De Vlaardingse Visserij in oude ansichten deel 2

De Vlaardingse Visserij in oude ansichten deel 2

Auteur
:   J. Sluimer en M.P. Zuydgeest
Gemeente
:   Vlaardingen
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2900-8
Pagina's
:   136
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'De Vlaardingse Visserij in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

17. Foto naar een schilderij van wijlen schipper Arie van Roon van de op stapel staande stoomlogger VL. 203 "Dina". Feestelijk bevlagd is de "Dina" klaar voor de tewaterlating op 27 mei 1911 bij de werden van de Gebroeders Van der Windt. De stellingmolen "Aeolus" (naam uit 1956) en de huizenrij op de Korte Dijk tegenover de werf zijn duidelijk te zien. Schipper Van Roon heeft vele schilderijen van loggers en havengezichten gemaakt. Schipper Dirk van Haren haalde de VL. 203 nieuw uit en voer op de "Dina" tot en met 1935. Dirk de Hond was schipper op de ,,203" van 1936 tot 1940. Het schip werd op 10 mei 1941 door de bezetter gevorderd. In 1946 voer de "Dina" weer ter visserij onder Dirk de Hond. De laatste schippers waren Henk van Roon en Jan Goedknegt. Het schip werd op 18 september 1960 voor de sloop verkocht.

Vlaardi ngen.

18. Gezicht op de noordzijde van de Wilhelminahaven te Vlaardingen. Wilhelmina is nog geen koningin, dat blijkt uit de naam "Wilhelminahaven" op de kaart. De foto is dus genomen voor september 1898, want daarna kwam er Koningin voor de naam te staan. Links ziet men het toenmalige rederijgebouw van de Doggermaatschappij. Vooraan voor de kant ligt de bomschuit KW. 64 "De Gebroeders" van de rederij P. Haasnoot te Katwijk aan Zee, in de vaart van 1891 tot 1901. Schippers op de bomschuit waren K. de Vreugd en Jacob Plug. Verderop in de haven zijn nog meer bomschuiten te onderscheiden.

?

,

r: !.

19. De Nieuwe Haven te Vlaardingen omstreeks 1900. Voor de kant bij de Doggermaatschappij Iigt de stoomlogger VL. 29 "Oranje Nassau" van genoemde maatschappij. De VL. 29 werd als eerste in Vlaardingen gebouwde stoomlogger op 25 april 1899 te water gelaten bij de werf ,,'s Lands Welvaren" van I.S. Figee. Het schip was een "natte fiets", voorzien van een bun en geschikt voor de haring- en beugvisserij. De eerste schipper van de VL. 29, Sacharias van Deventer, sloeg op 29 april 1905 overboard en vond een zeemansgraf. De "Oranje Nassau" werd op 30 juli 1941 gevorderd en werd "KieI13". In 1948 ging het schip onder schipper Bernhard van Dorp weer ter visserij. Als laatste stoomlogger van de Doggermaatschappij werd de VL. 29 op 10 april 1957 voor de sloop verkocht.

20. In de Oude Haven tegenover de Visbank ligt hier de eerste Nederlandse stoomlogger VL. 190 "Koningin Wilhelmina" voor de kant. Het schip - geschikt voor de haring- en beugvisserij - werd op 16 september 1896 te water gelaten bij de werf van Bonn & Mees te Rotterdam, voor rekening van de Doggermaatschappij, onder directie van A. Hoogendijk Jzn. De afmetingen van de VL. 190 waren 38 x 6,30 x 3,50 meter. Verder was het schip voorzien van een voorroer, een strijkbare voorrnast, een geheel open brug en een stoommachine van 70 pk. (vervaardigd bij Wilton te Rotterdam). De VL. 190 werd nieuw uitgehaald door schipper Willem van der Vaart en vertrok op 19 november 1896 voor de eerste (beug)reis. Op 2 mei 1917 werd de logger verkocht aan Philips en voor de vrachtvaart ingericht.

21. Schipper Willem van der Vaart en mevrouw Van der Vaart-Schilder poseren voor de fotograaf. Willem van der Vaart was de eerste schipper van de eerste Nederlandse stoomlogger VL. 190 "Koningin Wilhelmina" en toen zesendertig jaar oud. De volgende loggers hebben W. van der Vaart als schipper gehad: VL. 146 "Voorloper", VL. 174 "Vooraan", VL. 195 "Prins Hendrik der Nederlanden", VL. 178 " Hillegouda", VL. 177 "Jan Hendrik" en de VL. 16 "Voorloper", In augustus 1922 werd de VL. 190 na de vrachtvaart-periode bij Philips op de werf van A. de Jong weer ingericht voor de visserij en naar Nederlandsch-Indie verkocht. Als "Labuan Mrak" vertrok het schip op 13 september 1922 naar NederlandschIndie, maar verging reeds in 1925.

22. Gezicht op de Nieuwe Haven te Vlaardingen met voor de kant het stoomschip "Labuan Mrak" (Pauwenrivier). Het schip was de vroegere stoomlogger VL. 190 "Koningin Wilhelmina" van de Doggerrnaatschappij. Onder gezagvoerder Versluis vertrok het schip op 13 september 1922 met een bemanning van twaalf koppen naar Nederlandsch-Indie. Het schip had 170 ton kolen geladen en hoopte daarmee tot Port Said te komen. De visserijonderneming liep op een mislukking uit. Het schip voer daarna in Indie met een Chinese bemanning als passagiersschip tussen Soerabaja en Bandjermasin.

23. De stoomlogger VL. 16 "Voorloper", onder schipper Willem Sas, Ioopt hier de Nieuwe Haven binnen op 4 oktober 1925. Dit schip werd op 19 december 1907 te water gelaten bij de werfvan de Gebroeders Van der Windt te VIaardingen voor rekening van de Doggerrnaatschappij, directie A. Hoogendijk Jzn. De eerste schipper van de VL. 16 was Arie Storm. In september 1941 werd de "Voorloper" door de bezetter gevorderd en in dienst gesteld als huIpvaartuig V 1238. Toen op 24 augustus 1945 de teruggevonden VL. 16 op weg was naar IJmuiden, werd deze overvaren door de eveneens teruggevonden KW. 155 "Arie". Bij deze aanvaring ging helaas de VL. 16 "Voorloper" in het Huibertsgat verloren.

24. De VL. 92 "Admiraal Kortenaer" van de rederij Jac. Vogel & Co. ligt hier vrijwel onder vol tuig in de Nieuwe Haven te Vlaardingen omstreeks 1903. In 1903 bestond de vloot van Vogel uit zes schepen. Deze rederij bracht hoofdzakelijk aangekochte Engelse kotters in de vaart. De werf St. Joris van de gebroeders Kortland te Rotterdam bouwde in 1904 een nieuwe logger voor Vogel, het was de VL. 93 "Admiraal Tromp", die op 9 februari van dat jaar te water werd gelaten. Op 25 juni 1908 is de VL. 92, nu eigendom van Evert Baas (sinds 29 mei 1907), op de Noordzee lek gesprongen en gezonken. De bemanning onder schipper Blenk voer met de scheepsboot naar de Engelse stoomdrifter "Lord Cromer" en werd te Lerwick aan land gebracht. Links op de foto ligt de loggerbom SCH. 430 "Elisabeth", gebouwd in 1903, van de rederij Gebroeders De Niet te Scheveningen.

25. De stalen zeillogger VL. 187 "Arie & Cornelis" onder zei1. Het schip werd op 6 april 1910 te water gelaten bij de werf van de Gebroeders Van der Windt voor rekening van de rederij A. van der Viis & Co. De logger had een bruto inhoud van 93 ton. Schippers op de VL. 187 waren Maarten Mos, Arie Westerduin en Arie Bal. Op 29 januari 1918 werd het schip verkocht aan de Visscherij Maatschappij "Willem Beukelszoon" te Katwijk aan Zee en werd KW. 57 "Suzanne". Ruim drie jaar later, op 10 juni 1921, komt de logger weer terug bij A. van der Viis & Co. en wordt VL. 187 "Arie". De Visscherij Maatschappij "Zuid Holland" kocht de "Arle" op 11 december 1923. Deze rederij bracht de logger niet meer in de vaart en verkocht het schip op 20 maart 1924 naar Ostende.

ยท )

26. Bij de suikerfabriek "Hollandia" ligt hier in de Nieuwe Haven de houten logger VL. 129 "Johanna". Dit schip werd op 18 mei 1905 te water gelaten bij de werf "De Hoop" te Schiedam voor rekening van Joh. van den Berg te Vlaardingen. Schippers op de VL. 129 waren Arend van Leeningen en Dirk Bos. Op 31 maart 1909 werd de logger verkocht aan G. van Leeuwen Hzn. te Scheveningen en werd SCH. 467 "Adriana Johanna". In 1919 voer het schip als SCH. 467 "Alida Catharina" voor de Eerste Scheveningsche Rederij en Haringhandel voorheen G. van Leeuwen. Het voIgende jaar voer de SCH. 467 onder dezelfde naam voor de rederijvereniging "Crescendo". De Visserij Exploitatie Maatschappij "Volharding" kocht het schip op 28 april 1922 en bracht het als VL. 94 "Neelie" weer in de vaart. In februari 1924 werd de VL. 94 aan Salomon Frenkel voor f 1500,- verkocht.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek