Oostburg in grootmoeders tijd

Oostburg in grootmoeders tijd

Auteur
:   G.A.C. van Vooren
Gemeente
:   Oostburg
Provincie
:   Zeeland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4551-0
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Oostburg in grootmoeders tijd'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Aangaande Oostburg zijn reeds verschenen: "Oostburg in oude ansichten" in 1971 en "Kent u ze nog ... de Oostburgers" in 1972, beide van de hand van M.A. Aalbregtse.

Maarten Abraham Aalbregtse werd geboren te Aardenburg in 1892 en was werkzaam als ambtenaar ter secretarie in Oostburg van 1918 tot 1931. In dat jaar werd hij benoemd tot gemeentesecretaris van Oostburg en bleef dit tot in 1942. Hij was bezield met een grote liefde voor de streek en voor zijn woonplaats. Doordat hij actief deelnam aan het verenigingsleven en als gerneente-arnbtenaar dicht bij de bron zat, heeft hij een schat aan documentatiemateriaal over Oostburg verzameld, vooral vanaf het begin van deze eeuw. Dit materiaal werd na zijn overlijden, op 16 januari 1977, aan de Heemkundige Kring WestZeeuws- Vlaanderen geschonken. Daaronder was ook een: .Beeldarchief Oostburg in briefkaarten en foto's eind negentiende en eerste helft twintigste eeuw", bestaande uit zes lijvige delen. Hieruit kon voor deze uitgave "Oostburg in grootmoeders tijd" ruimschoots worden geput.

Oostburg is het centrum van West-Zeeuws-Vlaande-

en en als zodanig is het de laatste decennia ook meer naar voren gekomen, door concentratie van overheidsdiensten, scholen, bedrijven en winkelbestand. Had het honderd jaar geleden nog slechts 1675 inwoners en moest het vijf andere dorpen in de streek wat inwoneraantal betreft voor laten gaan, thans is het met de havenplaats Breskens, die elkaar in inwoneraantal niet veel toegeven, met omstreeks 4700 inwoners het grootste dorp in de streek. Vandaar ook dat er na de Tweede Wereldoorlog diverse woonwijken zijn ontstaan. Eerst Finland, in de volksmond zo genoemd naar de hulpverlening uit dat land na de oorlog, daarna de Veerhoek en de Tragelwijk en ten slotte het plan Oostdijke met zijn naar hemellichamen genoemde straatnamen.

Oostburg is na de herindeling van gemeenten in 1970, toen de voormalige gemeenten Breskens, Cadzand, Groede, Hoofdplaat, Nieuwvliet, Oostburg, Schoondijke, Waterlandkerkje, IJzendijke en Zuidzande werden samengevoegd tot een nieuwe gemeente Oostburg, met een inwoneraantal van 18.500, ook de naamdrager en het centrum van die vergrote gemeente geworden.

Zoals nagenoeg alle dorpen in West-Zeeuws-Vlaanderen heeft Oostburg veel te lijden gehad van de oorlogshandelingen bij de bevrijding, met name gedurende de periode 11 september - 26 oktober 1944. Niet aileen werd het toen hevig beschoten door artillerie, maar ook werden door jachtbommenwerpers aanvallen gedaan en bommen gegooid. Als gevolg van deze verwoestingen is heel wat van hetgeen op de hiernavolgende be elden nog te zien is, in werkelijkheid verdwenen. Met name van het centrum van Oostburg was na de bevrijding weinig meer over. Dit had tot gevolg dat door het na de oorlog aangenomen bestemmingsplan de situatie hier geheel veranderd is. De hoofdstraten die uit de diverse richtingen naar het centrum, de Markt, leidden, zoals de Nieuwstraat, Zuidzandsestraat en Brouwerijstraat/Bredestraat, zijn blijven bestaan, doch het centrum zeit is geheel veranderd.

Waar vroeger de Markt was is nu de Burchtstraat en staan nu de huizen aan deze straat. Waar thans het Eenhoornplantsoen is stond vroeger het hotel-caferestaurant De Eenhoorn. Waar thans de Markt is, het belastingkantoor staat en een zijde van het Ledelplein

is, was vroeger de Langestraat met de erlangs staande huizen. In plaats van de vroegere Markt, die met een grote boog van de Nieuwstraat naar de Brouwerijstraat liep en met een scherpe bocht in deze straat overging, is nu de Burchtstraat gekomen. De doorgaande weg is nu rechtgetrokken en de boog en scherpe bocht zijn verdwenen. Nieuw is het Ledelplein, evenals het Raadhuisplein. Dat laatste is gevormd uit een deel van het vroegere Kerkplein, de Zuidzandsestraat en een uitloper van de Markt.

We beginnen onze rondreis door "Oostburg in grootmoeders tijd" vanuit het noorden, uit de richting Schoondijke, en eindigen in het zuiden met de weg naar Aardenburg en Sluis, waarbij we het oude stratenplan volgen. Achtereenvolgens krijgen we dan Bredestraat, Brouwerijstraat, Markt, Langestraat, Oudestad, Kerkplein, Zuidzandsestraat en Nieuwstraat, met daarbij de aansluitende straten en beelden van de mensen ter plaatse.

1. Een hofstede in de omgeving van Oostburg, gelegen tussen de weg Oostburg-Schoondijke en de Tragel. Het was een van de weinige hofsteden met een dakkapelletje, waarin een bel hing om het werkvolk te kunnen bijeenroepen voor etenstijd. Tijdens de oorlogshandelingen in september-oktober 1944 werd deze boerderij gedeeltelijk verwoest. In de huiskamer bevindt zich een fraai tegeltableau van de slag op de Zuiderzee. Omstreeks 1940, toen deze foto werd genomen, werd de boerderij bewoond door Maria van Haelst, weduwe van Theophile Camille Dierikx, die met haar twee zoons en drie dochters op het erf staat.

2. Arbeidershuisjes langs de Eerste Hogendijk in mei 1931. In de zomer van dat jaar werd door werklozen begonnen met het afgraven van deze dijk vanaf de Zandstraat tot de Tweede Hogendijk. Aile huisjes stonden aan de oostzijde van de dijk, die de begrenzing vormde van de Stampershoekpolder. Op twee na zijn ze aan het oorlogsgeweld in 1944 ten offer gevallen. De huisjes stonden gedeeltelijk verscholen achter de dijk, waardoor ze wat beschut waren tegen de westenwinden. Op de achtergrond zien we het begin van de Zandstraat.

3. Dorpsomroeper Piet Morel in de Zandstraat in 1914, met zijn koperen bekken en zijn hamertje van okkernotenhout. Het beroep van dorpsomroeper was geen hoofdberoep. Piet Morel was werkman en aileen wanneer er vanuit het gemeentehuis of anderszins iets omgeroepen moest worden, werd hij ingeschakeld. De Zandstraat vormde de verbinding tussen de Bredestraat en de Eerste Hogendijk.

4. In 1923 werd in Oostburg een muziekconcours met diverse feestelijkheden gehouden terviering van het zestigjarig bestaan van de plaatselijke muziekvereniging Harmonie. Op het einde van de Bredestraat hadden de bewoners van die straat een erepoort opgericht, bij het binnenkomen van Oostburg uit de richting Schoondijke nabij de Tragelvaart. Op de top van de poort prijkte de "prange". Dit is het bovenste deel met de vogels of gaaien van de staande wip van de handboogschutters. Op de poort staat: 1863 Hulde aan de Harmonie 1923.

5. De noordwestzijde van de Bredestraat met op de achtergrond de watertoren. Met de bouw daarvan werd een aanvang gemaakt in december 1939. De aannemingssom bedroeg f 113.880,-. Bij het begin van de oorlog, in mei 1940, was slechts het voetstuk gereed. De Duitse bezetters hadden belang bij de voltooiing, om de toren als uitkijkpost te kunnen gebruiken en daarom mocht hij worden afgebouwd. Hij werd in 1942 in bedrijf genomen. Juist omdat de toren als uitkijkpost werd gebruikt, werd hij bij de nadering van de geallieerden in september 1944 hevig beschoten. Hij werd ten slotte door de Duitsers zelf op 1 oktober 1944 opgeblazen.

6. De noordwestzijde van de Bredestraat tijdens de strenge winter van 1939-1940, gezien in de riehting van Sehoondijke. Van de toen net begonnen bouw van de watertoren is op de aehtergrond nog niets te zien. Links ziet men de fraaie beukebomen en de ingang van de hofstede Stampershoek. Op de plaats waar links het trottoir ligt, lag tot 1923 de tweede lijn van de tram, die dienst deed als trarnwissel. Van de rij huizen is er na de oorlogshandelingen in september-oktober 1944 sleehts een overgebleven.

7. De hofstede Stampershoek, bewoond door Jacobus Verhage, in de winter van 1939-1940. Het pand werd gebouwd in 1819 en lag aan de Bredestraat. Van 1865 tot 1895 woonde daar de burgemeester van Oostburg, Izaak van Houte. Hij werd opgevolgd door zijn zoon Izaak Johannes van Houte. Deze werd in 1917 weer opgevolgd door Christiaan Quist, die in 1927 meikoopdag hield en vertrok. Zijn opvolger Pieter van Prooije hield in 1939 eveneens meikoopdag. Dit was de laatste boerenkoopdag die in Oostburg werd gehouden. In die tijd was zo'n koopdag een waar feest, dat veel volk trok. De boerderij werd tijdens de oorlogshandelingen in 1944 geheel vernield.

8. Dit zijn mannelijke en vrouwelijke arbeiders van de hofstede Stampershoek, klaar voor het dorsen van koolzaad. Nagenoeg allen hadden van stro gevlochten hoofddeksels met grate randen op om zich te beschermen tegen de brandende zon. De hoeden van de vrouwen werden vijgenmanden genoemd. De kleren van de vrouwen waren in die tijd lang. De foto dateert van 1917.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek