Erp in oude ansichten

Erp in oude ansichten

Auteur
:   Werkgroep 'Oud Erp'
Gemeente
:   Veghel
Provincie
:   Noord-Brabant
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3657-0
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Erp in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

39. Dit fraaie dorpscafe te Keldonk staat nu nog steeds bij de ingang van de Morgenstraat vanaf de Bosscheweg, De dichte bomenrijen en het minder fraaie wegdek zijn inmiddels wel wat aangepast, doch de typische hoekdeur vormt nog steeds de ingang van het etablissernent van kastelein Bekkers, die in 1973 ziin vijftigjarig kasteleinschap vierde. Vermoedelijk is dit cafe, eveneens vanwege zijn ligging in de nabijheid van het kanaal, een toevluchtsoord geweest voor de schippers en "teugelders". De ramen zijn nog voorzien van horretjes en valgordijnen, iets wat vroeger zo goed als iedere woning sierde. V66r het huis staat Dina Bekkers-Kerkhof.

40. De Ke1donkse brug was v66r 1930 voora1 in gebruik als oversteekp1aats voor het verkeer 1angs de Zuid-Willemsvaart, want de weg langs de oostzijde van het kanaa1 (Ke1donk-Veghel) was toen nog onverhard. Hij werd vaak gebruikt als losplaats van kunstmest, die door de boeren met kar en paard werd afgehaald. AIle schepen werden door zogenaamde losploegen (vier sterke mannen) gelost. Bij het lossen van slakkenmeel (een zak woog honderd kilo) kon men best tachtigduizend kilo per dag naar de vaste wal brengen. Ook grint-, kiezel- en metselzand werden door deze losploegen met een draagmand uit het schip naar de oever gebracht. Een bijzonder zwaar werk dat aIleen door heel sterke mensen kon worden gedaan.

41. Nogmaals de Keldonkse brug aan de zuidzijde. Een zeilschip was to en geen zeldzaamheid, want bij gebrek aan scheepsmotoren moest de schipper gebruik maken van de wind en als die er niet was kwam het paard van de "teugelders" (voerlui die met paarden de schepen op sleep namen) er aan te pas. Een tocht van Den Bosch naar Helmond duurde soms wel eens een hele week. Diverse kleine cafeetjes langs de Zuid-Willemsvaart hadden goede klandizie van de voerlui. Aan weerszijden van het kanaal was een speciaal pad voor de paarden, het zogenaamde ,jaagpad".

42. Eveneens een fraai gezicht op de Keidonkse brug met een prachtige bomenrij aan de oostzijde, waarlangs toen nog geen verharding was aangebracht. Het nog bestaande smalle weggetje aan de westzijde, in de richting Zijtaart, is een overblijfsel van de oude verkeersweg Den Bosch-Helmond, De brug is altijd vrij smal geweest, wat vroeger geen belernrnering was voor Iandbouwmachines. Met paard en kar kon men de brug best passeren. Tegenwoordig gebeurt het weI eens dat men over Beek en Donk moet omrijden, omdat de brug voor de maaidorser te smal is ...

43. Het rijke be zit aan windmolens in Erp was verspreid over de gehe1e gemeente. Ook in Boerdonk stond veertig jaar lang een windmolen in de buurtschap "Het Pontveer", Hij werd in 1898 gebouwd en was voorheen in Dordrecht als watermo1en gebruikt. Toon van Brussel verzorgde hier tot 1938 de opdrachten van de boeren uit de omgeving. Stoom- en krachtmachines gingen toen de taak van de windmolen overnemen. AIleen het molenaarshuis is thans nog te zien nabij het afwateringskanaaltje, even over de brug, daar waar de Veerstraat uitmondt op de Bosscheweg.

44. Na de aan1eg van de Zuid-Willemsvaart, in 1824, kreeg het kerkdorp Boerdonk geen brugverbinding met de westzijde van het kanaa1, doch wel toestemming van Riikswaterstaat om een pontveer in de vaart te houden voor de "overzet" van personen, vee en karren. Waar nu cafe ,,'t Veerhuis" staat, woonde jaren1ang Janusje van Sieje, die de veerpont bediende voor vijfendertig gulden per kwartaa1, inclusief vrij wonen. De boeren wier 1anderijen aan de overzijde van het kanaallagen, moesten met karrevrachten, vee en paarden met de grote pont worden overgezet. De rijksweg was ter plaatse van een verlaging voorzien om de oprit op de pont te vergemakkelijken. Met de kermisdagen werd hier de Boerdonkse brandspuit, in tegenwoordigheid van burgemeester en wethouders, op bedrijfszekerheid getest, waarbij de jeugd centen mocht rapen op de weg, daarbij flink nat gespoten door de brandweerlieden ...

45. Op 6 september 1898 werd koningin Wilhelmina ingehuldigd, hetgeen in het gehele land werd meegevierd. Ook in Erp hadden festiviteiten plaats en voor de organisatie hiervan was een feesteommissie ingesteld onder 1eiding van de burgemeester, A.B.H. Otten. Deze foto toont het versierde raadhuis met op het bordes de feesteommissie. In het midden, met ambtsketen, staat burgemeester Otten. Op de begane grand, bij de trappen, zien we links gemeenteveldwaehter Koop en reehts rijksve1dwaehter Jansen.

46. Bij gelegenheid van het inhuldigingsfeest van koningin Wilhelmina, waarvan sprake is bij de voorgaande foto, werd een muziekkiosk opgerieht, waarop het Erpse muziekkorps het feest kon opluisteren. Vooraan, op de trap, staat de dirigent, de latere burgemeester A.I. van Mil. Op de voorgrond, links en reehts van de kiosk, staan de veldwaehters Jansen en Koop.

47. In 1928 herdacht Th. van Amelsvoord het feit dat hij vijfentwintig jaar pastoor was van de parochie Sint-Servatius te Erp. Bij deze gelegenheid werd een plechtige Heilige Mis opgedragen, waarvan deze foto werd gemaakt. V66r de communiebank, geknield op stoelen, de familie van de jubilaris. Opvallend zijn nog de vele witte mutsen met "poffers". Duidelijk zijn nog de muurschilderingen te zien, die destijds het kerkinterieur verfraaiden, onder andere boven het altaar en de zij-altaren. De kunstzinnig gebeeldhouwde preekstoel, waarop pastoor Van Amelsvoord de aan zijn geestelijke zorgen toevertrouwde gelovigen op een zeer welsprekende wijze het Woord Gods verkondigde, ziet men links op de foto.

48. In 1893 werd A.B.H. Otten tot burgemeester van Erp benoemd. Hij heeft deze functie bekleed tot 1914. Hij was de eerste burgemeester van Erp die met tevens burgemeester of secretaris van de gemeente Veghe1 was. De heer Otten heeft ook geruime tijd zitting gehad in de Provinciale Staten. Hij was, met pater Van den Elsen, mede-oprichter van de Brabantse Christelijke Boerenbond, mede-oprichter van de plaatselijke afdeling van de Boerenleenbank en van de zuivelfabriek "Sint-Jozef". Op deze foto zien wij hem met de ambtsketen om.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek