Kent u ze nog... de Voorhouters

Kent u ze nog... de Voorhouters

Auteur
:   J.Th.M. Warmenhoven
Gemeente
:   Voorhout
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4376-9
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Voorhouters'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  >  |  >>

INLEIDING

Gaarne besteedde ik mijn steeds spaarzamer wordende vrije uren aan de historie van "Ons Dorp" Voorhout, in de vorm van de samenstelling van het boekje dat nu voor u ligt. Het zou moeten gaan over grootvaders en grootmoeders tijd, de periode 1880-1940. Ik dacht dit gegeven als hoofdlijn te gebruiken, maar tegelijk ook dieper op onze historie in te gaan. U mist dan de gezellige verhalen van vroeger niet en krijgt tevens een betere kijk op dat kleine dorpje dat velen zo na aan het hart ligt.

Voorhout is van oorsprong een van stuifduinen voorziene oude zandbank. Opgravingen langs de Rijnsburgerweg (nabij de defensiegebouwen) geven aan dat er reeds vijftig jaar na Christus bewoning was in het huidige Voorhout. In 690 kwam Willibrordus naar Nederland en naast de pre diking die hij deed, stichtte hij in Voorhout een van zijn kerken. De naam Foranholte, hetgeen "voor aan het hout" betekent, komt pas in 988 officieel voor.

Op het "Overbos" en het Domineesbosje" na, is al dit "hout" verdwenen door de opkomst van de bloembol! De laatste jaren krijgt Voorhout door toedoen van het gemeentebestuur toch weer langzaam iets van haar oude aanzicht terug.

Uren heb ik mogen luisteren naar hen die de leeftijd van de sterksten hebben bereikt. Velen van hen zijn op dit moment al gestorven, maar hun verhalen en belevenissen klinken in dit boekje door. Het is voor mij, al snuffelend in honderden aantekeningen, of zij een boodschap wilden brengen aan hen die na hen kwamen en ik ben blij hun vertellingen op deze manier te kunnen doorgeven.

Voorhout telde in 1514 slechts veertig huizen en enkele grote kastelen of burchten. In het jaar 1900 waren er nog maar duizend inwoners en nu, in 1974, zijn het er even meer dan zesduizend. Maar in de verdraagzaamheid van de Voorhouters onder elkaar is niets veranderd.

Dank aan de vertellers en vertelsters en aan hen die het fotomateriaal beschikbaar stelden. Wij hebben als het ware dit boekje met elkaar geschreven. Ik hoop dat de Voorhouter en al diegenen die ver van hier wonen, maar zich t6ch Voorhouter voelen, plezier ervan zullen hebben. Voor hen schreef ik op de eerste plaats, maar ook voor Hans en Hetty, mijn kinderen, en niet op de laatste plaats voor mijn vrouw Henny die al mijn krabbels via de schrijfmachine heeft ontward.

Noordwijkerhoek- of Pijpenbrug.De belangrijkste waterwegverbinding, de Leidsevaart, tussen Leiden en Haarlem is in 1657 gereedgekomen. Dit grote karwei was binnen een jaar gereed. Nu kon het vervoer per trekschuit tot ontwikkeling komen. Daarvoor werden hier en daar logementen opgericht, waar reizigers konden wachten of overnachten. Naast de belangrijke herberg "De Bonte Koe", waarover misschien later, was er aan de Noordwijkerhoek ook een uitspanning gebouwd. Vele Noordwijkers die met de trekschuit naar de stad moesten, kwamen naar deze plaats lopen of werden met een koetsje gebracht. Ook pakketpost en bestellingen werden daar afgeleverd. Oude Voorhouters kunnen zich nog de restanten van dit gebouw herinneren. "Het Kasteel" noemde men dit grote, wit gepleisterde gebouw. "Oude Gerrit" Langeveld liet het slopen en op die plaats bouwde de Voorhoutse aannemer Jan Huffner, die samenwerkte met Breedveld uit Noordwijk, vier huizen. Twee van zijn zoons, Willem en Dorus, kwamen er te wonen en bleven er totdat, in opdracht van de bezettende Duitsers, de huizen in 1942 werden afgebroken, In drie dagen moesten beide boeren hun boerderij met vee en hooi ontruimen. Beiden konden hun vee en gezin onderbrengen in de defensiegebouwen op de grens van Rijnsburg. "De vlucht naar Nazareth" noemden ze deze snelle verhuizing. Aan de Noordwijkse kant van de brug kwam een geweldige bunker met loopgravenpartij, permanent door soldaten bezet. De laatsten waren Mongolen, in dienst van de Wehrmacht. Twintig jaar na de oorlog yond men pas de vele kilo's springstof die nog in het brugdek verstopt zaten.

Er waren nog anderen dan de Langevelden die bij de brug woonden: schoenlapper Split die daar met "Rooie Gree" Kraakman woonde. Huub Prins, de familie Van Kempen en Henk Warmenhoven, die zich, pas getrouwd en uit Noordwijk afkomstig, daar voor een jaar vestigde om daarna naar het dorp te gaan. Ook Maarten de Jong, getrouwd met een dochter van Werkhoven, woonde er in 1923. Ook Niek van Schie, de latere klokkenmaker, getrouwd met een dochter van Van Schooten, en Jan Smit waren oude bewoners van deze verdwenen huizen. Dorus Langeveld, wiens tweede vrouw, Kee de J ong, uit het nabijgelegen cafeetje kwam, kreeg er in 1930 nog een baantje bij als veerman. De brug moest vergroot worden en hij verzorgde de veerdienst voor vier gulden per dag netto. "Een best loon" zegt "Orne Dorus", fooi mocht ik niet aanpakken; de overtocht was gratis, maar als ze

1. Na 1840 was Voorhout per trein te bereiken en dit was de reden dat de vertegenwoordiger van de bisschop van Haarlem het landgoed "Sehoonoord" koeht. Er moest een nieuw klein seminarie in Zuid-Holland komen en de keuze viel op Voorhout. Hiervoor werd in 1845 vergunning verleend door de Kroon. In nog geen anderhalfjaar was men klaar met de accommodatie (boven] voor de priesterstudenten. Het gebouw had f 118.200,- gekost. In 1872 kwam de nieuwe verbouwing tot stand. Nu konden er nog 200 studenten worden gehuisvest, De gaslampen in de studiezalen (onder) gaven veel helder lieht. De "sterrentoren" had een watertank die met behulp van de "rosmolen" gevuld werd. De druk was zo groot dat men overal water had. In 1923 ging het klein-seminarie naar Heemstede en vele Voorhoutse gezinnen gingen mee.

vroegen: "Wat kost het? " zei ik: "Dat laat ik aan uw eigen beleefdheid over". Een rijke heer zei toen eens: "Dat is het duurste tarief man".

Net aan de andere kant van de brug stond cafe "Toon de Jong", later cafe "Jan Com pier" genoemd. Com pier, wiens kinderen in Voorhout op school waren, was de laatste bewoner. Ook dit cafe werd in 1942 afgebroken op last van de Duitsers. Het cafe was een pleisterp1aats voor vissers en bruiloftsgasten die uit rijden gingen en even "opstaken" (borre1tje drinken). Het water voor de huishouding kwam uit de heldere Leidsevaart en werd gefilterd. Het cafe gebruikte water van Noordwijk dat in een tank werd aangevoerd. Toon werkte als boerendaggelder bij Hein van der Hulst. 's Winters was er bij ijs veel belangste1ling voor brandewijn. Een pad van stro, van het cafe naar het ijs, maakte dat de schaatsen niet afgebonden behoefte te worden. Toen dit cafe was afgebroken, was er geen bebouwing meer aan de Noordwijkerhoekbrug. Er was al lang geen bedrijvigheid meer van de schippers, die de reizigers haast lieten maken met: "Het paard gaat aan de lijn! " Als ieder gezeten was in de "roef" zonder klasse en met als enige luxe een kussen voor wie extra wilde betalen, dan klonk in aile vroegte "Jagertje vooruit", De reis was begonnen. Op deze manier reisden langs de Noordwijkerhoekbrug alleen a1 in 1663 in totaa16S.837 personen, kinderen tot drie jaar niet meegerekend.

Door de studenten van seminarie Hageveld, in 1847 aan de Leidsevaart nabij de Nagelorug gesticht, werd deze brug de "Pijpenbrug" genoemd, vanwege het studentengebruik om op de 1aatste dag van het studiejaar hun Goudse pijpen op de brug kapot te s1aan. Bij baggerwerken in 1971 kwamen inderdaad vele pijpenkoppen met de modder naar boven.

Het Grietjes- of Vrijerslaantje, Tussen de Noordwijkerhoekbrug en de Nagelbrug liep een laantje naar verschillende boerderijen en huisjes. Reeds in 1746 stond er een boerderij, "Den Nouck" genaamd. Bewoners in latere tijden waren Groenenwegen, Verhoeven, Sijmen Heemskerk en nu de gebroeders Heemskerk. Het "voerpad" heette dit pad dat langs de oude boerderijen liep in 1746. Rond 1900 vervie1, door het meer gebruiken van de Rijnsburger-

2. Boven: cafe "Toon de long", later "cate Compier" bij de Noordwijkerhoekbrug werd in 1942 door de Duitsers gesloopt: Rechts ziet men de tankgracht makende zandzuiger

Onder: DoTUs Langeveld heeft tijdens de verbreding van de Noordwijkerhoekbrug een baantje als veerman gekregen. Samen met Kee de long, zijn tweede vrouw, en een zoon van Willem Langeveld vaart hij hier over. Onder de brug door ziet men de Boekhorstmolen. De huizen rechts zijn in 1942 door de Duitsers gesloopt:

weg (in 1746 den Heerwegh) een gedeelte van dit pad, dat toen in de vo1ksmond Grietjeslaantje werd genoemd. Het werd "gebruikt" als "Vrijers1aantje".

De 1aatste westelijke boerderij was van de famille Van Vliet (nu Onderwater). Tussen deze woning en de huidige brug stond een he1e grote boerderij aan het eind van een prachtige 1aan. Tot rond de eeuwwisseling lag deze in het bos. De boerderij werd bewoond door "Ouwe Nicht". Alles was bos, hakhout of heideve1djes. De weiden tussen de stroken bos had den namen a1s "Joppe krocht", "Arme krocht" en "Het Pikkert de bos", Jachtopziener (koddebeier) was Van Egmond. Deze had de bijnaam "Lange Daan" en was altijd op pad om stropers of eierzoekers te betrappen.

Door het graven van de Leidsevaart in 1657 waren verschillende oeroude verbindingswegen doorgesneden. Zo ook het Grietjes1aantje (naar de bewoonster Grietje Angevaare). Deze 1aan had 1angs de Dinsdagse Wetering, nu niet meer aanwezig, een verbinding met het dorp. Ook de E1stgeesterlaan, een verbinding van Katwijk naar Haarlem 1angs het slot Teylingen, werd door de Leidsevaart en later door de aan1eg van de spoorlijn in 1840 a1s doorgangsweg onbruikbaar. Het Grietjes1aantje begon op de grens van hakhout en weiland, daar waar nu nog het Columbiabos eindigt. Er 1agen ook enkele krochten: zandwalletjes met hakhout en braamstruiken die in de winter droog b1even en vee1 wild bevatten. Het bos was zeer dicht en herbergde veel wild zo rond 1900; ook vossen werden wel gevangen.

Toen in 1847 het priesterseminarie gebouwd werd, moesten er voor het personeel ook wat woningen gebouwd worden. Twee huizen verrezen voor dit doe1 aan het Grietjes1aantje. In het meest westelijke huis, aan de kant van de boerderij van Langeveld, woonde rond 1910 Piet Angevaare. Hij was ko1ensjouwer en weduwnaar. Een van zijn dochters was Trijntje en deze trouwde met een onderwijzer, wat heel bijzonder was in die tijd. Huibje ofte weI Huberta was strijkster bij de 1atere firma Diebe. Grietje b1eef bij haar vader tot diens dood en trouwde op latere 1eeftijd met Piet van Kampen, die een 1evensmidde1enbedrijf had aan de Jacoba van Beierenweg. Dit bedrijf wordt nog steeds voortgezet door zijn zonen in Voorhout en in Katwijk. Zijn eerste vrouw was gestorven en Grietje nam

3. Het Grietjeslaantje werd op de kaarten van 1746 .Jlet voer pad" genoemd. Hier woonde Grietje Angevaare, die in het linker huisje voor haar vader Piet zorgde. Piet was kolensjouwer op het seminarie. Grietje trouwde met de weduwnaar Piet van Kampen (kruidenier}. Rechts woonde Dirk v.d. Nouland die met Marie v.d. Voorn (Zwarte Marie) getrouwd was. Dirk werkte oak op het seminarie, als stoker. Aai Schoes (de schoenmaker) woonde in bi] de [amilie v.d. Nouland. Toen Marie weduwe werd, hertrouwde ze met Tinus van Winsen. Op de plaats van de woningen vinden we nu het .Broeder Kerkhof".

de zorg voor de tien kinderen op zich. Naast haar woonde Dirk van den NouIand. Hij werkte 66k op het seminarie als stoker, hakker in het bos en takkenbossenmaker voor de bakkerij. Dirk, die met Marie v.d. Voorn (Zwarte Marie) getrouwd was, schoot een van de laatste vossen. Het was in de tijd dat het bos en het hakhout moesten verdwijnen voor de boilengronden van de firma Van Zanten. De vossen, die geen bescherming meer hadden, kwamen dieht bij de mensen en roofden heel veel kippen van het seminarie. Toen de vos bij Dirk aan de schuurdeur hing, kwam al het "werkvolk" kijken. Dirk stierf in 1912 op veertigjarige leeftijd, Marie, zijn vrouw, trouwde drie jaar later met Tinus van Winsen, die nog vijfentwintig jaar als boer en was baas voor de bisschoppelijke nijverheidsschool zou werken. Tinus kwam uit Warmond waar zijn vader koster was. Marie v.d. Voom, die vooraI bij de ouderen bekend was als "Zwarte Marie", was als kind grootgebracht door haar grootmoeder, die met Van Dijk was getrouwd. Toen haar grootmoeder stierf, bleef haar zoon Arie aileen achter. Hij mocht aIs dank komen inwonen bij Marie en verhuisde steeds mee, dus ook naar het Grietjeslaantje, to en Marie en Dirk daar gingen wonen. Arie, door iedereen "Aai Schoes" genoemd, was veertig jaar schoenmaker op het seminarie. Hij was veertig jaar tussen de priesters geweest en hij stierf vrij onverwachts, zonder de Iaatste sacrament en.

Deze beide families had den als buur de familie Langeveld, die even verder woonde. Gerrit, driemaaI getrouwd, had bij deze vrouwen eenentwintig kinderen. Marie v.d. Nouland-v.d. Voom legde, zoals de burenplicht dit in die tijd vroeg, een van de vrouwen van ouwe Gerrit af toen ze gestorven was. VeIen kunnen zich Gerrit nog herinneren aIs hij met het rijtuig naar de kerk ging. De uitgebreide familie LangeveId was een meester in het bedenken van grappen. Als zij bijvoorbeeld niet op een bruiloft waren genodigd, lieten ze wel eens een rijtuig verdwijnen of aten het bruiloftsmaal tijdens de kerkdienst op. Oak werd weI "de pIee" in het donker onkIaar gernaakt. De smakelijke verhalen van "orne Dorus" LangeveId zijn overal bekend. De boerderij lag aan de oostkant geheeI tussen bomen en hoewel er heel veel kinderen waren, konden ook de zwervers er rond 1900 ailemaal terecht am te eten of te sIapen.

4. Vastenavond is een [eest van rooms-katholieken, dat veertig dagen vaar Pasen gevierd wordt. Die veertig dagen waren .vastendagen'' en op de allerlaatste dag ervoor werd [eestgevierd. Rond de eeuwwisseling was dit in Voorhout een feest waarnaar lang werd uitgekeken. Deze fraaie foto is van de familie v.d. Nouland-van Schie (op het moment van schrijven bijna zestig jaar getrouwd). Op de hoek van de Engelselaan staat deze groep klaar om te feesten. We zien: Neel v.d. Nouland, Ka Bierman-v.d. Nouland, Chris en Jaan Bierman-v.d. Nouland, Kee de Groot-v.d, Nouland, Toon de Groot, Kee Wessel-van Werkhoven, Janus Wessel en Jans v.d. Nouland (getrouwd met Willem van Jan van Winsen). Zittend: Dirk v.d. Nouland, Na v.d. Nouland-van Schie, Piet v.d. Nouland (in het kistje], Sien Janson-v.d, Nouland, Marie van Schie-Zalm, Nard v.d. Nouland en Adriaan Smit,

Drie bekende zwervers leven in gedachten bij heel oude Voorhouters nog voort: "Josie de Wandelaar" van wie men zong: "Wat staan je poten raar". Maar Josie, die van betere komaf was, zei altijd: "Benen zullen jullie bedoelen". Josie, die als hij bleef slapen zelf maar vers stro in de varkensschuur moest gooien, is er zelfs dood gegaan, geheel vervuild en met luizen overdekt. "Jan de Wijker" en "Jan Bader" waren ook zwerversdie er een onderkomen konden krijgen. Gastvrij was een ieder rond 1900, hoe arm men ook was. Buren die in ondertrouw waren, zochten elkaar op en namen in kleurige zakjes verpakte bruidssuikers mee voor de thee.

Oude Gerrit stierf op vierentachtigjarige leeftijd, De huisjes van Grietje Angevaare en Dirk van den Nouland werden door Harry Ottenheim (afkomstig uit Limburg en schoonzoon van Marie en Dirk) afgebroken, in opdracht van de in 1923 naar Voorhout gekomen broedercongregatie. De stenen werden gebruikt als fundering van de kerkhofafzetting; de waterput van de huisjes bleef tot voor kort bestaan. Een oude gezellige plaats was verdwenen: schuurtjes met de geit (volkskoe), gezamenlijke waterput en de beroemde Lancaster-gordijntjes waren weg en het kerkhof kwam er voor terug. Grietje ging trouwen en Marie v.d. Voorn hertrouwde met Tinus van Winsen en ging op de boerderij wonen die oorspronkelijk het stalhuis was van de buitenplaats "Schoonoord". Nadat het stalhuis bakkerij was geweest van het seminarie, dreef Tinus er het veebedrijf van de broeders die veel land in bezit had den in de Elsgeesterpolder. Moeder Marie had een prive wasserij en strijkerijtje voor het personeel van "het huis" en deed dit met haar dochter Dora ("Dikke Door") die ook de rooms-katholieke kerk schoonmaakte. Gastvrij als ze was, had ze als oud-kasteleinsvrouw nog altijd veel aanloop en ook de plaatselijke toneelclub hield bij haar de repetities. De boerderij werd later met het.Dverbos" gekocht door de gemeente Voorhout en wegens bouwvalligheid in 1958 afgebroken,

Onafhankelijkheidsfeesten 1913. Het uitbundig feesten zit de Voorhouters in het bloed. Dit is niet in alle plaatsen van onze bollenstreek hetzelfde. Wie nu de kermis van Voorhout meemaakt of die van een halve eeuw geleden,

5. Boven: onafhankelijkheidsfeesten 1913 op de hoek van de Knip. Onder het bord staan onder anderen: melkboer Leen Langeveld, Pie Oostdam (een zuster van Hein), Gree Kraakman (een zuster van de .xmde" koster), Cato Vester, Mie en Betje van Werkhoven van de Zandsloot (Betje trouwde met Maarten de long), Bet van Rijn (de vrouw in het zwart) en Mijntje van Dam (getrouwd met v.d. Holst).

Onder: "De tocht van Napoleon naar Rusland", een groep uit de optocht. Hein van Wieringen zit op het donkere paard links. Achterop staat Hein Eigenbrood: "Napoleon" was de vader van Herman Lindeboom. Verder zien we Engel Bakker, Gees Boere, Gees Tetteroo, Piet van Kampen (op het paard] en Andries de Groot, erachter.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek