Enschede in oude ansichten deel 3

Enschede in oude ansichten deel 3

Auteur
:   D. Taat
Gemeente
:   Enschede
Provincie
:   Overijssel
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3034-9
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Enschede in oude ansichten deel 3'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

ENSCHEDE. Lipper Kerk traat.

19. De Lipperkerkstraat in de richting van de stad. In 1905 waren er nog geen drempels en kon een blind paard nog rustig voor de kar lopeno Geheel rechts is een pand met als uithangbord een grote sigaar. Daarnaast kan men zich bij het witte bord laten .Jiaarsniiden". Dan komt de winkel waar al jaren. de juwelier Keppels zijn beroep uitoefent. Het lange ijzeren hek is van de rooms-katholieke meisjesschool Sancta Maria. In de verte een telefoonmast voor het huis van Bonnot ter Kuile aan de Gronausestraat (met witte gordijnen; is er nu nog). Op de hoek links is de pastorie van dominee Schrieke met een tuin achter de muur. Bij het uithangbord links lazen wij: fijnslijperij Hankamp. Niet afIatende verbouwingsdrang maakte van deze straat blijvend een bedrijvig koopcentrum.

Uitga".laR;vie ..? a.Voorhoeve.Zwolle No.2204 Ruine (Dalenoord)

L ~~-<--<-,,(.... ~ ~ ~~i

~./Jd I~'

Enschede.

20. Bij de Kneedweg en het Gronause Voetpad liet Dalenoord enkele rijen woningen bouwen, die echter niet voldeden aan de gemeentelijke verordeningen, die vanaf 1896 strenge normen voorschreven. Het gezag moest gehandhaafd blijven en dus werden de huizen niet afgebouwd en later zelfs afgebroken. Ais een mene tekel staken de ruines enige jaren boven de omgeving uit. Tot schade van de arbeiders, die wei graag een goed onderkomen wilden, en tot schande van het eigenwijs touwtrekken voor het gereeht. Deze kaart werd door een onbekende S. gezonden met de tekst: "Een afsehrikwekkend voorbeeld voor overtreders van Art. 180 van de Gemeentewet." Aan de Edelachtbare Heer Burgemeester, de Heer Edo J. Bergsma, die in 1896 zijn funetie had aanvaard en met veel organisatietalent aan de slag was gegaan. Ter adstruetie van het beleid der vroede vaderen.

21. We staan in de Lipperkerkstraat en kijken richting stad. Links is een hoge muur van de manufacturier Van Eerten. Eens viel daar in de Oostveenweg een tegen de gevel van een huis in Lonneker geplaatste ladder om en kwam op de in Enschede gelegen weg terecht. De daaruit voortvloeiende problemen waren een argument voor de samenvoeging van beide gemeenten. Tot 1934 was de straat grensweg. Het grote pand waar de jongens op het dak geklommen z ijn, is van het warenhuis Hams, die deze kaart uitbracht. Later kwam hier de groentezaak van Schouwink. Naast het hoge huis met de schoorsteen was de drogist Van de Pol; daarnaast woonde Lievestro. Rechts in het winkeltje moest je met een trapje naar bene den. De familie Schreurs woonde ernaast. Achter de bomen is de kolenboer Verveld. De betekenis van het rechthoekig witte verkeersbord met zwarte rand en zwarte stip, onder een verbodsbord om sneller te rijden dan 20 km. per uur, ter rechter zijde, ontgaat ons.

22. Moeder en dochter aan de wandel. Ze hebben familie bezocht op de Lage Bothof. Ze zijn de spoorbrug overgestoken om "krekker' te kopen bij "Wevers Jan Henik" aan de Oosterstraat, hoek Rozenstraat. Daar was de beste bakkerij van de Enschedese anijsbeschuit. Echte brosse knapperige "krekkel", waarvan bakker Monnik (verderop, over de singel, links! ) het geheime recept nog heeft. De .Jcrekkel'' (N.B. zonder 's! ) zijn weer in ere hersteld. Rechts hangt een bordje:

"Scheren." Dat was van kapper Ridderhof. We staan hier voor het huis van Morsman (in knopen, garen en band), die later zou gaan wonen op de hoek waar de dicht gespijkerde afdakswoningen staan. Voor het raam met de witte lancaster-gordijnen kruist de Oostveenweg (rechts heette dat stuk "het Zwarte Gat"). Links onder de bomen is het Cafe Geerdink, bijgenaamd "van de Schop". Het afvoerpijpje is van het rookkanaal in de werkplaats van de "Fijn en Groffe Hoef- en Kachelsmederij" van Cornelis Rensen. Deze ging met zijn tijd mee en bouwde later huizen op het terrein, waar hier nag aardappelland is te zien.

23. Van zandweg tot verharde weg. Peddelend over de klinkers van de Hoge Boekelerweg van Lasser (waar men van niks weet) in de richting Enschede (waar ze menen het beter te weten) blijven de voeten wei droog. Op dezelfde plaats brak het rad van de kinderwagen, waarin de samensteller van dit boekje lag, op een zomerse warme wandeling. Onze familie bezocht het "noaberdorp" Losser via de kortste verbinding, dus binnendoor. Binnen en buiten de Noord Esmarker Rondweg klimt en daalt het behoorlijk in deze lange, kaarsrechte laan, die voert langs de poort van het landgoed met de statige villa, vanwaar men uitzicht had op de kerktorens en fabrieken van Gronau, via een uitgespaarde strook weilanden temidden van de bossen. Het Hoge Boekel, of de "Hohe Bokel", is een parklandschap, rijk gestoffeerd met beukebomen, die op de gele loss-achtige leemgrond uitstekend gedijen. (Boekengrond is beukengrond.)

Lonnaker. Transvaalplaln bi] Dolphla

24. Halverwege Enschede en Glanerbrug stonden aan het begin van deze eeuw nog slechts weinig woningen. Er dreigde langs de Gronausestraat een soort lintbebouwing te ontstaan, zoals in de veenkolonien. Om dat te voorkomen verrees het tuindorp Dolphia. Het werd aangelegd in de "renaissance van de Bouwwoede" (tussen de twee wereldoorlogen), in verb and met de grote behoefte aan woonruimte voor de pendelende arbeiders (en -sters) in de Gronause fabrieken en voor personeel van Van Heek & Co. De straten werden vernoemd naar de Zuidafrikaanse boerenleiders. Ook ambtenaren, middenstanders en onderwijzers vonden hier een woongelegenheid in het groen. De bruggetjes en vijvers veranderden nogal eens. Maar de eigen voetbalclub en de speeltuin zijn er nog. Ook de zo groot gegroeide Noordse Vondeling, de dikste zwerver van graniet, is weer boven de grond gekomen.

25. Richting Gronau onze weg vervolgend tot voorbij het Capucijner Klooster Dolphia konden we in de ozonrijke bossen het sanatorium Bruggertbosch ontdekken. De longtering, of de tuberculose, eiste ook onder de plattelanders veel slachtoffers. "Een wever wordt niet nat, maar eet ook niet hallef zat." En tot de komst van het consultatiebureau in 1909 was er van bestrijding nog geen sprake. Een Iighuisje achter in de tuin was al een heel ding. Het Bruggertbosch bood bij de opening in 1923 plaats aan 15 patienten, niet-ernstige gevallen. Anderen werden doorverwezen naar Hellendoorn. Maar dat kostte geld. De jaarlijkse doorlichting van bedrijf en kantoor werkte preventief en de algemene bevolkingsonderzoeken zijn nu zelfs overbodig. Het gebouw is verdwenen. In het "Bosch" is nu een psycho-geriatrische inrichting.

Owen(e

.Y1larshram~r .

26. "Marskramers, gaanse-kremers, gold-kramer, de Munsterman, de Kiep( en)-kearl, hoze-velings, scheur-jodden, of de potten-kearls." Allemaal handelslieden, vaak uit Westfalen, Munster of Ochtrup, maar ook van Twentse starn. Zij waren belangrijke brengers van goed of slecht, al of niet geloofwaardig nieuws; (ruil-)handelaren die te voet van boer tot boer trokken. Een feestelijk moment, zo'n bezoek. Mee-eten kon altijd. Hun handelswaar bestond uit knopen, naalden, lappen stof tot aan kip pen en ganzen toe. In Enter woonden slimme ganzendrijvers. Die brachten in de herfst hele koppels naar Amsterdam. Met de Kerst waren ze dan vet. Van het weiden langs de weg! Deze voor de "schop" poserende man heeft ook poeders en brillen. De hele familie moet er door kunnen kijken, anders is het niet goed. Ook verrichtten deze rondzwervende lied en diensten als betrouwbaar huwelijksmakelaar.

znerbrt a,

z

"

27. Een fraai gezicht in het dorp. Midden op de weg Jan Stapallemachtig met zijn kinderwagen en zijn .Jieuntje", links onherkenbaar de "waterboer", die de gewoonte had zijn produkten aan te lengen met de vitaminen A en B ("anbran'n en broez'n"). We zoeken vergeefs naar Jan en Geit uit Overdinkel, met knopen en garen, schooierend om koffie of middageten. Van alles kwam voorbij op doortocht. Er lopen ook nette "leu genog". Bij de vijgen: een kapitalist met [jets en lichte deukhoed van Dalles. We kijken naar het oosten. Links de kruidenier Heersche. Het pand, dat nog geheel in originele staat verkeert, spreekt van de oude glorie. Het is qua interieur en exterieur een monument. Het was het middelpunt van het nieuws met stalling voor paarden en een mime gelagkamer: halte voor menige reiziger met koets. Daarnaast kwam de dependance van de T.E.T.: het "aanbrengkantoor" voor abonnementen en kaartjes. De houder was altijd nieuwsgierig waar de reis naar toe ging. Dan komen burgerwoonhuizen en eertijds het bierhuis Hassing, Joh.S. Ruiter, kapper Last, kolenhandel Nijhuis, burgerwoningen en het cafe van Piet de Bruin.

GROET UiT GLANERBRUG.

28. Johannes Ruiter: een episode uit de geschicdenis van Glanerbrug. Zoals de rneesten hier was hij afkomstig uit het noorden, gemigreerd met zijn familie naar het dorp, dat uit het niets ontstond aan die smalle streep van de grens in het midden-oosten. In 1906 had hij aan de overkant vijf woningen met een bakkerij overgenomen. Als kruidenier met "twee-cents-stoetens" en heel vee! werk en ook administratieve zorgen, groeide hij groter met zes mensen "achter de toonbank". Hij werd de nestor onder de winkeliers en zijn winkel stond tot de nok toe gevuld. Zelfs voor de ramen van de bovenkamers staan zijn artikelen uitgestald, De bomen accentueren de groei en bloei van de zaak. Die werd vergroot tot een lange pijpela met emmers en teilen, potten en pannen; zeep-extract van het "Bleekertje", zelfwerkend Persil voor de houten wastobbes (de vrauwen moesten wel "beunen" op het was' bord of de man laten zwenge1en aan de grate beugel van de was-i.machine"), Verder nog potjes pommade, margarine en Egberts baaitabak, alles was er te koop, het liefste contant!

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek