Lichtenvoorde in oude ansichten

Lichtenvoorde in oude ansichten

Auteur
:   F.A.H. Wolbers
Gemeente
:   Lichtenvoorde
Provincie
:   Gelderland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3860-4
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Lichtenvoorde in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

1. In de grijze oudheid ontstaan, zoals op de volgende pagina's verduidelijkt wordt, werd Lichtenvoorde als heerlijkheid gesticht in hetjaar 1616 door Joost, graaf van Lirnburg-Stirum. Voordien was Lichtenvoorde een voogdij van de heerlijkheid Borculo. Via vererving en huwelijk werd later de Poolse vorst Adam Czartorisky, de echtgenoot van gravin Detlof Flemming, heer van Lichtenvoorde. Hij verkocht de heerlijkheid in 1777 aan prins Willem V van Oranje. Onze prinses Juliana voert door dit feit thans nog officieel de titel "vrouwe van Lichtenvoorde". Van de "residentie" van de heren van Lichtenvoorde resteert nog de hier afgebeelde richterswoning (met koetshuis) 't Hof. In de kelders zijn de ringen waaraan de gevangenen gekluisterd werden nog aanwezig. Franse opschriften, over de hele muur aanwezig, duiden erop dat hier ook Fransen gevangen zaten.

2. "Reeds duizend jaar oud; desondanks de meest jeugdige gemeente uit heel het gewest." Onder deze titel nam Lichtenvoorde op indringende wijze deel aan de intemationale tentoonstelling "Euregio", die zich in 1965 als reizende expositie in tientallen gemeenten in Nederland en Duitsland presenteerde en daarmee de aandacht trok van de grote nieuwsmedia. Hoewel reeds vermoed werd dat het - blijkens deze "oorkonde" in 1946 gevierde - duizendjarige bestaan van een zekere bescheidenheid getuigde, werd in de loop der jaren ook zeer duidelijk aangetoond dat Lichtenvoorde zich terecht "de meest jeugdige" gemeente in het gewest noemde. De laatste cijfers ilIustreren: per 1 januari 1970: 15.016 inwoners, van wie ruim 56 procent jonger dan vijfentwintig jaar.

Door de heer Thielen, auteur van de "Geschiedenis van de Enclave Groenlo-Lichtenvoorde", is intussen in 1975 in een artikel in het periodiek "De Lichte Voorde" wellicht terecht gesteld dat het duizendjarig bestaan onmogelijk kan worden aangetoond met de aangedragen bronnen. Zowel oorkonde nummer 88 uit Sloets' Oorkondenboek als de passage uit de "Monumenta Germaniae", blijken een in tijd terug geprojecteerde weergave van gegevens, die - gelet op de politieke geschiedenis van de Saksen - volstrekt onjuist en onmogelijk wordt geacht.

3. Dat men zich in 1946 met het duizendjarig bestaan bescheiden heeft getoond, meende J. Hofman uit Voorschoten aan te tonen met de door hem in 1953 ontdekte bron. Het hier afgedrukte document uit de "Monumenta Germaniae", berustend in de Koninklijke Bibliotheek te 's-Gravenhage, handelt over de aristocratie in de tijd voor keizer Karel de Grote, dus van vaar 768! Daarin wordt reeds de heer van Lichtenfort genoemd (zie pijl). Dit zou erop duiden, dat men in het "klein Engeland" uit de Tweede Wereldoorlog spoedig aan nieuwe jubileumfeesten toe is!

4. Lichtenvoorde in vogelvlucht rond het jaar 1910. Rechts de toren van de oude Bonifaeiuskerk en links de toren van de - blijkens het mooranker - van 1648 daterende hervormde kerk. Daarlangs blikt men in de riehting van de buurtsehap Lievelde. Een verkenning van de gemeente kan hier uitstekend beginnen.

5. Het oog wordt direct getroffen door de in 1863 gebouwde windkorenmolen van de familie Beusink. De opname dateert van 1925. Hierop, van links naar rechts: molenaar Ten Have uit Aalten, eigenaar Beusink, knecht Vieverich, mevrouw Brummelhuis en hun dienstmeisje mejuffrouw Yzereef. Interessant is dat, volgens de huidige eigenaar, Lievelde indertijd twee molens telde. Op de plaats waar thans de kerk is gebouwd stond vroeger namelijk een houtzaag-windmolen, gepacht door een zekere Peter Aversteeg, een vrijgezel die vaker bij het toenmalige cafe Abbink te vinden was dan op de molen. Toen de molen verkocht werd, werd hij door dezelfde familie Beusink gekocht. Direct daarop werd hij voor verplaatsing doorverkocht aan ene Groot-Severt uit Beltrum, waar hij nog heeft gestaan tot aan de stormramp van 1 juni 1927. De grond waarop de molen stond bleef eigendom van Beusink en heette de "Petersberg", toevalligerwijze een toepasselijke naam voor de bouwplaats van een kerk.

6. De heer B. Weenink, de stichter van het particuliere museum "Erve Kots" (1880-1962), treffen we hier in 1934, samen met buurvrouw Jannao te Vaarwerk (1882-1950), bij het open vuur in boerderij Kots. Mevrouw Te Vaarwerk spint het vlas, terwijI de heer Ween ink het gesponnen produkt ophaspeIt (tot een streng opwindt) om het nadien in de "wieme" te drogen te hangen. Boerderij Kots, oude Avinkplaats (hiernaast werden in 1936 de resten bIootgeIegd van een hoeve uit de veertiende eeuw! ), vormt thans een der bezienswaardige punten in het bekende museumgebied Erve Kots, liggend in de gemeente Lichtenvoorde en niet in de gemeente GroenIo, zoals diverse "kronieken" over die gemeente ten onrechte suggereren.

7. Terugwandelend naar het dorp Lievelde volgt men de Stegge (Paskerdijk) in tegenovergestelde riehting van de beruchte cycloon, die in 1927 ook door Lievelde ploegde. Deze opname toont de vernietigende kracht van dit natuurverschijnsel, dat in deze streek toen vijftien mensenlevens eiste en achttien boerderijen tot puinhopen maakte. Van links naar rechts: een onbekende, H. Reirink (Kotbek) op de resten van zijn hoeve en gemeenteveldwachter F. Hoekstra. Heel Nederland droeg mild bij (f 203.689,19) tot herstel van het geteisterde gebied. Zowel prins Hendrik en nadien koningin Wilhelmina, als later nog prinses Juliana bezochten het rampgebied.

8. Deze opname toont een ander bezoek van koningin Wilhelmina aan de gerneente, in 1932, bij gelegenheid van de in dat jaar hier gehouden algemene manoeuvres. In het gezelschap van haar dochter prinses Juliana werd zij door burgemeester A.J. v.d. Laar verwelkomd op het station Lievelde (LichtenvoordejGroenlo), in aanwezigheid van hoge militaire autoriteiten.

~ "0.3651. J,tat. ?.? "' .?...?.? ",!).l (" hft o~r': ?.

:£i

Rll·'~~ vall de o ude Kape! - Lictuenvoordc.

/gc8

9. De gemeente is uitgestrekt (7360 hectare, waarop thans 17.300 inwoners leven). Langs de oeroude weg van Lievelde naar Aalten, waarvan een gedeelte thans nog Heelweg heet, komt men over de Past. Scheepersstraat de buurtschap Vragender binnen. De naam Vragender moet overgebleven zijn van een taal uit de oertijd. Op deze hoge rug moet zich de oudste bevolking van de gemeente gevestigd hebben. Deze ansichtkaart toont de ruine van het eerste godshuis binnen de gemeente, Blijkens oorkonde (Staatsarchiv Munster) kwam deze naar Onze Lieve Vrouw genoemde kapel reeds in 1444 voor. Deze kapel ontving schenkingen, met name het grondperceel 't Krusstukke, dat vermoedelijk duidt op een gift uit pieteit jegens het beeldwerk, dat het oudste is (zestiende eeuw) uit de gemeente (in de pastorie). De kapel wordt thans nog de St.-Jaopikskapelle genoemd, naar de roggeheilige Jacob. Deze ansicht werd uitgegeven door J.P.W. Jacobs (thans Voorhuis aan de Markt), die zichzelf op deze kaart heeft laten vereeuwigen.

10. Vanaf de ruine kijken we op deze ansicht op het dorp Vragender rond 1905, met, van links naar rechts: de molen "Gunnewick", schuur met cafe Eeftink (thans bungalow molenaar Fr. Gunnewick), vervolgens de woning van de "pastoorsmeid" (een andere visie dan in onze dagen dus! ) Anna de Zwart. Dit pand wordt thans nog bewoond door de familie Josef Boschker. Ten slotte volgt de van 1871 daterende parochiekerk. Cafehouder Eeftink (ook Lubbers Hendrik geheten) was kerkmeester en "importeerde" uit Twente zaairogge, die de parochiarien op een stukje van hun grond verbouwden met het doel de opbrengst daarvan ten goede te laten komen aan de parochiekerk. De door Lubbers Hendrik uit Twente gehaalde rogge infecteerde Vragender met een graspolachtig onkruid, dat sindsdien "Lubbers-roet" werd genoemd.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek