Berg en Terblijt in oude ansichten

Berg en Terblijt in oude ansichten

Auteur
:   H.G. Duijzings
Gemeente
:   Valkenburg aan de Geul
Provincie
:   Limburg
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-5664-6
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Berg en Terblijt in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

30. Harmonie Amicitia - Vilt.

Deze vereniging werd in 1893 opgericht als zangkoor; de stuwende kracht daarbij was Harie Bouwens, die ook de eerste dirigent was. De naam Amicitia (= vriendschap) had niet aIleen symbolische betekenis. Het moet opvaIlend geweest zijn hoe de omgang van de leden met elkaar door vriendschap bepaald werd. Sociale problemen werden vaak bij Amicitia opgelost. Men repeteerde in een huis aan de Sibberweg. Een bekend dirigent in de beginjaren was de Valkenburger Gerard Meussen, die echter nog meer bekendheid genoot als toneelspeler. Toneel zou daardoor ook een belangrijke rol gaan spelen bij Amicitia. Op de winterconcertavonden werd na een uurtje muziek altijd een avondvuIlend toneelstuk op de biihne gebracht.

In 1918 werden de pretenties (en ook de animo) nog wat groter en werd het zangkoor omgezet in Harmonie Amicitia. Men kocht voor f 1657,- instrumenten die vele jaren zouden meegaan. Vanaf die tijd zijn twee personen lange jaren bepalend voor Amicitia geweest: Sjirke Smeets en Camille Roebroeck. Sjirke Smeets, koster-organist uit Valkenburg, werd directeur en zou dat tot 1954 blijven: pro Deo! Omdat hij ook een tone elm an was, bleef de afdeling ton eel bloeien. Zelfs zodanig dat daaruit in 1940-1941 een zelfstandige toneelvereniging voortkwam. Sjirke Smeets hield van mooie muziek, die niet perse moeilijk moest zijn. De functie van een harmonie was in zijn visie een maatschappelijke: het opluisteren van feesten, weidefeesten, processies en gouden bruiloften, kortom feesten, waarbij de hele dorpsgemeenschap betrokken werd. Onder zijn directie is Amicitia nooit op concours geweest. WeI had men het vaak erg druk met het brengen van serenades, zoals in de jaren 1948-1950, toen men steeds klaar stond om de jonge mannen uit Yilt die als soldaat uit Indie terugkeerden, muzikaal te verwelkomen.

Camille Roebroeck werd voorzitter in 1931 en zou dat - met een onderbreking van 1942 tot 1948 - blijven tot 1980.

Eind jaren vijftig veranderde er veel bij Amicitia: er begon toen een grote inhaalmanoeuvre. Men werd verplicht - als lid van de bond - om op concours te gaan, er moesten uniformen komen (tot dan had men aIleen uniformpetten), er kwam een drumband, de instrumenten waren aan vernieuwing toe en ... vanaf die tijd moesten de directeuren betaald worden. Door deelname aan concoursen promoveerde Amicitia geleidelijk aan tot de ereafdeling (1990).

De foto dateert van 20 september 1925. Het was toen een gezelschap van 26 spelende leden en zes bestuursleden. In 1993 - bij het honderdjarig bestaan - zou Amicitia honderd leden teIlen!

31. Voetbalclub viu. 1942.

De voetbalclub van Yilt - R.K.V.V. Yilt - werd opgericht op 24 december 1934. De oprichters waren Sjo Grispen, Ber Heynen en Martin Martens. Het eerste bestuur werd gevormd door Piet Leijsten (voorzitter) Pierre Lambrix (secretaris), Sjo Grispen (penningmeester) en verder Martin Martens, Ber Heijnen en Pierre Caelen.

De beginjaren waren een moeilijke periode, want de vereniging kreeg geen subsidie. R.K.V.V. Yilt startte in 1934 met de competitie in de derde klasse onderafdeling van de KNVB. Ze zou het uiteindelijk brengen (1961) tot de 4e klasse KNVB. Het aantal seniorenelftallen zou tot een maximum van vier uitgroeien. In 1949 richtte men een jeugdelftal op, dat deelnam aan de competitie. In 1967 zou de voetbalclub uitgebreid worden tot Sportclub Yilt, omdat er to en een afdeling handbal voor dames in werd opgenomen.

De accommodatie werd in de beginjaren gevormd door een boerenweiland, waarop twee doelen geplaatst werden. Vaak moesten vlak voor het begin van een wedstrijd de koeien nog van het veld verwijderd worden. Men kende ook niet de wee Ide van een kleedlokaal op het veld. Bij thuiswedstrijden moesten de spelers zich thuis omkleden; bij uitwedstrijden gebeurde dit op een slaapkamer of in het verenigingslokaal van de thuis spelende ploeg. Na afloop konden de spelers zich wassen in een teiltje, dat naast het veld gereed werd gezet. Vaak waren er niet eens elf teiltjes en moesten meer spelers zich in een teiltje wassen! Het veld van R.K. V. V. Yilt was achtereenvolgens gelegen links van het hoogste punt van de Sibberweg, in het weiland achter de boerderij van Josef Voncken, aan de Nachtegaalstraat, in het Kuipje en ten slotte weer aan de Nachtegaalstraat. Het Kuipje was in zoverre uniek, dat het in oorsprong een kiezelgroeve was, op de bodem waarvan een voetbalveld werd aangelegd, vooral door de inzet van Martin BJorn. Door de schuine wanden van de vroegere groeve maakte het geheel de indruk van een stadion!

Op de foto uit 1942 staat het elftal dat bijna gelijk was aan het team dat in 1946 kampioen werd na een overwinning van 6-2 in Sibbe, op 26 maart.

Eerste rij: Harie Hendriks, Giel Duijzings en Jan Martens. Tweede rij: Leon Hendriks, Pie Duijzings, Johan Noben.

Achterste rij: Harie Rouvroye (b), Sjeng BJorn (b), Sjo Grispen, Twan Meertens, Pol Hendriks, Martin Martens, Ber Vluggen, Wiel Odekerken, Pierre Lambrix (b), Sjo Ubaghs (b) en Ber Heijnen (b) (b = bestuurslid) .

32. Carnaval1954.

In de jaren vijftig kenden veel Zuidlimburgse dorpen een opbloei in de viering van carnaval. In elk dorp dat zichzelf respecteerde werd een carnavalsvereniging opgericht, soms zelfs twee: een senioren- en een jeugdcarnavalsvereniging. In een gemeente als Berg en Terblijt met zijn vier woonkernen, lag dat moeilijk. Er waren zowel in Berg als in Yilt carnavalsverenigingen, die nu eens weI, dan weer niet samenwerkten: in Berg "De Spoetnikkers" en in Yilt "De Torke".

Er is een tijd geweest, dat ze een gezamenlijke optocht organiseerden. Maar die trok dan ook door de he le gemeente, een kilometerslange route; geen enkele buurt mocht tekort gedaan worden. De start was boven in Terblijt, waar de stoet eerst doortrok. Dan ging het via de Rijksweg naar Yilt, via de Lange Akker en de Vogelzangweg (de, ,Brakken") steil omlaag naar Geulhem, via de Geulhemerberg weer naar boven en ten slotte door Berg. Voor de deelnemers was het een urenlange tocht over een afstand van circa 7 kilometer; afgezien van de weg naar de start, aan de grens van de gemeente. Op de grote afstanden tussen de woonkernen stond geen enkele toeschouwer. Deze route probeerde men dan ook wat vlugger af te leggen.

Op de foto: de wagen van de voetbalclub van Yilt, die een groep Turken voorstelt, want de Viltenaren hebben als sinds mensenheugenis de bijnaam Torke. Op de foto, van links naar rechts: Mathieu Lamberiks, Tiny Duysings, Tonny Kreutzer, Hub Heijnen, Ber Meertens, Jeu Herben, Hub Duyzings, Jean (Kin) Ubaghs, Sjo Blom en Hub Duysings.

De foto is genomen in Geulhem: op de achtergrond zijn de rotsen te zien.

33. De studentenclub.

Van 1949 tot 1955 bestond er in Berg en Terblijt een zogenaamde jongstudentenclub, Sint Johan Berchmans geheten. Het was een jongensclub waarvan iedere jongen die na de lagere school verder leerde, lid kon worden. In die tijd ging nog lang niet iedereen naar Ulo, HBS, gymnasium of handelsschool, zeker niet op het platteland.

De oprichters waren drie priesterstudenten: Eugene Huids, Jean Goossens en Sjeng Tillie. Zij werden ook de eerste leiders. De studentenclub was alleen actief in de vakanties. De activiteiten waren gericht op (godsdienstige) vorming en vermaak. Bekend waren de godsdienstige bijeenkomsten die men recollectie noemde.

In de kerstvakantie werd altijd een ouderavond gehouden, waarop voor de ouders toneelstukjes en sketches werden opgevoerd. Als bekroning van het schooljaar gingen de jongens elke zomer in augustus op kamp, altijd op de fiets. Meestal naar een dorp in Zuid- of Noord-Limburg, bijvoorbeeld Sint-Geertruid, Grathem en Geysteren.

De studentenclub organiseerde in die jaren samen met andere jeugdverenigingen van Berg en Terblijt een zogenaamde wilde wielerronde, waaraan iedereen op gewone fietsen kon meedoen, met de finish in de Grote Straat.

De studentenclub was een van de weinige verenigingen in de gemeente waarin leden uit Berg en Vilt broederlijk samenwerkten. Voor het overige hadden be ide dorpen elk hun eigen clubs.

Toen de genoemde priesterstudenten allen tot priester waren gewijd en werkzaam waren in een parochie, stierf de studentenclub een langzame dood, rond 1955.

Op de foto, staande uiterst links, Sjeng Tilli

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek