Den Dungen en de Dungenaren in oude ansichten

Den Dungen en de Dungenaren in oude ansichten

Auteur
:   H. H.V.M. Maas
Gemeente
:   Sint-Michielsgestel
Provincie
:   Noord-Brabant
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4706-4
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Den Dungen en de Dungenaren in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  >  |  >>

16. Onder pastoor Goulmy werd een aanvang gemaakt met een jaarlijks uitstapje voor de misdienaars en de jongens van het koor als compensatie voor hun inzet. Vele jongens keken allang van tevoren naar het reisje uit. Voor de meesten was het de enige keer in het j aar dat zo ver weg ergens naar toe werd gegaan en was het mete en de enige vakantiedag.

In 1930 of daaromtrent werd een uitstapje naar de Duivelsberg bij Nijmegen gemaakt, alwaar deze foto werd gemaakt. Achteraan, van links naar rechts: Christ van Alebeek, Jo van Ham, Willem Persoons, Wim van Uden, Willem van der Heijden, Piet Kivits, Jan den Otter, Jan van Grinsven, Piet van der Steen, Toon van de Braak, de dirigent van het koor Marcel Hoes, Frans van der Aa, kapelaan Odemaere, Piet van Doorn, de chauffeur, Piet Kappen, Toon (de koster) van Alebeek en Toon van Meurs. Knielend: Huub Jacobs, Toon van der Steen, Harrie Spierings, Jo van Alebeek, Harne van der Loo, Jos Groenendaal, Michel van den Broek, Mies van derDonk, Van DerBruggen, Jan Schakenraad, Jos en Willie Smits, Willie den Otter, Bert Minkels, The Donkers, Harrie den Otter, Jo Broeren, Wim Kappen, Mies Schakenraad, Frans van Lieshout, Harrie Broeren en The van Grinsven. Vooraan: een onbekende, Huub Spierings, Piet van der Vecht, Toon (de Witte) van de Westelaken, een zoon van Jos Minkels, Toon Hoezen, Harne Buenen, Grard en Klaas Minkels, Jan van Grinsven, Jos Pijnappels, twee onbekenden en The den Otter.

Behalve een reisje werd voor de jongens ook nog elk jaar een feestavond georganiseerd. Op die avond werd onder meer op warme chocolademelk en krentenbollen getrakteerd. De koorleden oefenden elke week in de parochiezaal aan de Bosscheweg. De pastoor verwachtte van elk lid een plichtsgetrouwe opkomst bi j elke repetitie. Wanneer iemand niet op was komen dagen, moest deze aan de pastoor tekst en uitleg komen geven. "Thuis mee moeten helpen" werd door hem zo maar niet als geldige reden voor absentie geaccepteerd. Desnoods ging de pastoor naar de ouders om duidelijk te maken wat voor een belangrijke taak het koor voor de kerk vervulde en dat de ouders dergelijk verheven werk derhalve dienden te ondersteunen. Voor de misdienaars gold hetzelfde. Op plichtsgetrouwheid werd streng toegezien.

17. , ,Het Rijke Roomse Leven" kende een veelheid aan stoeten, processies en optochten. Vaak waren daar bruidjes en bruiden bij aanwezig, zoals op de eerste en laatste zondag in mei en oktober, het feest van Maria ten Hemelopneming en bij de sacramentsprocessie.

In 1923 werd van de bruidjes van de sacramentsprocessie deze foto gemaakt. Op de bovenste rij, van links naar rechts: Martha van Hedel, Jaan Spierings, Jaantje Smits, Martina Verhagen, Francien van den Hurk, Jet Eetgerink en Zus van Alebeek. Op de onderste rij: Kiek van de Mugheuvel, Antje Smits, Francien Smits, An Sleutjes, Mientje van den Hout, Marie Cooijmans, Miet Pijnenburg, Mien van der Schoot, Toos Venrooij en Lien Spierings. Door de meisjes werd tijdens de optocht een versierd kruis, anker en hart meegedragen, hiermede symboliserend geloof, hoop en liefde. Behalve de meisjes liepen ook jonge vrouwen als bruid in de sacramentsprocessie mee. Er waren drie soorten bruiden: witte, zwarte en blauwe. Elke categorie had een eigen taak tijdens de optocht.

Het bruid mogen zijn bij een processie was erg in trek. Echter, de kleding van de bruiden moest door de ouders zelf betaald worden. Dit betekende dat de kinderen van de financieel weinig draagkrachtige ouders geen bruid konden worden. Tijdens de sacramentsprocessie liepen verder nog allerlei andere groepen in de stoet mee. Vanzelfsprekend waren de verschillende kerkelijke organisaties aanwezig. Daarnaast deden de meeste verenigingen mee. Nagenoeg de gehele dorpsgemeenschap was in de processie vertegenwoordigd. Door de vele bloemen en vaandels die meegedragen werden, had de stoet een fleurig aanzicht. Het middelpunt was de priester die de monstrans droeg met daarin het Allerheiligste. Hij liep onder een baldakijn. Een moeilijke taak hadden de misdienaars, die achteruitlopend vlak voor de baldakijn het wierookvat moesten zwaaien. De baldakijndragers waren evenals de troonhemeldragers personen die een bepaalde functie binnen de kerk bekleedden. Het gebruikmaken van bruidjes als opluistering van bepaalde gelegenheden bleef niet tot de kerk beperkt, ook bij feestelijke familiegebeurtenissen werden bruidjes op een gegeven moment populair.

18. In de Dungense parochie waren vele godsdienstige verenigingen actief. Twee ervan hadden tot doel de solidariteitsgedachte met de missie levendig te houden en geld voor de missie in te zamelen. Voor kinderen was er het "Genootschap van de Heilige Kindsheid" en voor volwassenen het , ,Genootschap tot Voortplanting van het Geloof". De voor lidmaatschap verschuldigde contributie werd in termijnen door zogenaamde zelatrices opgehaald.

Op de foto staan de zelatrices van de H. Kindsheid uit 1932. Staand, van links naar rechts: Martha van Hedel, Miet Sanders, Drieka van Vught, Ant Smits, Anna van de Westelaken, Miet Pijnenburg, Nolda van Grinsven, Anna van der Loo, Sien Kappen en Lies Jacobs. Zittend: Anna van Grinsven, Anna den Ouden, kapelaan Odemaere, Gonda Sleutjes en Anna Schuurmans. Op de voorgrond: Lien Spierings, Martina Verhagen, Dora Vissers en Hanneke Broeren. Behalve via de contributiegelden, kwam er ook geld binnen door het organiseren van een kindsheidoptocht. In die optocht werden allerlei religieuze personages en gebeurtenissen uitgebeeld. Voor de uit te beelden personages moest betaald worden. Hoe gewichtiger de persoon voor de kerk was, hoe meer er betaald moest worden. Zo was het verkleed meelopen als paus duurder dan het meelopen als een of andere heilige. Het meedoen als negertje of chineesje kostte niets. Immers, zij moesten nog bekeerd worden!

Op school konden de kinderen opgeven wie zij bij de kindsheidoptocht uit wilden beelden. Uiteindelijk was de financiele draagkracht van de ouders bepalend wie wat werd. Tijdens de optocht werd er ook nog door "negertjes" of "chineesjes" gecollecteerd. Voor deze rol in de optocht moest evengoed betaald worden. De kinderen die lid waren van de H. Kindsheid waren tijdens de optocht te herkennen aan een rood lint met een medaille. Na afloop kregen de kinderen die aan de optocht hadden meegedaan een krentenbol en een beker chocolade. De organisatie van de kindsheidoptochten was in handen van de eerdergenoemde zelatrices. De kleding die de kinderen tijdens de optocht droegen werd gemaakt door de Missienaaikring en werd gratis ter beschikking gesteld. In 1961 werd voor het laatst een kindsheidoptocht in Den Dungen gehouden.

19. Het gaan naar een retraite, een meestal drie dagen durende bezinningsperiode, was in die tijd niets bijzonders. Er bestonden speciale retraitehuizen waarin voor groepen, zoals jonge boeren, dienstplichtigen en jonge vrouwen, de bezinningsdagen werden gehouden. Tijdens de retraite waren de deelnemers verplicht, behalve gedurende de tijd dat recreatie mogelijk was, het stilzwijgen te houden. De drie dagen waren gevuld met het luisteren naar preken over verschillende onderwerpen, godsdienstoefeningen, misvieringen, meditaties en het lezen van geestelijke literatuur. De retraite werd gewoonlijk afgesloten met een biecht. De vrouwen uit Den Dungen gingen voor retraite meestal naar Uden, waar de zusters Dienaressen van de Heilige Geest een retraitehuis hadden.

In 1939 werd daar deze foto gemaakt. Op de achterste rij staan, van links naar rechts: Marie van de Braak, Dia van Meurs, Miet van de Berg, Ans Smits, Ant Ondersteijn, Marie Ondersteijn, Tonnie Sleutjes, Jet van der Heijden, Marie van der Bruggen, Net Sleutjes, Bertha Verhagen en Drieka van der Aa. Middelste rij:

Bertha Schakenraad, Lien Sterks, An van Boxtel, Mien Pijnappels, An van der Steen, Dina Spierings, Jet Venrooij, Drieka Voets, Marie vande Hofstad, Riek Mauriks en Jaan van Aarle. Devoorste rij: An van der Aa, Jet Rokven, Bertha van Hannes Broeren, Lien Broeren, de retraitepater, Bertha van Hem Broeren, Annie van Lamoen, Zus Broeren, Marie van Alebeek en Lien van Doorn.

Mannen gingen voor hun retraite naar Vught, waar de jezuieten in huize Loyola de bezinningsdagen verzorgden. Hoewel het programma van een retraite weinig vrolijks inhield (je moest vaak het stilzwijgen eropna houden, luisteren naar preken, mediteren ... ), werd het door de meesten toch niet als iets vervelends en onaantrekkelijks gezien. In een tijd namelijk waarin recreatie en het van huis gaan iets zeldzaams waren, werd het gaan naar een retraite ook weI enigszins als een uitje beschouwd. Het doorbrak de dagelijkse sleur en het gaan met een grote groep bracht de nodige gezelligheid met zich mee. Sommigen maakten van de retraite dan ook een jaarlijks terugkerend gebeuren, waarbij meestal steeds met dezelfde groep werd gegaan.

20. Een bijzonder feestelijke gebeurtenis was een priesterwijding. Op de foto hiernaast gaat Huub Vissers van het Woud op weg om zijn eerste H. Mis te doen. Hij had zijn priesteropleiding in Belgie bij de Lateranen genoten en was kort daarvoor in Luik priester gewijd. Het jaar van zijn priesterwijding was 1936. Zoals op de foto is te zien had de buurt de Woudseweg nabij zijn ouderlijk huis met vlaggen versierd en helemaal achter op de foto is te zien dat een grote slinger over de straat hing. In optocht ging het naar de kerk. Vooraan liepen meisjes als bruidjes versierd. De meisjes waren meestal uit de buurt afkomstig of waren nichtjes van de wijdeling. In de linker rij, van voor naar achteren: Cornelia van Gestel, Riek van Alebeek, Vissers uit Eindhoven, Toi van Breugel, Jaan van Breugel, Mien van Jo Vissers, Door van Theo Vissers uit Eindhoven, Door van Lith, Toi van Grard Broeren, de achterste is onvoldoende zichtbaar. Begeleidster van die rij is Truda Vermeulen. De bruidjes in de rechter rij: Jaan (van Schatsbergen) van Grinsven, Vissers uit Eindhoven, Jo van Lith, Jaan van Lith, Marie van Jo Vissers, Stien Voets, Annie van Piet Vissers, Gon Lamers en Marie Hoevenaars. De begeleidster van deze rij is Marie van der Loo. Achter de bruidjes loopt de wijdeling geflankeerd door zijn ouders Dorus Vissers en Dien van Hamond. Links achter hem zijn herkenbaar: broeder Jo Vissers, Piet Vissers, Door Vissers, The Vissers en zijn vrouw Jacoba Voets, Tien van Lith en Kubbus Voets. Rechts van hem zijn te zien: Willem Vissers en zijn vrouw Jaan Smulders, Willem Lamers (met hoed), Marie Lamers- Vissers (achter de moeder met de poffer), Hannes van Alebeek en Driek Hoevenaars. In hetzelfde jaar werd overigens nog een Dungenaar priester gewijd, namelijk Marinus van Zandbeek van de Spurkstraat. Deze was van dezelfde orde als Huub Vissers. Het aantal van twee priesterwijdingen in een jaar tijd was in die jaren niets bijzonders. Elk jaar waren er ook veel priesterstudenten. Om een indicatie te geven: in de periode 1926-1932 schommelde het aantal priesterstudenten in de Dungense parochie tussen zes en twaalf.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek