De Padvinderij in oude ansichten

De Padvinderij in oude ansichten

Auteur
:   J.H. van der Steen
Gemeente
:  
Provincie
:  
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-1770-8
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'De Padvinderij in oude ansichten'

<<  |  <  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  10  |  11  |  12  |  >  |  >>

69. Als laatste opname van de boerderij drukken we deze van de zitkamer af. In juli 1921 werd het kamperen op het landgoed Eerde centraal geregeld onder leiding van J.F. Schaap jr. Ret terrein omvatte 1750 ha en het was voorzien van goed drink- en zwemwater. Grote groepen betaalden vijf cent per nacht en tal van zaken als tenten en strozakken konden worden gehuurd. Er was zelfs een auto bus (plaats voor dertien personen) beschikbaar voor rondritten door de "schoone omstreken".

Opleidingskamp v9.9f. Leiders,

70. Zoals we bij de foto's van Ada's Hoeve al opmerkten, kwamen er sinds 1923 Ieiderscursussen op gang, naar voorbeeld van de in het Engelse Gilweil Park gestarte leiderstraining. Ook hier was Jan Schaap een van de centrale figuren. Aileen al aan de hoogte van de begroeiing is te zien dat deze foto van het eerste leidersveld lang geleden werd gemaakt. Links zien we de sessiecirkel waarin de cursisten hun zitplaats hadden. Meer naar rechts staat het mededelingen.ibord" en de Indiaanse "teepee", een karakteristiek element tijdens de eerste cursussen.

71. Ret magazijn op het eerste 1eidersveld werd in de wande1ing, naar Engels voorbeeld, "stores" genoemd. Ret model is geinspireerd op de "Gidney-log-cabin", zoals die in Gllwell Park was gebouwd. Beschut door het overstekende dak zien we enkele bekende leden van de staf van de eerste cursussen: zittend, links, dr. Th.F. Egidius en naast hem Titus Leeser. Staand, rechts, Jan Schaap die "Camp Chief" was. De vierde man gaat schull achter de paal en is daardoor voor ons onherkenbaar.

72. In het begin van dit boekje hebben we al kennis gemaakt met Baden Powell. Hij was zo nauw met de training verweven, dat we op dit moment graag weer een foto van hem opnemen. Hij had zelf de Gilwell-cursus in Engeland gevolgd en hij draagt hier de bijbehorende halsdoek met dasring. Een nieuwtje die dasring, want tot dusverre werden aile padvindersdassen geknoopt. De bij de wood badge-training behorende houten kralen werden in die eerste tijd aan de hoedveter gedragen; zij zijn hier nog juist op de hoedrand zichtbaar.

't Kamphuis, Eerde bii Ommen.

73. Oak bij de meisjes bestond behoefte aan een gedegen training van de leidsters. In de zomer van 1923 kon het sein tot een goede start van deze opleiding worden gegeven, toen het Gllde de beschikking kreeg over het kamphuis in Eerde bij Ommen. Met het omringende kampterrein nabij de Stelle Oever was het een prachtige omgeving voor de trainingscursussen.

74. Een historische foto van de eerste zogenaamde A-cursus, die in juli 1923 in Ommen werd gehouden. We zien hier de dee1neemsters aan het middagmaal. Deze en de drie vo1gende A-cursussen stonden onder 1eiding van mevrouw J.L. Redeke-Hoek. Oorspronkelijk omvatten deze cursussen aile facetten van het meisjesspel. Vanaf 1928 werd een split sing doorgevoerd. De A-cursus gaf een a1gehe1e in1eiding over organisatie en spelmethodiek; alles dat betrekking had op kamperen werd in een vervo1gcursus opgenomen.

75. Het terrein nabij de Stelle Oever in Ommen werd behalve voor de leidsterscursussen ook gebruikt voor de gewone meisjeskampen. Vendels uit het gehele land sloegen hier hun tenten op en namen graag een duik (of sierlijke sprong) in het water van de Regge. De foto hierboven dateert van 1924 en achterop staat geschreven: "Sprong van Gre", die hiermee dan voor het nageslacht is vastgelegd.

~F.)J

?? ¥ ~~

, "

76. Deze kaart uit wat later jaren werd vanuit Ommen in 1935 door een padvindster verzonden naar haar familie in Zeeland. We zien hier het stafhuisie uit die jaren, dat velen zich zullen herinneren. Hier resideerde de kampstaf die het kampterrein beheerde en daarin kennelijk veel plezier had, gezien de vriendelijk lachende gezichten.

Padvindsters-Clubhuis op Zijpendaal van .De Arnhemsche Padvindsters".

Afd. Arnhem v. h. N. M. G.

77. We blijven nog even bij de padvindsters. In Arnhem om precies te zijn, waar we "De Arnhemsche Padvindsters" aantreffen bij hun clubhuis op Zijpendaal. De donkerblauwe uniformen met lichtblauwe das en wit fluitkoord plus de donkerblauwe hoed (zonder deuken!) is de typerende kleding van het meisjesgilde. De leidster (links naast het groepje met de vlag) heeft de hoedrand opgeslagen en draagt een witte kraag op haar [apon, zoals dat gebruikelijk was. Deze bart dateert van de jaren twintig.

Kabouterhuis op Sonsbeek van "De Arnhemsche Padvindsters".

Afd. Arnhem v. h. N. Ivi. G.

78. Deze kaart, uit dezelfde serie als de vorige, geeft een beeld van de kabouters voor hun clubgebouw te Sonsbeek. Het was een klein en intiern clubhuis in de bossen; het ideaal van iedere groep. Het "Handboek van dePadvinderij voor Meisjes in Nederland" (uitgegeven in 1929) schreef hierover: " ... Ook in den winter kan dan steeds een deel der opkornsten buiten worden gehouden en kan voldaan worden aan de behoefte der rneisjes aan spel en dans, aan ontspanning door lichaamsbeweging".

<<  |  <  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  10  |  11  |  12  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek