De Koninklijke Landmacht in oude ansichten

De Koninklijke Landmacht in oude ansichten

Auteur
:   H. Ringoir en E.W. van Popta
Gemeente
:  
Provincie
:  
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-0033-5
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'De Koninklijke Landmacht in oude ansichten'

<<  |  <  |  8  |  9  |  10  |  11  |  12  |  13  |  14  |  15  |  16  |  >  |  >>

119. De Bates Steel Mule reed zonder moeite het stuk in een kuil. Maar de burgerchauffeur wenkte naar de als altijd klaarstaande duwers dat hun hulp niet nodig was. Door de tractor in de eerste versnelling te zetten kon de combinatie weer in beweging worden gebracht. Maar daarna moest wel in de eerste versnelling doorgereden worden.

120. De Fiat bij het nemen van een zware hindernis. De tractor en de voorwagen hebben de berg reeds genomen, het stuk rust met de affuit op de grond, maar zal zonder veel moeite volgen.

121. Ook de Cletracs tonen in het terrein wat ze waard zijn. Het grote bezwaar van de landbouwtrekkers was, dat ze in dezelfde versnelling moesten wegrijden en doorrijden, omdat schakelen tijdens de rit onmogelijk was. De geluksfactor was bij de demonstratie dan ook wel erg groot.

122. Een 15 cm houwitser is door een onbekende tractor met een chauffeur zonder ervaring in het terreinrijden muurvast in een kuil gezet. De 15 cm houwitser was overgenomen van de Engelsen, die het kanon met goed resultaat in België en Noord Frankrijk hadden gebruikt. Nadelen van het stuk waren het ontbreken van een schild, het grote gewicht, waardoor het weinig mobiel was en de houten raden, waarmee niet met enige snelheid gereden kon worden.

123. Na het vergelijkend examen poseren de deelnemers aan de demonstratie bij Den Dolder in 1927. Van links naar rechts de combinaties van Cletrac, Bates's Steel Mule, One Wheel Horse en Fiat. In het midden een Bema, die eigendom van het rijk was.

124. Bij het Korps Rijdende Artillerie was de motorisering van licht geschut in 1925 reeds aardig op gang gekomen. Een T-Ford vervoerde een stuk 6 cm veld met munitie. Maar het stuk was wel voorzien van een speciaal gebouwd affuit met autowielen.

125. Het stuk 6 cm veldgeschut werd kort voor de eeuwwisseling ingevoerd, maar reeds in 1904 vervangen door de Zeven Veld, die een grotere dracht en vuuruitwerking had. Maar de Zes Veld was zo'n licht en sierlijk kanon, dat er maar geen afscheid van genomen kon worden. In 1940 waren er nog achtenveertig batterijen met elk twee stukken, die oorspronkelijk bestemd waren voor tankbestrijding (waar ze absoluut niet voor deugden). Na de oprichting van compagnieën met modern pantserafweergeschut bleven de batterijen Zes Veld als infanteriegeschut bij de regimenten infanterie.

126. Sedert de uitvinding van de telefoon hebben soldaten lijnen gelegd voor veldtelefoons. In de jaren tussen de twee wereldoorlogen gebeurde dit in ons land met karren, die door soldaten werden getrokken. Daar in het toen nog weinig geïndustrialiseerde land nauwelijks hinder werd ondervonden van grondgeruis kon aardgeleiding worden gebruikt en hoefde maar een draad gelegd te worden waar er nu twee nodig zijn.

127. Een sectie wielrijders op weg om zware mitrailleurs in stelling te brengen. De fietsen zijn grotendeels achtergelaten. Alleen de fietsen die met reservemunitie bepakt zijn, worden mee naar voren geduwd.

128. Een compagnie wielrijders in marscolonne in 1928. Doordat de wegen sedert 1918 erg verbeterd waren en vooral door de aanleg van veel fietspaden, was de betekenis van de militaire wielrijders sterk toegenomen.

<<  |  <  |  8  |  9  |  10  |  11  |  12  |  13  |  14  |  15  |  16  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek