Goudswaard in oude ansichten deel 2

Goudswaard in oude ansichten deel 2

Auteur
:   mr.G. Schilperoort
Gemeente
:   Korendijk
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3270-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Goudswaard in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Gezicht op de Molen - Goudswaa-d

19. De fotograaf van deze ansichtkaart stond in 1931 op de plaats waar toen het huis van gemeentesecretaris D. Vermet in aanbouw was. De bouwmaterialen zijn op de voorgrond te zien. De woning aan de overzijde van de Zahnweg is gebouwd in opdracht van Cor van Schouwen. Na het beeindigen van zijn bedrijf op de boerderij "Zelden Rust" aan de Nieuwstraat had hij boelhuis gehouden en de boerderij verkocht aan Henk Melissant. Later is deze rentenierswoning bewoond door de vier broers en zusters Boer (Jaap, Arie, Geertrui en Maartje), die voordien een landbouwbedrijf uitoefenden op de hoeve "Het Lappertje" aan de Bosweg. Daarnaast staat het huis van Hein Hoogvliet, thans bewoond door zijn zoon Adrianus. Op de plek waar toen het kippenhok stond is in 1932 een winkel gebouwd. Vlak voor de korenmolen staat het huis van Dirk Andeweg, veehandelaar.

20. Tegen het einde van de vorige eeuw was het gemeentebestuur van mening dat er een gemeentehuis en een burgemeesterswoning gebouwd moesten worden. In die tijd fungeerde de herberg van Leen van Nugteren als vergaderruimte en archiefbewaarplaats. Toen na het plotselinge overlijden op tweede kerstdag 1896 van dorpschirurgijn D.S. van der Horst een gemeentearts moest worden benoemd, werd het ontbreken van een dokterswoning als een gemis ervaren. Zo kwam in 1898 een gemeentehuis tot stand met links daarvan de dokterswoning en rechts de burgemeesterswoning. Omdat het begrote bedrag niet te veel mocht worden overschreden, is het gemeentehuis heel wat kleiner uitgevallen dan men aanvankelijk in gedachten had. Op deze foto uit 1911 staat Jo van der Sluis. Hij was de enige zoon van de molenaar en overleed in 1916, op 11-jarige leeftijd.

21. De nevenstaande foto's dateren van omstreeks 1920 toen een aantal Oostenrijkse kinderen in Goudswaardse gezinnen was opgenomen wegens voedselschaarste in hun vaderland. Op de ene foto zitten Adrianus Hendrik Zahn, burgemeester van Goudswaard en Piershil (1889-193l), en zijn huishoudster Nellie Mastenbroek, die hem vele jaren diende, ook to en hij in Voorburg ging rentenieren. Van de burgemeester is bekend dat hij zich tijdens onweer altijd zo slecht op zijn gemak voelde dat veldwachter Van der Pligt in de woning moest blijven totdat de bui over was. Op de andere foto zien we Hilda Kern uit Oostenriik, Teunis Hameeteman (1870-1937), gemeentearts van Goudswaard en Piershil (1903-1935); zijn kinderen Truus en Jaap en zijn echtgenote, Josijntjen van der Linde (1875-1951). Gedurende 32 jaar behartigde hij met groot plichtsbesef de belangen van zijn patienten. De dokter en zijn vrouw kwamen uit Ouddorp en verhuisden in 1935 naar Voorburg.

22. Hier zien we dokter Hameeteman bij zijn T-Ford in 1927. Omstreeks 1921 besloot de dokter zijn koetsje (brik) te ruilen voor een Ford, die bij Spoormaker in Rotterdam werd gekocht. Een rij-instructeur, die twee weken in de kost bleef, zat bij de pri]s inbegrepen. Deze had tot taak van Hein Hoogvliet, de koetsier, een chauffeur te maken, hetgeen op den duur gelukte. De dokter zelf heeft zich ook een keer achter het stuur gewaagd. Reeds voordat hij op de weg was kwam hij tegen een hekkepaal tot stilstand. Die eerste keer is tevens de laatste geweest.

23. Beide foto's zijn genomen vanuit de tuin van de dokterswoning in oostelijke richting, de bovenste in 1927, de onderste in 1935. Op de voorgrond zien we het bouwland van Wout en Henk Maaskant, waarop men in 1927 met twee bespannen wagens bezig is de schoven op te laden. Ret daarachter gelegen weiland, met knotwilgen omzoomd, was van Pleun Schelling en was reeds in gebruik bij diens grootvader Pleun de Heer, die in de vorige eeuw op de boerderij van Henk Maaskant aan de Achterweg woonde. Op dit weiland is in 1928 het kerkgebouw van de Gereformeerde Gemeente gesticht. In 1959 werd op de voorgrond het Dorpshuis gebouwd, waarna het hele perceel is volgebouwd met woningen. Aan de Molendijk ziet u het woonhuis van Jan Buth, sinds 1924 schilder te Goudswaard, de schuur van de familie Groenenberg en de in 1926 gebouwde boerderij van Engel Achterberg.

24. Wie in de periode 1903-1956 met het openbaar vervoer van en naar Goudswaard wilde reizen was aangewezen op de stoomtram van de RTM. In de eerste klasse zat men dan op rood pluche en in de tweede klasse op harde houten banken. AfhankeIijk van de wachttijd op Krooswijk, waar men moest overstappen op de lijn Numansdorp-Rotterdarn, duurde de reis naar de stad Biz tot 2 uur. De rijtuigen en de andere wagens werden getrokken door een donkergroene, vierkante stoomlocomotief. Op deze foto van 1937 is de tram zojuist vertrokken in de richting van Piershil. Hij reed achtereenvolgens langs de boerderijen van de families Groenenberg, Achterberg en Schelling, die vanuit het keukenraam nauwkeurig konden bijhouden wie het dorp bezochten of verlieten.

25. Deze foto is op dezelfde dag gemaakt als de voorgaande. Links zien we de boerderij, die vanaf 1937 weer door Pleun Schelling werd bewoond. Op de zolder van het woonhuis hield men vanaf 1913 wekelijks kerkdiensten, terwijl de koster, Bas van der Hoek, met zijn gezin de benedenverdieping bewoonde. Toen in 1928 aan de andere kant van de Molendijk het kerkgebouw van de Gereformeerde Gemeente werd gesticht, bracht men boven de ingang een steen aan met de Hebreeuwse woorden "Eben-Haezer" (Tot hiertoe heeft ons de Heere geholpen) uit 1 Samuel 7: 12. Op de achtergrond is aan de Jan Krijnsweg de boerderij van Arie van de Erve te zien, die in 1902 werd gebouwd, nadat de oude hofstede door brand was verwoest. Reeds meer dan 200 jaar lang bewoont de familie Van de Erve dezelfde boerderij; langer dan enige andere Goudswaardse boerenfamilie. Overigens zijn na de brand de ooievaars, die daar tot die tijd jaarlijks nestelden, nimmer teruggekeerd.

26. In 1927 werd deze hofstede aan de Molendijk gefotografeerd. De boerderij is vanaf 1784 achtereenvolgens in het bezit geweest van Jan Konijnendijk, diens zoon Willem Konijnendijk tot 1822, Bastiaan Mast tot 1837, Bastiaan Schelling van 1837 tot 1860 en Toon Abbenbroek. Laatstgenoemde overleed in 1883, waarna Jacob de Jong de boerderij exploiteerde tot zijn dood in 1908. Diens weduwe, Betje Schelling, verpachtte deze tot 1937 aan haar broer Pleun Schelling, waarna haar zoon Leendert J. de Jong er tot 1975 woonde. Op de palen van het ijzeren hek - geplaatst in opdracht van Jacob de Jong - staat de door hem gekozen naam "Altijd Zorg". Voorheen was de naam "Bouwlust".

27. Achter de wagenkeet van de boerderij "Altijd Zorg" was men in de lente van 1923 bezig met het maken van een stroschelf. Nadat 's winters in de schuur het graan was gedorst met twee paarden en een treebrug werd het stro in de lente op een schelf gezet en in het najaar gebruikt om de geoogste aardappelen af te dekken. Op de beladen wagen staat Dirk Kleijn en op de kleine schelf kanthooi staan Jan Schelling en Kees Kleijn. Neeltje Schelling en Willempje van den Berg staan op de grond. Op de grote stroschelf ziet u van links naar rechts: Henk Schelling, Willem de Jong, Rook Schelling en Piet van der Hoek.

28. Beide foto's van de hofstede "Semarang" dateren van 1944: het jaar waarin de Duitse bezetter opdracht gaf de polders onder water te zetten en de bewoners te evacueren. De grote gaten in de dijken dienden niet aileen om het water in te laten, maar ook om zonodig geallieerde tanks de doortocht te beletten. Op 2 oktober 1944 stortte een vliegtuig, gevuld met bommen, neer in het land achter de boerderij. Brandende stukken kwamen op het rieten dak terecht, waardoor de schuur afbrandde. In 1951 is de schuur herbouwd. De hoeve "Semarang" is in 1882 gebouwd in opdracht van de familie s'Jacob, nadat de oude boerderij ten gevolge van blikseminslag door brand was verwoest. Ten tijde van de brand woonde Arie Schelling op de hoeve, die een rieten dak had en evenwijdig aan de dijk stond. Hij was zijn vader Jan Schelling Azn. als pachter opgevolgd. In deze eeuw is "Semarang" bewoond door achtereenvolgens R. Schelling, G. de Jong en diens schoonzoon H.C. Boer.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek