Arnhem in oude ansichten deel 2

Arnhem in oude ansichten deel 2

Auteur
:   R.S. Dalman
Gemeente
:   Arnhem
Provincie
:   Gelderland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2348-8
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Arnhem in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Haven - Arnhcm.

69. Vanuit de oude haven hebben we een goed zicht op de gevelrij langs de Oude Kraan tussen de Bergstraat en de Wolvengang, omstreeks 1915. De panden die we links zien behoorden toe aan de firma W.J. Stokvis. Rechts daarvan, net boven de achterkant van de witte boot, cafe "Havenzicht" van J.W. Maters. Niets van hetgeen deze ansicht vertoont is nog aanwezig. De haven is gedempt, hier is nu de afrit van de Roermondspleinbrug en de huizen hebben plaats gemaakt voor een garage, kantoren, showrooms en flatwoningen.

70. Hier een vrij zeldzame opname van hetzelfde punt, met de "Benzo-tram" van de Ooster Stoomtramweg Maatschappij op de lijn Amersfoort-Zeist-Arnhern, Deze tram wekte met een benzinemotor zijn eigen elektriciteit op. Het was een grandioze mislukking, want bij snel rijden of hellingen beklimmen werd de motor gloeiend heet en ging het koelwater overkoken, over het dak, waarbij een wolk van stoom de tram aan het gezicht onttrok. Bovendien werd het een dure grap, toen in 1918 een liter benzine f 1,65 ging kosten en dan nog voor de helft uit spiritus bestond ... Nadat men zich deze miskleun had gerealiseerd, werden de "Benzo's" omgebouwd tot elektrische goederenmotorwagens, in welke hoedanigheid ze nog vele jaren dienst hebben kunnen doen.

71. Vanaf de Nieuwe Kraan kijken we hier in de richting van de ingang van de oude haven. Hier was de aaniegsteiger van het bootje naar de Westerbouwing, welk bootje om zijn boegversiering weI "het zwaantje" werd genoemd. De dienst werd geexploiteerd door stoombootonderneming "Concordia". Tevens deed het haventje dienst als ligplaats voor plezierbootjes en was er een kanoverhuurinrichting. Wanneer zich in de winter ijs vormde op de Rijn, werden het drijvende badhuis en de schipbrug hier ook tijdelijk in veiligheid gebracht. Op het schiereilandje, links, een aantal pakhuizen van vervoersondernemingen. Deze ansicht is van omstreeks 1900.

17ITG-. XAUTA, '-ELSEX

142'5.

Onderlangs. - AR~i1DI.

'LV~ltZ-"tLĀ·

72. Een romantische aanblik bood het Onderlangs nog in 1906, ter hoogte van de huidige Academie voor Beeldende Kunsten. Op de achtergrond zien we de panden die langs de Oude Kraan stonden. Rechts bevonden zich de remisegebouwen van de Ooster Stoomtramweg Maatschappij, aan de Tramstraat. De rijweg van Onderlangs was nog een enigszins verhard zandpad.

73. Omstreeks 1900 werd het Onderlangs verbreed, door een bocht in de Rijn te dempen. Op het deel dat hierbij werd gewonnen kwam de stoomtram van de Ooster Stoomtramweg Maatschappij nu op dubbelspoor te lopeno Op deze kaart van omstreeks 1920 zijn de hoge bomen, te zien op de vorige ansicht, inmiddels gekapt. Dit is hetzelfde punt, nu evenwel gezien in de richting Oosterbeek. Op 4 augustus 1922 werd de tramlijn geelektrificeerd. Op 1 januari 1927 werd de Ooster Stoomtramweg Maatschappij overgenomen door de Nederlandsche Buurtspoorweg Maatschappij. De bekende groene trams, die hun eindpunt hadden aan de Oude Kraan, hoek Bergstraat, reden hier tot 31 januari 1937, waarna bussen de diensten overnamen.

74. We zijn inmiddels aangeland op de samenvoeging Onderlangs-Utrechtseweg, Omstreeks 1918 vertoont deze kaart de tramhalte Oranjestraat met wachthuisje. De trams van lijn 1 reden op werkdagen nog maar voor de helft door naar Oosterbeek. De andere helft vond hier haar eindpunt. Deze tram heeft het koersbord Oranjestraat en staat gereed om terug te rijden naar Yelp. Links zien we het tramspoor van de Ooster Stoomtramweg Maatschappij, die vanaf dit punt gebruik ging maken van de rails van de Gemeentetram tot hotel "Schoonoord" in Oosterbeek. Op de achtergrond, links, de uitmonding van de Hulkesteinseweg. Vanaf dit punt, waar thans de hoge Hulkesteinflat staat, zien we een fraaie bomenrij. Omzoomd door dit groen liep de Utrechtseweg als een vrij smalle weg verder, richting Oosterbeek. Bij het aanschouwen van deze opnamen realiseren we ons pas goed, hoeveel groen er is verdwenen in Arnhem.

75. Ook een weeiderig groene situatie vertoont de Utrechtseweg, hier ook weI Bovenover genoemd, omstreeks 1930. De tram rijdt hier ter hoogte van het St.-Elisabeths Gasthuis. De Gemeentetram heeft bier al zijn nieuwe front, met schuin geplaatste voorruit, waarrnee men dacht verblinding door tegemoetkomend verkeer te kunnen voorkomen. De tram deed in de jaren dertig op alle mogelijke manieren aan klantenbinding. Voor f 0,25 kon men in 1933 een dagkaart kopen en onbeperkt de gehele dag trammen. AI in de jaren twintig schrok men ook niet terug voor schnabbeis. Er was een intensief zand- en goederenvervoer. In 1923 is er zelfs iemand per tram verhuisd van de Bakenbergseweg naar de Geitenkamp en weI voor het prettige prijsje van f 8,50. De inboedel werd vervoerd in een goederenwagon, die achter de elektrische motorwagen was gekoppeid.

76. Naast het St.-Elisabeths Gasthuis stond tot aan de verwoesting in het laatste oorlogsjaar deze villa, huize "Rhijnstein" genaamd. De opname is van 1912. Na de oorlog is hier de verpleegstersflat van het ziekenhuis gebouwd. Een deel van de heuvel waarop de villa lag, werd afgegraven ten behoeve van een nieuw aan te leggen parkeerterrein, terzijde van de nieuw gebouwde polikliniekvan het ziekenhuis.

77. Op het hoogste punt van de Utrechtseweg lag de Buiten-Societeit, in welk gebouw in 1920 het gemeentemuseum werd ondergebracht. De Buiten-Societeit was gebouwd voor de "parvenu's", die niet beschaafd genoeg werden geacht om toegang te verkrijgen tot de grote societeit, die in de Koningstraat was gevestigd. Over genoeg geld beschikkend namen zij dit niet en gaven de architect Outshoorn in 1845 opdracht om een veel grotere en fraaiere societeit te bouwen op de Rehberg, een stuk terrein genoemd naar de "Tent van Reh", een uitspanning waarvan Jan Reh de eigenaar was. De fraaie koepel van het gebouw draagt ter herinnering aan de architect nu nog de naam Outshoornkoepel. Op de beide lage zijvleugels stonden tot het begin van deze eeuw eveneens koepels. Later zijn deze hiervan verwijderd. Voor het gebouw zien we de gemeentelijke strontkar. Daar de meeste woningen nog niet waren aangesloten op een riolering, moesten de bewoners dikwijls de beerputten laten leeghalen. Op de achtergrond zien we net de paardetram door de bocht gieren.

Hotel "Bellevue" Arnhem Constant Meijer.

78. Op de pagina's 76 en 77 van deel I heb ik de catastrofale brand beschreven, die in de nacht van 25 op 26 oktober 1908 hotel "Bellevue" verwoestte. Na deze brand werd het hotelbedrijf tot 1930 voortgezet in de voormalige dependance, rechtsvan het oude gebouw gelegen, Deze dependance was speciaalgebouwd voor Anna Paulowna, de weduwe van koning Willem II, die hier dikwijls logeerde. Op deze ansicht uit 1916 zien we het gespaard gebleven deel van hotel "Bellevue", waarvan Constant Meijer in die dagen de eigenaar was. Aan de lantarenpaal voor het hotel hangt een haltebordje van de tram. Na afbraak van het hotel werd hier het hoofdgebouw van de PGEM gebouwd.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2021 Uitgeverij Europese Bibliotheek