Kortgene in oude ansichten

Kortgene in oude ansichten

Auteur
:   C.P. Pols
Gemeente
:   Noord-Beveland
Provincie
:   Zeeland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3212-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kortgene in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

De smalstad Cortgene heeft een bewogen geschiedenis achter de rug en in verhouding tot de andere dorpen op NoordBeveland is van "Kurtjeen" veel meer uit het verleden bekend, maar dat komt omdat het eens een stad was. Het lag aanvankelijk op de noordelijke oever van de Zuidvliet en was een smalstad, compleet met huizen, straten en een kasteel, SmaIlegange beeldt het ten onrechte af met hoge zware vestingmuren, waarin massieve poorten waren aangebracht en waarop ronde wachttorens uitzicht gaven over de verre omtrek. Door zijn ligging aan de Zuidvliet was het stadje gemakkelijk bereikbaar.

Aangenomen wordt, dat Zuid- en Noord-Beveland eertijds hebben bestaan uit een eiland, Bivelant geheten, en dat wordt als zodanig reeds genoemd in een officieel stuk (charter) van 24 januari 966. Door stroomschuring is de Zuidvliet steeds dieper en breder geworden en op die manier werd een deel van het oude Bivelant zodanig van het moederland gescheiden, dat van een directe relatie nauwelijks nog sprake kon zijn. Zo zijn Zuid- en Noord-Beveland twee afzonderlijke gebieden geworden. Het vermoeden bestaat dat deze toestand omstreeks het midden van de twaalfde eeuw is ontstaan. Noord-Beveland werd in het verleden herhaaldelijk door stormvloeden, dijk- en oevervallen geteisterd, waardoor het steeds van vorm is veranderd. Ter weerszijden van Cortgene werden in 1340 twee inlaagdijken gelegd, omdat het land opnieuw door oevervallen werd bedreigd. Dit alles mocht echter niet baten en de zee sloeg herhaaldelijk toe. Op 19 november 1421 werd de plaats getroffen door de bekende Sint-Elisabethsvloed, maar ruim een eeuw later - zaterdagmorgen 5 november 1530 - voltrok zich het grote drama dat de ondergang voor Cortgene betekende. Tussen 8 en 9 uur in de ochtend van die rampzalige dag in 1530 begon het uit het noordwesten te stormen. Reygersberch, apotheker te Veere en afkomstig van Cortgene, vertelt er op uitvoerige wijze van in zijn kroniek, die eenentwintig jaar later te Antwerpen verscheen. Op 5 november 1532 overstroomde in het holst van de nacht de noodkade en vele inwoners verdronken. Het lot van de stad Cortgene was bezegeld.

Pas tegen het einde van de zeventiende eeuw is men het dorp en omgeving gaan herdijken. AIleen de kerktoren herinnerde nog aan de smalstad van v66r 1530. Het is thans het enige monument op het eiland uit de middeleeuwen. In 1953 werd Kortgene opnieuw getroffen door een watersnoodramp, die men in bepaalde opzichten zou kunnen vergelijken met de ontzettende stormvloed in 1530. Ook nu verdronken vele inwoners.

De naamsoorsprong van het dorp is niet met zekerheid vast te stellen en pogingen om deze naam te verklaren, berusten uitsluitend op gissingen. De waternaam "keen" als geul in buitendijkse gronden behoort tot de mogelijkheden.

Men zou over het "stedeke" Cortgene nog zoveel meer kunnen schrijven, maar dat laat deze ruimte niet toe. Het overvaren met de veerboot "de Zandkreek" is er tegenwoordig niet meer bij en ook de schorren - aan weerszijden van de Veer dam - kunnen niet meer blank staan, zoals dat vroeger nogal eens het geval was. Het voormalige veerhuis is verbouwd tot een modern restaurant voor de zeilers, die hier een heerlijke haven en een goed onderkomen hebben gevonden. Waar destijds een schaapherder in zijn lange jas tussen de schorrebloemen ging, staan nu honderden bungalows. Ook het silhouet van het dorp is gewijzigd, nu een witte graansilo over kerk en dorp domineert.

We gaan op stap door het oude Kortgene. De tocht, in dit boekje geboden, zal diegenen die hier geboren zijn, doen terugdenken aan de tijd dat het dorp nog "hun" dorp was, waar iedereen elkaar kende en weI en wee samen werden gedeeId, waar op de bank het nieuws uit het streekblad op de mooie zomeravonden, zoals die alleen maar vroeger voorkwamen, werd uitgewisseld. De polderwegen waren nog omzoomd met meidoornhagen, de wilgenbomen (kopbomen) langs de sloten stonden het verkeer nog niet in de weg, de verdelgingsmiddelen hadden nog niet hun giftige uitwerking op de bermen. Wie voor het eerst met Kortgene kennismaakt zal veel nieuwe dingen tegenkomen. Wie ermee vertrouwd is, zal in dit boekje veel herinneringen aantreffen.

Kats

Lang geleden, toen het tegenwoordige Zeeland door diverse volksstammen werd bewoond, hebben de Catten er de dorpen Cats, Cadzand en Kattendijke gesticht. Kats was in de dertiende eeuw een belangrijke havenplaats, die z6veel te betekenen had, dat de inwoners tolvrijdom op de wateren van geheel Holland en Zeeland kregen. Ze had den tevens vergunning om haven- of bakengelden te heffen op alle voertuigen welke de haven binnen liepen. Het oude dorp Cats was dan oak een aanzienlijke plaats, had een parochiekerk en een burcht, waarop de heren van Cats verblijf hielden. Hangt de luister van een adellijk geslacht nauw samen met het aanzien en de bloei van de plaats hunner inwoning, dan zou men zeker geneigd zijn beide in ruime mate aan Cats te moeten toeschrijven. Deze edelen waren ridders van naam! Inzonderheid muntte Nicolaas van Cats, die in de veertiende eeuw leefde, door zijn rijkdom en aanzien uit.

Er heeft vroeger een zwaar kasteel gestaan, maar op een sterke uitbreiding heeft men in Kats nooit gerekend. In 1609 stonden er nog maar zeven huisjes met negen "keetkens", terwijl in de omtrek elf hoeven en drie arbeidershuisjes aanwezig waren. Op de kaart van Noord-Beveland door Pieter Gillissen uit 1629 staan in Cats een kleine twintig huizen getekend met een molen.

De nu zo knusse dorpsstraat begint bij de vroegere haven en loopt uit op de kerk, een aardig wit gebouwtje met een negentiende-eeuws torentje, schuilgaande tussen het geboomteo Het torentje werd gebouwd in 1870 met een houten bovenbouw en gemoderniseerd in 1951.

Het grondgebied van het oude Cats werd groter toen men in 1848 vergunning kreeg tot bedijking van de schorren, gelegen aan de oostzijde van het eiland. Deze inpoldering vond plaats in 1853 en het werk werd aangenomen door D.A. Dronkers voor de som van f.72.000,-. In de polder lag een kreek, een overblijfsel van het vroegere Katse Rak. Sinds de aanvraag om bedijking van zo'n duizend gemeten in 1817 waren de voorgronden echter zo aangevallen, dat in 1853 slechts een oppervlakte van minder dan de helft kon worden bedijkt. In

februari van het volgende jaar werd besloten om aan de nieuwe bedijking de naam Leendert Abrahampolder te geven. Deze naam was ontleend aan een van de tien kopers van de schorren en medebedijker, Leendert Abraham Paardekooper. Hij woonde niet in Noord-Beveland, maar was de schoonvader van de toenmalige predikant van Kats, dominee B.A. Overman, waardoor de familienaam Paardekooper Overman is ontstaan. De kopers van de schorren vormden een maatschap van tien person en, onder wie Marinus Izaksz Verhulst, dominee Van Leeuwen (van Colijnsplaat) en een joodse winkelier van Colijnsplaat, die Nathan heette, betrokken waren. In 1860 is de polder verdeeld en de maatschap ontbonden. De eerste dijkgraaf (1854) was Jan de Looff. Bij de ambachtsheren van Cats, die de schorr en verkochten, waren merkwaardigerwijze een timmerman en een dienstbode uit Zaandam. Een en ander is uitvoerig te vinden in het oudarchief van de polder van het Waterschap Noord-Beveland. Het dorp Kats (Kas, zegt men op Noord-Beveland) telt 420 inwoners (212 mannen en 208 vrouwen) en is een van de drie kerndorpen van de gemeente Kortgene. Van Kats kan gezegd worden dat het zijn landelijk karakter heeft weten te behouden en boerderijnamen als "Oosterstein", "Jonkvrouw Anna Hoeve", "Vredehof", "Weizicht" en "Lommerrijk" werken op zichzelf al ontspannend, ook al is er dan een hoeve die "Zeldemust" heet. In de werkhaven van Kats werden de betonelementen gemaakt, waarmee de Zeelandbrug werd gebouwd en de oude veerhaven (Kats-Zierikzee) wordt gedeeltelijk jachthaven. Prachtig liggen onder Kats de boerderijen in het wijde Zeeuwse land, doorsneden door lange kaarsrechte wegen tot geweldige kavels, waarop fel gekleurde tractoren en mensen als verloren schijnen. De bomen zijn hier transparant groen, de leeuwerik zingt in de lucht, wijd en hoog boven het pas geegde land. Maar nu gaan we beginnen aan onze tocht door het Kats van vroeger, waaraan u hopelijk veel genoegen zult beleven ...

Kortgene

Haven bent





1. We beginnen onze tocht door oud-Kortgene met een aantal plaatjes van de haven, welke kort na de bedijking van de Stadspolder (1684) werd aangelegd. Omdat heel Zeeland vroeger een uitermate waterrijk gebied was, was een groot aantal plaatsen aileen maar per schip bereikbaar en daartoe behoorde uiteraard ook het danig geisoleerde Kortgene, Een goede haven was nu eenmaal noodzakelijk omdat aile goederen en materialen over water moesten worden aangevoerd. Op deze ansichtkaart uit 1911 zien we in het midden het beurtscheepje "Mondesir" liggen, Het was in 1895 op een werf aan de Hollandse IJssel gebouwd voor rekening van een beurtschipper te Kamperland. Deze verkocht het in 1914 aan de Zeeuwse Voeder- en Kunstmesthandel te Middelburg. De volgende eigenaar was een graanhandelaar te Kortgene. Nu vaart het onder de naam "Wilhelmina" en onder Engelse vlag langs de Franse Riviera.

Haven - Kortgene

2. De haven bij laag water gezien. In zijn bekende "Kronyk van Zeeland" schrijft Smallegange in 1696 over de haven van Kortgene het volgende: "De haven is met een sluis en kaedijkjens en een seer wijd uitspringend swaer houten hooft in de wateren van Zuidvliet gelegen, bequaem om vele en velerhande schepen 't ontvangen". Links ligt het beurtschip " Rival" , dat de wekelijkse dienst KortgeneRotterdam-Dordrecht, via Wolphaartsdijk onderhield. Rechts, met grote letters op het dak, het gebouw van de Zeeuwse Voeder- en Kunstmesthandel (directeur J.P. Verburg), dat nu is verbouwd tot bar "De Loods". Verder ontdekken we aan de Kaaidijk cafe "Havenzicht", nu beter bekend als bar "De Piraat". Deze kaart dateert van omstreeks 1920.

3. We blijven nog even op de haven. Tijdens een bietencarnpagne ("Peetied") ornstreeks 1908 was het een drukte van belang. Voor het weeghuisje staan van links naar rechts: Oom Gert (Gerrit van Gernert), smid W. Kesteloo, weger P. Kallewaard, A. Koets, M. de Lange en G. Noordhoek (met de sint-bernhardshond van P. Kramer, die "Bezoe" heette). Naast de wagen en de "peehoop" vervolgens:

Ko, Wellernan, Jan Kramer, Ko Blok, Piet Wondergern (aan de leidsels), Marien Versluis, een tarreerder, Th. van Gernert, Pauw Platschorre, schrijver Jb. Wolse, een tarreerder, P. Wolse, onbekende, Maatje de Moor, Tannetje de Looff en Wilhelmina van Sluijs.

Kortgene, :De Stelger

4. Hier zien we dan het zogenaamde ,,'t Hooft" van Kortgene in 1908 met geheellinks op de voorgrond een hoogaars en wat verder op de Zierikzeese Boot, die de dienst Middelburg-Zierikzee via Kortgene onderhield. Voor wat verder de haven betreft: deze werd in de loop van de jaren uitgebreid en verbeterd. In 1912 had een oostelijke uitbreiding plaats. Tot 1961 had men de westelijke oude haven en de oostelijke nieuwe haven, elk circa honderd meter lang en vijftien meter breed, toegankelijk voor schepen van vijfbonderd ton met een diepgang met twee meter. Kortgene had hiermee de grootste haven van Noord-Beveland, Vroeger liep er bij de haventoegang nogal eens een schip vast. Bij een bezoek van koningin Juliana aan Noord-Beveland in 1951 !iep ook het koninklijkjacht bij het invaren van de haven aan de grond.

5. Dit is Tannetje van Heel, gehuwd met M. Noordhoek. Zij dreef bijna een halve eeuw lang een sigarenwinkeltje aan de Kaaistraat te Kortgene en vooral de oudere inwoners van het dorp zullen haar op deze foto direct herkennen, Tannetje is heel oud geworden want zij overleed op zesennegentigjarige leeftijd. Ze droeg altijd de Noordbevelandse "Staertmusse", die we op de foto kunnen bewonderen. Het tafeltje waaraan zij heeft plaatsgenomen is nog bedekt met een ouderwets tafelzeiltje, zoals men die vroeger in veel gezinnen tegenkwam. Aan de achterwand hangt een foto van het echtpaar Ko de Looff.

Koriqene ;tf,

Veernuis

6. Het veerhuis van Kortgene in 1904. De letter L. betekent dat een zekere Mina Wondergem uit Kortgene aan Lena Wondergem in Kats per ansicht liet weten, dat ze zondag naar Kats kwam. Het was een moeilijke zaak om aile namen van de afgebeelde personen te achterhalen maar wie er zeker op staat is schipper C. Schippers van het veer op Wolphaartsdijk. Het veer en het veerhuis van Kortgene doen geen dienst meer en het veerhuis in nieuwe gedaante behoort thans aan "Delta Marina" (Veerdam 2). De "Delta Marina" heeft als embleempje een vlotte zeemeermin met een hart. Men vertelt in Kortgene dat dit symbolisch is voor de enorme jachthaven in het hart van Zeeland, en voor het hart, het middelpunt en de ontmoetingsplaats voor ontspanning zoekende rnensen die van heinde en ver komen met als gemeenschappelijke interesse: het water!

Steiger en Veerhuis Kortgene (Ii. B.)

7. Van de Kortgeense steiger naar het midden van de Voorstraat was eertijds een kwartier gaans. Soms stonden de schorren aan weerszijden van de Veerdam blank, een enkele keer, bij springvloed, sop ten de sokken in je schoenen. Als de dam echt onder water stond, werd de veerdienst gestaakt. In een naamwijzer van de gemeente Goes benevens van Zuid- en Noord-Beveland lezen we dat in 1874 K. Schippers Kzn. en J. Timmerman als beurtschippers fungeerden op de steden Dordrecht en Rotterdam. Cent Schippers Kzn. onderhield de beurtdienst op Middelburg terwijl de heren Cornelis Schippers Kzn. en Krijn Schippers jr., veerman waren van Kortgene op Wolphaarstdijk. De beide laatsten waren tevens belast met het aanzetten en afhalen van passagiers naar en van de langs Kortgene varende stoomboten.

8. Ret veer Kortgene-Wolphaartsdijk vormde tot 1 oktober 1960 het belangrijkste veer voor NoordBeveland. Ret was een van de slagaders van het eiland, het enige veer ook waar men per auto van en naar het eiland kon komen. AI naar gelang Noord-Beveland verder uitbreidde werden meer eisen aan het veer gesteld. In 1819 was een nieuw pontveer te Kortgene aangelegd en op 28 augustus van datzelfde jaar werden voor het eerst vier rijtuigen en acht paarden met goed gevolg overgebracht naar Wolphaartsdijk. De veerdam werd in 1836 aangelegd, terwijl het veerhuis in 1877 door Krijn Schippers werd gebouwd. In 1903 werd naast het veerhuis een woning gebouwd voor de veerknecht. Op zaterdag 1 oktober 1960, nadat de veer boot "Noord-Beveland" met een aantal genodigden de laatste tocht had volbracht, behoorde ook deze eeuwenoude veerdienst tot het verleden, De koninklijke harmonie "E.M.M." speelde een treurmars van Chopin.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek