COVID-19 UPDATE : I.v.m met het Corona virus kan het zijn dat de levering van de Ansichtenboekjes vertraging oploopt. Het is nog steeds mogelijk om het boekje van het dorp of de stad van uw keuze te bestellen. We hebben een groot aantal boekjes op voorraad en deze kunnen direct geleverd worden. Echter boekjes die niet op voorraad zijn worden op dit moment tijdelijk niet gedrukt. Zodra onze drukker weer gaat produceren zullen we deze boekjes alsnog leveren. Houdt u dus rekening met langere levertijden dan er nu op de site vermeld staan. Wij hopen op uw begrip voor deze uitzonderlijke situatie.
De Padvinderij in oude ansichten

De Padvinderij in oude ansichten

Auteur
:   J.H. van der Steen
Gemeente
:  
Provincie
:  
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-1770-8
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'De Padvinderij in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

9. Dit is de staf van de "Bond van Jonge Verkenners" uit 's-Gravenhage. Als tweede van rechts op de achterste rij herkennen we hoofdleider G. Moriarty. Hij organiseerde in de zomer van 1912 een troepkamp in Oldebroek, waarin tijdens een zeer zwaar onweer de kampvaardigheid van de "Jonge Verkenners" danig op de proef werd gesteld. Aan het eind van het kamp verliet de heer Moriarty de "Jonge Verkenners" en hij vertrok via Engeland naar Singapore.

De jonge verkenners. '5 ORA. YE.~HA.GE.

10. Het spel van verkennen bestond in die eerste tijd voornamelijk uit buitenoefeningen. Berichten overbrengen, kaartlezen, smokke1aarsspel, vossenjacht en vlaggeroof, het zijn allemaal spelen zoals die voorkwamen in Baden Powell's boek .Padvindersspeten". In 1912 werd het, in het Nederlands vertaald, uitgegeven door de N.p.a.

De jonge verkenners. '8 GRA. YENHAGE.

11. "De Jonge Verkenners" oefenden meestal in de duinen. De stok was een niet weg te den ken onderdeel van de uitrusting en hij kon bij tal van ge1egenheden worden gebruikt. De patrouilleleiders voerden een stokvlag in patrouillekleuren, waarop aangegeven waren de plaats van herkomst (H is Den Haag) en het nummer van de troep. Een veelgelezen jongensboek in die tijd was "De Padvinders van Duinwijk" van de bekende schrijver ChI. van Abcoude. Gedeelten eruit werden ten tijde van de verschijning opgenamen in het weekb1ad "De Nederlandsche Padvinder". Waarschijnlijk waren het de "Jange Verkenners" die de schrijver tat die jongensroman inspireerden.

12. "De Jonge Verkenners" staan klaar voor een mars. Er werd heel wat afgetippeld in de begintijd van het verkennen! In de eerste jaargang van het N.P.B.-weekblad von den we een verslag van een troep die binnen enkele dagen vanuit het westen van ons land naar Duitsland was gewandeld! In de begintijd waren troepen van deze grootte geen uitzondering. De niet tot de N.p.a. behorende groeperingen hanteerden meestal niet het (Britse) patrouillesysteem. Men kende er groepen (acht man), vendels (vier groepen), troepen (vier vendels) en zelfs legioenen die uit vier troepen en dus uit zo'n vijfhonderd man bestonden. Den Haag was de bakermat van de "Nederlandsche Padvinders Bond" (N.P.B.), die zich minder naar het Britse voorbeeld richtte en die de beweging een Nederlands karakter wilde geven. De Bond startte in maart 1912 het weekblad "De Nederlandsche Padvinder" met medewerking van de heer Van Hoytema.

verkenners. 's GRA. VE~HAGE.

13. Ais laatste in deze serie kaarten voIgt hier een opname die de "longe Verkenners" van iets dichterbij laat zien. Let op de hoed met kinband, de das die soms over, soms onder de kraag is geknoopt, de lange korte broek, de rugtas, de stok (met maatverdeling erop) en de "reddingsmiddelen" als bijl, lasso en mes, gebruiksklaar aan de riem. De leiders dragen een tuniek, een rijbroek, beenwindsels en het onafscheidelijke stokje.

,"

nEnschedesche Padverkenners."

14. Amsterdam mag de eerste padvinders hebben ge1everd en Den Haag grote en roernruchte groepen, het alleenvertoningsrecht had den deze beide steden zeker niet. In tal van plaatsen verschenen padvinders of padverkenners, zoals ze zich bijvoorbeeld in Enschede noemden. Deze opname verscheen ook in het boek "De Padvinders in Woord en Beeld", dat de journalist en voorvechter van scouting Gos. de Voogt in 1913 liet uitgeven.

15. Hoogtepunt in het prille bestaan van de Nederlandse scouts was het bezoek dat generaal sir Robert Baden Powell aan Nederland bracht in september 1911. B.-P., zoals hij vaak kortweg werd genoemd, had na de publikatie van zijn boek "Scouting for Boys" het verkennen zien uitgroeien tot ver over de grenzen van zijn geboorteland. Bij aankomst op het Amsterdamse Centraal Station werd hij welkom geheten door bestuursleden van de N.p.a. In een open rijtuig en geescorteerd door padvinders op de fiets reed B.-P. door de straten van de hoofdstad naar het paviljoen in het Vondelpark, waarbij enkele honderden padvinders stonden opgesteld om te worden "geihspecteerd".

16. De Amsterdamse padvinders marcheerden van het Vondelpark naar het sportterrein achter de Cornelis Schuytstraat om een demonstratie van praktische oefeningen te geven. Na afloop hiervan hield bestuurslid Dudok van Heel een toespraak tot B.-P. (zie foto), waarin hij onder andere zei: " ... De door U ontworpen training zal een geslacht aankweken van krachtige en geharde jongemannen, die zich flink en blijrnoedig door het leven weten te slaan, bezield van die hogere inspiraties van hart en geest, die aan het leven een grotere waarde geven ... "

17. Sir Robert bedankte de heer Dudok van Heel en hij richtte zich vervo1gens tot de jongens. Ervaren als hij was met dit soort aange1egenheden, beduidde hij de jongens eerst te gaan zitten. Hij 1egde er de nadruk op dat niet in de eerste p1aats naar uitbreiding van het aanta11eden diende te worden gestreefd, maar voora1 naar verbetering van de kwaliteit van het spe1 in patrouilleverband, waarvoor het aankweken van een goed geschoo1d 1eidersteam a1s een eerste vereiste diende te worden beschouwd. B.-P. stoorde zich aan het feit dat iedereen hem aansprak met "Generaa1". Op de vraag wat hij dan liever had, antwoordde hij gekscherend: "Desnoods dokter of professor. .. ".

18. In Den Haag trof B.-P. op 9 september vertegenwoordigers van de meeste scoutverenigingen van ons land. Op het H.V.V.-terrein defileerden de troepen onder grote publieke belangstelling. Het bezoek van Baden Powell aan Nederland was een onderdeel van een reis door Noorwegen, Zweden, Denemarken, ons land en Belgie. B.-P. was vooral onder de indruk van de vaardigheden met de lasso en op EHBO-gebied die de Nederlandse scouts had den getoond. De Chief Scout sprak geen voorkeur uit voor een van de padvindersbewegingen, maar uitte de wens dat men spoedig tot een algehele samenwerking zou komen, zoals hij dat ook in Noorwegen had zien gebeuren. Inderdaad bundelde in maart 1912 een aantal (vooral plaatselijke) verenigingen zich in de "Nederlandsche Padvindersbond" (N.P.B.), maar de N.P.O. bleef buiten deze fusie.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek