Kralingen in oude ansichten

Kralingen in oude ansichten

Auteur
:   drs. R.A.D. Renting
Gemeente
:   Rotterdam
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4509-1
Pagina's
:   176
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kralingen in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

drs. R.A.D. Renting oud-gemeentearchivaris van Rotterdam

ZALTBOMMEL

W~OEN

OEKJE

ISBN1 0: 90 288 45097 ISBNI3: 978 90 288 4509 1

© 1969 Europese Bibliotheek - Zaltbommel

© 2008 Reproductie van de tiende druk uit 2002

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/ of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zander voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

Europese Bibliotheek Postbus 49

5300 AA Zaltbommel telefoon: 0418 513144 fax: 0418 515515

e-mail: publisher@eurobib.nl

INLEIDING

Kralingen is een wandel end dorp geweest: het heeft zich binnen de grenzen van de gemeente volledig verplaatst. Bovendien is de bevolkingsstructuur totaal veranderd, is een dee I van het woongebied in mei 1940 weggebombardeerd en heeft zowel daar als elders massale nieuwbouw en wegenaanleg het beeld onherkenbaar gewijzigd; nochtans is Kralingen een eigen gemeenschap gebleven, sedert 1895 binnen de gemeente Rotterdam.

De zegswijze "zo oud als de weg naar Kralingen" duidt aan dat de geschiedenis van Kralingen ver teruggaat. Achter de vraag hoe oud die weg dan wei is, moeten we een vraagteken plaatsen. Misschien heeft er een Romeinse heirweg gelopen langs het trace Hoflaan-Oudedijk naar de legerplaats Voorburg. Deze heirweg was een stevige ondergrond voor de hofsteden langs de latere Oudedijk, die in de zestiende eeuw voorkomen op de kaart, door Jacob van Deventer om militair-strategische redenen gemaakt voor koning Philips II. In de dertiende eeuw beschermden die nieuwe Oudedijk, pal bezuiden de oude Romeinse heirbaan, en de 's-Gravenweg het binnenland tegen het water van de rivier. Het buitendijks gelegen slot Honingen zou door een dam (Hoflaan) met de dijk verbonden geweest zijn. Toch waren er reeds voorbedijkingen waaruit tegen het einde van die eeuw een nieuwe waterkering groeide: Schielands Hoge Zeedijk (Oostzeedijk, Honingerdijk,

Nesserdijk, Schaardijk).

In die zelfde tijd duikt in de geschreven bronnen voor het eerst een heer van Cralinghen op, die ongetwijfeld bewoner van Honingen was. Leden van andere geslachten, die sindsdien de ambachtsheerlijkheid verwierven en waaraan Kralingse straatnamen herinneren (Voorschoten, Van der Lecke, Naaldwijk, Polanen, Renesse, Assendelft), zullen het slot niet als vaste residentie gebruikt hebben; na de verwoesting in 1572 was bewoning zelfs uitgesloten en kon het slot slechts dienen als kerker voor de geuzenaanvoerder Lumey. De ruine werd in 1672 gesloopt om te verhinderen dat de oprukkende Franse troepen zich erin zouden nestelen. Intussen was in 1668 de ambachtsheerlijkheid met aile bijkomende rechten verkocht aan de stad Rotterdam. Om te voorkomen dat de grafelijkheid in het vervolg de inkomsten zou derven, waarop zij recht had bij de overgang van een leen, werd steeds een van de burgemeesters aangewezen als "sterfheer" van Kralingen; bij diens verscheiden inden de Staten van Holland de verschuldigde gelden.

Burgemeesters en regeerders van Rotterdam verhuurden na 1668 het terrein van het slot in combinatie met het recht van opstal. In 1678 bouwde huurder mr. Johan Kievit er een "speelhuis", in 1768 bouwde huurder Mr. Johan Steen lack een bescheiden nieuw zomerhuis.

Toen in het midden van de negentiende eeuw de gemeente Rotterdam haar ambachtsheerlijkheden verkocht, zonderde zij die van Kralingen uit, omdat men het nuttig achtte "om uit hoofde der zoo ineenloopende territoiren en de welligt in der tijd plaats kunnende hebben noodzakelijkheid of althans wenschelijkheid van eenige grand, onder Kralingen liggend, aan de stad te trekken, deze Heerlijkheid buiten den verkoop te laten".

In 1868 werd het huurcontract met de heer H.T. Lohnis niet vernieuwd. De buitenplaats werd verkaveld, waarbij overeengekomen werd "dat aan de door den heer Beijsens gekochte perceelen nimmer eenige andere bestemming zal mogen worden gegeven, dan die van groote en kleine buitenverblijven of huizen voor den fatsoenlijken stand met tuinen". Het was de geboorteakte van het villapark Honingen.

De heren van Kralingen en van IJsselmonde bezaten ieder het halve Kralingse of IJsselmondse veer, het oudste en oorspronkelijk belangrijkste veer uit de omgeving. In een stuk uit 1333 wordt het al genoemd.

Te zamen met de ambachtsheerlijkheid kreeg de stad Rotterdam in 1668 het halve veerrecht in bezit. De oude nederzetting bij dat veer - Kralingseveer - was me de tot bloei gekomen door de zalmvisserij. Tenge-

volge van de bouw van bruggen, waaronder de Van Brienenoordbrug, en het verdwijnen van de zalmvangst en van het beroemde Zalmhuis, verloor het dorp aile bekoring. Vroeger maakte men er graag een uitstapje heen met een landauer langs de prachtige dijk of met het bootje van Fop Smit. De wandelvaartbootjes van Fop Smit en de boten op Dordt en Schoon hoven varen niet meer en als er nog landauers reden, zou men ze niet meer tegenkomen op de desolate Nesserdijk of Schaardijk , waar zelfs elke gedachte aan schoonheid bijna tot een aanfluiting is geworden ...

Bestaat Kralingseveer nog, zij het zonder charme , het oude dorp Kralingen is reeds een eeuw van de aardbodem verdwenen. Het lag ver achter de dijk , waar nu nog de begraafplaats "Oud-Kralingen" te vinden is. Daar, langs de Veenweg, stonden kerk , rechthuis, armhuis, school en katholieke kerk. Die Veenweg moet men zich den ken in rechte lijn vanaf de begraafplaats naar de noordoostpunt van de Kralingse Plas. Ten noorden van de Plas liep de Boschweg. Langs de oostzijde was de Kortekade en langs de westzijde de Langekade de verbinding met de Oudedijk.

De , .Stad- en Dorp-beschrijver", die in 1797 schreef:

Dan, 't wordt door zijnen bloei met zijnen val bedrijgt, Daar 't door de veenderi], voor Landen water krijgt had gelijk. Door de vervening lag het dorp ten-

slotte op zo'n smalle '.r'ldstrook tussen uitgestrekte veenplassen dat zo ~"e~' als geen middel van bestaan was overgebleven. Na de droogmaling van de plassen, circa 1870, to en de Prins Alexanderpolder ontstond, werd de Veenweg afgegraven. De Boschweg en de Langekade zijn als landelijke woonweg in de jaren twintig ondergegaan in het nieuwe Kralingse Bos. Van de Kortekade kan bijna het zelfde gezegd worden. In de noordoosthoek van het Kralingse Bos, bij het theehuis "De Nachtegaal", is op de plaats, waar vroeger de katholieke kerk aan de Veenweg stond, een eenvoudig gedenkteken opgericht.

In de achttiende eeuw was zich rondom het drukke verkeerspunt De Viersprong (Oudedijk, 's-Gravenweg, Hoflaan, Kortekade) een nieuw welvarender Kralingen gaan ontwikkelen. Een Kralingen, dat gedeeltelijk bestond uit "Iogeabele" buitenhuizen en "trotsche lusthoven met salons, koepels, plantagien en menagerien", gelegen langs Oudedijk, 's-Gravenweg, Oostzeedijk en Honingerdijk, gedeeltelijk uit industriele vestigingen. Tot de laatste behoorden de katoendrukkerij "Non Plus Ultra" aan de 's-Gravenweg (1720), die in 1870 verplaatst werd naar de Oostzeedijk, de glasblazerij van J.F. Hoffmann en Zoonen aan de Honingerdijk (1748-1899), houtzaagmolens langs de Hoge Zeedijk en snuifmolens aan de Kortekade; verder loodwitmakerijen, touwslagerijen enzovoort. Deze bedrijven verschaften werk aan ve-

Ie immigranten. Reeds eerder hadden langs de lanen tussen de Oudedijk en de Oostzeedijk warmoezeniers een bestaan gevonden (Warmoezierslaan - na de annexatie omgedoopt in Speelmanstraat -, Vriendenlaan - naderhand Rozenburgstraat - en Adamshoflaan). In de negentiende eeuw ging deze ontwikkeling door. Raadhuis, kerk en school aan de Veenweg werden gesloopt; ze herrezen in de nieuwe dorpskom.

De meeste Kralingse buitenplaatsen zijn evenwel sedert 1880-1900 ten offer gevallen aan een toenemende verstedelijking. Aan de Oostzeedijk lagen "De Schoutenlaan", "Lusthof" en "Struisenburg", aan de Honingerdijk "Woudestein", aan de Nesserdijk "St.-Ellebrecht" en het weelderige "Rozenhof" van Jan Osy, aan de Oudedijk "Stadwijk", "Jerusalem", (de oudste buitenplaats vlak bij het buurtje "Jaffa", daterend uit het begin van de zeventiende eeuw), "Jericho", "Het Paradijs", "Rozenburg" en "Vredehof". Ze zijn verkaveld en straatnamen herinneren hoogstens aan de glorie van het verleden. Waar rond de eeuwwisseling of zelfs nog in later tijd prachtige tuinen en landelijke laantjes het oog streelden, hebben genadeloze bouwondernemers de meest naargeestige woonwijken gecreeerd. In 1895 was Kralingen geannexeerd door Rotterdam en dat had voor haar sterk groeiende bevolking nu eenmaal behoefte aan veel en goedkope woningen.

Westelijk Kralingen werd binnen enige decennia een verpauperde stadswijk. In het oostelijk deel zijn aan de 's-Gravenweg de huizen "Ypenhof" en "Vredenoord" verdwenen. "Buitenzorg" en ,,'s-Gravenhof" aldaar en "Trompenburg" aan de Honingerdijk zijn de restanten van een achttiende-eeuwse wooncultuur. "Honingen" en "Rozenburg" leven dan nog enigszins voort als wandel- en villaparken. Dat de Kralingse Plas (Noordplas) aan droogmaling ontkomen is, zou te danken zijn geweest aan de eigenaar van "Rozenburg", die zijn fraaie uitzicht niet wilde missen. De aanleg van het Kralingse Bos rondom de Kralingse PI as heeft weI het laatste stukje oud-Kralingen (Boschweg en Langekade) doen verdwijnen , maar er tenminste een groengordel voor in de plaats gegeven ter vervanging van het vele groen dat elders in Kralingen verI oren is gegaan.

Met behulp van oude ansichten, vergeelde foto's en kaarten, die in het gemeentearchief van Rotterdam overvloedig aanwezig zijn , was het mogelijk het Kralingen uit de jaren 1880-1930 in beeld te reconstruereno Eigenlijk werden er twee Kralingens gereconstrueerd: het groene Kralingen van v66r 1900 met zijn buitens en met zijn landelijk karakter rondom de plas , en het grauwe Kralingen, dat in deze eeuw werd gennporteerd en het "groene" Kralingen verdrong. In een snel tempo is de metamorfose doorgegaan. In de Prins Alexanderpolder graasde enige decennia ge-

leden het vee, nu is er een betonnen stad verrezen , waarheen een metro rijdt. Waar het groen overheerste langs de dijk naar Kralingseveer, heeft een langzamerhand verwilderd terrein een nieuwe stedelijke bestemming gekregen.

Waar het grauwe Kralingen het sterkst beleefd werd , in de Schoutenstraat, Dijkstraat, Speelmanstraat, Rubensstraat, heeft het bombardement van 1940 grote bressen geslagen. Stedebouwkundig gezien was het geen zwaar verlies.

De ouderen en oudsten zullen menig plaatje in dit boek kunnen thuisbrengen voordat zij de onderschriften gelezen hebben, de jongeren zullen nauwelijks iets kenbaars aantreffen en zich erover moe ten verbazen dat Kralingen sinds weleer zo'n enorme gedaanteverwisseling heeft ondergaan.

Bij het bepalen der volgorde van de afbeeldingen ben ik uitgegaan van drie wandelingen door Kralingen: a. Viersprong - Park Honingen - 's-Gravenweg - Viersprong; b. Viersprong - Kortekade - Boschweg - Langekade - zuidzijde Kralingse Plas - Viersprong; c. Viersprong - Oudedijk - Vlietlaan Goudse Rijweg - Slaak - Oostzeedijk - Honingerdijk - Nesserdijk - Schaardijk - Kralingseveer.

D.i!;""t bloc::d ~CES:eer't:.2." £It..chts :kU" .!.l!~ ?? :S-~d.is' enU:h.ocm. 1:,:-~::)~V'2.b.k'l' :i..~" D':"Q...?:U:'~n~; ~r :~".o.rd'!- d.oc::r ~~ 1,~ .::: =:,F"- v..I kd..-i;(! ? .n.::.:t:'·~dCC1:'~ ~C'l'll~;!. T~ T .?. :-tdd. ..?..? dt'~ hoY!,":'-

1. Het oude dorp Kralingen lag langs de reeds lang verdwenen Veenweg, een kade tussen de plassen, daar waar men nu nog de begraafplaats "Oud-Kralingen" vindt. In de "Staden Dorp-beschrijver " van L. van Ollefen en Rs. Bakker wordt het dorp beschreven en afgebeeld. In 1844 is de kerk gesloopt. Het dorp had zich toen reeds verplaatst naar de omgeving van de Hoflaan.

Dominee A.H.C. van Senus preekte eerst enige jaren in de oude kerk, naderhand in de Hoflaan-kerk. Hij overleed te Kralingen in 1893.

2. G.H. Lambert, gesproten uit een oud regentengeslacht, was de laatste burgemeester van Kralingen, dat in 1895 door Rotterdam werd geannexeerd. Het gemeentebestuur had zich onder zijn leiding hevig verzet tegen die annexatie.

P. Lamaison van Heenvliet was de laatste gemeentesecretaris. Vele jaren nadien was hij gemeenteontvanger van Rotterdam. Hij woonde aan de Oudedijk in de villa "Merula".

3. Op de hoek van de 's-Gravenweg en de Kortekade stond het negentiende-eeuwse raadhuis van Kralingen. August W. van Voorden maakte er in 1879 een crayon-tekening van. In 1973 is hier een studentenfJat annex restaurant geopend.

4. De raadzaal van Kralingen.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek