Bunnik in grootmoeders tijd deel 2

Bunnik in grootmoeders tijd deel 2

Auteur
:   S.A. van de Gaag
Gemeente
:   Bunnik
Provincie
:   Utrecht
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4901-3
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Bunnik in grootmoeders tijd deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

9. Het was pastor-de ken Heinen die zich vanaf 1922 inzette voor een zusterschool in Bunnik. In mei 1930 zag hij zijn inspanningen beloond to en de school, gesitueerd in het gebouw van de St. Jozefstichting, in gebruik genomen werd. De bewaarschoollag op de benedenverdieping, daarnaast het kantoor en magazijn van het Wit-Gele Kruis dat door zuster Livina werd beheerd. Op de eerste verdieping was de naaischool ondergebracht, die onder leiding van zuster Raphael de dagopleiding met 7 en de avondopleiding met 55 Ieerlingen begon. De kniplessen werden gevolgd door 15 jongedames. De zolder van het gebouw werd bewoond door twee zusters van de St. Jozefstichting.

10. In de eerste helft van deze eeuw was het voor icdere parochie een zegen wanneer er een zusterschool werd gevestigd. Gedacht werd aan de ziekenverpleging (Wit-Gele Kruis) , het kleuteronderwijs, de verzorging van bejaarden en het onderwijzen van nuttige handwerken. Om dit te kunnen realiseren was men afhankelijk van het aantrekken van zusters. Pastor-deken Heinen heeft dan ook alszorgzame herder steeds uitgekeken naar hulpvaardige .Jicrderinnetjes" voor zijn schaapjes en vooral voor zijn lammetjes. De genodigden bij de opening van de zusterschool, zittend van links naar rechts: kapelaan v.d. Wee, burgemeester mr. W.J. van Beeck Calkoen, pastordeken A.W. Heinen, dr. Brevee, kapelaan v.d. Brink. Staande, 4e en 5e van links zr. Liguora en zr. Livina.

11. De kleuterschool, destijds frobelschool geheten, werd geleid door zuster Feliciana die met veertig kinderen het eerste schooljaar inluidde. De zusters hadden in die tijd al een goede kijk op het verdelen van taken, am beschadiging van de in het klaslokaal aanwezige parketvloer te voorkomen moesten aile kinderen, alvorens de klas binnen te gaan, speciale slofjes aantrekken. Eenmaal per week werd in de avonduren de vloer door de zusters in de was gezet. De volgende dag schuifelden de kinderen dan net zo lang met hun slofjes over de vloer tot deze uitgewreven was. Op de foto herkennen we onder anderen: Cees, Wim en Joop v.d. Brug, Corrie en Jan Ebbenhorst, Bep, Wim, Piet en Joop van Zijl, Koos en Ab van Maurik, Ties en Annie Maas, Bernard en Theo Echtelt, Riek en Annie Beemer, Wim en Riet van Oostrom en Lenie en Willie Willemsen,

12. In de huiskapel, bestemd voor de bejaarde inwoners van de St. Jozefstichting, werd in juli 1930 door pastor-deken Heinen voor de eerste keer de H. Mis gelezen. Reeds in april 1931 werd de kapel vergroot waarbij een schenking van drie glas-in-loodramen, voorstellende Zuiverheid, Gehoorzaamheid en Armoede, het geheel een fraai en ander aanzien gaf. Na ingebruikname van de verbouwde villa "Agatha" woonden er ongeveer twintig bejaarden, onder wie: Cornelia?, M. Wijnmalen, M. Onstenk, M. Vermeulen en opa Hendriks met zijn vrouw Desiredieu-Donne. Opa Hendriks die graag een borrellustte, had het er in de vastentijd nogal eens moeilijk mee. Hij schonk zich dan een borrel in, draaide het kruisbeeld om en zei: "Effe niet kijken i" en sloeg de borrel naar binnen.

3U

R. K Ker .

13. De in 1845 herbouwde rooms-katholieke Barbarakerk aan de Schoudermantel, heeft 95 jaar dienst gedaan als Godshuis voor gelovigen in Bunnik en Odijk. Aan het eind van de jaren dertig werd het kerkgebouw te klein en waren ingrijpende reparaties noodzakelijk geworden. Besloten werd een nieuwe kerk te stichten, waarvoor als lokatie gekozen werd voor een bouwterrein aan de Stationsweg tegenover de Molenweg. De bouw verliep voorspoedig zodat al op 9 oktober 1940 de nieuwe Barbarakerk door monseigneur Johan de Jong kon worden ingewijd. Het oude kerkgebouw werd aangekocht door de firma De Jong, die het liet ombouwen tot koel- en vrieshuis. Nog niet zo lang geleden werd van deze verandering gebruik gemaakt door tijdens een gehouden fietspuzze!tocht de vraag te stellen: "Waar staat 't gebouw dat het geloofin de kou heeft gezet?"

BU '1K, - Kramme Rijn.

6294

14. De Kromme Rijn omstreeks 1930, gezien vanaf de Raadhuisbrug. Links de bakkerij van Willem van Ettekoven in de Witte huisjes, op het stoepje staat zijn vrouw Cor Ettekoven-van Delft. Een beurtvaarder koerst met zijn boot aan op de Loswal in de Langstraat om daar zijn boot te lossen en de goederen op de bestelde adressen af te leveren. Op de achtergrond zien we een beurtschipper richting Utrecht varen en links daarvan de schuren van boerderij "De Kamp" aan de Kampweg.

15. Jan van Malsen woonde bij zijn ouders in een klein wit gepleisterd huisje, gelegen tegenover de molen aan de Provo Grindweg. Na beeindiging van zijn schooltijd ging hij in de leer bij bakker Van Ettekoven, die toen zijn bakkerij nog in de Witte huisjes had. Op de foto zien we Jan van Malsen met de mandfiets voor de woning van Vernooy aan de Molenweg. De transportfiets, uitgerust met een rieten mand waarin het brood naar de klanten werd vervoerd, is aan de voorkant voorzien van een blikken beschuittrommel, waarin soms oak bestelde koekjes werden meegenomen. Toen hij het bakkersvak geheel beheerste vestigde hij zich als bakker aan de Weeshuislaan in Zeist.

16. Boerderij "De Kamp", gelegen aan de Kampweg, werd omstreeks 1800 gebouwd. Het voorhuis dateert van 1901, de schuur van 1917. De hooiberg werd in 1930 nieuw gebouwd omdat de oude hooiberg door brand, veroorzaakt door hooibroei, verloren ging. De boerderij was eigendom van Reijer Lokhorst, die in het begin van deze eeuw nog hoofdzakelijk graan verbouwde. Toen Teunis Lokhorst het bedrijf voortzette schakelde hij over op veeteelt en fruitverbouw. Gelijktijdig sloot hij een overeenkomst met Janus van 't Hoenderdal am gezamenlijk machines en materialen in te kopen om een efficiente bedrijfsvoering te kunnen voeren. De boerderij moest in 1986 wijken voor de bouw van een woongemeenschap. De deel van de boerderij is intact gebleven en als gemeenschapsruimte in gebruik.

17. Een zaaimachine in gebruik op het land van boerderij "Bouwlust" aan de Provincialeweg, omstreeks 1920. Links op de foto de ploegdrijverdie de paarden mende, daarnaast Adrianus van't Hoenderdal die met het dwarshout de zaaimachine bestuurde. Achter de machine loopt Gijsbertus van 't Hoenderdal die erop toezag dat het zaad, dat via pijpen werd uitgestrooid, gelijkmatig in de voren terecht kwam.

18. Het brugje over de afwatering van de Wulperhorst vormde destijds de verbinding tussen boerderij "De Rumpst" en het land waarop de koeien graasden. Kees van Ginkel bezat een veertigtal melkkoeien van het Lakenvelderras. Voor 1940 werd de melk rechtstreeks van de boer betrokken; hij verkocht de melk aan melkhandel Ten Haaft in Zeist, die de melk dagelijks op kwam halen. In de jaren 1940-1945 moesten de plaatselijke agrariers de melk afleveren aan een centrale post aan de Koelaan. Dat duurde maar een paar dagen, daar op de onbewaakte post teveel melk verdween. De melk werd toen afgeleverd bij een bewaakte post aan de Schoudermantel. De melk werd met de boot, die voor het brugje ligt, naar de inzarnelpost gebracht. Na 1945 werd de melk door de Zeister Melkcentrale afgehaald en deed de boot dienst als plantenbak voor de ingang van de boerderij.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek