Geleen in oude ansichten deel 3

Geleen in oude ansichten deel 3

Auteur
:   prof. dr. M.J.H.A. Schrijnemakers
Gemeente
:   Geleen
Provincie
:   Limburg
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-1506-3
Pagina's
:   112
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Geleen in oude ansichten deel 3'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  >  |  >>

29. Het zogenaamde Burgemeester Lemmensplein aan het einde van de Dorpstraat of Tunnelstraat (links) en bij het begin van de Ringovenstraat (midden rechts) en de Burgemeester Lemmensstraat (voorgrond) omstreeks 1929. Hier staat het oude houten wegkruis nog temidden van hoge born en. Begin augustus 1930 werd dit kruisbeeld door vandalenhanden vernield. De verontwaardiging was zo groot en zo algemeen, dat een plechtig eerherstel georganiseerd werd. Het gemeentebestuur schonk 500 gulden voor een nieuw hardstenen kruis en droeg dit, te zamen met de bomen, in eigendom aan het kerkbestuur van Lindenheuvel over. Hieraan zat even weI de voorwaarde vast, dat die plaats met het oog op wegverbreding door het gemeentebestuur te allen tijde kon worden teruggenomen. In dat geval zou het kruis op kosten van de gemeente, maar volgens aanwijzingen van het kerkbestuur, worden verplaatst.

30. Op zondag 19 oktober 1930 werd het nieuwe wegkruis plechtig ingezegend onder massale deelname van de Geleners, die een grootse gebeds-, zang-, muziek- en bloemenhulde brachten, Burgemeester Damen verklaarde dat dit kruis vanwege het gemeentebestuur tevens als eerherstel bedoeld was voor de wegkruisen, die bij de verbreding van wegen (o.a. de Kummenadestraat) waren komen te vervallen. Op de plaats van het kruis en de bomen is thans een zebra-oversteekplaats, want verkeersproblemen veroorzaakten ook de verplaatsing van dit kruisbeeld. Thans staat het enkele tientallen meters verder oostwaarts langs de Tunnelstraat met de achterkant naar het zuiden gekeerd. De tekst op het voetstuk, nl, "EERHERSTEL 1930", bewaart nog steeds de herinnering aan bovenvermelde glorieuze zondag, nu alweer ruim een halve eeuw geleden.

31. Het westelijke einde van de Lutterader Dorpstraat (Tunnelstraat) van west naar oost gezien omstreeks 1930. Dit is hetzelfde stuk straat als op afb. 28, maar in omgekeerde richting; de fotograaf stond met zijn rug naar het wegkruis. Op de hoek van de Waterstraat (rechts) is een kantonnier met schop en bezem - en met een pijp in zijn mond - bezig de situatie rond een nieuw geplaatste lantaarnpaal op te knappen. In het eerste hoge huis rechts was de bakkerij van Sjeng Keulen. In het witte gebouw links, waar het bordje "Putstraat" hangt, was het cafe van "de Kosj", d.w.z. Winand Kosters; zijn zoon Gielke was kleermaker. Onder de poort was de beugelbaan van Frits Dols. Links bovenaan is een stukje van de zijgevel van het "Huis Corten" te zien. Kort nadat deze foto was gemaakt, -werden de huizen aan de linkerkant afgebroken om de Tunnelstraat te verbreden, d.w.z, te verplaatsen; de oude straat dient thans als parkeerplaats.

32. Het "Huis Corten" in de Putstraat naar een tekening door P.A. Schols. In de sluitsteen van de poortboog stond het jaartal 1665. Toen he eft Henricus Corten, overgrootvader van drossaard Renier Corten, de poort met de straatvleugel gebouwd. Bij die gelegenheid werd een verder van de straat gelegen ouder gebouw in het nieuwe complex opgenomen en (later? ) werd een Naamse steen met het jaartal 1654 en het wapen van de familie Corten boven de sluitsteen geplaatst. Op de eerste verdieping links (noord) naast de poort bevond zich een geheim kamertje, waarin noch vensters noch deuren waren en dat slechts door een luik in de zoldervloer toegankelijk was. Bij een nieuwe verbreding van de Tunnelstraat in 1936 werden de poort en het rechter deel van de gevel gesloopt. Enkel de linker pilaster van de poort bleef staan. De wapensteen uit 1654 werd in veiligheid gebracht.

33. Het van buiten met 1eem en/of cement "bekleende" vakwerkhuis uit 1652 tussen het "Huis Cor ten" en het "Huis Penris" aan de Putstraat. Sedert 1665 diende het als woonhuis voor de familie Cor ten. In 1732 werd het aan Joannes Penris verkocht. Deze maakte het een onderdeel van zijn nieuwe landbouwbedrijf, dat naast het complex Cor ten kwam te liggen. Het vakwerk vertoonde een hoekverstijvingssysteem uit de eerste helft van de 17de eeuw, dat zeldzaam is geworden. Links ziet men een overblijfsel van de bakstenen voorbouw met hot geheime kamertje langs de Putstraat. Op 31 oktober 1964 werd dit gebouw, dat uitdrukkelijk op de lijst van beschermde monumenten stond en dat men met weinig moeite tot een pronkstuk voor de gemeente Geleen had kunnen maken, van hogerhand opzettelijk verwoest. Er moest een zwembad komen: het Prins-Willern-Alcxander-Bad.

34. De Putstraat van noord naar zuid, d. w.z. in de richting van de Tunne1straat, naar een tekening door P.A. Scho1s. Boven de grote poort beyond zich een sluitsteen met het opschrift: "Joannes Penris Anno 1765." De bouwer had in 1732 het vakwerkhuis uit 1652 gekocht en als zuidelijke vleugel bij zijn bedrijf gevoegd. Rond 1745 bouwde hij een schuur aan de oostzijde en een sta1 aan de noordzijde van de binnenp1aats (mesthof); beide gebouwen werden in vakwerk opgetrokken. In 1765 sloot hij het gehee1 met de hier afgebee1de westelijke straatgeve1 af. Sedertdien b1eef dit complex in het bezit van zijn nakomelingen. Dezen breidden het geheel nog verder naar het noorden uit; vandaar de vierkante poort links. In 1967 werd ook dit gebouw van hogerhand gesloopt. Men ging zelfs zover om de Putstraat ze1f van de kaart te vegen.

35. De binnenplaats van de hoeve Penris aan de Putstraat, waar "Larnbeerke van Joap Keulen op de Ungesjte Hei" (1890-1975) op een gaffelleunt. Hij kijkt naar de merkwaardige "doevesjlaag" boven het voetgangerspoortje, die met zijn vele verdiepingen wei een "flat" lijkt. Vooraan links ziet men de gesloten koestaldeur. De hoofdpoort (rechts) is eveneens gesloten; daarboven was aan de straatzijde de sluitsteen uit 1765 met de naam van de bouwer Joannes Penris. Deze was in 1726 met Anna Kreeckels gehuwd. Dit echtpaar liet het bedrijf aan de dochter Joanna Elisabeth Penris (1730-1783), die met Frans Schutgens uit Puth huwde. Anna Elisabeth Schutgens (1768-1837), dochter van laatstgenoemd echtpaar, huwde met Joannes Petrus Keulen (1774-1844). Zij werden de overgrootouders van Lambert Keulen, die op deze foto staat.

36. Het "Huis Sassen aan de Hei" in de Waterstraat. Het lag op de hoek van de Bovenste Putsteeg (links), die haar naam waarschijnlijk aan de hier afgebeelde put ontleende. Men kan de schepemmer boven de uitgesleten putrand zien hangen. Dit was het stamhuis van het Lutterader geslacht Sassen. Jan Sassen (1743-1822) uit Neerbeek en Ida Backus van Lutterade gingen na hun huwelijk (1766) in dit huis wonen. Hun jongste zoon This Sassen (1784-1850), die in 1814 met Mieke Banens van Hobbelrade huwde, erfde het ouderlijke huis. Karel Sassen (1818-1869), zoon van dit laatste echtpaar, huwde met Helena Leenders uit Sittard en bleef in het voorvaderlijke huis wonen. Daarna kwam het aan zijn dochter Gusta Sassen (1864-1941). "Tante Gusta" staat hier voor de poort. Zij was in 1889 gehuwd met haar achterneef Peter Mathias Sassen (1859-1926). Bij het bombardement van oktober 1942 werd dit huis verwoest. Ook de put is thans verdwenen.

eX erk ie Butterade.

37. De eerste parochiekerk van Lutterade-Krawinkel aan de Groenseyckerstraat omtrent 1900. De lokatie waar deze kerk in 1863 zou worden gebouwd, werd bepaald door diagonale lijnen te trekken van het meest westelijke punt van Krawinkel naar het meest oostelijke punt van Lutterade en van het meest westelijke punt van Lutterade naar het meest oostelijke punt van Krawinkel. Het snijpunt lag bij het kruispunt van de Groenseyckerweg en de ontworpen spoorweg Maastricht-Sittard. Op nieuwjaarsdag 1864 werd de nieuwe kerk in gebruik genomen en op maandag 11 januari daaropvolgend werd ze door de bisschop van Roermond geconsacreerd. Men vierde dit feest met vuurwerk en een fakkeloptocht rondom de kerk en de pastorie. Links is de oude pastorie even te zien. Rechts ziet men de Groenseyckerstraat vanaf de spoordijk in oostelijke richting. Bij de kerk was sedert 1864 een kleine agglomera tie ontstaan.

38. Het interieur van de oude parochiekerk van Lutterade-Krawinkel - volgens het ontwerp van de Roermondse architect Weber - omstreeks 1910. Dit interieur werd door twee rijen van vijf pilaren in drie beuken (onder een dak) verdeeld. De breedte bedroeg 16,50 el en de lengte (tussen de toren en het koor) 24 el; het koor was 7,75 ellang en 7,00 el breed. De gebrandschilderde ramen werden door het atelier Nicolas te Roermond geleverd. Volgens de plaatselijke overlevering kwam het altaar uit de kerk van Limbricht. De patroonheilige was (en is nog steeds) de H. Augustinus, maar ook de H. Brigitta (l februari) en de H. Cornelis (16 september) werden speciaal vereerd; eerstgenoemde tegen veeziekten en laatstgenoemde tegen de vallende ziekte en zenuwaandoeningen. Bij de rechter pilaar achteraan hangt een offerbus ter ere van de H. Brigitta.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek