Kent u ze nog... die van Valkenisse

Kent u ze nog... die van Valkenisse

Auteur
:   H. Hendrikse en J. Roose
Gemeente
:   Veere
Provincie
:   Zeeland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4398-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... die van Valkenisse'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING.

"Die me ziet, die zal me kenne. Opgeschreven door N.N. Toen ik op een hofje zat. Tussen Dishoek en de stad". Deze regels werden tussen 1830 en 1840 geschreven bij een verzameling liedjes en spreuken. Wie het Ie est, kan aan het peinzen raken. Wie zou die N.N. geweest zijn? Een boer uit de Westhoek van Koudekerke? Een Kluyfhout, een Wielemaker of een Vos? We zullen het weI nooit meer weten. Zo vergaat het ons ook als we bladeren in de oude fotoalbums, met fluweel bekleed, verguld op snee. We zien al die staatsieportretten van mannen en vrouwen in stijve dracht, mensen die reeds lang uit de tijd zijn en we vragen ons af wie dat zouden zijn, Treffen we iemand van gevorderde leeftijd, dan komt vanzelf de vraag: "Kent U ze nog? " Meestal hoeft men dan verder alleen maar te luisteren naar de verhalen die loskomen.

Het was een aardige bezigheid dit boekje samen te stellen. Hier wordt de herinnering nog eens opgehaald aan het vorige geslacht (J ob 8: 8). Aan de mannen die het toen voor het zeggen hadden en aan personen die zich inzetten voor de gemeenschap. Aan hen die de vooraanzittingen begeerden en aan de stillen in den lande. VerdiensteIijken staan hier afgebeeld en roemruchten, sommigen waren het allebei tegelijk, .. Over een enkeling doen nog verhalen de ronde anderen zijn bijna vergeten. Een klein gedeelte is nog onder ons. Menigeen zal het plezier doen een "stikje ferrnielje" hierin terug te vinden. Of anders toch wel een onderwijzer die hun les gaf, of een veldwachter die hen de les las.

Bij het samenstellen was de hulp van velen nodig. Ze worden allen bedankt en weI in het bijzonder het personeel van het gemeentehuis, voor wie geen moeite teveel was. We wensen u genoegen bij het kijken en lezen in dit boekje en hop en met de dichter voornoemd, dat "wie ze ziet, ze weer zal kenne."

1. Hierbii een foto van een man die zeer zeker ook een plaats verdient in ons boekje en aan wie velen een schone en dankbare herinnering bewaren. Wij bedoelen de heer Willem Pieter Calliber, geboren te Middelburg 3 maart 1849. Op 31 maart 1890 werd hi] door de kerkeraad van Biggekerke - dat jaren1ang geen predikant had - tot godsdienstonderwijzer benoemd en aanvaardde er 8 juni van dat jaar de arbeid, waarin hij met veel zegen en ijver werkzaam was. Daarv66r was hij vijf jaar Evangelist te Aardenburg van waaruit hij ook de gemeente van Sint Kruis diende. Een eervolle positie bij Waterstaat werd verlaten am de in het oog der wereld nederige positie van godsdienstonderwijzer te aanvaarden. Ondanks voorstellen van prornotie en financiele verbetering wees de heer Calliber dit alles van de hand. Hij wist zich door God geroepen en niemand of niets kon hem weerhouden. Op 3 januari 1903 werd hij als godsdienstonderwijzer bij de Middelburgse hervormde gemeente geinstalleerd. Met buitengewone en onverflauwde ijver heeft hij ook daar zijn veelomvattende taak vervuld. Op 19 april 1935 vierde de heer Calliber zijn gouden jubileum. Een zeldzaam jubileum: vijftig jaar godsdienstonderwijzer en dan steeds in actieve dienst. Men zag het hem niet aan: wie de "in de dienst van zijn Heer" vergrijsde man met nag altijd jeugdige tred door de Middelburgse straten zag gaan, wie zijn onverflauwde ijver en activiteit gadesloeg, kon zich haast niet voorstellen dat die man toen de 86 reeds was gepasseerd. Heel Walcheren kende en waardeerde hem. Hoe vaak heeft hij niet op zondag het Evangelie verkondigd in vele Walcherse gemeenten en daarbuiten! Al wat hij deed - en dat was niet weinig - deed hij steeds vol liefde. De bijzondere kerkeraad van de hervormde gerneente van Middelburg gaf de heer Calliber op diem verzoek per 1 januari 1936 eervol ontslag. Maar korte tijd heeft hij van zijn rust mogen genieten. Op 18 mei 1937 is de goede man op achtentachtigjarige leeftijd te Middelburg overleden. Als een bijzonderheid kan nog worden vermeld dat de heer Calliber te Krommenhoeke eens een begrafenis heeft geleid die per schuit geschiedde. Op 10 november 1896 werd Zoetic Sturm, de vrouw van Johannes Schaut, met een schuit begraven, omdat de vele regens de weg naar Biggekerke onbegaanbaar had den gemaakt. De over1edene werd in een schuit van W. Dekker naar het dorp gevaren, terwijl de farnilieleden en dragers langs het voetpad volgden. Een dergelijke begrafenis is later op Walcheren nimmer meer voorgekomen.

