De Nederlandse Stations in oude ansichten deel 2

De Nederlandse Stations in oude ansichten deel 2

Auteur
:   H.G. Hesselink
Gemeente
:  
Provincie
:  
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-0163-9
Pagina's
:   144
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'De Nederlandse Stations in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

9. Woensdrecht, omstreeks 1908, een zeer zeldzame kaart van het laatste station op Brabants gebied als men de richting Zeeland nam. Typisch SS-station Se klasse. Het was geen belangrijk station op ongeveer anderhalve kilometer afstand van het dorp van die naam. Toch voelt de station chef zich duidelijk een zeer belangrijk man. In het midden voor het gebouw staat zijn assistent en naast deze een arbeider voor het grove en sjouwwerk. De figuur rechts is vermoedelijk de plaatselijke koddebeier.

--~---~-~--~--

: "

Uitg. Henri V ?. esen, fotogr ?.?. f, Bergen op Zoom.

~8tàtion Woensdrecht.

·1···

10. Winterswijk, wel te verstaan het in 1884 geopende station van de COLS en niet dat van de NWS. Dit is het eerste (hulp)station; later is er een groter gebouw verrezen. De foto stamt uit 1907 of vroeger en toont ons een vermoedelijk voor vertrek in de richting Neede gereedstaande lokaaltrein. De locomotief is er een van de zogenaamde dierenserie van de HSM, die we (niet toevallig, want zij beheerste vele jaren het beeld van de HSMlokaaltreinen en -trams) nog vaak zullen tegenkomen. De wanstaltig lange schoorsteen is later tot redelijker afmeting ingekort.

11. Winkel. aan de Stoomtramweg West Friesland, die in 1898 haar 23,3 kilometer lange lijn Schagen-Wognum opende, in aansluiting op de lokaalspoorlijn Hoorn-WognumMedemblik. Later zouden de trams enige malen per dag doorrijden naar Hoorn, waardoor het te berijden trajekt 29,6 kilometer lang werd. De trambaan was bochtig aangelegd en had vele (zeventien) stopplaatsen, waardoor de reissnelheid laag was. Als een jongeling in Schagen instapte kwam hij er in Hoorn als een oud man uit, zo luidde althans een gezegde in de streek.

Station WINDES HEIM

12. Windesheim, gelegen ten zuiden van Zwolle aan de lijn naar Deventer. De mate van de begroeiing met klimop maakt het ons mogelijk de datum ongeveer vast te stellen: 1922. Achter de chef het "Alkmaarsche" handeltoestel, waarmee de twee inrijseinen en de uiterste wissels van de - toen nog - enkelsporige lijn werden bediend en vergrendeld. Op de voorgrond een wegwerker, gezeten op zijn "pomp-lorrie". Deze lorries werden, net als de vliegende hollanders uit onze kinderjaren, door de heen en weer gaande beweging van een hefboom voortbewogen.

13. Wieringerwaard, terug naar Noord-Holland. Gelegen aan de 15,2 kilometer lange tramweg Schagen-Van Ewijcksluis, is dit een van de zeven stopplaatsen onderweg. We zijn hier omstreeks 1914 getuige van de aankomst van de tram, terwijl enig publiek op vervoer staat te wachten. De locomotief is een van de drie oorspronkelijk voor de lijn SchagenWognum gebouwde tramlocomotieven. De schoorsteen is verlengd teneinde de rook boven de gebruikte lokaalspoorrijtuigen uit te krijgen.

14. Wierden. Een trein uit Almelo komt zojuist het station binnen gereden met bestemming Zwolle. Wierden was sinds 1888 splitsingsstation voor de lijnen naar Deventer en Zwolle. Dit was echter schijn, want de beide lijnen, de een SS, de ander HSM, liepen (enkelsporig als zij waren) naast elkaar door tussen Wierden en Almelo. Pas eind 1921 zou de lijn naar Zwolle echt in Wierden gaan aftakken en werd Wierden-Almelo dubbelsporig.

. . . . . .. . . .

.

· .

· "

· " '."

· ?

" "

? e .

· . · · · · .

· .. .

.

· . .

· .'

15. Westervoort. Wie herinnert zich nog dat daar ooit een station was, gelegen aan de hoge spoordijk juist ten zuidoosten van de IJsselbrug? We staan hier op het tweede perron, treinen richting Zevenaar. Wat ons opvalt zijn de mooie markiezen aan de uitbouw van "post T", zoals we die later zouden gaan noemen. Letten we ook nog even op de handwissel in het hoofdspoor voor het gebouw (toegang losspoor).

16. Weesp. Iets rechts van het midden, in de verte, het stationsgebouw (zwart puntdak). Deze kaart is daarom zo interessant omdat daarop de "oude" en de "nieuwe" draaibrug voorkomen. We schrijven 1938, het jaar waarin dit het geval was. Links de oude brug, die je met zestig kilometer per uur mocht berijden, mede als gevolg van de bocht tussen brug en station, maar ook vanwege de niet al te beste fundering. Rechts de nieuwe brug, recht toe recht aan, waarvoor geen snelheidsbeperking meer hoefde te gelden.

Station

17. Weert, circa 1917 onder de kap. Een trein van wat duistere samenstelling stopt aan het station. Voor de deur, die toegang geeft tot een der wachtkamers, de stationschef. Wat meer op de voorgrond een controlebeambte en - ho, we missen er een - de jongen met het plateau met Limburgse vlaaities. tien cent per stuk. Maar ja, het was oorlog. Hebt u al opgemerkt dat de witte mevrouwen de besnorde meneer er later door de fotograaf zijn ingeplakt?

Station, Waardenburg.

18. Waardenburg, dat ooit eindstation is geweest. Vanwege de bouw van de bruggen over de drie grote rivieren kon de spoorlijn Utrecht-'s-Hertogenbosch slechts in gedeelten geopend worden. Zo werd op 1 november 1868 de lijn tot Waardenburg in gebruik genomen. Precies een jaar later, toen de brug bij Zaltbommel gereed was, tot Hedel en op 15 september 1870 tot 's-Hertogenbosch. En nu? Een plaatselijke verbreding van de dijk (verdwenen inhaal- en lossporen) en wat stenen bevloering is alles wat ons rest.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek