Bunnik in grootmoeders tijd deel 1

Bunnik in grootmoeders tijd deel 1

Auteur
:   S.A. van de Gaag
Gemeente
:   Bunnik
Provincie
:   Utrecht
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4605-0
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Bunnik in grootmoeders tijd deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Vele ouderen in deze gemeente kennen Bunnik nog als een agrarisch dorp. Bunnik was bekend om zijn kersenboomgaarden, fruit, bloemen en boomkwekerijen. De meeste ervan waren gesitueerd aan de Provincialegrintweg. Namen als de Anna Mariaboomgaard, Bouwlust, Majaco, Westlandia, Gruno, Engenoord, Jansen en De Engh waren onverbrekelijk aan deze weg verbonden.

De naam zegt al dat het een grintweg was met in het midden een 60 em breed paardestraatje. Dit om te voorkomen dat er een uitholling in de weg zou ontstaan. Dat was echt geen overbodige luxe, want iedere vrijdag trokken over deze weg weI 30 tot 40 door een paard getrokken kaasbrikken beladen met kaas naar de kaasmarkt op het Vreeburg in Utrecht. Ook de wekelijkse veemarkt op zaterdag, die eveneens op het Vreeburg werd gehouden, trok veel boeren aan. De meesten gingen lopend met de koeien naar de markt, een enkeling met een veewagen. Het was altijd amu-

sant te zien hoe onwillige koeien het de begeleiders lastig maakten. Na afloop, van zowel de kaas- als de veemarkt, werd op de terugweg halt gehouden bij de uitspanning van Betje van de Vecht in Vechten. Veel ervaringen en nieuwtjes werden dan uitgewisseld. Voor de aanvoer van goederen was men aangewezen op de beurtschippers, die met de trekschuit via het jaagpad langs de Krommerijn meestal de afstand naar Utrecht en terug in een dag aflegden. Zij keerden altijd volbeladen met goederen terug en meerden af aan de Loswal. De meeste goederen werden nog dezelfde dag met een handwagen bij de afnemers bezorgd. Overigens leefde men in Bunnik heel wat rustiger dan tegenwoordig. Neem bijvoorbeeld het politiekorps, dat bestond uit slechts twee veldwachters, die meestal samen door het dorp liepen en maar zelden behoefden in te grijpen.

De straatverlichting werd verzorgd door op petroleum brandende lantaarns. In het dorp stonden 17 straat-

lantaarns, in Vechten vier. Uitgaande van de gegevens uit 1907 moesten de lantaarns in de periode van 1 oktober tot 31 maart ongeveer 23 dagen per maand branden. Bij volle maan werden de lantaarns namelijk niet ontstoken. Voorschrift was dat de lantaarns moesten worden ontstoken zodra het donker begon te worden en ze bleven doorbranden tot 10 uur 's avonds. De lampen werden wekelijks voorzien van een nieuwe pit en bijgevuld met petroleum. Het aansteken en bijhouden van de lantaarns werd uitbesteed aan derden. Kees Pessel, die graag wat bijverdiende, zag je 's winters met een ladder naar Vechten gaan om de lantaarns te ontsteken en ze om 10 uur te doyen. Tevens werkte hij als kantonnier en zag je hem dagelijks bezig de gaten in de grintwegen op te vullen met grint.

De dorpen in de Krommerijnstreek werden regelmatig bezocht door landlopers, die de huizen langs gingen voor een boterham of voor een halve of hele cent.

Zij kenden toen al een vorm van organisatie, want voor Bunnik was de woensdag vastgesteld als bezoekdag. Zij kwamen dan weI met 100 man langs de huizen. In de volksmond werd de woensdag uitgeroepen tot schooiersdag.

Ook het bekende trio straatmuzikanten ontbrak niet. Zij bleven echter nooit lang, zij trokken namelijk van dorp tot dorp en probeerden op die manier zoveel mogelijk te verdienen.

Helaas ontbreekt ons de ruimte om meer belevenissen op te halen, maar bij het lezen van dit verhaal zullen ongetwijfeld andere herinneringen bij u opkomen. Dank zij de welwillende medewerking van veel oudere inwoners in Bunnik, waarvoor mijn hartelijke dank, is het mij gelukt grootmoeders tijd te doen herleven. Niet aileen door de foto's, maar zeker ook door de onderschriften daarbij.

Arie van der Gaag

1. In het jaar 1912 richtte burgemeester Van Beeck Calkoen zich tot de Kroon met het verzoek aan de gemeente Bunnik een eigen wapen te willen toekennen. Reeds in datzelfde jaar komt er antwoord dat het verzoek kan worden ingewilligd en dat het wapen zou kunnen zijn "in goud een adelaar van keel en een uitgetande zoom van sabel" . Met de adelaar voelde de raad zich niet zo ingenomen, waarna een voorstel aan de Kroon werd gedaan de adelaar te vervangen door een stappende haan, als zinnebeeld van de waakzaamheid. Na bericht van geen bezwaar ontving de gemeente Bunnik ingaande 11 februari 1913 bovenstaand gemeentewapen.

BUNNIK,

6291

2. Het nieuwe gemeentehuis van Bunnik werd in 1896 aanbesteed en gegund aan de Bunnikse aannemer W. Beemer. Het geld voor de nieuwbouw werd geleend tegen 3Yz% rente van mr. G. C.D. baron van Hardenbroek (burgemeester van de gemeenten Bunnik, Odijk en Werkhoven). Het gemeentehuis werd in gebruik genomen op 2 oktober 1897. Op een telefoonaansluiting moest nog worden gewacht tot 1901. Het toestel werd geplaatst in de commissiekamer. In december 1897 werd als concierge aangesteld de heer C.J. Croese uit Utrecht.

3. De raad- en trouwzaal in het nieuwe gemeentehuis was stijlvol en gezellig ingericht. De fraai gebeeldhouwde stoelen, met leer bekleed, komen goed tot hun recht voor de prachtig bewerkte schouw. De geheel in stijl aangebrachte verlichting completeerde het geheel. De Franse pendule op de schoorsteen gaf altijd de juiste tijd aan, bijzonder belangrijk tijdens raadsvergaderingen. Ret portret van koningin Wilhelmina kreeg een ereplaats boven deschouw.

4. Het in 1919 geinstalleerde gemeentebestuur van Bunnik, poserend voor het oude gemeentehuis. Zittend, van links naar rechts: Huib van der Vecht, hij fungeerde van 1919 tot 1962 als wethouder of raadslid; burgemeester mr. W.J. van Beeck Calkoen en wethouder Kobus van Rijn. Staand de raadsleden: Gijs Dorrestein, Dorus Scherpenzeel, Reijer Lokhorst, Willem Willemse, Jan van de Grift en secretaris Karel Bus.

5. Tijdens de mobilisatie van 1914 kregen alle landbouwers in Bunnik inkwartiering van soldaten. Bovenstaande militairen waren ingekwartierd bij boerderij "De Kamp". Deze boerderij was gelegen aan de Krommerijn, waarop de militairen zich uitriepen tot "Rijnwachters". Naast de militairen staat in het midden op de foto de eigenaar van de boerderij, Teunis Lokhorst, voor hem zittend zijn zusters. Teunis Scherpenzeel, als altijd gedienstig, schenkt een kopje koffie in. De dorpsveldwachter completeert het gezelschap.

6. Boerderij Bouwlust, gelegen aan de Provincialeweg, oorspronkelijk een houtvesterswoning bij Rhijnauwen, werd in 1869 gekocht door Gijsbertus van 't Hoenderdal, die het liet verbouwen tot boerderij. Medio 1900 opende hij naast de boerderij een kersenboomgaard met terras. Op deze opname, daterend van 1908, zien we, van links naar rechts: Gijsbertus van 't Hoenderdal, zijn vrouw Reijertje, zoon Janus, Marinus (met fiets nog voorzien van een carbidlamp) en de werkster Margje van Hal.

7. Het bespuiten van fruitbomen was altijd een tijdrovende bezigheid, reden waarom Janus van 't Hoenderdal en Teunis Lokhorst in 1930 besloten om gezamenlijk een door een benzinemotor aangedreven boomspuit aan te schaffen. De vloeistoftank had een inhoud van 800 liter. Als bijzonderheid kan worden vermeld dat deze motorboomspuit de eerste was die in Bunnik in gebruik genomen werd. Met een pk. trekkracht, geleid door Teunis, trok Janus spuitend door de boomgaard.

8. Het huis van kwekerij Majaco, Iaatstelijk bewoond door de heer W. Goedegebuure, grensde aan de kersenboomgaard van.Bouwlust. Naast fruit werden ook pIanten en bIoemen gekweekt. In de boomgaard was een Iandelijk zitje ingericht, waar aIs speciaIiteit druivensap werd verkocht. Rond de jaren dertig werd kwekerij Majaco in advertenties aIs voIgt aangeprezen: Bezoekt op uw tocht door Bunnik in juli - oct. Kweekerij "MAJACO". Majaco biedt u: zon, zomer, bloemen en vruchten. Majaco's Zinnia's zijn bekend, aanschouw deze kleurenpracht.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek