Domburg in oude ansichten deel 2

Domburg in oude ansichten deel 2

Auteur
:   C. van Winkelen en A. de Pagter
Gemeente
:   Veere
Provincie
:   Zeeland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-1296-3
Pagina's
:   84
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Domburg in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

VOORWOORD

Toen we van "De Zeeuwsche Boekhandel" uit Zierikzee de opdracht kregen een tweede deeltje over Domburg samen te stellen, was dat, wat de beschrijving betreft, wel een moeilijke opgaaf. Over deze Walcherse badplaats is immers in de loop der jaren reeds een en ander in boekvorm verschenen. In 1913 verscheen het door gemeentesecretaris H.M. Kesteloo geschreven derde boekje, getiteld "Domburg in woord en beeld". De heer Kesteloo was secretaris-ontvanger van de voormalige gemeente Domburg. Dat dit interessante boek over deze Walcherse badplaats een schat aan gegevens bevat, bewijst wel het feit dat dit boek in 1973 opnieuw werd uitgegeven door Hes Publishers uit Utrecht. Een jaar later, in 1974, verscheen het door A. Houmes en Abr. de Pagter samengestelde boekje "Domburg in oude ansichten". Dit boekje beleefde zelfs een tweede druk. Wel een bewijs dat beide boekjes zich in een grote belangstelling mochten verheugen.

Er was echter nog zoveel materiaal, in de vorm van oude ansichten en/of foto's, dat het volkomen verantwoord was "Domburg in oude ansichten" deel 2 samen te stellen. Allen die op enigerlei wijze hebben meegewerkt bij het tijdelijk afstaan van de oude an-

sichtkaarten enloi foto's en bij het verstrekken van de zeer uitvoerige inlichtingen zijn we ten zeerste erkentelijk.

In het eerste deeltje over deze Walcherse plaats komen uitsluitend plaatjes met dorpsgezichten voor. Het tweede deeltje zouden we een combinatie kunnen noemen van "Domburg in oude ansichten" en "Kent u ze nog ... de Domburgers".Want in dit deeltje heeft de samensteller niet alleen plaatjes met dorpsgezichten opgenomen, maar ook enkele afbeeldingen waarop bekende en oude personen uit Domburg voorkomen. Niet alleen de oude opnamen van Domburg zelf, maar ook de plaatjes met personen uit het verleden spreken de huidige inwoners meestal bijzonder aan. Het zijn juist die plaatjes die vele herinneringen zullen oproepen.

We gaan thans een rondgang maken door het oude Domburg uit grootvaders tijd, waarbij de samensteller u allen niet alleen veel lees-,maar ook veel kijkgenot wil toewensen. Hij laat u daarbij over aan een uwer dorpsgenoten.

Sint-Annaland, oktober 1980

INLEIDING

Evenals in het eerste prentbriefkaartenboekje over Domburg, in het vervolg aangeduid als D.I, hebben we hier en daar maar weer gebruik gemaakt van gegevens door H.M. Kesteloo verzameld in zijn boekje "Domburg in woord en beeld". Waar dialect is gebruikt en om aan te geven dat het geen drukfout betreft, zijn plaatselijke gezegden en dergelijke tussen aanhalingstekens geplaatst. Het komt immers nogal eens voor dat er wel Nederlandse woorden worden gebruikt, maar dat er verschil is in zinsbouw. Zo staat bijvoorbeeld in het onderschrift bij afbeelding 10 in D.l, als het gaat over een opgehoogd voetpad door het land, het winterpad. Hier werd echter gesproken van "de winterpad" . Dat het soms werkelijk de enige weg was om droog van hier naar Aagtekerke te komen, is goed te zien op een foto verder in dit boekje.

Door de verschillende bewerkingen in dit soort boekjes kunnen nogal gemakkelijk foutjes en verzuimen ontstaan. Een verzuim in het vorige boekje was het ontbreken van de naam C. Maas bij het versje "Wien op 't strange". Hij maakte dit, toen er indertijd een vat met 500 liter van dit vocht aanspoelde, op 31 januari 1938, de geboortedatum van prinses Beatrix. Helaas kunnen we van dit gebeuren geen plaatje laten zien, hoewel die wel gemaakt zijn. Zelfs is er gefilmd, maar de maker heeft de film vernietigd, toen er sprake van was dat hij deze zou moeten afgeven om de jutter te herkennen. Maar het verhaaltje zelf is ook

wel aardig. Op die bewuste morgen ontdekte een Domburger tegen het paalhoofd voor het Badpaviljoen een groot vat. Het lag tegen "de bank", dus nog op laag water.

"Dan moet het wel vol zijn", was zijn conclusie en erbij gekomen bleek dat ook het geval. Het was onmogelijk het vat te verrollen. Hij piekerde niet lang en liep naar huis om een boor. Onderwijl waarschuwde hij z'n maat en samen ging het weer snel er op af. In het vat met onder andere de woorden "Algiers-Vin en 500 L" erop werd een gaatje geboord. Een donkerrood straaltje spoot er uit en uit de hand werd voorzichtig geproefd. Hoewel wrang, maar dat kon moeilijk anders na zoveel schommelen, konden ze toch, zonder kenners te zijn, wel vaststellen dat ze een aardig slokje op zicht hadden, hoewel nog niet onder de kurk. Wat nu? Weghalen was op klaarlichte dag onmogelijk. Daar het allebei timmerlui waren, hadden ze wel wat verstand van sjouwen. Het gat was gauw gestopt en met domphouten, die ze maar voor het oprapen hadden op de vloedlijn, werd het vat, zover ze konden, tegen het duin aangerold en zo goed mogelijk ingegraven en bedekt. De een zou een oogje in 't zeil houden, de ander ging naar zijn werk. Jammer voor de vinders, maar er was iemand op het duin verschenen die het vat ook gezien had en die had dat aan zijn buurman verteld. Korte tijd later kwam deze met twee emmers en gereedschap het duin op. Toen ging ook de eerste man maar om emmers en toen ze door

de Badstraat liepen, kwamen ze al meer mensen tegen met allerlei voorwerpen die vloeistof konden bevatten, van lampetkannen tot melkbussen. Een van de eerste vinders fungeerde als bottelier en hield een beetje de verdeling in het oog door de stroom af te stoppen als iemand zijn portie had. Een vrouw kwam inderhaast met een nachtspiegel aan. "Moet het daarin? ", vroeg de bottelier. "J awoor", zei Wanne, "k è den hoen schoon gemaekt en alkehol zuuvert ek oaltied g'ore."

Inmiddels was bekend geworden dat er een prinses geboren was en misschien was dat mede de oorzaak dat de gulheid van Neptunus zo snel rond ging. In korte tijd was het van de Badstraat tot 't Nieuwe Domburg bij iedereen bekend, behalve bij de strandvonder dan, want die kenden ze vanzelf allemaal. Het was dan ook een drukte op ,,'t Duuntje " als op een zomerse vrije dag. Maar toch werd de man ook op de hoogte gebracht. Een vrouw, geen Domburgse van origine, die weinig afwist, hoorde ook van de overvloed. Met een kannetje voor zich uit kwam ze nu juist hem tegen en ze informeerde opgwekt of hij ook niet om wijn moest. Dat moest hij inderdaad; ze kon hem nauwelijks bijhouden. Op het duin gekomen, zag ze wel enkele mensen met spoed de andere kant opgaan, maar op het strand was niemand te zien. Toen de strandvonder bij het vat kwam, was het daar dan ook erg rustig en kon hij het vat alleen verrollen ... ! Hij haalde de gemeenteveldwachter erbij, maar ook

die kon weinig meer doen dan zijn chef inlichten; getuigen waren er niet te vinden. Toch kon iemand het niet waarderen dat er op deze dag gratis wijn geschonken werd en deze voelde zich verplicht de marechaussee er op af te sturen. Die kwam al spoedig voor onderzoek en hoorde ook van de film. Bij navraag vertelde de maker hen dat de film bij het ontwikkelen vernield was. De angst dat bij eventuele huiszoeking het voorraadje ontdekt zou worden, was echter bij sommigen zo groot, dat ze de wijn door het riool spoelden. Dat was ook het geval bij een van de eerste vinders. Toen hij thuis kwam, bleek dat zijn vader alles door de gootsteen gegooid had. De meesten echter wisten wel een plekje om het weg te stoppen. Toen de kust weer veilig was, werd de wijn gebotteld en enkelen hadden zelfs in de oorlog nog flessen liggen. Ze was toen goed gerijpt en van prima kwaliteit. Iemand had ook een fles zuinig bewaard om de bevrijding te vieren. Zo oud is die dan ook geworden, maar die bevrijding, 1 november 1944, werd er mee gedoopt ... met kelder en aldoor een granaat van de "warspite" .

Deze inleiding is alweer een verhaaltje geworden, met voor hen die het hebben meegemaakt meer beelden dan er in dit boekje staan. Overigens met beide veel genoegen.

Domburg, oktober 1980

PLATTfORON 0 DOMBURG

~---

ê~:='" ~~-- ê~~-

:=-=- ::L=-

/

! ..... , ..

1

/

------"'"

1. De letters op deze plattegrond, oorspronkelijk 24 x 28 centimeter groot, vragen wel een goed vergrootglas, maar ook zonder de namen is de route die we in dit boekje volgen wel na te gaan met de aanwijzingen in de onderschriften. Althans, dat is de bedoeling. De route is overigens dezelfde als in het eerste boekje "Domburg in oude ansichten". Zoals aan de pijl te zien, geldt vooral voor Domburg de naam Noordzee en, zoals in vele plaatsen, ook hier straatnamen genoemd naar de windstreken, mede een hulpmiddel ter oriëntatie dus. Dit dan uit de aard der zaak voor hen die hier minder bekend zijn en toch een overzicht op prijs stellen. Het is dezelfde plattegrond die in het boekje van H.M. Kesteloo staat en aangezien we dat boek nog al eens aanhalen, komt dat goed van pas. We beginnen onze rondwandeling door het oude Domburg uit grootvaders tijd op de Markt.

Domburg.

2. De Markt omstreeks 1920 met een doorkijk naar de Noordstraat. Naast het stadhuis de gereformeerde pastorie. Op de voorgrond links het vervoermiddel, met laadruimte, waarop een van de gebroeders Louws de kruidenierswaren rondbracht (en dikwijls eerst nog de bestellingen ging opnemen). Het is, zo te zien, midden op de dag in de voorzomer en dat betekent rustige straten, nog geen badgasten, iedereen op z'n werk, meest op het land of op het ambacht, en de kinderen op school. Voor het stadhuis de pomp boven een welput. Er staan zes van deze pompen op het dorp (eigenlijk "in de stad", zie eerste boekje). We zullen het toch maar op werkelijkheid houden en deze dorpspompen allemaal even aandoen.

j)ombur~

Uite. P v, e. Meute, Dombur;.

3. De Markt, nu gezien naar de Ooststraat, even voor één uur in 1910. Dat kan niet veel mis zijn, want de schoolkinderen poseren hier, twee mensen wachten op de klokslag om naar hun werk te gaan en de schaduw van toen "Villa Helène" wijst vrijwel noord. In de deuropening staat Bette Passenier, de man is onbekend. Tegen de muur zien we Pier van der Meulen. De zittende mannen zijn onbekend, evenals de kinderen. De kaart is verzonden op 27 november 1911. De veldwachter achter de kinderen lijkt Lievense, maar het zou ook Adriaanse kunnen zijn, die hier toen beiden dienst deden.

~~

, .oi

, ~

,Vi

-4

VelbKcffiehuis.

c-y / . ~C~bU~

~V'<. 2S~

Uite. M . .,I. sohelJbe1et', Oombut'l. [I.ctr. L1Ohtdr. a.br'. van straat.,., Mlddtlburc.

4. Dit plaatje toont ons de hoek Markt-Zuidstraat met het Volkskoffiehuis, later D. Bommeljé, Bier- en Melksalon. De kaart werd verzonden op 4 augustus 1903, dus een plaatje van zoals het er eind vorige eeuw hier uitzag. In de Zuidstraat een hondekar, waarop een krat ofiets dergelijks. Het is nog vroeg in 't jaar; het in de winter gekapte hout ligt er nog. Het is dus mogelijk dat hier een biggenkoopman loopt. Die kwamen om die tijd rond; je mocht zelf uitzoeken. De meeste mensen hielden een varken achter het huis in een klein, houten hokje. De mensen op dit plaatje zijn onbekend.

5. De Markt, gezien naar de Weststraat. Niet ieder had in die tijd een vervoermiddel en iemand iets zien vervoeren in een baalzak op de rug was dan ook niets ongewoons. Belangstelling voor een begrafenisstoet was er altijd, zoals ook hier blijkt. Dat was op de dorpen vrijwel altijd om twaalf uur precies en daarbij waren acht buren de "dragers". ,,'k Moe draege" was voldoende voor een uur verlof en dus wist de baas wie er eventueel van zijn mensen dragen moest. Dat waren voor een gehuwde overledene gehuwden en voor een vrijgezel evenzo vrijgezellen. Het poststempel dateert van augustus 1902.

f"'itl'

;i'.

,-",

? or

~C) '»

~f

~t:'. , ?..

6. Dit spandoek spreekt voor zichzelf. De foto is genomen voor het huis van L. Maranus, dorpstimmerman. De familie Maranus staat niet op deze foto. Dat was niets voor hen. De anderen zijn, van links naar rechts, zittend: Willem de Pagter, Simon de Pagter met op zijn schoot zijn zoon Gerrit, David Trieller, M. Reijnhoudt, meester G. van de Putte, David Bomrneljé, Jan Trieller en het jongetje voor hem is Wim de Pagter. Staande: M. Rozendaal, J. de Pagter-Passenier, Jo de Pagter-van Eijzeren, Acda, boven hem Jaap de Pagter, Antje Trieller, boven haar David Passenier, Kees Provoorst, Willem Trieller, zijn broer Lein, Piet de Kam, Pietje Trieller, Maatje Trieller, een onbekende, J.P. Rozendaal, Mina Provoost, A. Provoost (PTT-kantoorhouder) en boven hem Jo Reijnhoudt.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek