Kent u ze nog... de Veldense Kiêszek deel 1

Kent u ze nog... de Veldense Kiêszek deel 1

Auteur
:   prof. dr. A.J. Jansen en Jacques Theelen
Gemeente
:   Arcen en Velden
Provincie
:   Limburg
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2427-0
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Veldense Kiêszek deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

VOORWOORD

De grate belangstelling voor de tentoonstelling die in het kader van het monumentenjaar 1975 te Velden werd gehouden, heeft de uitvoering van het plan om dit boekwerk uit te geven in een stroomversnelling gebracht.

Hier ligt het dan voor u, dit braertje van "Arc en en Velden in oude ansichten", Het lijkt erop, maar het is toch weer anders. Want ditmaal gaat het vooral over de "Kieszek" zelf, zoals de mensen van Velden in de volksmond worden genoemd naar het oude, plaatselijke gebruik om verzuurde melk in een linnen doek te laten uitdruppen totdat de inhoud is verdikt tot "fluiterskies" (han gop ).

Van de samensteIlers is de een een oud-Veldenaar, geboren in het dorp zelf; de ander, nog in Velden woonachtig, is geboren in Schandelo, dat wel het voornaamste is van Veldens "buitengewesten". Aldus vertegenwoordigen zij niet aIleen de gehele plaatselijke gemeenschap, maar ook enigszins het heden en het verleden. Bij hun arbeid hebben zij overal een hartelijke respons ondervonden. Gaarne danken zij dan ook allen voor de spontane rnedewerking die zij mochten ondervinden bij het opsporen van oude foto's en het verzamelen van de nodige gegevens. Gemakkelijk was dit niet. Aan het eind immers van de laatste wereldoorlog was Velden frontdorp; het werd bezet, beschoten, geevacueerd, verwoest en leeggeplunderd. Het moeizame speurwerk is niet zonder succes gebleven en het voor u liggende resultaat zal zonder twijfel grate belangstelling ontmoeten en een welkom onthaal vinden. Dat het boekwerk hier en daar leemten vertoont, was in de geschetste omstandigheden onvermijdelijk. Desondanks vertrouwen de samenstellers erop, dat het een zo getrouw mogelijke weerspiegeling geeft van de mensen uit het Velden uit grootvaders tijd: hiernaar is althans oprecht gestreefd.

Thans zuIlen dan de Veldenaren van toen - van wie velen niet meer zijn - maar ook mensen van nu zoals zij toen waren, de revue passeren: op de schoolbanken, in verenigingen, bij feesten en plechtigheden. Zij zullen zoveel mogelijk worden aangeduid met de namen die zij toen hadden, waarbij oude bijnamen, die soms met een huis zijn verbonden, dan weer een andere karakteristiek inhouden, niet zullen worden vergeten.

Ga dan, boekje, en roep bij de mensen in Velden en bij de vele oud-Veldenaren wier hart nog warm voor hun geboortedorp klopt, vele aangename en pieteitvolle herinneringen op en bezorg hun menig genoeglijk uur.

Velden,l augustus 1975.

Sef Janssen (Sef van Meister Janssen) Sjaak Theelen (Sjaak van Hermes Piet).

1. "Gezicht op Velden in 1860", naar een tekening van Antoon van den Hombergh, overgetekend door Nicolaas Claassen, hoofd der school, nogmaals overgetekend en viervoudig vergroot door Jac. Theelen, een van de samenstellers van dit boekwerk. Links staat het huis van de familie Berden (eierveiling; koster). De rooms-katholieke kerk was in 1857 gereedgekomen en zij werd in 1933 afgebroken. Voor en naast de kerk zien we het Scholtishuis met bijgebouwen (brouwerij, cafe met maltzolder, schuren en stallen). Het Scholtishuis was de woning van de schout, de toenmalige burgemeester. Tevens was het de zetel van de schepenbank van Velden. Twee dragonders te paard, rijdende in de richting Venlo, deden politiedienst op de Iatere rijksweg Venlo-Nijmegen. Op de foto bemerken we een kar met een os ervoor. Op de kar zit Karel Haanen, de grootvader van Karel Haanen (dus van dezelfde naam), bijgenaamd Donker-Karel.

Praatje voor de deur van de familie Berden in oud-Veldens dialect. Moeder tot haar dochter: "Mechje, korn is heej".

Dochter: "Stik, mooder, wilt mot ik doon? "

Moeder: "Die vader steit dao guns op de klef te kalle, zoe mar in 't rumke. Loup op den temp van de graaf urn en dan langs-te urn die paraplu".

Ofwel, in goed Nederlands:

"Meisje, kom eens hier",

"Direct, moeder, wat moet ik doen? "

"Jouw vader staat daarginds op de heuvel te praten, zomaar in zijn vest. Loop langs de hoek (het eindpunt) van die beek om en dan geef je hem die paraplu".

GEZI CHT Of VELDEN IN

2. Jacobus Verhaag werd op 6 oktober 1831 te Velden (Schandelo, op Enderhof) geboren. Nog geen twee dagen na zijn geboorte stierf zijn vader. J. Verhaag werd priester gewijd op 24 maart 1855 te Roermond door de bisschop van Batavia. Zijn besluit stond toen vast: hij zou als priester-missionaris in Nederlandsch Oost-Indie (thans Indonesie) gaan werken. Op 17 september 1855 vertrok hij uit Velden en op 23 september 1855 ging hij aan boord van het schip "Herman". Het Suezkanaal was toen nog niet gegraven, dus men moest per schip om de uiterste punt van Zuid-Afrika, Kaap de Goede Hoop, zeilen. Deze reis duurde precies vier-en-een-halve maand. Op 7 februari 1856 landde Jac. Verhaag in Batavia (het tegenwoordige Djakarta) op Java. Op 27 mei 1856 werd hij tot onderpastoor van Padang (op Sumatra) benoemd en in 1858 tot pastoor aldaar.

Eigenlijk had op deze plaats een uittreksel uit zijn dagboek moeten staan; helaas is dit tijdens de tweede wereldoorlog verloren gegaan. Dit was tevoren nog bij zijn familie (Haenen, Stappers) in Velden en een van de schrijvers van "Kent u ze nog ... de Vel dense Kieszek" heeft het nog gelezen. Pastoor Verhaag leefde geheel en al voor de mensen in zijn uitgestrekt missiegebied, verkondigde voortdurend het Evangelie, maande christenen en heidenen aan tot bekering tot God en tot het H. Geloof in Jezus Christus. Hij spaarde zichze1f niet; hij ondernam lange, moeilijke en gevaarlijke land- en zeereizen in zijn missiegebied en bezocht, als hij in Padang was, dagelijks de zieken in het verafgelegen hospitaal. En dat in de afmattende hitte van de tropen! Onze jeugdige, moedige en sterke held werd echter onder deze zware last geveld als gevolg van verzwakking en uitputting. Ten slotte werd hij ziek en moest op medisch advies voor hers tel naar het vaderland terugkeren. Met een motorschip vertrok hij uit Padang naar Batavia en daar ging hij aan boord van de "Frans Elisa" op 27 oktober 1863. Hij voelde het einde naderen, getuige het feit dat hij, twee dagen voor zijn vertrek uit Batavia, nog schreef: "Macht ik gedurende de reis tot een ander leven worden opgeroepen, zeg dan aan mijn familie in Velden, dat ik ze allemaal oneindig vee! liejheb en dat ik tevreden en alles overlatend aan O.L. Heer en aan Zijn Beschikkingen ben heengegaan en dat ik ze allemaal in de Hemel hoop weer te zien ". Dit was als het ware zijn eigen, treurige voorspelling, die in vervulling ging.

Zo'n zeereis - we zagen het hierboven reeds - duurde langer dan vier maanden. Pastoor Verhaag bezweek op 12 december 1863 in de kracht van zijn leven, pas tweeendertig jaar oud. Hij werd in zee begraven op 31" zuiderbreedte en op 36° .oosterlengte van Greenwich, in de Indische Oceaan, ongeveer ter hoogte van Bloemfontein in Zuid-Afrika, maar nog meer dan vijfhonderd kilometer uit de kust en op een afstand van tweeduizend kilometer van Kaap de Goede Hoop, die het schip dus nog niet had bereikt. Dit was dan het einde van deze ijverige, kloeke en onvermoeibare Veldense missionaris in Nederlandsch Oost-Indie, pastoor Verhaag.

Op de foto links zien we J ac. Verhaag in 1855, zojuist tot priester gewijd. Op de rechter foto zit pastoor Verhaag, acht jaar later: afgemat en uitgeput in Batavia, op weg naar het vaderland en naar Velden, dat hij nimmer zou weerzien.

<3) @ 0 0) (9 G)
® G) G (0 0 @ e @
@
@ ® ® @ G B @
e e e ® @ 3. De, voor zover bekend, oudste schoolfoto stamt uit de tijd waarin Velden nog maar een (en dus gemengde) openbare lagere school bezat. Op grond van het feit, dat de in Vierlingsbeek geboren Nicolaas Claassen (8) in 1884 hoofd hiervan werd en dat zijn in 1906 benoemde opvolger J.H. Janssen (Drienen Handrie) hier als een van de grotere jongens afgebeeld (28), op 17 januari 1873 werd geboren, kunnen we de foto op 1885 dateren. Helaas konden met aile namen worden achterhaald. De enige medeonderwijzer van meester Claassen, J. Danissen (16), speelde evenals deze ook een rol in de Fanfare. Hij zou later de school verwisselen voor een be trekking in de zuivel. Nadat de latere Venlose schoolopziener J. van den Donk drie jaar aan deze school was verbonden geweest zouden de in Velden geboren meesters Brueren en Linssen, na 1906 samen met meester Janssen, gedurende vele jaren een bekend trio vormen.

Van de meisjes herkennen wij: Lingskens Annekatrien (3), de latere vrouw Thijssen en moeder van de religieuze Paula Thijssen; verder Maria van den Hombergh (9), de latere echtgenote van "Pieters van de Meule" uit Venlo, en haar nicht en naamgenote, de vroeg gestorven zus van Molders An, naaister van beroep (10). Eveneens nichten en naamgenoten, Theodora Janssen geheten, waren de meisjes (11) en (12): de eerste was een dochter van Gee! Janssen, later gehuwd met Sjang Dirkx (De Sergeant), de tweede een dochter van Andreas Janssen (Drienen Dris sr.) en later gehuwd met A. Dirkx (Drienen Toen), Danker Gritje (M. Haanen) (15) sluit de rij.

Niet met zekerheid konden worden geidentificeerd: Handrie Hafmans, Louis Ledant, G. Hovens (Weer Graad) (18? ), Peters van Hovenshof (19? ) en de latere professor Sjaak Jansen. (20) is echter zonder twijfel de later naar Amsterdam getrokken Sjang van den Hombergh, (26) de overbekende Adolf van den Hombergh en (27) H. Geurts (Konraten Driek).

De achtergrond van de foto - de bij de ouderen nog bekende oude schoolbanken wijzen ook in die richting - is de school zelf, tegen de muur waarvan zoiets als een wingerd schijnt te groeien.

0) o 0 0 0
0 CD 0 0 <0 G
e ® (0 8 0 e ®
@
0) 6 @ 4. Uit 1887 stamt de eerste foto van de Vel dense Fanfare. Vermoedelijk werd zij gemaakt bij gelegenheid van het vermeende vierde lustrum: het vaandel vermeldt immers het foutieve jaartal 1867, dat later zou worden omgeborduurd tot 1864, nadat was komen vast te staan dat de Fanfare een kerstkindje van 26 december 1864 was!

Op de rand van deze foto staan de namen van de tweeentwintig leden, vermeld door de zorgvuldige hand van Antoon van den Hombergh (D'n alden Bekker) (15). Vooraan zitten gemeenteontvanger Antoon Rieter (20), meester Claassen (21) en Antoon Verbeek (22). De kleine trom is in handen van Adolf van den Hombergh (12), de grote in die van Herman Koopmans (13), terwijl als drapeaudrager fungeert metselaar Peter Coppes (14). Tussen Antoon (15) en zijn broer Sjaak van den Hombergh (D'n aide Molder) (19), die directeur was, staan achtereenvolgens: PJ. Geerbex (16), Leonard (Naad) Thissen, een broer van de veldwachter (17) en kleermaker Jan Verhaagh (18).

De volgende rij wordt gevormd door schoester Tinus van Hees (6), naast wie meester Danissen staat (7); vervolgens koster Frits van den Hombergh (8), Th. van Lipzig (Scholsen Thei) (9), kleermaker Reinier Brouwers (10) en Piet Martens (11), de vader van "Hemke". Brouwers Reneerke was niet alleen kleermaker; in zijn winkeltje "onder in het dorp" (thans Wilhelminastraat) kreeg je destijds onder meer zes knikkers voor een cent! Bovendien was Brouwers to en houder van het postkantoor en hij beschikte als zodanig over telefoon. Het gebeurde nogal eens dat de bel van dit rnoeilijke apparaat overging als Reneerke juist op een zekere plaats was geoccupeerd. Het tweede alarm kwam dan van zijn zuster Nel: .Reneer, kniep aaf, 't belt! "

Op de bovenste rij zien we smid Piet Brueren (1), een broer van meester Brueren, Piet Geurts (2), de eerste contributiebetaler van de Fanfare Hendrik van Megen (3), Gerard Verbeek (4) en ten slotte oud-koster Antoon van den Hombergh (5), vader van de latere wethouder Handrie.

5. Geen vereniging in Velden is zozeer met de plaats verbonden als de Fanfare, niet aIleen wat de muzikale begeleiding van bijzondere gebeurtenissen, maar ook wat haar samenstelling betreft. Bij aIle belangrijke rnanifestaties immers is zij present. Geheel de bevolking in al haar schakeringen was er steeds in vertegenwoordigd en is dit nog. En in haar adreslijsten staan ook de oud-Veldenaren geregistreerd!

Uiteraard brengen goede relaties met muziekgezelschappen elders bezoeken over en weer met zich mee. In Velden is het de gewoonte elke tien jaar een festival te organiseren en bij festivals elders is Velden trouw van de partij. Zo op deze foto, waarop de Fanfare rond haar vaandel staat opgesteld op een feestelijk versierd podium, vermoedelijk samen met een aantal gastheren. "UTILE DULCI (het nuttige met het aangename) 1866-1891" luidt het onderschrift, dat verraadt dat het hier gaat om het zilveren jubileum van het muziekgezelschap van Boxmeer. Slechts weinig figuren zijn met zekerheid te herkennen. Tussen het onleesbare schild en het vaandel zien wij meester Claassen en D'n aIde Molder, rechts van de drape au staat Peter Coppes en, boven hem, A. Janssen (Smid Dris), die de dikke trom blijkbaar van Herman Koopmans heeft overgenomen. Zou zijn beroep iets met zijn muzikale functie hebben te maken? Naast Coppes staat de nog jeugdige Adolf van den Hombergh met boven zich, links, Frans van den Hombergh en, rechts, met schouderband, waarschijnlijk Geurts Bert. Verder naar rechts herkennen we, enigszins schuin staande, de toenmalige ontvanger Antoon Rieter en de kleine meester Danissen, met op de achtergrond, tussen hen in, kleermaker Jan Verhaagh.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek