Eindhoven in oude ansichten - een wandeling door Tongelre

Eindhoven in oude ansichten - een wandeling door Tongelre

Auteur
:   Jacques Govers en Willem van der Sommen
Gemeente
:   Eindhoven
Provincie
:   Noord-Brabant
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3563-4
Pagina's
:   96
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Eindhoven in oude ansichten - een wandeling door Tongelre'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

29 Liefdesgesticht aan de Tongelresestraat. Onder pasta or Van Vlokhoven kwam het 'Liefdesgesticht' met gasthuis en scholen tot stand. Tach duurde het tot 28 november 1910 voordat het in gebruik werd genomen. 'Het gesticht' was bestemd voor de verzorging van bejaarden. In 1936 werd het gesticht, zoals het toen werd genoemd, verbouwd en kwam er een verdieping bovenop (zie fota 30). Hierin werd oak een kapel gerealiseerd. Oak het jaar daarvoor waren verbeteringen aangebracht, zoals de aanleg van centrale verwarming en een telefooncentrale. In de jaren zeven-

tig werd 'her gesticht' gesloopt am plaats te maken vo or de nieuwbouw van het hedendaagse verzorgingshuis.

30 Liefdesgesticht met klooster aan de Tongelresestraat. De zusters van Schijndel, de Congregatie der Zusters van Liefde van ]ezus en Maria, Moeder van Goeden Bijstand, deden hun intrede in het klooster. Hun doelstelling was het geven van onderwijs en het verplegen van zieken en noodlijdenden, bij voorkeur armen en minvermogenden, ongeacht geloof of ras. De zusters werden met het nodige vlagvertoon ingehaald. Door de vele activiteiten van de zusters werden de gebouwen te klein. Aanvankelijk waren er in het klooster 21 zusters geplaatst. Zonder overdrijving

kan worden gesteld dat het Eindhovense stadsdeel Tongelre veel aan de zusters te danken heeft.

3 1 Vincent van Gogh tekende de oude Martinuskerk van Tongelre. Deze kerk werd op 19 september 1399 al genoemd en was verbonden met het kapittel van Sint-Catharina in Eindhoven en viel onder het bisdom Luik. Daarbij werd de cantor als bedienaar en pastoor van de kerk aangewezen. Hij kreeg de beschikking over de kerk en haar inkomsten. De cantor bekleedde in het kapittel de functie van voorzanger en was na de proost de belangrijkste man. Veelalliet de cantor de werkelijke bediening van een hem toegewezen kerk aan een ander over.

N a een herindeling in 1559 kwam op 11 maart 1560 de kerk onder het gezag van het nieuwe bisdom 's-Hertogenbosch en in 1571 onder het dekenaat

Eindhoven. Oorlogen waren er de oorzaak van dat de kerk in verval raakte, me de doordat de katholieke erediensten in het geheim moesten worden gehou-

den. In 1796 werd de kerk weer in gebruik genomen en pas in 1846 opgeknapt. Onder leiding van pastoor Schoenmakers werden in

1 887 plannen gesmeed om

de te kleine kerk te vervangen door een nieuwe. In 1891 werd de oude kerk gesloopt.

Kerk it/ TOt/gelre - Van Gogh

32 De Sint- Martinuskerk. De heer E. Corbey was de architect van de nieuw te bouwen kerk, die hij in neogotiek en met twee torens had willen uitvoeren. Vanwege geldgebrek dienden de geplande torenspitsen te vervaUen.

Mede hierdoor en door de gevelindeling werd de Martinuskerk in de volksmond de 'Notre-Dame' genoemd. De kerk heeft de vorm van een driebeukige kruisbasiliek, voorzien van twee onvoltooide torens. Door de roosvensters in de voorgevel, transeptgevels en gelede bakstenen pijlers met gebeeldhouwde kapitelen werd de kerk herkenbaar als een neogotisch bouwwerk. De kerk werd van 1 888 tot 189 1 gebouwd door aannemer Gerardus Mestrum uit Maasbracht. Het gemeente-

bestuur van Tongelre verleende een bouwsubsidie en nam het puin van de au de kerk kosteloos over am daarmee onder andere de weg naar de Collse watermolen te verharden. De feestelijkheden rand de wijding van de kerk waren op 7 en 8 juni 1891.

33 Opgravingen op het binnenterrein achter de bebouwing van 't Hofke en 'Het toetje van Tongelre'.

In 1993 zijn achter de kerk in de kern van Tongelre opgraving en uitgevoerd. Er werd onder meer een rijk gevulde afvalkuil gevonden met vondsten die dateren van circa 1600-1675. Elders op het terrein werden sporen uit de dertiende en veertiende eeuw gevonden, waaronder een waterput uit het jaar 1371. De afvalkuil is het enige nederzettingsoverblijfsel uit de zeventiende eeuw. Omdat deze kuil pas aan het einde van de opgravingscampagne werd gevonden, kreeg deze de bijnaam 'Het toetje van Tongelre'. De kuilleverde niet alleen veel vondsten op, ongeveer zesduizend stuks, maar duidde bovendien op welgestelde gebrui-

kers die mogelijk in de oude boerderij, links van het oude raadhuis, hebben gewoond. Er werden onder meer fragmenten gevonden van sierschotels van majolica, glazen drinkgerei en fraai versierde kannen van steengoed, waaronder een exclusieve drie-oren-kan. Verder nogal wat gebrandschilderd glas, hetgeen zeer bijzonder was. Mogelijk is het afkomstig van de oude Sint - Martinuskerk of van eerdere bewoning. Al deze vondsten zijn zander meer te vergelijken met die van de opgraving van het kasteel van Eindhoven op de plaats waar Ravensdonk aan de Vestdijk staat. Tijdens de opgravingen hadden de deelnemers een mooi zicht op de achterzijde van de kerk; een beeld dat normaal niet zichtbaar is.

34 't Hofke met pastorie van de Sint-Martinusparochie in 1950. De woning van de pastoor en kapelaans dwong bij de bevolking eerbied en ontzag af. Bij het passeren van de pastorie werd meestal de hoed opgelicht of de pet afgezet. Op zijn minst maakte men een handgebaar in de richting van het hoofddeksel. De nieuwe Sint-Martinuskerk werd niet gebouwd op de plaats waar de oude middeleeuwse kerk had gestaan, maar daarnaast. Bij de sloop van de oude kerk in 1891, of enige jaren later, zijn de fundamenten van deze kerk met de crypte onder het hoofdaltaar niet geruimd. Deze zouden dus

nog aanwezig moe ten zijn in de tuin van de pastorie, ter hoogte van de bomen. In de crypte lagen onder meer de graven van de heren van Coudenhove, heren van Tongelre. Arche-

ologisch onderzoek zou hierover nader uitsluitsel kunnen geven. Op een oude kadasterkaart van 1832 staat de plaats van de oude Sint-Martinuskerk duidelijk weergegeven.

35 De boerderij van de familie Van Poppel aan 't Hofke 13 in Tongelre. Deze is in 1976 door de toenmalige minister van CRM op de rijksmonumentenlijst geplaatst. Uit een bouwhistorisch onderzoek in 1995 bleek dit een van de oudste bekende woonhuizen van Eindhoven te zijn. Houten balken ervan stammen uit 1583. Het huis was oorspronkelijk een landarbeiderswoning met gepleisterde gevel, een zadeldak met wolfseinden, afgedekt met riet en pannen waarin de au de balklag en nag aanwezig zijn. Naast de boerderij staat het au de gemeentehuis van Tongelre, dat eveneens op de monumentenlijst staat.

In de directe omgeving zijn een tiental j aren geleden interessante opgravingen gedaan. Daarbij is vast komen te staan dat er vroeger welgestelde personen hebben gewoond.

36 De Oude Markt in Tongelre met gemeentehuis aan 't Hofke langs de weg naar Nuenen. Uit overlevering is bekend dat op dit punt vroeger een kasteel zou moe ten hebben gestaan met daaromheen hoeven in de vorm van het huidige stratenpatroon. De vondst van enkele waterputten en de vroegere loop van een beek op het middenterrein weerspreken deze veronderstelling. De beek schijnt zelfs ongeveer veertig meter breed te zijn geweest, maar wei erg ondiep. Van het kasteel is bij de opgravingen helaas geen enkel spoor gevonden.

Op de Mark!, Tongelre.

37 Het Raadhuis van Tongelre aan 't Hofke 15 in Eindhoven. Architect was

]. Stuyt, die een eenlaags gebouw neerzette dat in 1911 klaar was. Naast het gemeentebestuur werden ook de brandweer en de cachotten in het gebouw ondergebracht. Het middengedeelte heeft een portiek met drie bogen en Toscaans aandoende zuiltjes. Het geheel is gecompleteerd door een luchtige dakruiter. Het Raadhuis heeft altijd als centrum van het oude Tongelre dienstgedaan en is nu nog als gemeenschapshuis in gebruik.

38 Het Looiershuisje aan de Oude Urkhovenseweg 2, dat in het begin van de zestiende eeuw werd gebouwd. Ook zijn er aanwijzingen uit 1640. Het huisje had een bijzondere balkconstructie, die gelukkig bewaard is gebleven. Het dankt zijn naam aan de verschillende leerlooiers, maar ook aan de schoenmakers die er in de loop der eeuwen hebben gewoond. Langs het looiershuisje liep de gemeenteloop. Dit beekje is nu nog aan de Loostraat terug te vinden. Het water werd gebruikt bij het looien van de koeienhuiden. In 1979 is het Looiershuisje geheel

gerestaureerd. Rond de Eerste Wereldoorlog woonde er een zekere Bet Rummel. Zij had er een snoepwinkel. In het voorkamertje van haar huisje verkocht ze zoethout, nogabrokken,

pepermunt, bakkes-vols, lollies en lektoeten.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek