De molens van Amsterdam in oude ansichten deel 3

De molens van Amsterdam in oude ansichten deel 3

Auteur
:   mr. J.H. van den Hoek Ostende
Gemeente
:  
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2466-9
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'De molens van Amsterdam in oude ansichten deel 3'

<<  |  <  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  10  |  11  |  >  |  >>

67. Krachtens raadsbesluit van 1 april 1914 en de daarop gebaseerde overeenkomst tussen de gemeente Amsterdam en de Binnendijksche Buitenveldersche polder kwam het in 1877 gestichte stoomgemaal aan de Amsteldijk te vervallen. Een elektrisch gemaal kwam in 1921 gereed op het terrein van de boerderij "Stadwijck" naast de begraafplaats Zorgvlied aan de Amsteldijk 272. De sluis naast het polderhuis aan de Stadhouderskade werd vervangen door de in 1923 voltoo ide sluis bij het nieuwe gemaal en de overhaal werd meer naar het zuiden verplaatst. Deze foto toont het nog bestaande, in de stijl van de Amsterdamse School gebouwde gemaal "Stadwijck", kort na de voltooiing.

68. Aan het Verwerspad, de latere Tolstraat, stond omstreeks 1900 achter de huizen 6 en 6a op een schuur deze kleine bovenkruier met stelling. Hij werd gebruikt door de op nummer 11 wonende Herman van Tinteren, die handelde in verfwaren.

69. Een klein eindje verder aan het Verwerspad was in 1783 de snuif- of tabaksmolen "De Zwaan", met pletterij en kerfbank, gebouwd. In de negentiende eeuw was hij veranderd in korenmolen "De Duif", Rond 1890 werd hij onttakeld, maar de stoere romp bleef een opvallende verschijning in een buurt met kwekerijen en tuinderijen, waar zich ook kunstenaars vestigden. Foto van Jacob Olie.

70. Deze foto werd omstreeks 1896 gemaakt, to en in de molenromp enige kunstenaars woonden, onder wie de schilder J opie Bremer. Op een van de stenen van de kollergang van de oude tabaksmolen zitten de dames Coorengel en achter hen staat Arthur van Schendel (1874-1946), die naam zou maken als romanschrijver. Hij was later verloofd met Truus Coorengel (1868-1924), links op de foto. Haar zuster Dien, rechts, verloofde zich met de literator Rein Boeken, met wie zij in 1899 trouwde.

71. Rond de eeuwwisseling hadden de namen "De Zwaan" en "De Duif" plaats gemaakt voor "Lompenmolen", omdat in vodden handelende woonwagenbewoners, stoelenmatters en ketellappers aan zijn voet kampeerden. Piet Bakker vertelt in Jeugd in de Pijp over de zigeuners van het Tolpad, ongeveer ter hoogte waar tegenwoordig de Karel du Jardinstraat en de Van der Helststraat elkaar kruisen. Deze foto werd genomen vanuit een raam van het perceel Rustenburgerstraat 365. Links in de verte een gashouder van de Zuidergasfabriek, die sedert 1909 gedeeltelijk en sedert 1913 volledig in gebruik was.

72. Deze door N.V. A.J. Nuss te Amsterdam uitgegeven briefkaart van de "Lompenmolen" is aan de achterzijde voorzien van de volgende tekst: 't Was de Korenmolen "de Duif" aan de Molenvliet, achter de Ceintuurbaan gelegen; gedeeltelijk gesloopt.

73. Kort voor de Tweede Wereldoorlog leefde de naam "Lompenmolen" nog voort in de groot- en kleinhandel in oude metalen, gummi, lompen en papier van C. Bender op de hoek van de Rustenburgerstraat en de Rustenburgerdwarsstraat. De romp zelf was rond 1915 door de stadsuitbreiding opgeslokt.

74. In de omgeving van de hoofdstad hebben ze ook gestaan, de kieine weidemolens, die weI petmoIentjes of aanbrengertjes genoemd worden. De naar verhouding grote staart houdt het moIentje steeds op de wind gericht. Het water wordt opgemalen door een verticaal gesteide as met schoepen, die ronddraait in een kuip en door zijn snelheid het water centrifugerend omhoog voert. Dit molentje stond in de oever- of vlietlanden tussen de Amsteiveenseweg en de Nieuwe Meer. (Opname van C. Visser omstreeks 1925, foto 31 uit Onze Hollandsche Molen, eerste reeks.)

75. In de oeverlanden bij de Rietwijkeroorderpolder stond sedert omstreeks 1920 aan de Nieuwe Meer een zogenaamde Amerikaanse windmolen, die met zijn piepend en ratelend schoepenwiel de geluiden van de vogels overstemde. Hij viel ten offer aan de aprilstormen van 1940 en werd vervangen door een in het stenen onderstuk van de molen geplaatste motorpomp. Plannen om ter plaatse een echte Hollandse windmolen op te rich ten kwamen niet tot uitvoering.

76. Aan de Nieuwe Meer bij de Karnemelksloot stond sedert 1635 aan de Koenenkade "De Koenenmolen", de schepradmolen van de Buitendijksche Buitenveldersche polder. Op donderdagavond 4 december 1919 brandde hij na blikseminslag af. Deze trof ook de stal naast de molen, waar drie koeien werden gedood. In de nabijheid in het water liggende bootjes werden vernield. "De Koenenmolen" was vooral bekend bij de Amsterdamse schaatsers, die aan zijn voet over een laag turfstrooisel het Kamemelksgat bereikten, om via de Hoornsloot naar de Amstelveense Poel te rijden.

<<  |  <  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  10  |  11  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2021 Uitgeverij Europese Bibliotheek