2. Na van 1873-1902 geen predikant te hebben gehad, ontving de hervorrnde gemeente van Biggekerke weer een eigen leraar in de persoon van Swerus Hermannus Johannes James, geboren op I oktober 1877 uit een predikantsgezin te Enschede. Hij bezocht eerst het stedelijke gymnasium te Schiedam en studeerde daarna aan de rijksuniversiteit te Leiden, Nadat de heer James door het provinciaal kerkbestuur van Zeeland was toegelaten tot de evangeliebediening in de hervormde kerk, nam hij op 31 oktober 1902 het beroep naar Biggekerke aan en aanvaardde er de dienst op 8 maart 1903. In 1905 vertrok hij naar Lage Zwaluwe, vanwaar hij op 25 oktober 1914 naar Rotterdam-Delfshaven ging, Deze derde en laatste gemeente diende dominee James tot 1 augustus 1943 toen hem na ruim veertig dienstjaren op bijna zesenzestigiarige leeftijd emeritaat werd verleend. Na zijn emeritaat vestigde de dominee zich eerst te Amstelveen waar hij nog ongeveer acht jaar als hulpprediker heeft gediend. Tijdens zijn ambtsbediening te Rotterdam-Delfshaven nam dominee James daar het initiatief tot de kerstnachtwijdingen. Begin december 1960 is dominee James te Harderwijk overleden en te Errnelo begraven .. Hij was gehuwd met Henderina de Zeeuw. Van dominee James is een aardig verhaal bekend dat echt gebeurd is. Het was in Biggekerke de gewoonte dat de dominee tegen Kerstmis met een collectebusje naar zijn gemeenteleden ging am de behoeftigen op deze feestdag iets extra's te kunnen geven. De dominee had daar wel bezwaar tegen. "Ik ben predikant", zei hij, "doch geen bedelmonnik". Hij ging evenwel en moest ook bij een rijke boer zijn. Om te zien wat deze geven zou (hij kende zijn mensen al enigszins), ledigde hij eerst zijn busje en ging dan naar de hoeve. Thuisgekomen deed hij dit open en wat vond de dominee? Een stuiver! Toen is hij teruggegaan en he eft de boer op zijn prachtig kabinet gewezen waarin verrnoedelijk wel duizenden guldens waren opgeborgen. In die tijd werd het geld meestal thuis bewaard. Het resultaat was dat de boer over de brug moest komen; voor hoeveel zijn we met te weten gekomen. Het mooie "kammenet" is nog aanwezig doch dat vertelt niets ... Dominee James is maar twee jaar te Biggekerke geweest doch heeft in die korte tijd een grote opmerkingsgave gehad, hetgeen moge blijken uit een van de boeken die hij heeft geschreven, getiteld "Het Rozenhof". Deze sleutelroman is voor ons belangrijk daar het zich geheel in Biggekerke afspeelt.

3. Een zomerse zondag in het landelijke Biggekerke omstreeks 1908. De kerk gaat uit. De derde vrouw van links is Cornelia de Wolf, de echtgenote van Aarnout de Buck. De jongen met de horlogeketting op het vest is de vijftienjarige Willem de Wijze, thans (1973) te Middelburg wonende. Zoals u ziet dragen de vrouwen de kerkbijbel met de twee zilveren klampen (en soms ook wel beslagen met 8 zilveren hoeken) op de arm, met de sloten buitenwaarts gericht, Op de achtergrond de kerk met toren, consistorie en brandspuithuisje. De aan de zuidzijde gedeeltelijk ingebouwde toren en het hier Diet zichtbare koor stammen uit ongeveer 1400, het schip van de kerk vermoedelijk uit een latere periode. De bij de kerk passende consistorie werd omstreeks 1912/13 afgebroken en vervangen door een stiilloos gebouw met plat dak dat de kerk in hoge mate ontsierde, Bij de restauratie in 1957 werd meer naar het koor een nieuwe consistoriekarner gebouwd. Het portaal, een toevoegsel uit later tijd, verdween oak. Kerk en toren hebben geslachten na geslachten zien komen en gaan, Zij zijn stomme getuigen geweest van de vreugde maar ook van het leed van de dorpelingen. De kerk staat hier letterlijk in het midden en het kerkelijk leven concentreert zich hier dan ook nog om de oude dorpskerk, daar Biggekerke het zeldzame voorrecht geniet maar een kerk te bezitten, een toestand die sedert zijn stichting onveranderd is gebleven.

4. Hier ziet u op de achtergrond het gebouw van de christelijke school te Biggekerke, gebouwd in 1871 met het opschrift "Het Erfdeel Gods", ontleend aan psalm 127: 3a. Deze school, eigendom van de "Hulpvereniging voor Gereformeerd Schoolonderwiis", stand aan de oostzijde van de Dorpsstraat achter de nu nag bestaande voormalige onderwijzerswoning, thans numero 30. Het groepje dat hier poseert be staat van links naar rechts nit: de zusters Francien en Lena de Bree, haar echtgenoot K. Wielemaker, diens moeder Antle Wielemaker-Pattenier en Anna Muller, met witte schort, die onderwiizeres was. Zi] trouwde met de zendeling D.C.A. Bout en vertrok later naar Nieuw-Guinea. Ret jongetje is vermoedelijk Willem de Bree, een pleegzoon van de heer Wielemaker. De dames op de achtergrond zijn van links naar rechts: Mien Muller, onbekend en Suus Muller. De foto werd gernaakt tussen 1906 en 1909. Kornelis Wielemaker werd geboren op 26 februari 1870 op het hofje "Klein Valkenisse" aan het Vroon te Biggekerke, als zoon van Jan Wielemaker en Anna Pattenier. Al op de Iagere school bleek Kornelis een goed verstand te bezitten, Financieel was het echter onmogelijk hem verder te laten studeren, doch met medewerking van dokter Bertel uit Koudekerke kon hij de normaalschool te Middelburg bezoeken om opgeleid te worden tot onderwijzer, Na zijn examen was hij werkzaam aan de diaconieschool te Aagtekerke om op 1 mei 1893 hoofd te worden van de christelijke school te Biggekerke. Deze hoogst verstandige en in alle opzichten bekwame man was oak leraar aan de christelijke kweekschool voor onderwijzers te Middelburg en tevens secretaris van het bestuur van die school. Bij al zijn schoolarbeid en werkzaamheden voor de pers was de heer Wielemaker ook lid van het bestuur van de centrale antirevolutionaire kiesvereniging en yond hij nog de tijd zich te verdiepen in de burgerlijke en kerkelijke geschiedenis van zijn dorp,

Wielemaker was ook een zendingsvriend bij uitnernendheid. De Walcherse zendingsraad der hervormde kerk had als zendingsterrein het landschap Djailolo op de westkust van het eiland Halmahera in de Grote Oceaan. Op 1 maart 1910 verscheen het eerste numrner van het Djailolo blaadje, bij velen uit hun jeugd nag welbekend, nit eerste nummer werd door Wielemaker geheel aileen verzorgd. Wie herinnert zich ook niet de zendingsfeesten te "Groot Valkenisse" op de derde pinksterdag, waaraan hij zijn teste krachten gaf om ze te doen slagen? Deze feesten behoren nu reeds lang tot het verleden, Aan zijn werkzaam leven kwam maar al te spoedig een einde. In de beruchte Spaanse grieptijd van 1918 overleed hij op achtenveertigjarige leeftijd op 11 november. Zijn begrafenis werd door een grote schare belangstellenden bijgewoond. Vele sprekers hebben toen getuigd van zijn veelzijdige kennis op allerlei gebied, Zijn boekenbezit was door hem vermaakt aan de christelijke kweekschool te Middelburg, Als bijzonderheid kan nog worden vermeld dat in diezelfde Spaanse grieptijd eveneens twee neven van hem overleden, beiden oak Kornelis Wiele maker geheten.

1. S5

MEl 1920.

~ Acres van Br. G. H. SCHOLTEN: OJ_itolo, Po.' Tern.le, Nederlandsch Oost-lndie

Adres van Br J. FORTGENS. Hulpprediker te Langa.on. Minahassa Xed. Oost-rndie.

Op nea r vetkenssse.

De derde Piuksterdag is gebleken een geschlkte dag re zijn voor ens Zendingsfeest Met reden zljn we daarom dankbaar, dat we op dien dag 25 Mei a s. kunnen re zamen Kamen op de bekende weide, bij Valkenisse.

Wie van de tram gebrulk , maakt, vertrekke van .1iddelburg 12.27) van Vlissingen 12 30, aankomst te B;ggekerke I 03. Van de richting Domburg zal men wat vroeger rnoeteu zijn

Te zamen brengen wij dan eerst eeu bezoek aan het g'raf van wijlen den heer K Wielemaker, waarbij ouze vcore.ner, de heer Peterrneijer, een woord spreken zal om half rwee

Veor de wandeling naar vatkentsse is tijd genoeg over, als wij om ltaiJ d,ie aldaar ons feest openen.

De sprekers zijn:

Os. J. K. f. MANTZ van Wolfaartsdijk, Openlngswoord.

Zendeling A. j. BLiEK van de Ned. Zend. Ver ..

Onderwerp : "De Chineczen op het arbeidsvcld dcr N. Z. V-' Zendeling H. J STOKKING van het Sangi en T. Com, Onderwerp : ., Gods kracht cpenbaar op Salaoct".

Os. G. VAN DIS van Zaamslag,

Onderwerp : ,,'1oortgaan of nict".

Voor muziek-begeteiding bij de zang wordt nog gezorgd.

Het entreegeld is bcpaald op 25 cts voor VOIWJssellCI1 en 15 cents voor kindercn

Op het terrein is eeoc cant inc, (voor brood geeu bons noodig) eveneens cene bergptaats voor Iietsen .

? : __ ?? ~~ ?? ~~_~:nt~~clJ,.~~~~I~:: ... n~c~~~:~_ .?. _~a.:,r worden ~aar"e inlich-

5. Wat kon het gezellig druk zijn in het bovenmeestershuis van Kornelis Wielemaker. Er kwam steeds veel bezoek: predikanten met hun vrouwen, onderwijzers en zendingsvrienden, want de zen ding had de grote belangstelling en de liefde van zijn hart. Was deze zendingsman dominee geweest, hij zou er de zendingsgeest hebben ingepreekt. Dat hij veel voor de zen ding heeft gedaan blijkt ook uit zijn briefkaart aan dominee L. Hiimans te Koudekerke die u hier ziet afgedrukt. Met fijne 1ettertjes geschreven kwam tot uiting wat in hem leefde. In het Djailolo blaadje van januari 1912 herdacht meester Wie1emaker in een gedachteniswoord zijn in 1911 overleden vriend dominee Hijmans en herinnerde er aan dat hij hem op het einde van 1909 de uitgave van het Djailolo blaadje voorstelde en dat de predikant de gedachte onmiddellijk met beide handen had aangegrepen.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek