niet werd aangenomen. Het was uitstel, want in 1919 vertrok De Haas toch naar Zwolle. Zijn afscheidspreek is nog lang onderwerp van gesprek geweest. Hieruit bleek duidelijk dat Wumkes en hij alles hebben gedaan om de tegenstellingen te overbruggen. Tijdens zijn verblijf in Sneek en ook daarna heeft dominee De Haas veel boeken geschreven.

Rechts onder staat dominee Hermannus Schuurmans. Hij was in Sneek van 1912 tot 1933. Hij is de man naar wie mijn persoonlijke herinneringen het sterkst uitgaan. De lessen van Schuurmans tijdens de catechisaties zijn voor velen een levenslange steun geweest. Hij sprak weinig over de doopsgezinden (dat leren jullie thuis wel), maar hij

gaf inzicht in de filosofie van andere christelijke groeperingen en andere niet-christelijke godsdiensten. Deze wijze lessen hebben sterk bijgedragen tot het beter begrijpen van andersdenkenden. Bekend is zijn boek, geschreven in zijn vorige gemeente Giethoorn, onder de titel "Van de oude gar de en van eenjong predikant", waarin het leven in Giethoom wordt beschreven in de spreektaal van het dorp. Een bewijs hoe deze predikant naast zijn beroep, of liever gezegd door zijn beroep, een sterke sociale inslag toonde. Onder zijn leiding en onder die van mevrouw Schuurmans zijn de Broeder- en Zusterkring opgericht. Ook kwam de Mennozaal in zijn tijd tot stand.

2. Links boven: Willem Banning. Een sterk voorbee1d van een "self-made man": van onderwijzer predikant geworden promoveerde hij en werd hij benoemd tot professor. Dominee Banning was predikant in Sneek van 1921 tot 1928. Hij was de opvolger van dominee De Haas en hij had dezelfde socia1e en maatschappelijke opvattingen. Dominee Banning was een van de grondleggers van de Woodbrookers. In Sneek genoot hij bekendheid door de bijbelbesprekingen in de grote kerk, later ook boekbesprekingen. De kerk was op maandag helemaal vol. Hij was mede-initiatiefnemer van de invoering van het yak "Kennis van het culturele en maatschappelijk leven" op de kweekscholen. Men wilde daarmee de schoolmeester weer de functie van raadgever en vraagbaak teruggeven. Banning heeft het als een gemis gevoeld dat, door de opkomst van communicatiemogelijkheden als radio en (later) televisie, de plaats van de onderwijzer in de maatschappij veranderde.

Rechts boven: Harmen de Vos kwam na Banning en bleef in Sneek tot 1946. Ook weer iemand die het eindpunt van zijn carriere niet in Sneek heeft gevonden. Hij heeft veel gedaan op maatschappelijk terrein (leeszaal, Instituut voor Arbeidersontwikkeling en Vereniging van Vrijzinnig Hervormden) en hij werd in 1946 privaat-docent in Amsterdam, daama professor in de wijsbegeerte in Groningen. De Vos heeft veel gepubliceerd, onder andere .Jnleiding in de Wijsbegeerte van de Godsdienst, Zedenkunde en Wijsgerige Ethiek". Door deze publikaties kreeg deze predikant landelijke bekendheid.

Links onder: Carl Heijmans, joods voorzanger en leraar. Heijmans woonde ruim vijftig jaar in Sneek en hij was de laatste joodse voorzar.ger, Hij woonde achter de synagoge. De familie Heijmans was in Sneek zeer populair; de zonen waren bekende sportlieden. Carl Heijmans had een heel mooie stem en als voorzanger kwam hem dat goed van pas. Omdat hij Hebreeuws onderwees aan de joodse jeugd, kreeg hij de naam "joodse-meester". Sneek had in 1928 nog dertigjoodse families. Heijmans was ook ritueel slager in Bolsward en Drachten.

Rechts onder: kapelaan G.M.A. Jansen. In "Kent u ze nog ... de Snekers" deell is uitvoerig stilgestaan bij deken Van Galkom. Desalniettemin kan Jansen niet worden overgeslagen. Of schoon hij slechts enkele jaren in Sneek is geweest, maakte hij zich erg bemind. Zijn grote zorg voor de Snekers, die als gevolg van de oorlog materieel moeilijk zaten, en zijn gave om met andersdenkenden te kunnen samenwerken, zorgden ervoor dat hij in Sneek

zeer gezien was. Zijn vreugde over de gunstige ontwikkeling voor Nederland uitte hij dikwijls door zijn bolhoedje in de lucht te gooien. Een keer kwam de wind eronder en bleef het in de dakgoot van de Menistenkerk liggen!

3. Bij het bespreken van de artsen moet daaraan voorafgaan een foto van de operatiekamer in het St.-Antoniusziekenhuis. Of schoon dit, volgens deskundigen, niet een echte operatie is geweest, maar een ter wille van de fotograaf, waarbij de waarheid zo dicht mogelijk werd benaderd, is het de moeite waard te zien onder welke omstandigheden werd gewerkt. Drie flinke gaslampen zorgden voor onvoldoende licht. De zuster links heeft de steriele pot open en de kleding van de operatie-zusters is niet geschikt, althans volgens de huidige opvattingen. Desalniettemin was clit een grote stap vooruit in de geneeskunst, vergeleken met de situatie bij dr. Bouma thuis. Op de foto staan zuster Willibrorde, zuster Verona, dr. Hannema, dr. Bouma en zuster Engeline. De liefdezusters, werkzaam in het ziekenhuis, behoorden bij de congregatie van de H. Carolus Borromeus uit Maastricht. Nu, in 1975, zijn nog steeds nonnen van deze congregatie onder de naam "Liefde Onder de Bogen" in Sneek werkzaam. De voorbereidende cursussen werden gratis gegeven door dr. Bouma en dr. Hannema. Het liefdewerk van de zusters en de medewerking van Bouma en Hannema waren echter nog niet voldoende om de rekening sluitend te krijgen. (Het tarief derde klas was een gulden per verpleegdag, waarop armbesturen en diaconieen twintig pro cent korting hadden.) Dank zij legaten, subsidies en goedkope leningen werd het hoofd boven water gehouden. Toch ging de opbouw verder. In 1924 werd een rontgen-zuster aangesteld: Berthe Lampen. Ze kwam uit Oostenrijk. Deze zuster is na enige tijd toegetreden tot de congregatie onder de naam Augustina. Spoedig daarna kwamen de eerste echte specialisten. Dat waren onder anderen: Hoorenman, Kingma, Kehrer en D.1. Weg. De eerste internist was 10 Schreuder. Bij het aantrekken van een econornisch-directeur werden ook de zakelijke kanten beter beheerd en kon de uitbouw snel toenemen.

4. In 1860 waren in Sneek zes artsen: K.T. Halbertsma, R.R. Bloemen, A.A. Jorritsma, S. Endtz, K.T. Dorama en P. Risselade. Blijkbaar gaven deze artsen veel medicijnen, want er waren twaalf apothekers en een drogist. Twee vroedvrouwen maakten de medische staf compleet. Deze artsen hebben niet alleen de toen ongeveer achtduizend inwoners van Sneek, maar ook de bewoners in de omtrek geholpen. Tijdens een hevige cholera-epidemie waren er zeker nog te weinig. Het trapje bij de ingang van de nieuwe begraafplaats werd toen zelfs het "choleratrapje" genoemd. De overledenen werden meestal per vaartuig naar het kerkhof gebracht en bij het trapje (dat er nog is) overgegeven aan de dragers.

In 1898 waren er zeven artsen: G. Bouma, Th. Risselade, R. Wartena, L. Hertzberger, D.H. Posthumus, J. Hannema en J.W. Wissel. In 1924 bestond de Maatschappij voor Geneeskunst, afdeling Zuidwesthoek, vijfentwintig jaar. Aan de herdenking deden de volgende Sneker artsen mee: G. Bouma, J. Hannema, H. Hoorenman, A.J. Kingma, D.H. Posthumus, H.J. Ament, H. Klein, Van der Laan en R. Ubbens. In 1920 werkten er in Sneek drie tandartsen: mevrouw Hofstra-Tjebbes, mevrouw Klein-Walland en P.B. van Ham. Op dinsdagen hield Rueb uit Leeuwarden bij schoenmaker Oomes op de Suupmarkt spreekuur.

Op de foto's zien we boven: H.J. Ament, G. Bouma en K.T. Dorama en beneden: L. Hertzberger, D.H. Posthumus en R. Ubbens. Als bijzonderheid moet van Hertzberger worden vermeld dat deze al met rontgenstralen werkte v66r er stroom in Sneek was. Voor het opwekken van stroom was er een gasgenerator in de tuin geplaatst. Toen de Rabo-bank aan de Marktstraat werd gebouwd, vond men de steen die als vloer voor de generator diende. Het heeft lang geduurd voor het duidelijk was welke functie die steen vroeger had. Hertzberger was afgevaardigde namens de Friese doktoren in het hoofdbestuur van de Maatschappij voor Geneeskunst. De open bare leeszaal heeft hem jaren als voorzitter gehad en bij de opening van de leeszaal in Drachten (1921) hield Hertzberger de openingsrede. (De foto's van Hannema en Klein staan in het eerste deel; pagina 58.)

5. In 1939 waren er weer zes huisartsen; van hen is Ubbens al onder nummer 4 genoemd. Als aanvulling daarop het volgende. Ubbens is vijftig jaar arts geweest, waarvan veertig jaar in Sneek. Hij heeft de tijd nog meegemaakt dat de vergaderingen van de kring Zuidwest-Friesland aIleen bij volle maan werden gehouden om de artsen van de dorpen de gelegenheid te geven met paard en koets via de slechte wegen naar Sneek of Bolsward te komen. In 1924 kreeg Ubbens een auto die in 1941 werd verwisseld voor een tandem. De chauffeur voorop en de dokter achterop. Net als Hannema ging dokter Ubbens om zes uur de praktijk in.

links boven: J. Dethmers, een zoon van dominee Dethmers (zie nummer I).

Rechts boven: K. van den Heuvell. Beiden hebben zeer vee 1 bijgedragen tot de grate collegialiteit onder de Sneker artsen.

Midden boven: H. Gerritsma, ook een bekend sportman. Hij was zeer veelzijdig en wat hij deed deed hij goed. Hij reed drie maal de elfstedentocht, won met tennissen een A.toernooi in het heren-dubbel (iets dat niet eerder - en nu nog niet - door Friezen is gepresteerd). Dokter Gerritsma was eenmaal kampioen schaken in Sneek, in biljarten was hij sterk ( hoogste serie 278 ) en hij speelt nu nog bridge in de hoofdklasse in het noorden.

links onder: N. Lofvers. Hij nam het initiatief voor een wachtregeling en bekleedde functies bij de padvinderij, het Montessori-onderwijs en het ziekenfonds. In zijn tijd werd het fonds bestemd voor een tweede ziekenhuis, gebruikt door het Groene Kruis, waardoor de t.b.c-bestrijding en de zuigelingenhulp definitieve vormen kreeg. Rechts onder: Jan van der Zijpp. Reeds tijdens zijn schooljaren in Sneek was hij een goed kaatser en eierzoeker, Met zijn Regenboog nummer 37 (Jan van Gent) won hij vele prijzen en hij was een gewaardeerd lid van het Friese team. Hij was niet aIleen een vooraanstaand zeiler, maar ook was hij twintig jaren lid van het bestuur van de K.Z.V.S. en voorzitter van deze vereniging. Een man die grote verdiensten heeft voor de opbouw van de watersport in Sneek.

Midden onder: Georg Franciscus Disse, economisch-directeur van het St.-Antoniusziekenhuis. Hij kwam in 1939 naar Sneek. Het aantal bedden was toen 114, nu 313, en er waren 4 specialisten, nu 17. Er waren 60 verpleegsters, onder hen 55 religieuzen. Nu zijn dat er 185, onder wie 4 religieuzen en 16 part-time plus nog 30 verplegers. In die jaren waren er 4 man in de technische dienst (Disse porde toen zelf de kachel voor de centrale verwarming op zondag op), nu 13. Er waren 3 administratieve krachten, nu 29. De civiele dienst (keuken) heeft 90 medewerkers, onder wie 21 part-time.

Nu is oak verklaarbaar waarom bij meer dan verdrievoudiging van de bevolking het aantal huisartsen niet noemenswaard is gestegen. Het ziekenhuis heeft een groat deel van hun werk overgenomen. Disse zal het zeer druk hebben gehad met deze opbouw, maar toch yond hij nag tijd om aan het maatschappelijke leven deel te nemen. Tot vreugde van de Snekers zal het echtpaar Disse, na de pensionering, in Sneek blijven wonen.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek