De Middelburgers in beeld

De Middelburgers in beeld

Auteur
:   drs. P.W. Sijnke, Monique Vaal en Anneke van Waarden-Koets
Gemeente
:   Middelburg
Provincie
:   Zeeland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4799-6
Pagina's
:   144
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'De Middelburgers in beeld'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

INLEIDING

Het oude Middelburg had een aantal specifieke kenmerken. In de eerste plaats constateren we dat Middelburg van oudsher een stedelijke samenleving was. Ontstaan rand het jaar 800, stadsrechten in 1217, groot geworden door handel en scheepvaart in de Middeleeuwen en de Gouden Eeuw, nam de stad aan de Arne een centrale plaats in op Walcheren en in Zeeland. Een stad met een volstrekt eigen karakter en een uniek gezicht, vanwege de vele monumentale gebouwen. Een stad, die altijd als bestuurlijk centrum heeft gefungeerd en daardoor een echt "ambtenarencentrum" is geworden (in tegenstelling tot Vlissingen, dat als haven- en fabrieksstad een geheel ander karakter had en heeft). Niet alleen een bestuurlijk middelpunt overigens, maar ook een winkel- en marktcentrum voor het omliggende platteland. De boeren en boerinnen gingen op de marktdagen naar "stad" .

In de tweede plaats valt op dat het vooroorlogse Middelburg een enorm gesegmenteerde gemeenschap was. Op het Walcherse platteland kunnen we rond 1900 een vijftal standen onderscheiden. Te weten: 1. de bewoners en eigenaren van de buitenhuizen en landgoederen, die vooral in Domburg, Oostkapelle en Koudekerke waren te vinden; 2. de dorpsnotabelen (zoals de predikant, de arts en de notaris); 3. de (grote) boeren; 4. kleine boeren en ambachtslieden; 5. de landarbeiders, met als laatste groep de dagloners.

Voor de plattelandsbevolking was Middelburg een ietwat vreemde wereld. De landarbeiders kwamen er weinig, de boeren zoals we hierboven zagen, gemiddeld eenmaal per week (op de donderdagse marktdag).

De Zeeuwse hoofdstad kende een veel verdergaand "kastesysteem" dan het platteland. Uiteraard kunnen we ook hier elementen van de typische verzuilde maatschappij waarnemen, maar naast die verticale verdeling was er een duidelijke horizontale gelaagdheid. Naar Engels voorbeeld kunnen we negen standen onderscheiden: de upper classes, verdeeld in upper-upper (de adel en de oude patriciersfamilies, met grote huizen in de stad en buitenhuizen voor's zomers), de upper-middle (hoge arnbtenaren, advocaten, e.d.) en de upper-lower; de middle classes (ook weer in drieen verdeeld, hierbij ondernemers, leraren, artsen, en zo meer), de eigenlijke bourgeoisie dus, en ten slotte de lower classes, alweer in drieen, met als allerlaagste groep de ongeschoolden en de paria's. Het standsverschil was groot, een ieder bleef binnen de eigen groep. Zo werd de bekwame Frederik Nagtglas (zie foto 5) gepasseerd als wethouder voor iemand uit het patriciaat ... En zo gaf de Commissaris der Koningin ooit diners in drie categorien: de deftige, de midden- en de gewone (aan die laatste mochten leraren aanzitten)! Hierachter treft u vertegenwoordigers van die verschillende lagen uit de Middelburgse samenleving aan: deftige bestuurders, artsen en predikanten, maar ook tuinders, hoefsmeden en een "strontmajoor" , scholieren, onderwijzers en melkmannen. Zij allen woonden en werkten in Middelburg, bepaalden haar karakter. De stad vormde het decor voor hun handelen, de inwoners bepaalden wat ze was en vormden haar tot wat ze werd.

Naast "De Middelburgers in beeld", zoals de titel van dit boekje luidt, treft u tevens foto's van bijzondere gebeurtenissen, koninklijke bezoeken, e.d. aan. De oudste hierna gereproduceerde foto's stammen uit ongeveer 1865, de jongste dateert van 1954. De afbeeldingen zijn aile afkomstig uit de collecties van het gemeentearchief Middelburg.

Wij hopen met deze portretten en groepfoto's voor u een beeld geschetst te hebben van een voorbije wereld, een samenleving die veel rustiger, statischer en stijver was dan de onze: het oude Middelburg.

1. JHR. MR. MARINUS CORNELIS PASPOORT VAN GRIJPSKERKE.

De eerste en tevens een van de oudste foto's van dit boek is bijgaand portret (links) van jhr. mr. Marinus Cornelis Paspoort van Grijpskerke (1797-1874).

Paspoort leidde een nogal turbulent leven. Hij publiceerde twee dichtbundels en schreef onder meer over geschiedkundige zaken. Na zijn rechtenstudie begon deze ambachtsheer van Grijpskerke en Poppendamme een bestuurlijke carriere, die enigszins bemoeilijkt werd doordat hij spotverzen op zijn deftige medeburgers schreef. Desondanks was hij lid van Provinciale Staten van Zeeland, burgemeester van Oost- en West-Souburg en van 1853-1859 lid van de Eerste Kamer. In 1838 werd Paspoort tevens burgemeester van Middelburg.

N a een schandaal (een verhouding met een dienstbode) nam hij in 1859 ontslag als burgemeester en vertrok in 1861 naar BrusseI. Over hem schreef L. W. de Bree de roman .Papieren Zolder".

HUlBERT PIETER DEN BOUWMEESTER.

Huibert Pieter den Bouwmeester (1853-1913) was lid van de firma Den Bouwmeester Borsius en Van der Leije. Voor deze cargadoorsfirma woonde hij zelfs enige tijd in Londen, vandaarvermoedelijk dat hij lid was van de Engelse Kerk.

N aast talrijke nevenfuncties (zo was hij onder meer lid van de Schutterij, lid van de Kamer van Koophandel en Fabrieken, commissaris van het bestuur van de Brandweer en voorzitter van het bestuur van de Polder Walcheren) was Den Bouwmeester van 1887-1913 en van 1890 tot aan zijn overlijden wethouder en tevens ambtenaar van de burgerlijke stand.

2. MARIUS FOKKER.

Een bekende en veelzijdige arts in het Middelburg van de 1ge eeuw was dr. Adriaan Abraham Fokker. Hij was goed bevriend met zijn collega dr. J.C. de Man (zie elders in dit boek). Fokker was gehuwd met Anna Agatha Herklots. Het echtpaar kreeg negen kinderen, onder wie Abraham Pieter, die net als zijn vader medieijnen ging studeren en het tot hoogleraar bracht, en Marius. De hiernaast op de linker foto afgebeelde Marius Fokker (1843-1913) was van 1884-1912 gemeenteontvanger van Middelburg.

Zoals te doen gebruikelijk bekleedde hij talrijke nevenfuncties. Een daarvan willen we hier speciaal noemen, hij was namelijk van 1885-1913 conservator van de Historiseh-Topografische Atlas (d.w.z. prenten en kaarten) Zelandia Illustrata van het Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen.

Hij sehreef o.m. "Statistiek van Middelburg 1864-1887" (1889) en het voor de kennis van de historie van zijn woonplaats zo belangrijke "Proeve van eene lijst bevattende de vroegere namen der huizen in Middelburg" (1904).

ALBERT DE VULDER VAN NOORDEN.

De gemeentesecretaris van Middelburg A. de Vulder van Noorden zien wij hier gezeten aan zijn werktafel in het stadhuis (omstreeks 1900). N aast hem staat een stadhuisbode, getooid met de zogenaamde bode bus (een soort ambtsketting).

Albert de Vulder van Noorden (Tholen 1851-Den Haag 1936) was van 1884-1903 gemeentesecretaris van Middelburg. Hij voerde sinds 1889 de redactie over de "Handelingen van den gemeenteraad van Middelburg". Men kon zieh daarop abonneren: Na afloop van elke raadszitting wordt hetverslag van het in die zitting verhandelde aan de geabonneerden toegezonden. De prijs bedraagt 175 cents per vel druks van 16 bladzijden royaaI8°. formaat. Bij het einde van ieder jaar wordt een alphabetische inhoudsopgaaf aan het verslag toegevoegd. Men verbindt zich voor een geheel jaar (zijnde gemiddeld 16 zittingen).

De Vulder van Noorden, die op de Loskade woonde, was onder andere penningmeester van de N.V. "Bouwvereeniging Eigen Haard" en van de liberale kiesvereniging "Eendracht maakt Macht".

3. MR. GERARD JACOB SPRENGER.

Sedert de 18e eeuw woonden er Sprengers in Middelburg. De familie was van oorsprong afkomstig uit Maastricht. Een lid van dit welgestelde patriciersgeslacht was (foto links) mr. Gerard Jacob Sprenger (Middelburg 1874-Utrecht 1963). Hij was van 1904-1912 gemeentesecretaris van Middelburg.

Twintig jaar lang, van 1912 tot aan zijn vertrek naar Utrecht in 1932 was Sprenger agent van de Nederlandsche Bank. In die hoedanigheid bewoonde hij de ambtswoning van de agent van de Nederlandsche Bank, het prachtige huis "De Schaepskoye" in de Gortstraat. Sprenger was voorts rechter-plaatsvervanger in de arrondissementsrechtbank, gemeenteraadslid (1913-1918) en voorzitter van het Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen (1926-1931).

PIETER DUMON TAK.

Van 1915-1932 was Pieter Dumon Tak (Middelburg 1867- Wageningen 1943) burgemeester van zijn geboorteplaats.

Hij stamde uit een wijdvertakte Brabants-Zeeuwse familie, waaruit de families Tak, De Maret Tak, Tak van Poortvliet en Dumon Tak voortkomen. Pieter Tak (1802-1868), kreeg tot tweede voornaam de familienaam van een overgrootmoeder van moederszijde, namelijk Maria Dumon. Deze naam Dumon ging merkwaardigerwijze niet op zijn kinderen over, maar werd in 1868 aan zijn kleinzoon en naamgenoot, de Middelburgse burgemeester Pieter Dumon Tak, als geslachtsnaam verleend.

De leden van de familie Dumon (Tak) bekleedden nogal eens functies die met financien te maken hadden. Zo was de voornoemde grootvader rentmeester, diens zoon Johannes Adriaan Tak bankier en zijn zoon Pieter Dumon Tak, voordat hij burgemeester werd, ontvanger van de Polder Nieuwerkerke.

4. MEINE FERNHOUT.

Op bijgaande foto (links) hangt wethouder J. Onderdijk de heer M. Fernhout de ambtsketen om. Mevrouw Fernhout-du Marchie van Voorthuijsen kijkt toe (5 april 1933). Meine Fernhout (Buitenpost 1884-Bussum 1977), zoon van het kunstenaarsechtpaar Edgar Fernhout en Charley Toorop en kleinzoon van de bekende schilder Jan Toorop, was van 1933-1939 burgemeester van Middelburg. Bij zijn installatie werd hij door de nestor van de gemeenteraad J. F. Heemskerk toegesproken. Deze merkte ondermeer op: "W el komt U hier in menig opzicht in geheel andere omgeving dan in Uwe vorige gemeente (dat was Kampen, red.). Daar was eene rijkere gemeente, die in den nood der tijden moest leeren te woekeren met haar rijkdommen en moest leeren die te zien inkrimpen door den wereldnood en, vroeger ongekende, lasten op zich te nemen. Hier vindt U een andere taak. Onze reserves zijn reeds sterk aangesproken; onze belastingen zijn reeds zeer hoog. Welvarende industrie krimpt steeds meer in; werkloosheid met al hare stoffelijke en geestelijke nooden is nog steeds toenemend. Wij moeten ons inspannen om te bezuinigen op wenschelijke, zelfs op nuttige, ja zeer nuttige zaken. In het be lang van de ambtenaren en van werklieden zal misschien op hun salaris en op hunne ondersteuning beknibbeld moeten worden, opdat de tijd, geve God het, niet kome, dat de belastingschroef niet verder kan aangedraaid worden en de reserves geheel opgeteerd zijn en er geen geld meer zal zijn om ondersteuning noch om salaris zelfs te kunnen betalen."

Andere tijden?

MARC HERMAN BOASSON.

Tot de bekende joodse Middelburgers behoorde de familie Boasson. Aan de Markt waren twee manufacturierszaken van deze familie gevestigd. Marc Herman Boasson, geboren 1887 als zoon van Mannes Gottlieb Boasson en Betje de Jonge, ging in de politiek.

Sedert 1931 was hij lid van de Middelburgse gemeenteraad. Van 1932-1940 was hij wethouder van Onderwijs en Gemeentebedrijven. Op 15 mei 1940 is hij Walcheren ontvlucht. Dat mocht echter helaas niet baten, want hij is als zovelen in een concentratiekamp omgekomen (1943).

5. FREDERIK NAGTGLAS.

Een zeer bekende en op velerlei terrein aktieve 1ge-eeuwse Middelburger was Frederik Nagtglas (Utrecht 1821-De Bilt 1902). In 1852 kwam hij als arrondissementsijker naar Middelburg. Van 1872-1884 had Nagtglas (foto links) zitting in de Middelburgse gemeenteraad. Zijn grote wens om wethouder van zijn woonplaats te worden, werd echter niet vervuld. Geen instelling ging hem zo ter harte als het Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen, waarvan hij bestuurslid, bibliothecaris en conservator is geweest.

Hij is omschreven als gematigd-liberaal, sociaal voelend, druk, levendig en als een goed verteller. Dat laatste bleek uit zij n zeer vele publicaties. Met name noemen we hier zi j n , ,Levensberichten van Zeeuwen" (vier delen, 1888-1893), dat ondanks nogal wat - kleine - onnauwkeurigheden, toch altijd nog van belang is voor onze kennis over Zeeland.

M.P. de Bruin heeft in 1977 Nagtglas' levensherinneringen onder de titel "Mijn leven" uitgegeven, waarin ook een uitgebreide bibliografie is opgenomen.

DOMINEE FREDERIK PIETER JACOB SIB MACHER ZIJNEN.

Frederik Pieter Jacob Sibmacher Zijnen (Zaltbommel 1826-Middelburg 1895) werd in 1856 predikant te Middelburg. Hij stond bekend als een "modern domine", daar hij de vrijzinnige richting in de Nederlandse Hervormde Kerk vertegenwoordigde. Aanvankelijk hadden de vrijzinnigen in de Zeeuwse hoofdstad de overhand, maar later kwam de kerk in meer orthodox vaarwater terecht en bleef dominee Sibmacher Zijnen de enige vrijzinnige predikant (na 1885).

Hi j was de oprichter van de vereniging , ,Evangelische Vooruitgang' en bekleedde diverse functies op maatschappelijk terrein. In december 1888 wijdde hij als voorzitter van het Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen het museum in de Wagenaarstraat (de voorloper van het huidige Zeeuws Museum) met een feestrede in.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek