Goudswaard in oude ansichten deel 2

Goudswaard in oude ansichten deel 2

Auteur
:   mr.G. Schilperoort
Gemeente
:   Korendijk
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3270-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Goudswaard in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Uit het warme onthaal dat het eerste deel van "Goudswaard in oude ansichten" ontving bleek wel dat de belangstelling voor het Goudswaardse verleden bij velen volop aanwezig is.

Deze belangstelling is begrijpelijk, vooral gezien het feit dat de veranderingen in deze eeuw ingrijpender zijn en in een hoger tempo plaatsvinden dan ooit tevoren. Om twee voorbeelden uit het afgelopen decennium te noemen. Toen op I januari 1984 de herindeling van de Hoeksche Waard een feit werd, veranderde er voor Goudswaard op het eerste gezicht maar weinig. Niettemin vielen de grenzen weg die eeuwenlang de scheiding had den gevormd met de naburige gemeenten Piershil en Zuid-Beijerland. Veel duidelijker merkbaar waren de grenswijzigingen bij de ruilverkaveling in 1976, mede doordat oude kreken, die van oudsher door het polderlandschap gekronkeld hadden, in korte tijd geheel waren verdwenen.

Bij het doorbladeren van dit boekje wordt al spoedig duidelijk dat veel dingen die vroeger heel gewoon waren nu als bijzonder worden beschouwd. Evenzo

zijn er zaken die vroeger uitzonderlijk waren en nu als alledaags worden ervaren.

Zo'n tachtig jaar geleden kwam een landeigenaar zijn pachter aan de Nieuwendijk bezoeken en dat voor het eerst in een (open) automobiel. Geertje Blaak-van den Berg, een oude baker, was uit angst in een droge sloot gekropen, omdat ze dacht dat een kuilenslee op hol geslagen was. Dat was nog niet zo gek gedacht want een kuilenslee had ook kleine wielen en opstaande randen. In de loop der tijd is de auto alledaags en de kuilenslee welhaast onbekend geworden!

Evenals in het eerste deel "Goudswaard in oude ansichten" zijn de foto's niet in chronologische volgorde geplaatst. Gekozen is voor een wandelroute die als volgt is uitgestippeld: Van de haven, waar de wandeling begint, lopen we naar de Dorpsstraat en de in het verlengde daarvan gelegen Nieuwstraat. Aan het eind daarvan gaan we linksaf de Burgemeester Zahnweg in. Vervolgens slaan we rechtsaf en lopen, langs het gemeentehuis, de stoep op naar de Molendijk. We passeren verscheidene boerderijen totdat we bij de hoeve

"Nooit Gedacht" (zie afbee1ding 29), bij de tramhalte Oostpo1der, in de stoomtram stappen en a1 schommelende dezelfde weg terug gaan tot aan het eindpunt. Vanaf de tramremise komen we weer op de Mo1endijk en lopen deze in westelijke richting uit totdat we bij het Hane-eind de stoep af gaan naar de Achterweg. Zo naderen we de Oudendijk, die we he1emaal uit lopen, en slaan bij de hofstede van de familie Sneep 1inksaf. Na de wandeling over de Gebrokendijk gaan we bij de woning van H. Andeweg (zie afbeelding 63) rechtsaf, 1aten even later de Hogedijk links liggen en lopen de Oude Nieuwlandsedijk uit tot aan de woning van A. van Leenen. Aldaar komen we aan bij de Dwarsweg (vroeger Veerweg genaamd) die ons dwars door de Eendragtspo1der naar de Nieuwendijk voert. Met veerman Bijl steken we het Vuile Gat over en lopen over de buitendijk van het eiland Tiengemeten in westelijke richting totdat we niet meer verder kunnen, omdat we dan in de gorzen en slikken van het Deltagebied zijn be1and.

Deze uitgave had onmogelijk tot stand kunnen komen

zonder de bereidwillige medewerking van vele (oud-) inwoners van Goudswaard. Ook van de zijde van de "Stichting Streekmuseum Hoeksche Waard" te Heinenoord is een wezenlijke bijdrage ontvangen. Overigens bleek ook nu weer hoe waardevol het is wanneer foto's zijn voorzien van namen en data. Zo zijn de namen van de kinderen, staande op de honderd jaar oude schoolfoto (zie afbee1ding 37), omstreeks 1946 opgetekend uit de mond van E. de JongWaleboer, die met haar 1atere echtgenoot, H. de Jong, op de foto zijn terug te vinden. Dankzij dit feit is het mogelijk dat een aantal lezers voor het eerst een jeugdfoto van een dierbaar familielid onder ogen krijgt.

Een woord van dank gaat cit naar a1 diegenen die door het tijdelijk afstaan van foto's, het geven van namen en achtergrondinformatie of anderszins een bijdrage hebben ge1everd aan deze uitgave,

Goudswaard

de Kaai

1. Deze foto van de havenkade is in 1909 gemaakt. Blijkbaar was er wat te vieren, want voor het cafe is een versierd podium te zien, bestemd voor de leden van de muziekvereniging. Op de plaats waar gewoonlijk de scheepslading grint werd gelost, stond bij dergelijke gelegenheden de draaimolen. Van links naar rechts zien we het voormalige ambachtsherenhuis, toentertijd de woning van Hesterus van Schouwen; dan de woning van Jacob van Schouwen; Klaas Rerweijer, cafehouder; Willem Luiimes, metselaar; Piet Bouman, beurtschipper (zijn vrouw Neeltje van Nugteren staat in de deuropening); en Aart Wildeman, schippersknecht. In de haven ligt rechts het schip van de beurtschipper. Ret gebouwtje geheellinks op de foto hoorde bij de weegbrug.

2. Van oudsher werd de bodem van de haven van tijd tot tijd schoongemaakt met de "mol". De mol was een driehoekig vaartuig met een platte bodem. De vaste ligplaats was het "mollegat", op de onderste foto van omstreeks 1936 te zien achter de grinthoop. Als er gem old moest worden liet men bij vloed het binnenspui vollopen. Bij laag water plaatste men de mol midden in de haven, liet het schot met de ijzeren pennen in de bodem zakken en zette de zijschotten zo ver mogelijk uit om te voorkomen dat het water te snel wegstroomde. Na het openen van de kleine sluis kwam het water vanuit het binnenspui met geweld tegen de achterkant van de mol. Het water duwde de mol de haven uit, samen met het losgewoelde slib. Voorop stond een man met een vaarboom, om te voorkomen dat de voorsteven bij een bocht in de kant zou schieten. Ten tijde van het maken van de foto lag de Goudswaardse mol in de Piershilse haven, waar hij hetzelfde werk deed.

3. Als we het rimpelloze wateroppervlak van de haven op de vorige foto zien, is het moeilijk voor te stellen dat het water 's winters meermalen zo hoog werd opgezweept dat de bewoners van de kade vloedborden voor ramen en deuren moesten plaatsen om het water buitenshuis te houden. Ook de stenen beer bovenop de dijk was dan niet overbodig. In 1937 werden de afgebeelde huizen aan de kade bewoond door Freek Ampt D.Jzn., diens neef Freek Ampt B.Azn., beiden landbouwer, Jan Visser, die als cafehouder zijn schoonvader Klaas Herweijer was opgevolgd, en Frans Wolters, metselaar. Ret schip was van beurtschipper Marius Bouman, evenals de tweewielige kolenkar. Op de achtergrond staat het stoomgemaal met de lange schoorsteen, die tot 1949 dienst deed.

4. In 1913 was het honderd jaar geleden dat Nederland werd bevrijd van de Franse overheersing. Dit werd in het hele land met grote festiviteiten gevierd. Ook te Goudswaard werd een fraaie optocht georganiseerd, waarin de Prins van Oranje (de latere koning Willem I) met zijn bekende driemanschap uit 1813 de centrale plaats innam. Op de achtergrond staat de schuur van het landbouwbedrijf van H.H. en J. van Schouwen. Deze schuur was 72 meter lang en is op 10 januari 1936 afgebrand. Van links naar rechts ziet u: Jan van der Horst, een onbekende, meester Van der Bie en veldwachter Van der Pligt. Te paard zitten: een onbekende page, Jaap Groen Lzn. als Van der Duijn van Maasdam, een onbekende page, Pleun KIijn als Prins van Oranje (links van hem staat Dirk Andeweg als page), Leen Schelling Gzn. als Van Limburg Stirum, Janus de Vries als page en Kors Groen Jzn. als Van Hogendorp. De regisseur en verhuurder van de kostuums was Pierre Daleau, een komiek die wei eens optrad in de herberg van Leen van Nugteren.

5. De in 1900 opgerichte muziekvereniging "Volharding" nam uiteraard ook dee! aan de optocht in 1913. Ooggetuigen herinneren zich het koude, winderige weer op die feestdag. Achter de fraaie !eilinden (de meeste staan er anno 1985 nog steeds) is de smederij van Arie Kok te zien. Op de wagen staan: Chris Groenenberg, Frans Wolters, Jan Groenenberg Jzn., Cors Groen Lzn., Willem Huisman, Hein van Dijk, Wout Smoker en achter hem Louw Dekker en een onbekende; dan Teun Andeweg met trompet, Jan Benjert, Dries Barendrecht, Janus van der Sijde, Dirk de Bruin, Jan Groenenberg Czn. met de trom op zijn hoofd, Bram Benjert, Maarten Doo!aard en Gerrit Benjert Hzn. Op de dijk staan een onbekende, Arie van Belle, Kees Groenenberg (met hoge zijden pet) en Arie Kok.

6. Op 13 juli 1872 legde de 7-jarige Rijna Hoorweg, doehter van de dijkgraaf, de eerste steen van het watergemaal. In dat gebouw werd een seheprad geplaatst dat werd aangedreven door een voor die tijd moderne stoommaehine. Tot die tijd kon het overtollige water aileen geloosd worden als het water in de haven lager stond dan in de polder. Het seheprad werd in 1893 vervangen door een eentrifugaalpomp. Toen in 1913 een nieuwe stoommaehine en -ketel werden aangeschaft moest het gebouw worden uitgebreid en werd deze foto gemaakt. Van links naar reehts staan: Kees Visser Kzn., schilder; Teun Andeweg, Kors Roos, Jan Bison en achter hem Arie Luijmes, metselaar; dan Koos Andeweg, Janus de Vries, Dirk Roos, Kees Kok, Arie Kok senior, smid; Engel Vermaat, Arie Kokjunior en Kobus Vermaat, timrnerman.

7. Deze monumentale woning, die al meer dan twintig jaar geleden is afgebroken, werd in de vorige eeuw bewoond door Maria Lamaison van Heenvliet-van Driel, dochter van Lodewijk van Driel van Goudswaard, ambachtsheer. Op de bekende gravure uit 1793 van ons dorp is deze woning met de twee leilinden reeds te zien, evenals het toenmalige ambachtsherenhuis. Toen A. Kok deze foto omstreeks 1920 maakte had de korenmolenaar juist een vracht meellaten bezorgen: de lege wagen staat nog op de dijk. Drie generaties Reedijk: Willem, Teunis en Paulus, hebben hier het beroep van broodbakker uitgeoefend. Geheel rechts staat het van 1686 daterende woonhuis, dat toentertijd werd bewoond door Dirk Roos in het voorste deel en zijn zoon Kors Roos in het ach terste deel.

8. Reeds vijftig jaar geleden verdween het beroep van nachtwaker en lantaarnopsteker. In deze functies was Jan de Jongh omstreeks 1893 de oude Willem Blaak (bij wie hij inwoonde) opgevolgd en vervulde die tot 1928. Zijn opvolger was Marius Andeweg tot 1935. Vanaf tien uur 's avonds tot drie uur 's morgens (in de winter tot vier uur) maakte de nachtwaker elk heel uur zijn vaste ronde door het dorp. In de vorige eeuw moest hij bovendien roepen hoe laat het was (elf heit de klok, de klok heit elf) en lawaai maken met zijn houten "klap". Links ziet u, komende vanaf de kaai, Jan de Jongh. Overdag was hij onder meer klokluider, doodgraver, oliehandelaar en dorpelwachter (later koster) van de kerk. Zijn dochter Saantje zette later de werkzaamheden van oliehandelaar en koster voort. Als bIijk van waardering voor haar arbeidzaam leven ontving Saantje in 1970 een koninkIijke onderscheiding. Rechts komt Marius Andeweg vanaf de Molendijk de Dorpsstraat in rijden. In die tijd was hij overdag postbode, havenmeester en fairbankweger. AItijd met een opgewekt gem oed bezorgde hij, zowel in het dorp als in de afgelegen buitenwijken, tientallen jaren lang het bIijde en droeve nieuws: per fiets (pas bij zijn pensionering kreeg hij een Solex) of lopend met een pak brieven op zijn rug als de wegen in de winter onbegaanbaar waren.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek