Acquoy vanouds

Acquoy vanouds

Auteur
:   Paul van Mook
Gemeente
:  
Provincie
:   Gelderland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3748-5
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Acquoy vanouds'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  >  |  >>

6 Familie G.e. van Hees-Middelkoop met hondenkar, 1952

In de Huigensteeg 9 ontmoeten we de familie G.c. van Hees-Middelkoop, Gijsbert (1884-1964) en zijn vrouwJannigje (1889-1960) hebben plaatsgenomen op de hondenkar om op de foto te gaan; het gebruik van hondenkarren is bijna verleden tijd.

In 1948 is de trekhond Tommy geboren en na enkele maanden terechtgekomen bij Van Hees. Deze heeft hem opgevoed en hem met veel geduld en lief de geleerd hoe hij de kar moet trekken en waar hij heen moet lopen als hij gecommandeerd wordt. Tommy is een reu met kort zwart haar, lange oren en staart, en is een kruising tussen een herder en een ander ras. Rechts achter op het erf staat een hondenhuisje voor de viervoeter, maar meestentijds slaapt hij gezellig in huis bij het gezin. Vooral 's winters is het behaaglijk rond de snorrende potkachel in de woonkamer, waar achter een gordijn de ouders slapen in een strooien beds tee met dekens. Tommy werkt graag voor zijn baas. Met de hondenkar worden voederbieten en hooi van het land naar de schuur vervoerd. Die bieten en ook het hooi en stro zijn bestemd voor de acht geiten, die Van Hees eropna houdt. Hij fokt ze zelf en heeft natuurlijk ook een bok. BIke dag worden de geiten gemolken en de melk wordt in zijn eigen gezin opgesoupeerd. Er wordt rijste- en havermoutpap van gekookt, maar de melk wordt ook gewoon gedronken en door de koffle geroerd. Heel gezond, want er wordt zelfs beweerd dat een familielid met een allergie door het drinken van geitenmelk weer werd genezen. De geiten zijn ondergebracht in een groot hok, terwijl er ook een klein kippenhok staat. Van Hees zorgt goed voor zijn hond en de kar, die regelmatig wordt schoongemaakt en op tijd van nieuwe lak wordt voor-

zien. Het hondentuig, gemaakt van zacht leer, wordt talloze malen ingesmeerd met ledervet om het soepel te houden. Zo is het aangenaam voor Tommy am het tuig te dragen als hij voor de kar loopt. In 1963 komt Tommy te overlijden op de respectabele leeftijd van 15 jaar. Hij sterft een natuurlijke dood. Groot is het verdriet van Gijs van Hees en zijn gezin. Dat is begrijpelijk, als je zo'n lange tijd met elkaar hebt geleefd en gewerkt. De schoonvader van Gijs graaft een rechthoekig gat achter in de tuin, waarin Tommy zijn laatste rustplaats krijgt. Het hele gezin schaart zich rondom het gat in de grond en Gijs legt zijn makker daar voorzichtig in, tot tranen toe bewogen. Hij spreekt zelfs een afscheidswoordje, wenstTommy een vredige rust toe en wenst hem een gelukkige tijd toe in de hondenhemel, als er een hiernamaals voor dieren mocht bestaan. De kinderen mogen elk een schepje aarde op de poten van Tommy nitstrooien, als een soort blijk van eerbetoon. Het is een droevig en roerend afseheid, dat nog lang in de herinnering van de kinderen Van Hees zal voortleven.

Het keuringsbewijs nit 1957 van Tommy wordt nog steeds zorgvnldig in de familie bewaard. Tommy voldoet precies aan de eisen van de Trekhondenwet nit 1910; hij heeft een sehofthoogte van 60 em en de breedte van de voorborst is 14 em. Kleiner mag niet, want dan wordt de hond niet goedgekeurd.Aan de linkerzijde van de kar is een wit bord bevestigd, met daarop in zwarte letters geverfd de naam van Van Hees, Gem. Beesd en nr.L Van Hees is een der laatste gebrnikers van een hondenkar en spoedig zal dit versehijnsel voorgoed nit het straatbeeld zijn verdwenen.

7 Schoolgroep, 18 juli 1916

Traditiegetrouw wordt er weer eens een opname gemaakt van aile kinderen van de open bare lagere school in Acquoy en natuurlijk ontbreken de twee leerkrachten niet. Voor later is het een aardige herinnering en op deze manier wordt er toch een stukje geschiedenis van het dorp vastgelegd. Vooraan op de eerste rij zitten op de grond, van links naar rechts: 1 Geertj e van Ochten, dochter van Huibert en Theeuwe uit de Huigensteeg; 2 Bram Temminck; 3 een meisje uit de Huigensteeg; 4 in matrozenpakje Gijs Versluis, die in 1917 naar Leerdam verhuist; 5 met witte puntkraag Melia Mouthaan, dochter van Comelis de mandenmaker en Hendrikje; 6 Cornelia Middag, d.v. Jan en Heiltje; 7 Tonia de Keijzer, d.v. Floris van cafe 'tVeerhuis: 8 Cor of Iannigje Bogerd, d.v, Willem en Jannigje; 9 Leentje Vermeer; 10 Goverdien van Leerdam, met donker strikje en lichte jurk, d.v, Adrianus (melkrijder) enTeuntje; 11 ?Temminck.

Tweede rij van onderen: I Frans de Keijzer, z.v. Floris; 2 met wit kraagje:

Marretje ? Bullce, van het postkantoor, d.v; Jan; 3 rechts van de meester:

Neeltje van Ochten, met wit jurkje, d.v, Huibert en Theeuwe; 4 Eef]c Bakker, met wit kraagje; 5 Griet Kruijs, d.v. Pieter de melkventer en Maaike; 6 juffrouw R. Naber, die les gaf in de klassen 1, 2 en 3; bovendien verzorgde zij de handwerklessen in alle klassen; 7 jongetje Bullee met witte bloes.

Derde rij van onderen: 1 links van de meester, Zus Bogerd, d.v. Willem en Jannigje; 2 Rietje Bullee, van de Ooraf; 3 rechts van de meester met halskettinkje Christina Bovenschen, d.v. Ferdinand (stoker op de glasfabriek) en Johanna; 4 meisje Temminck; 5 met het lichte pak en gestreepte kraag Jan Bogerd, die later bankwerker wordt; hij woont bij het gemaal op de dijk en

is de zoon van Willem en Jannigje. Vierde rij: 1 Hendje Bullee, van Leinen van de winkel; 2 met witte strik Geertje Vermeer; 3 Comelis van Weenen uit de Huigensteeg, z.v. Leendert; 4 Iant]e van Ochten, d.v. Huibert; 5 Henk van Kerkhof, z.v. Willem de broodbakker; 6 Geertje Need, met witte jurk, d.v, Marinus die bij de spoorwegen werkt; 7 Martha Bouwens, met lichte kraag, d.v, Hendrik, die in 1910 bij elektriciteitswerkzaarnheden in Leiden aan de stroom blijft hang en en daarbij om het leven komt; 8 Herman Bovenschen, z.v. Ferdinand; 9 iets naar beneden: Rietje Bouwens, zusje van Martha; als in 1915 ook hun moeder overlijdt, worden de weesmeisjes in 1918 ondergebracht in Noordwijkerhout; achter 9 is nr. 10 onbekend; II Cornelia' de post' Bullee, d.v Jan en Neeske; 12 Janus Bullee, met stropdas, z.v. Hendrik en Aagje; 13 An van Kerkhof, d. v. Willem en Theodora; 14 Drika van del' Meijden, d.v. Pieter en Alida.

Boven op de banken: 1 HendrikVermeer; hij trouwt later met Melia Mouthaan; 2 Sara van Ochten?; 3 met witte bloes en strikje: Hendrik Bakker; 4 Arie Kruijs, van Pieter de melkboer en Maaike uit de Huigensteeg; 5 Rika van Kerkhof, met strik in het haar, d.v, Willem de bakker; 6 Herber van Weenen, met witte bloes; later wordt Jantje van Ochten zijn vrouw; z.v. Leendert; 7 Floor Brouwer, met horlogeketting, z.v. Martinus; 8 Drika Kruijs, van De Klomp. Het hoofd van de school heet Nicolaas Hildebrand Heeroma; hij is geboren in Den Helder in 1890 en eind december 1914 vanuit Epe naar Acquoy gekomen; zijn zus Aukje zorgt voor het huishouden in het schoolhuis, want de meester is nog ongehuwd. Op 3 juli 1918 vertrekt hij naar een andere school in Dubbeldam.

8 Posthuis 1934

Acquoy kende reeds lang een brievengaarder, die we tegenwoordig 'postbode' zouden noemen, in de persoon van Jan van Velzen (*1834). Op 1 oktober 1900 was het 30 jaar geleden dar hij als brievengaarder, belast met de bestelling op het hulpkantoor, in functie trad. Ruim 4 jaar was hij bestelhuishouder, zodat hij ruim 34 jaar in's Rijks betrekking was. Hij was een gezien man, omdat hij ook buiten de openingsuren het publiek prompt en keurig bediende. Het posthuis dat we links op de foto zien, dateert van ongeveer 1900, omdat het pand dat eerder op deze plek stond, afbrandde. Het huis met nummer A 40 werd bewoond door Jan Bullee (1871-1939), die was getrouwd met Neeske Hoeke (1878-1938). Hij verdiende niet aileen de kost als brievengaarder en kantoorhouder van de post, maar oefende in het achterhuis ook een boerenbedrijfje uit; er stonden enkele koeien en een werkpaard, waar vooral zijn zonen mee werkten op het land. Als we door de voordeur naar binnen gaan, komen we in eenlange lang, die eindigt bij een stenen trap, die naar het achterhuis leidt. Vooraan in de gang was er rechts een loket, waarachter een kamertje lag dat diende als kantoor. Aan het loket kon aIles afgehandeld worden: belasting betalen, waar je een recu voar ontving als betalingsbewijs, en postzegels kopen. Op het kantoor werden dagelijks het geld en de postzegels geteld, en de brieven afgestempeld met een heuse stempel van 'Acquoij', met puntjes op de 'if. De post werd altijd per fiets met een tas over de bagagedrager, opgehaald en weggebracht naar het postkantoor te Leerdam. Het was een vaste gewoonte om's avonds de post in te leveren en's morgens op te halen. Jan Bullee bracht de post rond in het dorp Acquoy, aan de Diefdijk en de Acquoysche Meer. Als je je realiseert, welke afstanden hij dagelijks te voet en fietsend moest afleggen, dan besef je dat hij op den duur slijtageverschijnselen begon te vertonen. Gelukkig deed zijn vrouw Neeske vaak het kantoorwerk. Rechts van

het raam voor het kantoar hangt de zelfgeverfde, rode brievenbus. De zonen janus (* 191 5) en Piet (* 1920) hielpen hun vader met de post. Toen Janus in 1939 trouwde met Maaike van Ooijen uit Asperen, bleef het paar nog tot 1942 in het posthuis wonen. Daarna verhuisden zij naar Leerdam, waar Janus een baan kreeg op het postkantoor. Bij zijn pensioen had hij 48 dienstjaren. 60 jaar lang maakte Janus zich verdienstelijk als organist in de hervormde kerken van Rhenoy, Gellicum en Nieuwland en in de Lutherse kerk in Leerdam. Broer Piet was nog enkele jaren postbode en stopte er mee, toen hij omstreeks 1945 de posterij overdeed aan zijn familielid Adrianus Bullee (1903-1998), de vader van Aagje, en het postkantoor dus verhuisde naar Lingedijk 68. Piet verhuisde naar de Beatrixstraat en verkocht het voormalige posthuis aan aannemer/timmerman Willem Need in 1946. Het achterhuis werd verbouwd tot een timmerwerkplaats en de twee raampjes boven in de voorgevel werden veranderd in een groot raam in het midden. Ook de luiken werden verwijderd. In 1972 kocht het echtpaar A.F. en A.E.L.P.Th. Verstegen-Need het pand en verbouwde het tot een modern woonhuis, van aile gemakken voorzien. Verderop rechts staat het huis dat voor 1935 eigendom was van familie Ferdi en Nans Bovenschen-Bullee. Ook woonde er een tijd lang beroepsmilitair Piet Neuman, die was getrouwd met Greet Middag. Daarna woonden er Nelis en Maaike Vendelbosch-Middag, die her omstreeks 2000 verkochten aan familie Mels en Lineke Verstegen- Terlouw, die in de Kerkstraat te Leerdam een bloeiende wijnhandel en slijterij runnen, genaamd 'In den Wingerd'. Het pand is intussen door deze familie vakkundig en smaakvol verbouwd en is een juweeltje voor het dorp geworden. Middenachter is het dijkhuis van Antonie en Drika den Besten-Middag nog juist zichtbaar.

9 Huigensteeg,1938

De meeste huizen aan de Huigensteeg, die we iller zien, zijn gebouwd in de jaren twintig van de 20ste eeuw. De grond was eigendom van de Polder Acquoy en werd voor niet te veel geld verkocht aan liefhebbers, die er graag een eigen onderkomen stichtten en de drassigheid van de bodem op de koop toe namen. De prentbriefkaart uit 1938 geeft een mooi beeld van de Huigensteeg uit die tijd, die naar de Meerdijk liep richting Leerdam. De peppels aan de rechterkant van de met grint verharde steeg zijn omstreeks 1950 gerooid en vervangen door knotwilgen, die er anno 2003 nog steeds groeien. In de eerste arbeiderswoning links, met rieten kap, woonde Iaap van Andel; hij was wegwerker en had ook een baan op de gasfabriek aan de Meent in Leerdam. Zijn vrouw Griet haalde dagelijks met [uk en emmers water aan de pomp op de hoek van de Achterweg-Huigensteeg, waar nu Marins Bullee sr. woont. Zoon Dirk van Andel bleef er wonen tot ongeveer 1983. Thans woont er familie P. Veth. Aan de achterkant is een stuk aan het huis gebouwd en het is van binnen gemoderniseerd en heeft grotere ramen gekregen. Achter het huis ligt een ruin met een sloot, die grenst aan het bogerdje van Piet den Besten. Dan staat er een schuur met gebroken kap en zwartgeteerde planken, die hoort bi] het belendende perceel, omstreeks 1940 eigendom van Leendert van Weenen (* 18 7 7 te Leerbroek en glasblazer van beroep), die getrouwd was met Titia (Margrieta, * 1 882) Bullee Hendrikdr. Volgende bewoners waren Willemse, de destijds bekende popzangeres van het Nederlandstalige lied Bonnie St. Claire en Leen van Och-

ten jr. In de derde pand bij de telefoonpaal huisde Abraham Temminck, gehuwd met Klasina Need. Daarna woonde er hun zoon Evert, die orgelles gar Later werd de woning afgebroken en bouwde timmerrnan 1. Klijn, zoon van Hannes, er zelf een nieuw huis. In het 4de huis, achter de telefoonpaal, woonde tussen ongeveer 1925 en 1945 familie Gijs van Hees-Middelkoop. Na de oorlog woonde er zoon Bram, getrouwd met Corrie Bovenschen. Thans wordt huisnummer 11 bewoond door kleinzoon Gijs van Hees, gespecialiseerd vakman op de glasfabriek. Het 5de huis, dat nauwelijks zichtbaar is, werd omstreeks 1980 afgebroken en de vrijkomende grond werd bijVan Hees gevoegd. Hier woonde rond 1950 Jan Need, die bij Grotius Beton werkte en was getrouwd met Jantje van Steijn uitAsperen; eerder woonden er Gerrit Need en farnilie Pier Kruijs-van Ooijen. Verderop staan nog meer woningen, die werden bewoond door o.a. de families Hendrik van der Meijden-Hazendonk, Gerrit (* 1921) Middelkoop-de Kuiper, Huib van Ochten-van de Water, Teunis (Katrinus) Schaap-Bron en Arie Kruijs Sterk, wiens vader Aart Kruijs (* 1861) een van de laatste riviervissers was. Van Ochten liet iller in 1923 een eigen woning bouwen. Aan de rechterzijde van de Huigensteeg stonden in 1938 geen huizen: het was weidegebied en eerder, toen de afwatering nog niet verbeterd was, griendland. Omstreeks 1990 vond er iller nieuwbouw plaats aan het begin van de inmiddels omgedoopte Huigenstraat.

". r:

. . .?..

tt-ยท

10

'Kunst naar kracht', 1938

Na een muzikaal optreden van muziekvereniging 'Kunst naar kracht' poseren de werkende leden in 1938 voor de fotograaf. Van links naar rechts, staand achteraan: I met kleine trom, Toon van Andel; 2 ook met kleine trom, Marinus Need jr.; 3 met lichte overjas, Gradus van Kerkhof; 4 Dorus van den Broek; 5 Hendrik Schaal]; 6 Gerard Temminck; 7 Arie den Hartog; 8 voor ill. 3 staande, met strikje, Willem Need; 9 Jan Hendrik van Weenen; 10 Jan Need; II Iohan vanWeenen; 12 HendrikBovenschen; 13Arie Kruijs; 14 Jan van Leeuwen, met grote trom.

Vooraan zittend: I Io Broekhof; 2 RoelofVermeer; 3 PE de Kort, directeur, Leerdam; 4 Marinus Need sr., erevoorzitter; 5 Leen van Bruggen; 6 Gerrit Need.

Vooraan op de knieen: I Piet Need; 2 Piet de Bruin; 3 Hendrik Schaaij jr., de jongste van de vereniging.

In [annan 1904 werd er door enige ingezetenen van Acquoy een poging ondemomen om te komen tot de oprichting van een fanfarecorps. Om tot genoegzame deeJneming te komen, zullen zij, die er lust toe geYoelen dit plan te steunen, door als werkend lid of uls donateur toe te treden, binnen korre tijd per eene in dit blad te plaatsen advertentie ter vergadering worden opgeroepen, luidde het bericht in De Leerdammer. Daarna werd er niets meer van vernomen, zodat dit plan waarschijnlijk mislukte. In december 1920 werd een vrome wens werkelijkheid: muziekvereniging 'Kunst naar kracht' werd opgericht. De nieuwe instrumenten waren inmiddels aangekomen en 'Ad Astra' uitAsperen was zo welwillend om te laten horen welke schone klanken uit de instrumenten te halen waren, Er

werd een kleine, muzikale rondgang door het dorp gemaakt, waarna men in de open bare school nog enige tijd gezellig bijeen bleef. Marinus Need werd voorzitter en de heer H.H. Gerdessen uit Asperen kreeg de leiding over de muziek. Vervolgens werd er hard en serieus geoefend om te komen tot welluidende, muzikale uitvoeringen. 's Zomers werden deze concerten gegeven in de open lucht, zoals in de boomgaard van Comelis vanAckooij. In de wintermaanden werden de uitvoeringen gegeven in de openbare school. Meestal werden de muzieknummers afgewisseld door verschillende voordrachten, waar om geschaterd kon worden. Ook was er weI eens vioolspel, in 192 2 verzorgd door C. van der Leeden uit Leerdam. In de pauze werden er strikjes en lootjes verkocht om de krappe kas van de fanfare te spekken. De prijzen werden bij de middenstand van Acquoy gekocht of werden geschonken. In 1927 werd PE de Kort de nieuwe directeur. Onder zijn degelijke leiding werden er weer prachtige uitvoeringen gegeven, die veel belangstelling trokken, want het schoolgebouw was tot in de uiterste hoeken gevuld. Bij bijzondere gelegenheden werden er serenades gebracht, zoals bijvoorbeeld bij E.E Temminck die in maart 1922 benoemd werd tot organist van de hervormde kerk. Er werd ook regelmatig deelgenomen aan concoursen; op pinkstermaandag 1936 behaalde de vereniging een eerste prijs in Woudrichem. In juni 1935 werd er een tweede prijs gewonnen in Wijk en Aalburg. Tijdens de oorlogsjaren 1940-1945 was het stil rond de fanfare. Pas in februari 1946 werd er weer een uitvoering gegeven onder leiding van directeur PL. de Groot. In de jaren vijftig kwam er een eind aan de muziekvereniging.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek