Bunnik in grootmoeders tijd deel 1

Bunnik in grootmoeders tijd deel 1

Auteur
:   S.A. van de Gaag
Gemeente
:   Bunnik
Provincie
:   Utrecht
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4605-0
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Bunnik in grootmoeders tijd deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

49. De eerste brandspuitwagen in Bunnik werd aangeschaft in 1859. In 1896 werd de spuit vervangen door een grotere. De spuitwagen moest door acht man worden bediend. Vrijwillige brandweer bestond nag niet, wel de plichtbrandweer. Bij brand moesten de daarvoor aangewezen mannen helpen. Minstens eenmaal per jaar werd op de Brink geoefend. Het werd dan meer een dorpsfeest dan een oefening. Nadat er water uit de spuit kwam, mocht iedereen spuiten, waarna het slagen van de oefening in de kroeg beklonken werd.

50. Deze opname uit 1907 werd gemaakt voor de woning van Piet Goes, hij woonde in de Langstraat 1. Van beroep was hij visser, een vak dat destijds nog uitgeoefend werd op de Krommerijn. Hoewel het hard en lang werken was kon hij zijn boterham er best mee verdienen. Hij was altijd met iedereen goede maatjes, in het bijzonder met zijn buren, die dan oak best met hem op de foto wilden. Van links naar rechts, staande: Klaas van Beek en Piet Goes. Zittend: Klaas Stegens en zijn vrouw, de driejarige Marinus Goes, Jantje van As en de petroleumboer Dorus Meis.

51. Piet Goes en later zijn zoon Marinus maakten voor de visvangst op de Krommerijn gebruik van een .Krommerijnder": een vissersboot uitgerust met een kruisnet. Wanneer een etmaal achtereen werd gevist ging een visser op toerbeurt slapen in een daarvoor op de boot getimmerd verblijf. Na de vangst werd de Krommerijnder afgemeerd bij de boerderij van Van der Horst, waar de gevangen vis werd opgeslagen in de daarvoor in de Krommerijn gebouwde viskaar (zwart-krijttekening van Johan de Kruijf).

52. De dorpspomp voor het gemeentehuis, aan de Brink, was altijd een trekpleister voor de jeugd van Bunnik. Speciaal voor diegenen die in de buurt van de pomp woonden. We zien hier, van links naar rechts: Henk Koster, Adriana van Wiggen en Dora en Hendrika Koster. Overigens kon men iedere ochtend het wasritueel van lac. Koster zien. Hij woonde tegenover de pomp. Gewapend met een emmer en een handdoek over zijn schouder waste hij zich aan de pomp alvorens aan het werk te gaan.

53. Een foto die ongetwijfeld veel herinneringen zal ophalen. Deze opname werd gemaakt voor het huis van klompenmaker Van de Kant aan de Langstraat. Een levensgrote klomp boven de deur deed dienst als uithangbord. Voor het huis, zittend op een wip, de jeugd die destijds hun vertier zocht rond de Brink. Van beneden naar boven: Harry van de Kant, Dora Koster, Riek Koster, Ida van de Kant, Corrie Goes, Truus Goes, een onbekende, ? van de Kant, Harry Koster en Wijnand Koster.

54. Dit huis aan de Loswal werd bewoond door de families Van Maarsen en Van Soest. Voor het huis het klompenhok waarin mevrouw Van Maarsen eens de schrik van haar leven kreeg. Toen zij op een keer het klompenhok wilde verlaten vloog er een kogel door het raampje in de deur en scheerde rakelings over haar hoofd. Later bleek dat de kogel afkomstig was uit het geweer van iemand die wat te diep in het glaasje had gekeken. Uit balorigheid had hij de kogel afgeschoten. De schuur, links van het huis, was de appelschuur van Piet Willemse.

55. Deze boerderij in de Langstraat werd gebouwd in de 18e eeuw en geeft een goede indruk van hoe de oude bebouwing in de dorpskern was opgezet. Ret heeft tot 1926 dienst gedaan als boerderij. Toen werd de linkeraanbouw gerealiseerd, waarin mevrouw Van Engelen een winkel in kruidenierswaren opende. Daarvoor heeft het vele bewoners gekend, onder wie de vroegere gemeentesecretaris C. Kwint, die daar geboren en getogen is. Op de voorgrond zien we nog de woningen waarin onder anderen de families Van Es, Van Mourik en Bouwman woonden.

56. Een kijkje in de Langstraat. De woningen links op de foto stonden aan het einde van die straat. Voor zijn woning zien we Adriaan van Nieuwenhuizen met de schimmel van Lokhorst. Boerderij Lokhorst lag achter deze woningen. Zijn beide zoons mochten iedere dag een ritje op het paard maken. Zo te zien hield zijn dochtertje het liever op een wandeling met de poppewagen.

57. Een van de oudste verenigingen in Bunnik is de zangvereniging De Volharding. Opgericht in 1922 telde zij in 1927 reeds tachtig leden. Onder leiding van dirigent Mees van Huis repeteerde men wekelijks in gebouw De Grondslag. Hij bracht De Volharding tat grate hoogte. Vele eerste prijzen vielen het koor ten deel. Naast optredens in bejaardenhuizen, het Ooglijdersgasthuis en het Diaconessenhuis te Utrecht trad men ook op vaor de radio, zowel voor de NCRV als de AVRO. Oak werd met succes deelgenomen aan concoursen.

58. Bij het verlaten van Bunnik in de richting Utrecht, ter hoogte van Vechten, zien we links van de Provincialeweg boerderij "De Prins", een bouwwerk uit het derde kwartaal van de 17e eeuw. Daartegenover ligt de van 1674 daterende boerderij, oorspronkelijk eigendom van baron Bosch van Drakenstein. Van 1713 tot 1926 deed de boerderij dienst als uitspanning en cafe. De drie grote leilinden, voor de boerderij, moesten in 1960 wijken voor de verbreding van de Provincialeweg.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek