Delden in oude ansichten deel 1

Delden in oude ansichten deel 1

Auteur
:   G.H. van Ommen
Gemeente
:   Ambt Delden
Provincie
:   Overijssel
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2567-3
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Delden in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

69. Bij het vijftienjarig bestaan van de voetbalvereniging "SV Delden", in 1938, werd natuurlijk een foto gemaakt van het eerste elf tal. Voor ons poseren, van links naar reehts, staand: J. ter Horst. J. Verwey, Joh. Nijhuis, Leo Nijhuis, T. Dijkman, T. en D. Pardoen, W. Levers en J. Siemerink. Knielend:

W. Rottink, H. Twelhaar en W. ten Hoonte. Op de voorgrond ziet u Joh. Hilbrink, A. Dijkman en H. Hilbrink.

70. "De Jonge Werkman" leefde in de jaren dertig heel intens, ook in Delden. De vereniging was de voorganger van de "KAT', nu de "Katholieke Werkende Jongeren". U ziet hier in 1938 van links naar rech ts, zit tend: Joh. Ros, W. Eekers, kapelaan Kaalberg, Th. Vos, H. Eekers en G. Zengerink. Op de middelste rij: J. Strikker, H. Visschedijk, Joh. Gerritsjans, J. Franke, W. Raanhuis, B. Freriksen, A. Visschedijk, G. Klein Breteler en J. Zengerink, Op de achterste rij: fi Keizer, W. de Wit, H. Freriksen, H. Franke, M. Bruins, B. Siemerink, Joh. Nijland en Joh. Keizer.

71. In het augustusnummer van 1913 van het geillustreerde tijdschrift "De Prins", werd bijgaande rij foto's gevonden. Het onderschrift luid t: "De stad Delden heeft een uitgelezen programma gehad voor de vie ring van het onafhankelijkheidsfeest en aan het uiterlijk aanzien is inderdaad buitengewone zorg besteed; de verschillende eerebogen waren juweelen van versieringskunst, die menigeen tot voorbeeld kunnen strekken. No.1 van links, die den l stcn prijs verwierf, doet den ontwerper, den jongen architekt K.J. Greine, aile eer aan! No.2, 3 en 4 behaalden de andere prijzen. - De bevolking der Overijselsche stad heeft op waardige wijze uiting gegeven aan hare vreugde bij dit beteekenisvolle herinneringsfeest."

72. Op 25 oktober 1922 vond de intocht plaats van de baron van kasteel "Twickel" met zijn jonge bruid. De stoet werd voorafgegaan door veldwachter Ter Stege, twee marechaussees en twee hoornblazers. Rechts een groepje bekende Deldenaren, onder wie Eggink, de vroegere stalbaas van Stork te Hengelo.

73. Uit veel van wat in de voorafgaande fotoreportage van oud-Delden is opgenomen, blijken de hechte banden tussen De1den en het kasteel "Twickel". Met het verscheiden van de barones, vrouwe Marie Amelie Mechteld Agnes, gravin van Altenburg Bentinck, douairiere dr. Rodolphe Frederic baron Van Heeckeren van Wassenaer, op zesennegentigjarige leeftijd, kwam het einde aan een tijdperk van zeshonderd achtentwintig jaar waarin het kasteel familiebezit was. Op 19 september J 975 overleed de barones; zij werd bijgezet in de grafkelder van het kasteel op de Algemene Begraafplaats.

Delden. lIilla's bij het statio .

74. Een kiekje uit 1936 met huize "De Specht" op de voorgrond. Het werd gebouwd door de heer Van Oostrom Meier en werd later bewoond door D.W. Stork. In later jaren is het nog een rusthuis geweest, "Vita Nova" genaamd. In het huis op de achtergrond woonde toentertijd de Engelse consul, de heer Dikkers.

75. Bijna aan het einde van dit boekje vindt de lezende kijker een foto van het markantste monument binnen de wallen van het oude stadje: de toren van de Grote of Sin t-Blasiuskerk. De foto is de jongste in de serie genomen na de voortreffelijk geslaagde restauratie in 1968. De toren ging toen van de burgerlijke gemeente weer over in eigendom van de Nederlandse Hervormde Gemeente, onder be ding dat ten eeuwigen dage 's avonds om 9 uur de poortersklok wordt geluid. Gelijk geschiedt.

In al zijn eenvoud geeft het gedichtje op de volgende pagina iets aan van wat de toren, ook als symbool van je eigen stadje, betekent.i.

'n Ooln Toorn

In Deel'n doar steet nen ooln toorn A1 veulle veulle joaren.

Hee steet doar veer boaven mensluk gedoo En rop met zien klokken van veerten oons too, An ieder menske zich te bezinnen

in 't leeven.

Den toorn zo gries, al joaren oold, Kan storm en wiend trotseren.

Duur oew sprek nag altied oons vuurgeslach.

Iej helpt oons onthoolen det iederen dag Het leeven kat is, dus weerd te leeven vuur allen.

Dew klokken roopt met broonzen slag Dons iedren Zundagmorgen.

Dan komme wiej tot oew met stillen daank.

Za/fs loaj oew nag heuren biej'n lessen gaank.

Zo is't ewes en zalt wal blieven, Nag joaren.

In Deel'n doar steet nen ooln toorn, Den zal ik nooit vergetten,

Want woar oons het leeven ok brengen mag Dew noaklaank heur wey nag iederen dag.

En doarom zol wiej dan nooit vergetten Den Toorn.

G. ter Maat

H. Wes.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek