's-Gravendeel in oude ansichten deel 1

's-Gravendeel in oude ansichten deel 1

Auteur
:   B. van der Bom
Gemeente
:   's-Gravendeel
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3697-6
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek ''s-Gravendeel in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

IN LEIDING

Volgens sommige geschiedschrijvers zou de stichting van het dorp 's-Gravendeel of Leerambacht omstreeks 1600 hebben plaats gevonden. Dat is een zeer ruwe schatting, Immers, wanneer men uitgaat van het jaartal 1600 en vrijwel gelijktijdig vermeldt, dat reeds in 1559 een hier woonachtige wagenmaker - een zekere Jan Francen - erfpacht verkreeg voor de wind van de korenrnolen, tot gerief van de gemeene ingelanden, is het duidelijke zaak, dat als er gesproken kan worden van (al)gemeene ingelanden - dat zijn de bewoners C.q. de grondbezitters in een bedijkt gebied - en er verder sprake is van een wagenmaker en een korenmolen, er reeds lang voor 1600 een woongemeenschap bestond.

Uit een "Register op de Parochie Leerambacht" (7e deel Zuydhollandia, Voorne en Putten) betreffende de aanstelling van geestelijken blijkt, dat in 1405 Willem Utenhoec bij de kapel van de Zalige Jacobus te Leerambacht is aangesteld. Weliswaar was dit nog v66r de beruchte St.-Elizabethsvloed van 1421, maar in 1488-1489 werd - na de dood van Petrus But - als bedienaar van de kerkelijke parochie van het verdronken Leerambacht aangesteld Wouter Nansz. Aangenomen wordt, dat de bewoners van Leerambacht, Leer-Ambacht of Lijderambaeht, zelf hun dorp Renooishoek of Riinoishoek plaehten te no em en De naam 's-Gravendeel is omstreeks 1421 nog niet

bekend. De grienden en moerassen welke in de richting van Striene lagen waren eigendom van de GrafeIijkheid van Holland hetgeen de verklaring zou zijn voor "Des Graven Deel",

In 1438 noemt Vranek van Praet, heer van Moerkerken en Mijnsheerenland, zieh ook heer van Leerambacht. In de loop der eeuwen is de naam Leerambacht op de tweede plaats gekomen. In 1700 spreekt en schrijft men nog over de heerlijkheid 's-Gravendeel en Leerambacht; in 1800 schrijft men het nog in officiele stukken en na 1864 kent men nog slechts de naam 's-Gravendee.

Vanaf het onbekende verleden was het een heerlijkheid, eigendom van de Staten van Holland en Friesland. In 1731 verkochten de Staten het aan de stad Dordrecht.

Begrijpelijk, dat vanaf 1731 het dorp dan ook door Dordrecht is geregeerd. Zelfs de schout en de schepen en werden door Dordrecht (in de functie van ambaehtsheer) aangesteld.

In 1864 verkocht Dordrecht de heerlijke rechten aan de heer Verbruggen uit Rotterdam.

De rivier de Kil, waaraan het dorp is gelegen, was aanvankelijk een smalle kreek, gevormd door de St.-Elisabethsvloed. De Dordtse geschiedschriiver Van Dalen zegt, dat omstreeks 1590 men door de "Kil van Bona-

ventura" gemeenschap had met de Zeeuwse stromen, en voorts dat de regering in het laatst van de zestiende eeuw onderzoekingen insteJde op welke wijze die Kil tot een bekwaam vaarwater zou zijn te verbeteren. Als gevolg hiervan werd van de 's-Gravendeelse of Dordtse Kil een kanaalvormige rivier gegraven van aanzienlijke diepte, die toegang verleende tot de Goereese en Brouwershavense zeegaten. Helaas schijnt de geringe kennis van die wateren er de oorzaak van te zijn geweest, dat de rivier niet op voldoende diepte werd gehouden. Het goede begin, in 1599 gernaakt, om van de Kil een goed bevaarbare rivier te maken werd niet door dergelijke werken gevolgd. Er ontstonden zandplaten en men had de grootste moeite om nog door de vaargeulen heen te komen. am de ondiepe Crabbe te vermijden werd in 1655 het Mallegat gegraven. Na 1700 was de toe stand van deze zeeweg al zo treurig dat Dordrecht zijn zeescheepvaart begon te verliezen en langzamerhand haar eigen zeeweg afkapte. Ook voor "s-Gravendeel, liggende aan die scheepvaartroute, had dat gevolgen.

Na het vergraven van de Kil omstreeks 1600, werd door de Domeinen een veer aangelegd van Wieldrecht op 's-Gravendeel, Dit veer werd door de stad Dordrecht van de Domeinen in admodiatie genomen. Steeds per twaalf jaren, voor een bed rag van zeshonderd gulden per zes jaren. Door Dordrecht werd het veer

weer aan een aantal schippers uit 's-Gravendeel verpacht. De in de nabijheid van het veer groeiende liezen en biezen werden in de pacht inbegrepen, zodat het veer jaarlijks 950 gulden aan de stad opbracht.

Over de buurtschap De Wacht, zult u geen foto in dit boekje vinden. Getracht zal worden hierover een aparte beschrijving samen te stellen.

Het grondgebied van 's-Gravendeel strekt zich uit vanaf Puttershoek, langs de Gorsdijk, de Ruitersdijk, Het Florisweegje of Verlorenweegje, langs de Schuilingervliet, vervolgens langs de Smidsweg en OudBonaventurasedijk te Maasdam, de Langendam te Strijen, terwijl de Trekdamse Polder, Kilpolder, Beversoord, Meeuwenoord en De Wacht door de Schenkeldijk worden begrensd. Aan de waterkant wordt het dorp geheel begrensd door de Kil en de Oude Maas.

Grenswijzigingen vonden slechts plaats in 1856 toen de voormalige gemeente De Mijl, wier grondgebied gedeeltelijk op het Dordtse Eiland en gedeeltelijk in de Hoeksche Waard lag, werd opgeheven en ongeveer vijfhonderd inwoners van De Mijl (tijdelijk de gemeente De Mijl-Krabbe en Nadort) bij 's-Gravendeel werd gevoegd.

In 1825 werd het dorp getroffen door een enorme brand. De beide V oorstraten en nog enige daaraan grenzende straten werden totaal verwoest.

1. 1894. De hervormde kerk, gebouwd in 1637 en verbouwd in 1767. De in het midden van de foto zichtbare dichtgemetselde deur, zou de ingang naar een grafkelder kunnen zijn geweest.

's-Gravende I. De .:[olel dijk.

2. 1896-1897. Een der eerste straat- en dorpsfoto's van 's-Gravendeel. Het huis rechts - in de zogenaamde Voorhoek - was winkel of herberg. Links is nog net de boerderij van Van Bruggen zichtbaar. Vanzelfsprekend is het bekende "Wilhelminaboompje" nog niet geplant.

3. 1898. Gemengde zangvererngmg "O.B.K.". Dirigent is het hoofd van de openbare school, de heer Meier. Naast hem op de foto Adr. v. d. Giessen (met ringbaard). Vermoedelijk is de foto genomen tijdens de feestelijkheden ter gelegenheid van de inhuldiging van koningin Wilhelmina. Het bijzondere van deze foto is, dat vrijwel aile vrouwen zijn getooid met de Hoeksche Waardse klederdrachtenmuts.

4. 1899. De Kaai. De vrouwefiguur rechts vooraan op de foto behoort bij de groentewagen.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek