Alblasserdam in grootmoeders tijd

Alblasserdam in grootmoeders tijd

Auteur
:   A. Korpel
Gemeente
:   Alblasserdam
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-5206-8
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Alblasserdam in grootmoeders tijd'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

9. De villa links op de foto werd vele jaren bewoond door Cornelis Vroege, die gehuwd was met Daampje Heynis. Cornelis had in de polder Ruigenhil een steenbakkerij, die in 1890 afbrandde. Hij was ambachtsheer van Wijngaarden en Ruybroek. Het echtpaar had geen kinderen. Cornelis vermaakte een legaat aan de gemeente om te komen tot het stichten van een ziekenhuis in Alblasserdam. Dit gebauw, de Cornelis Vroegestichting, kwam in 1936 gereed. Nadat het pand aan de Haagendijk was verlaten , werd het in 1935 gekacht door Jan Stehouwer, die achter de waning taen een nieuw bakkersbedrijf begon. Nadat het pand begin 1979 na het overlijden van de bewoonster was verlaten, had het nog enkele jaren leeggestaan. Toen kocht het Hoogheemraadschap de villa en liet het pand in september 1984 slapen.

10. Door de toenemende vraag naar vervoerscapaciteit tussen Alblasserdam en Hendrik-Ido-Ambacht nam de "N.V. Mij tot Exploitatie van Onroerende Goederen te Hendrik-Ido-Arnbacht" het initiatief tot het instellen van een autoveer over de Noord. Op zaterdag 30 augustus 1930 kwam de feestelijk versierde veerpont "Home Craft" in de vaart. De afvaart vond plaats naast de villa van Frank Rijsdijk en in Alblasserdam werd aangelegd bij de haven van de Zuurstoffabriek. Omdat bij het instellen van dit nieuwe veer "veerrechten" in het geding waren, moest de "Home Craft", na een proces, in 1933 de dienst staken.

11. Op 25 maart 19051egde Johann Christiaan Smit de eerste steen van de watertoren en daarmee kreeg AIblasserdam een eigen drinkwatervoorziening. De tekst op deze steen "En Wees een Zegen" was een initiatief geweest van dominee F.J. Heineman. De eerste directeur was Martinus Visser, die al gauw, in 1907, door zijn zoon Gerrit Visser werd opgevolgd. In mei 1949 werd drs. H.A. Visser benoemd. Peter Cornelis Brouwer was de eerste machinist. Hij woonde naast de watertoren. Zijn zoon verdronk tijdens de oorlogsjaren in een van de bezinkvijvers. Hij was door de duisternis misleid. In februari 1946 werd Brouwer opgevolgd door D. Treure, september 1960werdJ. de Kloe er machinist.

12. Leendert Pijl was in Alblasserdam een echte dorpsfiguur. Hij kon virtuoos fluitspelen op zijn ocarina. Als de jeugd aan hem vroeg om wat te spelen, dan deed hij dat. Tegen een boom geleund rolden dan de weke fluitklanken uit zijn instrument. Hij speelde vooral volkswijsjes, maar ook klassiek. Een nachtegaal kon hij op zijn fluit meesterlijk nabootsen. Op het dorp kreeg hij de bijnaam "Leonardo de la Fluut". Naast fluitspelen tekende hij ook, zoals een vrachtboot onder stoom, een wintergezicht met knotwilgen, een dorpsweggetje of, zoals hier, de Lekboot 3, die de verbinding tussen Rotterdam en Culemborg onderhield.

13. Naast Cortgene 31igt de Zeevaartschoollaan. Hier was vroeger de Zeevaartschool voor het opleiden van zeelieden gevestigd. Oud-kapitein D. W. E. Schurhard, die op Cortgene 3 woonde, gaf daar les. Door concurrentie vanuit Rotterdam moest de school in 1926 ten slotte sluiten. Hierna nam de christelijke uloschool het gebouw in gebruik. Eerste hoofdonderwijzer was 1. Pols, die afkomstig was uit Den Briel. Toen hij in 1936 naar Den Haag verhuisde, werd D.1.C. van Neutegem hoofd van de school. Van Neutegem was afkomstig van Sliedrecht en werd later onderscheiden in de Orde van Oranje Nassau. In 1954 verhuisde de school naar de Van Eesterensingel in de "Oostenrijkse School".

14. Achter het Ambachtsherenhuis, Corgene 9, zorgt lover voor enige lafenis voor de keuvelende dames en de hondo De dame links op de foto is Wiggerina Mak, de tweede vrouw van ambachtsheer Adrien Gerard Rijkee Czn. De dame met parasol rechts op de foto is de ongehuwde Neelina Barendina Rijkee. Zij is de dochter van Adrien Gerard Rijkee Czn. en diens eerste vrouw Gijsbertje Huyzer. Wiggerina overleed in het jaar 1923 en Neelina Barendina - zij werd op het dorp "tante Lien" genoemd - blies haar laatste adem uit in het jaar 1935.

15. Pand Veldzicht , Cortgene 27, werd tot in 1935 bewoond door de ongehuwde Adrien Gerard Rijkee en zijn moeder Wilhelmina Johanna Rijkee-van Rosse. Adrien was ambachtsheer van Alblasserdam. Op de foto zien we Adrien poseren voor de fotograaf samen met Bets Donkers. Bets begon in 1932 haar taak als dienstbode in Veldzicht. In 1935 verhuisde het gezin naar het Ambachtsherenhuis Cortgene 9. Veldzicht werd daarop verhuurd aan onder anderen kapper Pieter Roodnat. In verband met de realisering van het winkelcentrum, .Makado" werd het pand in februari 1973 gesloopt.

16. Adrien Gerard Rijkee A.Gzn. was de zoon van ambachtsheer Adrien Gerard Rijkee Czn. en diens tweede vrouw Wiggerina Mak. Hij was ook mede-eigenaar van de heerlijkheid Alblasserdam. Adrien smaadde de sterke drank niet en dat bracht hem weI eens in een moeilijk parket. Hoe hij aan zijn bijnaam "Roenkoen" kwam is niet geheel duidelijk. Mogelijkerwijs is die bijnaam ontleend aan het geluid dat zijn sierduiven voortbrachten. Hij hield ook parelhoenders, die hier poelepetaten werden genoemd. Op 7 februari 1932 overleed hij , ongehuwd, op de leeftijd van 49 jaar.

17. De eerste steen voor de hervormde pastorie, Cortgene 6, werd op 12 oktober 1882 gelegd. Dit geschiedde door Pietro nella Smit. Zij was de ongehuwde dochter van scheepsbouwmeester Come lis Smit en Neeltje Tuijtel. Voorheen was de pastorie op de Dam gevestigd. Begin 1883 kocht de gemeente Alblasserdam de oude pastorie en richtte die in als gemeentehuis. Op 11 mei 1940 ging ook dit gemeentehuis, door een Duits bombardement, verloren. Dominee F.J. Heineman was de eerste predikant die de nieuwe pastorie kon betrekken.

18. Een week nadat in het kerkgebouw in de Kerkstraat de laatste eredienst werd gehouden, vond op 19 november 1854 de inwijding van de nieuwe Koepelkerk plaats. Dit kerkgebouw kreeg een plaats in het poldertje Cortje (Cortgene), dat voor dit doe I plaatselijk werd opgespoten. Een lang leven was deze kerk niet beschoren. Reeds in een vroeg stadium openbaarden zich allerlei gebreken. Tot overmaat van ramp barstte met Kerstmis 1891 ook nog eens de luidklok. Na bijna 44 jaren dienst te hebben gedaan viel op 19 februari 1898 het armzalige besluit om de Koepelkerk te ontruimen en af te breken.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2021 Uitgeverij Europese Bibliotheek