Cricket in oude ansichten

Cricket in oude ansichten

Auteur
:   J.E. Koch
Gemeente
:  
Provincie
:  
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2221-4
Pagina's
:   112
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2-3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Cricket in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

30. Boven: de Schiedamse voetbal- en cricketclub Hermes-DVS is in 1884 opgericht, oorspronkelijk als cricketclub en onder de naam Hermes. De oorsprong van die naam, zo meldt het gedenkboek van de vereniging, is duister, maar er bestond in die tijd een voorliefde voor klassieke namen, zoals blijkt uit de namen van andere sportverenigingen uit die periode: Hercules, Ajax, Olympia, Sparta, en andere. Het DVS in de naam kwam er in 1929 bij door een fusie tussen Hermes en de voetbalvereniging DVS.

Hermes-DVS bereikte in 1918 de eerste klasse van de cricketcompetitie en heeft zich er vrijwel constant in kunnen handhaven. Dat jaar (1918) was dus een belangrijke miilpaal voor de club en het cricketeiftal heeft zich dan ook, in het cricketpak gestoken, laten fotograferen voor het toenmalige paviljoen.

Op de foto staan drie Ieden van de familie Offerman, die zo'n eminente rol heeft vervuld in het Schiedamse cricket. Het spel was daar zo populair dat men Schiedamse jongetjes op straat cricket kon zien spelen en de wedstrijden van Hermes-DVS grote aantallen toeschouwers trokken.

Op de foto, van links naar rechts: H. Offerman, A. Goemans, A. Offerman, J. Offerman, J.F. Buysen, J. ThuyI, J. Vuylsteke, J. Ris, C.A. Tuyi en W. v.d. Schouw. (Tien man, de eIfde ontbreekt: G. v.d. Schouw, vaste speIer van het eerste in die tiid.)

Onder: J(an) Offerman is de recordhouder van de hoogste persoonlijke score in de eerste klas cricket, namelijk 240 not out, voor Hermes-DVS gemaakt op 9 juni 1935 in de wedstrijd tegen Rood en Wit. Offerman deed drie-en-een-half uur over deze score en sloeg tien zessen en dertig vieren.

31. Dit terrein, waarop een cricketwedstrijd hier in volle gang is, was wellicht niet het mooiste en beste cricketve1d in ons land, maar zeker wel een van de meest roemruchtige en sfeervolle velden. Het is het beroemde terrein aan de Damlaan in Schiedam, waar de cricket- en voetba1vereniging Hermes-DVS ruim vijfenzeventigjaar lief en leed mee gedeeld heeft.

Op 23 juli 1884 besloot het bestuur van de pas opgerichte club dit terrein te huren en het heeft Hermes-DVS driekwart eeuw gehuisvest. De groene weide lag midden tussen de huizen en werd overschaduwd door twee molens, torens en fabrieksschoorstenen. Zoals de foto laat zien, werden er ook vroeger al reclameborden om de velden gezet.

Het cricket heeft, mede door dit zo centraa1 gelegen veld, dat altijd veel publiek trok, in Schiedam diepe wortels geschoten. Hermes-DVS, dat in zijn lange leven ve1e grote, intemationa1e topspelers heeft voortgebracht, maakte cricket aan de Damlaan tot een opwindend gebeuren, dat geweldig meebeleefd werd door de vele toeschouwers. In Schiedam kon men voor de oorlog aanschouwen wat vrijwel nergens anders in Nederland te zien was, namelijk dat kleine jongens op straat een potje cricket spee1den.

32. Links: het onderschrift van deze foto luidt: "Het Posthuma elftal dat begin september 1920 in Haarlem tegen Rood en Wit speelde, ter gelegenheid van het niet meer actief spelen van C.J. Posthuma."

Dit is niet helemaal juist, want de archieven van de Koninklijke Nederlandse Cricket Bond vermelden dat Posthuma's laatste seizoen in 1927 is geweest. Hij had toen zesendertig seizoenen in de eerste klas gespeeld en was tweeenzeventig maal voor het Nederlands elf tal uitgekomen. Hij was een van de beste bowlers die Nederland ooit gekend heeft en zou zeker een plaats verdienen in het "Nederlands Elftal aller tijden". Hij veroverde 2338 wickets en scoorde als batsman 7593 runs met een hoogste score van 154 not out. Hij was zestig jaar to en hij zich uit de actieve sport terugtrok.

In 1903 verbleef Posthuma een zomer in Engeland en speelde daar eerste klas cricket voor de London County Cricket Club, onder aanvoerderschap van de meest beroemde Engelse cricketer W.G. Grace, die hem daarvoor persoonlijk had uitgenodigd. Grace wordt in Engeland de vader van het modeme cricket genoemd. WeI, Posthuma mag minstens de "Grace" van Het Nederlandse cricket heten. Naast spelen heeft hij ontzaglijk veel organisatorisch werk voor het cricket gedaan en intemationale contacten gelegd.

Op de foto dan Posthuma's elf tal van 1920, sommige spelers al vergrijsd door de tijd.

Staand, van links naar rechts: C.M. Pleyte d'Ailly, C. Feith, L.H. Koolhoven, C.J. Posthuma, J.W.G. Coops, J. van Stolk, F.J.W. Rincker en J.C. Schroder.

Zittend, van links naar rechts: A.A. Diemer Kool, J.D. Bijleveld en H.S. Isbrucker.

Rechts: Posthuma als captain van het Nederlands elftal met W.G. Grace, captain van de London County Cricket Club, Deze match werd gespeeld op 12 en 13 augustus 1901 op Crystal Palace te Londen.

33. De Rotterdamse cricketclub VOC dateert van 1904, maar heeft ziin wortels dieper liggen. De club werd gevormd uit een combinatie (zoals vroeger weI meer gebeurde) van nog oudere verenigingen: Volharding en Olympia, vandaar de naam VOC(ombinatie). Als cricket club is VOC als vele jaren een van de grote en sterke verenigingen, spelend in de hoofdklasse en vaste leverancier van topspelers voor het Nederlands elf tal.

De foto toont het VOC-elftal uit 1920, het jaar dat VOC haar hernieuwde intrede in de eerste klas maakte. Ook to en telde het team verscheidene prominenten, van wie we hier speciaal Percy East noemen, de "lange Engelsman" (zoals hij werd genoemd), die drieentwintig seizoenen voor VOC heeft gespeeld, meer dan vijfduizend runs in de eerste klasse scoorde en daar duizend wickets veroverde. Aan East, zo staat in het VOC-gedenkboek, is het voor een groot deel te danken dat VOC in de eerste klas werd opgenomen en in de eerste jaren was hij zowel als bowler en als batsman de grote kracht die er voor zorgde dat VOC zich daarin wist te handhaven. Hij werd in 1933 erelid van de vereniging,

Op de foto, van links naar rechts: P. v.d. Wolf, E.T.W. Leeman, G.A. Stenger, J. Murray, G. Chambers, P.G. East, F. Ruychaver, C.G.F. Stenger, J.A. van Everdingen, S. Russel en W.J. van 't Groenewout.

34. Voor het vaderlandse cricket is 1924 geen bijzonder jaar. Voor het eerst na de oorlog worden de wedstrijden Nederland-Belgie hervat, die echter geen overwinning brengt, maar onbeslist eindigt. Het Engelse elf tal "Gentlemen of Shropshire" komt op bezoek en laat zich in een aantal wedstrijden evenmin verslaan. Van deze gentlemen, die op 8 en 9 augustus tegen een elftal van de Nederlandsche Cricket Bond speelden op het VOC-terrein te Rotterdam, is een kiek bewaard gebleven. De oplettende lezer zal opmerken dat het Hollandse team twaalf namen vermeldt en dat is juist, omdat er voor de afwisseling eens twaalf tegen twaalf werd gespeeld. Dat kan in cricket, al houdt het wel in dat het dan een echt vriendschappelijke wedstrijd is.

Een van de Engelse gasten, een zekere G. Laurence, had de hand in de eliminatie van maar liefst elf tegenstanders (een heel elf tal dus), want hij pikte als bowler vijf man in en als veld speler deed hij zes vangen. Geen kleinigheid. Verder zijn de namen van de Britten niet bewaard gebleven.

Op de groepfoto zijn de Nederlanders, op de achterste rij: E.F. Wackwitz (eerste van links), J. van den Berg (derde van links), H. Offerman (zevende van links), G. Chambers (achtste van links) en P. Kappelhof (tiende van links).

Middelste rij, zittend: J. van Eeghen (eerste van links), J. Engeringh (tweede van links), F. Ruychaver (vierde van links), P.G. East (zesde van links) en J.M.J. Vuylsteke (achtste van links). Zittend op de grond: E.M. Leeman (derde van links) en W.J. van 't Groenewout (vierde van links).

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek